Toevallig in Barcelona

Boeddha (Etnografisch Museum, Barcelona)

Wie vanuit Lleida terug naar Nederland wil reizen, zoals ik vorige week deed, zal vaak met de trein naar Barcelona gaan en op station Sants overstappen op ander vervoer. Ik was supervroeg in de hoofdstad van Catalonië, waar ik een dag moest stukslaan maar eigenlijk niks te zoeken had. Ik was gekomen voor Lleida en had Zaragoza gehad als bonus, maar Barcelona leek me een stad waar je een week voor moet uittrekken, liefst als het rustig is. Om heel veel toeristen te zien, hoef ik Amsterdam niet te verlaten. Ik was op Barcelona niet voorbereid.

Etnografie

Van de nood een deugd makend, wandelde ik naar het Museum voor Etnografie en Wereldculturen, waar ik de enige bezoeker was. En hoewel ik daarover niet zal klagen, trof de serene rust me als vreemd, want het is een schitterend museum dat ieders belangstelling zou kunnen hebben. De collectie heeft vier zwaartepunten: westelijk Afrika in de negentiende en twintigste eeuw, Oceanië, precolumbiaans Latijns Amerika en de religieuze kunst van het Verre Oosten.

Houtsnijwerk van Paaseiland (Etnografisch Museum, Barcelona)

Oceanië boeide me niet buitengewoon, al vond ik het leuk eens wat voorwerpen te zien van het Paaseiland, waarvan ik tot nu toe alleen één zo’n stenen standbeeld heb gezien. Ik zag ook een gouden kroon uit Sumatra, die ik niet meteen had verwacht in een museum in Spanje. De drie andere thema’s hadden echter mijn belangstelling wel, dus ik keek naar Afrikaanse edelsmeedkunst, maskers en houtsnijwerk. Hoewel het accent ligt op West-Afrika, is er ook Koptische kunst te zien.

Kunst uit Indonesië (Borobudur!) vormde de brug van Oceanië naar de afdeling Oost-Azië, waar de voorwerpen waren verdeeld over religie: dus eerst hindoeïsme, daarna jaïnisme en boeddhisme, en dat laatste dan weer in diverse scholen. Nadeel van deze onderwerpskeuze is dat het vooroordeel dat die Aziaten allemaal reuze mystiek en religieus zijn, er niet bepaald door wordt weerlegd. Voorwerpen uit het dagelijks leven ontbraken. Op deze afdeling was ook sculptuur te zien uit Gandara, de Grieks-boeddhistische beschaving die aan het begin van onze jaartelling bestond in Afghanistan en Pakistan. Ik ben altijd verbaasd over de nauwkeurigheid waarmee musea deze objecten kunnen dateren; niet dat ik de museale expertise in twijfel trek, maar ik snap niet waarop de dateringen zijn gebaseerd.

Een verdacht mooi beeldje, Nazca-cultuur (Etnografisch Museum, Barcelona)

Tot slot was er de Precolumbiaanse kunst, met enkele voorwerpen die zó mooi bewaard leken, dat ik vermoedde dat het weleens vervalsingen konden zijn. Eerlijk gezegd zag ik er weinig nieuws, maar dat betekent vermoedelijk dat ik van deze culturen, waar ik nooit systematisch in ben onderwezen, inmiddels voldoende heb opgepikt om vertrouwd te zijn met de hoofdlijnen maar onvoldoende om te begrijpen welke details interessant zijn.

Uitleg

Dit is het moment waar een museum méér moet bieden, om de geïnteresseerden bij de les te houden. Het Museum voor Etnografie en Wereldculturen deed dat goed door de uitleg anders te structureren dan ik gewend ben. Meestal hebben musea drie niveaus van uitleg: algemene uitleg aan het begin van een zaal, uitleg bij een vitrine en uitleg bij de voorwerpen. Hier waren twee soorten uitleg: bij elk voorwerp eerst wat specifieke uitleg en daarna toelichting bij die uitleg. Kortom, een fijn museum.

Vishu (Gupta-tijd; Etnografisch Museum, Barcelona)

Ik bleef achter met een vraag: hoe is deze collectie tot stand gekomen? Er is namelijk een verhaal over een etnografisch museum in Barcelona dat in de problemen raakte. Toen, zoals even voorspelbaar als onvermijdelijk was, het doek viel en het museum werd gesloten, was er geen plan om de collectie te redden, zodat die uiteindelijk is geveild. Ik vroeg me af of het museum waar ik zo’n fijne ochtend heb doorgebracht, misschien toch een voortzetting was van dat eerdere museum.

Het Museum voor Etnografie en Wereldculturen bevindt zich overigens tegenover een museum voor Picasso, is toegankelijk met rolstoelen (al moeten die soms omrijden) en kent geen audiofragmenten, dus mensen met hyperacusis kunnen er met een gerust hart naar toe. Sterker nog, in de heksenketel van Barcelona is het een plek om op adem te komen.

