Boeddhisme en psychotherapie

Kan de leer van de Boeddha ons helpen bij geestesziekten? Enerzijds heeft de Boeddha meerdere malen benadrukt dat zijn leer er niet een is van deze wereld. Hij had zelf alle banden met de wereld verbroken voordat hij aan zijn verlossingsweg begon. Dit was niet omdat hij een trauma had, maar omdat hij niet meer afgeleid wilde worden door alledaagse problemen. Zijn belangrijkste leerlingen waren daarom allemaal monniken en later nonnen. Aan de andere kant wordt de Boeddha ook wel eens de grote heelmeester genoemd en hebben de laatste decennia psychotherapeuten zich laten inspireren door met name de boeddhistische meditatievormen, vooral in de Verenigde Staten. Je zou je kunnen afvragen of dit geen oneigenlijk gebruik is, of niet meditatie wordt gereduceerd tot een trucje om tot rust te komen. Uiteindelijk is een psychotherapie erop gericht om mensen op een gezonde manier te laten functioneren in het alledaagse leven, terwijl de boeddhistische verlossingsweg dit alledaagse leven juist zoveel mogelijk achter zich wil laten. In boeddhistische teksten worden wereldse mensen soms bālāḥ genoemd, sukkels. Natuurlijk, alles wat helpt om leed te verzachten en mensen te genezen is welkom, maar mag je dat dan wel boeddhisme noemen?

De helaas te vroeg overleden prof. dr. Ria Kloppenborg was een van de eersten in Nederland die onderzoek verrichtten naar het boeddhisme als hulpbron bij psychotherapie. Dit onderzoek leidde tot de publicatie in 2005 van de bundel Boeddhisme en psychotherapie: theoretische en praktische verkenningen. Daarnaast richtte zij een werkgroep op met een titel “Psychotherapie en boeddhisme”, met het doel om psychotherapeuten en kenners van het boeddhisme kennis en ervaringen uit te laten wisselen. De werkgroep werd een stichting en organiseerde afgelopen jaren meer dan 30 bijeenkomsten. Daarmee ziet de stichting haar doel om een ontwikkeling van kruisbestuiving in gang te zetten bereikt en heft zichzelf op. Als afsluiting is er nu een tweede bundel verschenen met de titel De Therapeut en de Boeddha: een doorgaande dialoog.

Het boek begint met een hoofdstuk waarin de geschiedenis van de Stichting kort wordt uiteengezet. Vervolgens geeft Paul van der Velde een overzicht van de relatie tussen boeddhisme en psychotherapie in internationaal verband. Het derde hoofdstuk gaat over de leer van Tarab Tulku (1934 – 2004): Unity in Duality. Wie zich nu afvraagt waar de dialoog is gebleven, komt in de volgende hoofdstukken ruim aan zijn trekken. Er volgt een dialoog over de boeddhistische invloeden in de Nederlandse geestelijke gezondheidszorg. Vervolgens bespreken twee deskundigen met elkaar hun eigen ervaringen met zowel het boeddhisme als de psychotherapie.

Edel Maex is een Antwerps psychiater die in binnen- en buitenland beroemd is vanwege zijn mindfulness-opleidingen. Hij wordt in het zesde hoofdstuk ondervraagd. In hoofdstuk zeven komt de boeddhistische leraar en psycholoog Han de Wit aan het woord, die een duidelijk onderscheid wil maken tussen therapie en spiritualiteit. Na een korte reflectie over de relatie tussen boeddhisme en psychotherapie wordt het boek afgesloten met een herdruk van de rede die Ria Kloppenborg in 1989 hield bij de aanvaarding van haar ambt als hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Utrecht.

Een bonte verzameling

Het boek is een bonte verzameling van uiteenlopende teksten geworden. Paul van der Velde is het opvallendste buitenbeentje omdat hij voornamelijk vertelt wat boeddhisten in Azië allemaal doen rondom geneeskunde, maar nauwelijks waarom. Het volgende hoofdstuk van Robert Keurntjes is nogal technisch en zet voornamelijk de visie van Tarab Tulku uiteen. Daar komt dan ook de term “zelfreferentie” uit de titel vandaan, maar Keurntjes legt niet uit wat hij ermee bedoelt. Tarab Tulku heeft vele cursussen in boeddhistische psychologie gegeven in het Westen, waarbij hij vaak werkte met dromen. Persoonlijke problemen zijn in zijn woorden te wijten aan negatieve zelfreferentie. Deze moet ofwel in een positieve worden veranderd ofwel worden opgelost in openheid. Keurntjes noemt ook de therapeutische methode van Amerikaanse non Tsultrim Allione, die gebaseerd is op de Tibetaanse Chöd-meditatie.

Het vierde hoofdstuk gaat over de vraag of verhouding tussen leerling en leraar in het boeddhisme verschilt van de therapeut-cliëntrelatie. Dit leest ook niet echt lekker weg. Hoewel het gesprek in een tuin plaatsvindt, staat het vol met opsommingen en namen. Toch kan de lezer er behartenswaardige opmerkingen in vinden en de gesprekspartners spreken uit ervaring.

Bij het gesprek met Edel Maex worden nogal wat verwachtingen gewekt, die vervolgens direct de kop in worden gedrukt. In de inleiding tot het gesprek wordt aangekondigd:

Zoals zal blijken uit de weerslag van het interview heeft Edel Maex een evenwichtig oordeel over de ontwikkelingen in en rond mijn vonnis. Hij heeft oog zowel voor de mogelijkheden als voor de beperkingen. Heel opvallend: hij belichaamt wat hij leert en zijn antwoorden op de vragen komen tot stand in het nu.