Romeins grafportret (Historisch Museum, Barcelona)

Romeins Barcelona

Even verderop, dieper in de heksenketel, is het Historisch Museum van Barcelona. Het is vooral heel groot en is gebouwd op een Romeinse opgraving. Die doet wat denken aan die onder de basiliek van Tongeren, maar het te bezoeken gebied is veel groter. Je ziet de derde-eeuwse stadsmuur en enkele muurhuizen, die in de vierde eeuw plaatsmaakten voor het bisschoppelijk complex dat later het verblijf was van de graaf van Barcelona. De huidige kathedraal, die ik niet heb bezocht, is een voortzetting van de Visigotische kerk. Een van de muurhuizen was gebouwd met opus africanum – en die Maghrebijnse bouwtechniek had ik niet zien aankomen, hoewel zo’n ontlening in een havenstad toch niet onlogisch is.

Boven de opgraving zijn afdelingen gewijd aan de ontwikkeling van Barcelona, dat in de Romeinse tijd Barcino heette, tot een van de hoofdsteden van de Mediterrane wereld. Tot de voorwerpen behoorde een elegant uitgehouwen Karolingisch grafschrift, dat me deed bedenken dat Barcelona de zuidelijke haven was van een rijk dat in het noorden Dorestad bezat.

Laatantieke wandschildering (Historisch Museum, Barcelona)

Er waren reproducties van landkaarten en middeleeuwse manuscripten, aardewerk en een indrukwekkende dertiende-eeuwse wandschildering met ridders. Ook zag ik een erg mooie reproductie van de Catalaanse Atlas uit 1375. Er was meer te zien in dit mooie museum, maar na Lleida, Zaragoza en het etnografisch museum duizelde het me een beetje, dus ik ben naar de uitgang gelopen.

Hoewel een belangrijk deel van dit museum dus bestaat uit een opgraving, is ook dit helemaal toegankelijk voor mensen met rolstoelen, en ook dit museum houdt rekening met mensen met hyperacusis. Aanrader.

#Barcelona #boeddhisme #CatalaanseAtlas #Gandara #opusAfricanum

Dacht je aan onderzoeken van of beginnen van besturen van het boeddhisme! Vanaf 10 maart wekelijks bij jewelheart in nijmegen en online! https://www.jewelheart.nl/nl/kennismaking/innerlijke-vrijheid/?utm_source=rss&utm_medium=rss&utm_campaign=innerlijke-vrijheid

#buddhism #boeddhisme #tibettaansboeddhisme

Voor mensen in de buurt van Nijmegen: Altijd al eens willen weten waar dat boeddhisme nu over gaat?
Nu is je kans! Om de zondag. Lichtvoetige kennismaking. Open inloop. Gratis.
https://www.jewelheart.nl/portfolio/heart-of-compassion/
#boeddhisme #tibettaansboeddhisme

De reis van Xuan Zang (2)

Een stupa bij Taxila

[Ik blogde gisteren over de Chinese boeddhistische pelgrim Xuan Zang, die een bezoek bracht aan India en daarvan verslag deed. Deel een is hier.]

Vanuit Kashmir verder reizend naar de Punjab, werden Xuan Zang en zijn reisgenoten weer eens beroofd, maar met een andere monnik wist hij te ontsnappen. Een brahmaan besloot hen te helpen. Hij verzamelde wat dorpelingen en samen redden ze de andere metgezellen. Die treurden om hun verloren bagage, maar Xuan Zang herinnerde ze eraan dat aardse bezittingen eigenlijk slechts ballast waren. De bestolenen zullen deze relativerende woorden vast hebben ervaren als een grote troost.

Via de geboorteplaats van de Sanskriet-grammaticus Panini bereikte het beroofde reisgezelschap de stad Sangala en de rivier de Beas, die min of meer het oostelijkste punt waren geweest van de tocht van Alexander de Grote. Helaas levert Xuan Zang weinig informatie die ons helpt om precies vast te stellen waar Alexander moest terugkeren – maar u begrijpt waarom ik belangstelling heb gehad voor deze tekst.

Decoratie uit Mathura (Humboldtforum, Berlijn)

Het land van Boeddha

Verder reizend bereikte Xuan Zang Mathura, waarna hij, met de Ganges rechts en de Punjab links, weer op zijn schreden terugkeerde, naar het noorden. Daarna reisde hij oostwaarts, de vallei van de Ganges binnen. Sommige bewoners, schrijft hij, waren weliswaar ketters (= hindoes) maar ze waren eerlijk en ze zochten oprecht naar wijsheid. In deze regio bezocht hij Shravasti, waar Boeddha ooit had gewoond, en Kapilavastu, de landstreek waar hij had gepredikt. De plek waar Boeddha was gecremeerd, sloeg hij natuurlijk niet over.

Na Varanasi te hebben bezocht, reisde hij naar Nepal, om terug te keren naar het zuiden en in Nalanda neer te strijken, niet ver van Patna. Het was een plek met “azuurblauwe vijvers rondom de kloosters, versierd met blauwe lotusbloemen”. Hier was de grote boeddhistische universiteit, waar Xuan Zang in gezelschappen van duizenden monniken Sanskriet, logica en grammatica studeerde. Hij kon zich hier laven aan de bronnen van het Mahayana-boeddhisme.

De crematie van Boeddha (Humboldtforum, Berlijn)

De reis terug

De terugreis voerde hem langs de Indische oostkust, richting Chennai (ook bekend als Madras), en vervolgens dwars door Centraal India naar het noordwesten, naar Mumbai (Bombay) en Karachi. Daarvandaan reisde hij via de Indus noordwaarts, langs steden als Aror en Multan. Hij heeft deze regio, waar Alexander de Grote een van zijn genocidale campagnes uitvoerde, gezien voordat de komst van de islam alles veranderde. Uiteindelijk keerde hij via Afghanistan, het Pamirgebergte en de zuidrand van de Taklamakanwoestijn in het jaar 645 terug naar China.

De Tang-keizer bood de geleerde pelgrim een hoge positie aan, maar hij trok zich terug in een klooster, waar hij zich toelegde op het maken van Chinese vertalingen uit de Indische grondteksten. Met 657 boeddhistische teksten in zijn bagage, kon hij nog jaren vooruit – en dat deed hij. Hij stichtte een heus vertaalbureau in de Chinese hoofdstad Chang’an. Hij schreef ook enkele originele teksten, zoals deze en een reisverslag, Rapporten over de regio’s in het westen. In zijn klooster leefde hij nog ruim achttien jaar tot zijn dood in 664.

Een monnik uit de tijd van de Tang-dynastie (Musée Guimet, Parijs)

Het is iemand van buiten de westerse traditie, maar als rondreizende boekenzoeker zou Xuan Zang in één adem genoemd kunnen worden met Francesco Petrarca en Poggio Bracciolini, die eveneens de halve hun bekende wereld afzochten naar oude teksten. Het verlangen naar kennis, zou je weleens denken, is universeel.

#Aror #Ashoka #Beas #Boeddha #boeddhisme #ChangAn #ChineseFilosofie #FrancescoPetrarca #Ganges #Hyfasis #IndischeFilosofie #Indus #Kapilavastu #Kashmir #Mahayana #Mathura #Maurya #Multan #Nalanda #Patna #PoggioBracciolini #Punjab #Shravasti #Sogdië #Taklamakan #TangDynastie #Xinjiang #XuanZang

De reis van Xuan Zang (1)

Xuan Zang

Ik ben niet zo vertrouwd met het boeddhisme, maar dankzij een blogje van Kees Alders weet ik dat in de eerste eeuw van onze jaartelling de boeddhistische stroming die bekendstaat als Mahayana zich vanuit de Punjab verspreidde tot in China. (Ik begrijp dat aanhangers van deze stroming denken dat niet alleen Boeddha, maar ieder mens in staat is verlicht te raken, en dat ze iemand die daarnaar streeft een Bodhisattva noemen.) De verspreiding van deze ideeën richting China was mogelijk doordat Centraal-Azië én de Punjab waren verenigd in het rijk van de Kushana’s.

Pelgrim en boekenzoeker

Uiteraard waren er vrome Chinese boeddhisten die geïnteresseerd waren in het land waar hun levensbeschouwelijke opvattingen waren ontstaan. Talloze pelgrims trokken over de Himalaya naar India. Ik blogde al eens over het onderzoek van de Leidse onderzoekster Marike van Aerde, die zich bezighoudt met de rotstekeningen uit het gebied van de Boven-Indus. Niet iedereen nam de weg over de hoge bergen. De Chinese reiziger Xuan Zang reisde vanuit Xinjiang langs een noordelijkere en westelijker route, door de Ferganavallei, door Sogdië en Baktrië, over de Hindu Kush en door Gandara naar de Punjab.

U moet bij een pelgrim niet per se denken aan een arme sloeber die de hele reis wandelend aflegt. Ook rijke mensen maakten pelgrimages. Ook moet u niet denken aan een reis die alleen maar gericht was op het bereiken van een heiligdom, want wie het buitenland bezocht maakte zó veel mee dat het jammer zou zijn er niet ten volle profijt van te hebben. Xuan Zang was ambitieus: hij maakte zich zorgen over het feit dat er in China uiteenlopende visies waren op het boeddhisme, die volgens hem samenhingen met het feit dat de grondteksten verkeerd waren vertaald. Dus was één van de doelen van zijn reis het bemachtigen van de originele teksten. Zeventien jaar lang reisde hij van klooster naar stad naar klooster naar stad.

De stichters van een boeddhistisch klooster aan de noordrand van de Taklamakanwoestijn (Humboldtforum, Berlijn)

Sogdië

Hij vertrok in 627, ongeveer vijfentwintig jaar oud, in het volle bewustzijn dat zijn leven niet zelden in gevaar zou zijn.

Het doel van mijn reis was niet het verwerven van persoonlijke gunsten. Het was omdat ik bezorgd was omdat de boeddhistische leer in mijn land onvolmaakt was doordat de geschriften onvolledig waren. Omdat ik zo veel twijfels had, ging ik op zoek naar de waarheid, en dus besloot ik om met gevaar voor eigen leven naar het Westen te reizen om leerstellingen te zoeken waarvan ik nog nooit had gehoord, opdat de dauw van het Mahayana-boeddhisme niet alleen langs de Ganges verspreid zou zijn, maar dat de sublieme waarheid ook bekend zou zijn in het oostelijke land.

En al snel bleek hoe veel gevaar hij liep. Hij reisde langs de noordelijke rand van de  Taklamakanwoestijn, waar al die boeddhistische grotschilderingen zijn gevonden die u nu in Berlijn kunt zien. Al vóór Xuan Zang het westelijke Kashgar had bereikt, was zijn karavaan overvallen door rovers. Die kregen vervolgens ruzie over de buit, waardoor het reisgezelschap zélf ongehinderd verder kon. Via een vroeg Turks rijk bereikte hij Tasjkent, Samarkand, Buchara en uiteindelijk Balch, het toenmalige Baktra. Daarop volgde Bamiyan, dat u zich wellicht herinnert van de enorme Boeddhabeelden die de Taliban in 2001 hebben vernietigd.

Een Boeddha uit Bamiyan (Musée Guimet, Parijs)

Gandara

De volgende halteplaats was Kapisa, niet ver van het huidige Kaboel. Waren de boeddhisten die hij tot dan toe had leren kennen soms nogal laks in de juiste leer geweest, vanaf nu was Xuan Zang in gebieden waar ze de Mahayana-leer volgden, al woonden er ook hindoes (“ketters die naakt rond lopen en stof op hun lichamen smeren”). Diverse stupa’s in deze regio zouden zijn gebouwd door Ashoka, de grootste koning van het Maurya-rijk.

Hier, in Gandara, bezocht Xuan Zang de belangrijke steden Peshawar en Pushkalavati, en vervolgens trok hij naar de rivier de Swat. Hij behandelt hier legenden over hoe Boeddha hier een van zijn eerdere levens, toen hij nog een Bodhisattva was, heeft doorgebracht. Na de Indus te hebben overgestoken (“een rivier vol giftige draken en gevaarlijke beesten”), bereikte hij Taxila, waar hij verbleef in een klooster om teksten te kopiëren. Korte tijd later deed hij datzelfde in Kasjmir. Dit is belangrijk, want deze regio is niet veel later door de moslims overgenomen en de oudere hindoeïstische en boeddhistische tradities zijn verloren gegaan.

[Wordt morgen vervolgd]

#Ashoka #Baktra #Baktrië #Bamiyan #Boeddha #boeddhisme #Gandara #India #Kapilavastu #Kapisa #Kashgar #Kashmir #Mahayana #Punjab #Sogdië #TangDynastie #Xinjiang #XuanZang

De Kushana’s

Een Kushana-prins uit Dalverzintepa (Nationaal Museum, Tasjkent)

Het begint dus in China. Of beter, ten noorden van China. Aan het begin van de tweede eeuw v.Chr. woonden daar twee groepen nomaden. In het noordwesten waren dat de Tochaars-sprekende Yuezhi en in het noordoosten de Xiongnu. En verder was er de eeuwige trek waarmee herdersvolken westwaarts reizen, omdat je dan van het betrekkelijk droge Manchurije en Mongolië naar steeds groenere gebieden reist – over de Altai, naar de Pontische Steppe, naar de Hongaarse poesta.

En dat wil dus zeggen dat de Xiongnu westwaarts trokken en de Yuezhi voor zich uit dreven. In 176 v.Chr. kwam dit proces door een militair conflict in een stroomversnelling en de Yuezhi migreerden via het huidige Kazachstan naar Sogdië, zeg maar het huidige Oezbekistan, waar ze rond 130 v.Chr. aankwamen. Ook vestigden ze zich in Baktrië, het grensgebied tussen Oezbekistan en Afghanistan, aan weerszijden van de rivier de Oxus. Ze woonden hier te midden van een Sogdisch-Baktrisch-Perzisch-Griekse bevolking en namen het Griekse alfabet over. Opgravingen als het Oezbeekse Khalchayan en het Afghaanse Tillya Tepe documenteren het pluriforme karakter van deze wereld.

De muren van Ayaz Kala

De Kushana’s

Zoals de Xiongnu de Yuezhi voor zich uit hadden gedreven, zo dreven de Yuezhi de Saken voor zich uit, een soort Skythen, die uiteindelijk via Sakastan (Sistan in Afghanistan) naar de Punjab zouden trekken. En langs die route volgden uiteindelijk, na pakweg  30 na Chr., ook de Yuezhi, geleid door een zekere Kujula Kadfises. Hij en zijn opvolgers bouwden een groot rijk op dat zich uitstrekte vanuit Xinjiang via Sogdië en Baktrië naar Gandara, de Punjab en de Gangesvallei. U kunt het zich voorstellen als een grote C rondom Tibet. Dit rijk staat bekend als dat van de Kushana’s en het moge duidelijk zijn dat het, samen met het Parthische Rijk, de verbinding vormde tussen het Romeinse Rijk in het verre westen en Han-China in het verre oosten. Deze handelsweg staat bekend als Zijderoute.

Boeddha (Nationaal Museum, Tasjkent)

In het Kushana-rijk zou het zogeheten Mahayana-boeddhisme alle ruimte krijgen, zoals gedocumenteerd in Oezbeekse sites als Dalverzintepa, Zurmala, Kara Tepe en Fayaz Tepe, en in Pakistan in de kloosters van Mohra Moradu en Jaulian bij Taxila. Een heel vroege aanwijzing is dat het Chinese geschiedenisboek Hou Hanshu vermeldt dat een door de Yuezhi afgevaardigde diplomaat in 2 v.Chr. in de Chinese hoofdstad Chang’an les gaf over het boeddhisme. Dit bewijst dat althans een deel van de Yuezhi op dat moment al was overgegaan tot dit geloof. Toen Kujula Kadfises richting Punjab trok, trok hij geen onbekende wereld binnen, want er waren dus al religieuze contacten met India.

Kushana-munt (Bode-Museum, Berlijn)

Overigens tonen de Kushana-munten een veelvoud aan Iraanse, Indische en Griekse goden. Het zou verkeerd zijn te denken dat de Kushana’s alleen maar boeddhisten waren. Niet alleen omdat antieke overheden zelden zoiets als één staatsgodsdienst hadden, maar ook omdat mensen normaal gesproken een “dubbel geloof” hadden, wat eigenlijk gewoon wil zeggen dat je meedoet aan de gebeden in het huis waar je toevallig bent. Dat kan de ene keer boeddhistisch zijn en de volgende keer iets hindoeïstisch of Baktrisch en de derde keer iets Grieks of jaïnistisch of zoroastriaans.

Een stupa bij Mohra Moradu

Late Oudheid

Zolang in het westen de Parthen heersten, hadden de Kushana’s geen noemenswaardige vijanden, maar na 224 kwamen in Iran de Sassaniden aan de macht. Al ten tijde van Ardašir I (r.224-242) waren er conflicten en rond 260 ging Sogdië voor de Kushana’s verloren. Niet veel later liepen de Sassaniden ook Baktrië en Gandara onder de voet. (Bij de plundering van Peshawar namen ze de bedelnap van Boeddha mee, die dus nog ergens in Iran moet zijn.)

Ivoor uit Begram (Musée Guimet, Parijs)

De noordelijke gebieden vielen in handen van groepen die we gemakshalve zullen aanduiden als “Hunnen” en mogelijk verwant zijn met de Xiongnu waarmee ik dit blogje begon. Ook die migreerden naar het westen en het was dus te verwachten dat ze ooit in de gebieden zouden komen waar ze ooit de Yuezhi naartoe hadden gedreven. De rest van het Kushana-rijk (dus de Punjab, de Indusvallei en de Gangesvallei) bleven als staat nog ongeveer een eeuw overeind, tot de Hunnen noordelijk India binnenvielen.

Fayaz Tepe

De onvermijdelijke Kushana’s

De Kushana’s zijn onvermijdelijk voor wie zich met de Oudheid bezighoudt. Zoals gezegd vormen ze een cruciale schakel in het enorme Euraziatische systeem. Zij waren wat centraal was in Centraal-Eurazië. Wie reist in Oezbekistan of Pakistan komt ze steeds weer tegen, en vermoedelijk geldt dat ook voor Afghanistan en Xinjiang.

Atlanten uit het Tapa-i-kafariha-klooster (Musée Guimet, Parijs)

Ik zelf werd voor het eerst geconfronteerd met de Kushana-architectuur bij mijn bezoek aan Taxila-Sirsukh, waar we de enorme (door hennep overgroeide) stadsmuren zagen van een gigantische vierkante stad. We waren moe van de vlucht van Londen naar Islamabad en hadden de andere delen van Taxila al gezien. Het was al laat in de middag – en we hebben het verder maar even gelaten zoals het was. Achteraf heb ik daarvan toch wel spijt. Ik zal niet snel weer in de Punjab zijn, vrees ik, en hoewel de wereld nog zo veel wonderen voor me in petto heeft, vind ik dat ergens toch ook wel weer jammer.

Indische boogschutters (Etnografisch Museum, Barcelona) #ArdaširI #Baktrië #boeddhisme #ChangAn #Dalverzintepa #dubbelGeloof #FayazTepe #Gandara #Ganges #HanDynastie #HouHanshu #Hunnen #Indus #Jaulian #KaraTepe #Khalchayan #KujulaKadfises #KushanaS #Mahayana #MohraMoradu #ParthischeRijk #Punjab #Saken #Sassaniden #Sirsukh #Sogdië #Taxila #TillyaTepe #Tochaars #Xinjiang #Xiongnu #Zijderoute
https://youtu.be/9AR41Pjm_Vg?si=ZaQUjLZWk52njR9J
Alle vijf grote wereldgodsdiensten discrimineren vrouwen! De man blijft heerser omdat hij eigelijk bang is voor vrouwen. Maar waarom dan?
#hindoeisme #boeddhisme #christendom #jodendom #islam
Waarom Worden Vrouwen Binnen Alle Godsdiensten Gediscrimineerd?

YouTube
‘My religion is kindness’: voor de 90e verjaardag van de Dalai Lama maakte regisseur Babeth VanLoo een lange documentaire . Ik ontwierp het filmaffiche en tekende het portret twee weken geleden, terwijl onze regering ontplofte en de 5%-Navo top wordt voorbereid...

Kunnen we vriendelijker en ontwapenend in de wereld staan?
Zondag 6 juli de première in De Balie + vertoning op TV.

#dalailama #portretdrawing #boeddhisme #buddhism #tibet

Han-China

Wandtegel uit de Han-periode (Wereldmuseum, Leiden)

[Dit is het tweede van drie blogjes over de geschiedenis van China. Het eerste was hier.]

Hereniging

Het was een chaotische tijd, waarin de kleine staten onderling streden. Gaandeweg bleven er maar zeven over. Ook die voerden oorlog en de periode na 481 staat daarom bekend als de Periode van de Strijdende Staten. Officieel was er nog steeds een hoge koning, maar die had alleen in Luoyang nog iets te vertellen. Uiteindelijk won de westelijk staat Qin het conflict. Ons woord “China” is een verbastering van Qin.

De Zhou-dynastie kwam ten einde en er waren diverse bestuurlijke hervormingen, waarvan de opvallendste was dat er maar één vorst was, die ook werkelijk regeerde: de keizer Qin Shi Huang (r.221-210 v.Chr.), die u vermoedelijk kent van het enorme “terracotta-leger” waarmee hij is bijgezet. De krijgers moesten het kolossale grafmonument bewaken, maar het werd nooit voltooid; in plaats daarvan sloegen de dwangarbeiders alles kort en klein. Buiten de hoofdstad waren opstanden en al snel trad een nieuwe dynastie aan: de Han-dynastie.

Fluitiste (Han-dynastie; Mariemont, Morlanwelz)

Han-China

Het Romeinse klimaatoptimum zou ook het Han-klimaatoptimum kunnen heten, want deze Chinese dynastie profiteerde evengoed van de gunstige klimatologische omstandigheden tussen pakweg 200 v.Chr. en 200 na Chr. De Han-keizers, die resideerden in Chang’an, namen de macht over van de keizers uit Qin. Het Hemels Mandaat werd uitgelegd in termen, ontleend aan de filosofie van Confucius.

Waar hun voorganger Qin Shi Huang vooral bezig was geweest een eenheidsstaat te scheppen, konden de Han-keizers hun rijk in alle richtingen uitbreiden. In het zuiden, ver voorbij de Blauwe Rivier, annexeerde China diverse kleine staten en in het noordoosten werden delen van Korea veroverd. Tegelijkertijd was er een expansie naar het westen, door de Hexi-corridor, een duizend kilometer lange en honderd kilometer brede strook land, gelegen tussen de Tibetaanse hoogvlakte in het zuidwesten en de Gobiwoestijn in noordoosten. Hiermee bereikten de Chinese legers het Tarimbekken.

Een Chinese beeldengroep van een joert en zijn nomadische bewoners (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

De Zijderoute

Ik vertelde al eens dat keizer Wu Di (r.141-87) zijn generaal Zhang Qian uitstuurde om nog verder naar het westen, in Perzië, Nisaïsche paarden te gaan kopen. Deze diplomatieke missie leidde tot de opening van de Zijderoute. Een ruime eeuw later arriveerde de westelijke reiziger Maës Titianos – de naam is Aramees – over dezelfde route op de plaats die Stenen Toren heet. Daarvandaan reisden zijn medereizigers verder naar de Chinese hoofdstad.

De Chinese belangstelling voor de Zijderoute hing samen met de moeizame relatie tussen Han-China en de noordelijke nomadenvolken. Daar, in wat nu Mongolië heet, leefden de machtige Xiongnu. Zij hadden al eerder een andere nomadenstam, de Yuehzi, naar het westen verdreven, richting Oezbekistan. Door een begin te maken met de bouw van de Grote Chinese Muur, door diplomatieke geschenken en door grootschalige aanvallen bedwongen de Han-Chinezen ook de Xiongnu. De eeuwige oost-west-migratie door Eurazië was er echter ook toen en diverse Xiongnu-groepen trokken westwaarts. Nog niet zo lang geleden is bevestigd dat deze migratie de eerste etappe was van de beweging die aankwam in het westen onder de naam Hunnen. Andere groepen bleven in Mongolië.

Grafprocessie (Han-dynastie; Musée Guimet, Parijs)

De Han-maatschappij

Inmiddels waren de feodale deelrijken die een nagel aan de doodskist van de Zhou-koningen waren geweest, vervangen door zesendertig (en later veertig) prefecturen, die beter controleerbaar waren door de centrale overheid. Militaire gouverneurs controleerden de keizerlijke domeinen. Het hof stimuleerde de verspreiding van het confucianisme, dat benadrukte hoe een samenleving goed geordend kon zijn. stabiliteit en orde in een goed gestructureerde samenleving benadrukt.

Tegelijk verspreidde de boeddhistische stroming die bekendstaat als Mahayana zich langs de Zijderoute. Het is goed gedocumenteerd rond het Tarimbekken, waar later ook manicheeërs en nestoriaanse christenen zouden wonen. Er waren meer westelijke contacten: Chinese kronieken vermelden dat keizer Marcus Aurelius een ambassade stuurde naar zijn collega Huan. En de Chinezen dachten dat ze iets over de Romeinen wisten – ik mocht al eens de beschrijving van de staat Dà Qín citeren uit het geschiedwerk Hou Hanshu.

Hovelingen (Han-dynastie; Musée Guimet, Parijs)

Over de vergelijking tussen Rome en China blogde Otto Cox vijf jaar geleden al eens. Anders dan het Romeinse Rijk, dat een beperkte bureaucratie had, kende China juist een zeer uitgebreid ambtelijk apparaat. Evengoed was de belastingdruk ruwweg even hoog, want wat Han-China betaalde aan bestuurders en beambten, betaalde Rome aan zijn legioenen.

De geschiedenis van de Han-dynastie valt uiteen in twee perioden. De eerste staat bekend als de Westelijke Han en had aanvankelijk als hoofdstad Chang’an (een van de Zhou-hoofdsteden). Kort na het begin van onze jaartelling was er een periode van maatschappelijke onrust, en werd het gezag van de dynastie enkele jaren onderbroken. Daarna was er de periode van de Oostelijke Han, met als hoofdstad het aloude Luoyang, eveneens een Zhou-hoofdstad.

[wordt vervolgd]

#BlauweRivier #boeddhisme #ChangAn #ChineseFilosofie #ChineseMuur #confucianisme #HanDynastie #Hexicorridor #HouHanshu #KushanaS #Luoyang #MaësTitianos #Mahayana #MarcusAurelius #PeriodeVanDeStrijdendeStaten #QinShiHuangdi #QinDynastie #RomeinsKlimaatoptimum #Tarimbekken #terracottaLeger #WuDi #Xiongnu #Yuezhi #ZhangQian #ZhouDynastie

Het manicheïsme

Illustratie uit een manichees handschrift (Humboldtforum, Berlijn)

Vrijwel zeker kent u de Dode-Zee-rollen: een kleine duizend teksten die documenteren hoe veelkleurig het jodendom was. Iets minder bekend zijn de teksten uit Nag Hammadi, die varianten op het christendom documenteerden die vóór de ontdekking van deze boeken alleen bekend waren uit de polemische geschriften van orthodoxe auteurs. Nog iets minder bekend: bij de verkoolde boekrollen uit Herculaneum waren filosofische traktaten die licht wierpen op het epicurisme. En helemaal onbekend zijn de laatantieke, manichese teksten die zijn gevonden op verschillende plaatsen in Centraal-Azië. Daarover straks meer. Eerst iets over het manicheïsme zelf.

Ideeën

De manicheeërs geloofden dat de kosmos bestond uit twee conflicterende principes: het Rijk van het Licht staat tegenover dat van de Duisternis. Goed versus kwaad dus. Nu zegt dat op zich niet zo veel. De crux is het mensbeeld. De manicheeërs meenden dat mensen bestonden uit een lichtvonk, de ziel of geest, die gevangen was geraakt in de materie, de duisternis. Een gelovige probeerde de gevangen lichtvonk te bevrijden, wat betekende dat de geest krachtiger moest zijn dan het lichaam.

Manicheeërs ervoeren seksualiteit als problematisch. Er kwamen kinderen van en dat betekende dat opnieuw een ziel gevangen was gezet. Je kunt nu flauwe grappen maken dat de manicheeërs daarom zijn uitgestorven, maar dat heeft vermoedelijk andere redenen gehad, want in de Late Oudheid was het manicheïsme een grote godsdienst, met aanhangers in het Romeinse Rijk, in Sassanidisch Perzië en langs de Zijderoute tot in het China van de Sui- en Tang-dynastieën (581-907) aan toe.

Nu hebben alle levende wezens een ziel. De manicheeërs waren op dit punt consequent: wie een levend wezen doodde, zelfs als het ging om het plukken van vruchten, verwondde het Licht en verlengde zo de gevangenschap van het Licht in de Duisternis. Vegetarisme was dus aanbevolen, en zelfs het eten van planten gold als problematisch. Simpel gezegd: een manicheeër leefde uiterst ascetisch.

De eeuwigheid

Ik heb met opzet in het midden gelaten of het conflict tussen het Rijk van het Licht en dat van de Duisternis eeuwig is. Als ik het goed begrijp, is dat niet helemaal duidelijk. Het staat vast dat er manicheeërs waren die geloofden in een Laatste Oordeel, waarin Licht en Duisternis voorgoed zullen worden gescheiden. Omdat het Licht uiteindelijk triomfeert, is het manicheïsme zo bezien een verlossingsleer.

Tegelijk spreken teksten over een eeuwig conflict. Deze ambiguïteit, of niet goed doordachte doctrine, kennen we ook uit het Iraanse zoroastrisme en andere dualistische wereldbeelden. Misschien is de oplossing wel gelegen in een cyclisch wereldbeeld, waarin de kosmos zich hernieuwt, inclusief tijd, zodat er én een eindpunt kan zijn én eeuwigheid. Ik weet het niet.

Ahuramazda vertrapt Ahriman (Naqš-e Rustam)

Mani

Ik noemde het zoroastrisme niet zonder reden, want deze Iraanse godsdienst is een van de wortels van het manicheïsme. Zoroastriërs plaatsen de goede god Ahuramazda tegenover de slechte god Ahriman, en eisten dat mensen goed nadachten, de waarheid spraken en rechtvaardig handelden. Deze ideeën beïnvloedden de grondlegger van het manicheïsme, de profeet Mani.

Hij lijkt in 214 na Chr. te zijn geboren in Ktesifon, beschouwde zich als een apostel van Jezus Christus en begon rond 240 zijn onderricht. Het Sassanidische Rijk was pas net ontstaan en er was – althans aanvankelijk -ruimte voor nieuwe ideeën. Mani combineerde niet alleen christelijke en zoroastrische ideeën, maar verwees ook naar het boeddhisme, naar het platonisme en naar het Corpus Hermeticum.

In 242 verbleef Mani aan het hof van de Sassanidische koning Shapur I, aan wie hij een van zijn boeken opdroeg. De profeet reisde ook door Medië, Centraal-Azië en Gandara, terwijl zijn discipelen reisden naar Egypte, Syrië en Parthië. De nieuwe leer verspreidde zich, maar niet iedereen was ervan gecharmeerd. De zoroastrische priester Kartir vond vervolging gerechtvaardigd en koning Bahram I gelastte in 276 de arrestatie van Mani. Hij werd in Gunj-e Shapur doodgemarteld.

Manichees borduurwerk (Humboldtforum, Berlijn)

Expansie

Mani’s leerlingen hadden de weg naar het oosten en westen al gevonden; na de dood van hun meester vluchtten ze naar de gebieden langs de Zijderoute en naar het Romeinse Rijk. De vervolging droeg zo ongewild bij aan de verspreiding van de manichese leer. En vermoedelijk ook aan de variatie van ideeën, want wat in pakweg Xinjiang werd geschreven, zal niet altijd zijn doorgedrongen naar pakweg Egypte. Al moet je de mobiliteit van antieke mensen en ideeën nooit onderschatten – dat is de les van de DNA-revolutie.

In elk geval waren er binnen een eeuw dualistische gemeenschappen in een gebied dat zich uitstrekte van Karthago tot Centraal-Azië. Daar zou het manicheïsme zijn duurzaamste invloed hebben: rond het jaar 1000 was het daar nog steeds de belangrijkste religie.

In Romeins Afrika was het manicheïsme minder invloedrijk. We weten er wel wat van, want de christelijke auteur Augustinus was van 373 en 382 manicheeër. Later bekeerde hij zich tot het christendom en polemiseerde hij tegen het manicheïsme. Zijn geschriften, niet bepaald objectief, zijn lange tijd de belangrijkste bron van informatie geweest over het concurrerende geloof.

Bovendien is door het enorme gezag van de kerkvader in de Middeleeuwen elk dualistisch geloof getypeerd als manichees. Paulicianen, bogomielen, katharen en waldenzen zijn op verschillende momenten allemaal een keer beschreven als manicheeërs, wat de indruk wekt dat het allemaal een pot nat is. Dat is maar helemaal de vraag.

Manichees handschrift (Humboldtforum, Berlijn)

Tekstvondsten

Ik beloofde iets over tekstvondsten. Lange tijd waren onze voornaamste bronnen van informatie de polemieken van Augustinus, Efrem de Syriër en Epifaneios van Salamis. Dat zijn christelijke bronnen. Verder weten we dat keizer Diocletianus de manicheeërs beschouwde als on-Romeins en ze, met hun geschriften, liet verbranden. Ook Romeinse bronnen zijn dus niet erg positief over het geloof van Mani en zijn volgelingen. Idemdito de islamitische auteurs.

In de twintigste eeuw is de situatie verbeterd doordat we inmiddels beschikken over allerlei originele manichese teksten. Ze zijn in 1902-1914 in het toenmalige Turkestan ontdekt en voor zover ik weet zijn ze nog altijd niet helemaal gepubliceerd. Andere originele geschriften zijn de Tebessa Codex (uit Algerije) en de Keulse Mani-Codex. Die laatste is een bijna ontroerend klein, slechts 3,5 x 4,5 cm metend, boekje, geschreven in uiterst fijne letters.

Een zeer grote bibliotheek, daterend uit ongeveer 400 na Chr., is gevonden in Medinet Madi. Die teksten zijn, als ik het wel heb, momenteel in Dublin, maar ik ben nooit in Ierland geweest, dus ik kan daar weinig over vertellen. En tot slot: uit Xinjiang is allerlei materiaal bekend. Dat heb ik in Berlijn gezien. De foto’s bij dit stukje komen daar vandaan.

#Ahriman #Ahuramazda #ascese #Augustinus #BahramI #boeddhisme #bogomielen #CorpusHermeticum #Diocletianus #dualisme #EfremDeSyriër #EpifaneiosVanSalamis #Kartir #katharen #LaatsteOordeel #lichtmetafoor #Mani #manicheïsme #paulicianen #seks #seksualiteit #ShapurI #TangDynastie #vegetarisme #Xinjiang #ziel #zoroastrisme