De eerste vraag luidt: Wat heeft het Boeddhisme in het kader van therapieën bereikt? Welk proces heeft zich voltrokken?

Het antwoord van Maex is: Het beginnen (in 1986/87) met mediteren bij Ton Lathouwers heeft me erg veranderd….

Met andere woorden: Maex krijgt een vraag over het boeddhisme en begint over zichzelf en dan ook nog over een moment 35 jaar geleden. Hoezo belichaming van mindfulness in het nu?

Therapie en nirvāņa

Han de Wit gaat in op zijn onderscheid tussen therapie en het streven naar verlossing. Er is veel voor te zeggen om dit onderscheid te handhaven, maar De Wit is door de jaren milder en wijzer geworden en wijst meerdere keren op de overgangsgebieden en onzekerheden. Dit is een goede benadering voor een geslaagde dialoog, maar helaas gaan zijn gesprekspartners niet op deze misschien wel principiële vaagheden in. Het is echter een zinvol gesprek, waarvan de weergave prettig leest.

De afsluitende tekst van Kloppenborg gaat over de kwaliteiten van de Boeddha als leraar en ze is na al die jaren nog steeds de moeite van het lezen waard.

Het onderwerp is zonder meer actueel. Nog onlangs kwamen er weer berichten in het nieuws over dramatisch verlopen retraites. Dat steevast werd gesproken over “retreats”, toont al aan dat het gaat over import uit de Verenigde Staten, de grootste bananenrepubliek ter wereld. Terloops werd in de kranten ook weer even vermeld dat meditatie ook heel gevaarlijk is. Oud nieuws en we weten inmiddels ook wel dat godsdienstwaanzin echt niet voor het eerst opkwam na de invoering van het boeddhisme in het Westen. Het is jammer dat hier over dit soort dit misbruik en schadelijke therapieën, de psychische kwakzalverij, niet wordt gesproken.

Een onvolledige dialoog

Wat me na het lezen van het boek vooral bij is gebleven zijn de leemtes, de tegenstellingen en de onzekerheden. Dit niet omdat ze uitgebreid worden besproken. Integendeel, het is een parade van heren met autoriteit, mannen die het allemaal wel weten. Deze heren zeggen allemaal wat anders, maar ze doen alsof ze het roerend met elkaar eens zijn. Het zijn heren die niet weten wat ze niet weten, al moet misschien voor Han de Wit een uitzondering worden gemaakt.

Een echte dialoog is geen vraaggesprek tussen een onwetende vragensteller en een alwetende deskundige. Een dialoog behoort te worden gevoerd doormiddel van vragen en wedervragen. Die vragen en wedervragen heb ik gemist.

Een belangrijke leemte is het gebrek aan kennis bij de heren. Ze hebben allemaal hun kennis uit de Verenigde Staten, waar ook de mindfulnesshype is ontstaan en ze hebben nooit iets bijgelezen. Als Maex de psychotherapie bijvoorbeeld laat beginnen bij Freud, laat hij zien dat hij nooit heeft gehoord van de therapieën bij de oude Grieken, zoals ontwikkeld door de Stoïcijnen en de Epicurici, en alles wat daarna is gebeurd. Het begrip “therapie” is zelfs door de Grieken bedacht. Bovendien heeft niemand blijkbaar ooit iets gelezen over de continentale traditie, zoals die is beschreven door mensen als Erwin Strauss, Binswanger, Jaspers, Maldiney, Lacan, om er maar een paar te noemen. Er is ook niemand die oog heeft voor het verschil in de historische situatie tussen de tijd van de Boeddha en nu. Het boek blijft met andere woorden een beetje aan het oppervlak hangen omdat een filosofisch kader ontbreekt.

Niettemin is het onderwerp belangrijk genoeg om in bredere kringen te worden besproken en daar levert het boek een belangrijke bijdrage aan.

Laat de dialoog vooral doorgaan!

Thessa Ploos van Amstel (red.): De Therapeut en de Boeddha, Uitgeverij Van Warven, Kampen 2025, paperback 217 bladzijden.

Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

#Binswanger #BoeddhismeEnPsychotherapie #bonteVerzamelingVanUiteenlopendeTeksten #DeTherapeutEnDeBoeddhaEenDoorgaandeDialoog_ #EdelMaex #ErwinStrauss #Freud #gebrekAanKennis #HanDeWit #hulpbronBijPsychotherapie #Jaspers #Lacan #leemtes #Maldiney #meditatieGevaarlijk #nirvana #PaulVanDerVelde #profDrRiaKloppenborg #psychischeKwakzalverij #RobertKeurntjes #TarabTulku #TonLathouwers #TsultrimAllione #VS

Boeddhisme en psychotherapie - Boeddhistisch Dagblad

Kan de leer van de Boeddha ons helpen bij geestesziekten? Enerzijds heeft de Boeddha meerdere malen benadrukt dat zijn leer er niet een is van deze wereld. Hij had zelf alle banden met de wereld verbroken voordat hij aan zijn verlossingsweg begon. Dit was niet omdat hij een trauma had, maar omdat hij niet meer afgeleid wilde worden door alledaagse problemen. Zijn belangrijkste leerlingen waren daarom allemaal monniken en later nonnen. Aan de andere kant wordt de Boeddha ook wel eens de grote heelmeester genoemd en hebben de laatste decennia psychotherapeuten zich laten inspireren door met name de boeddhistische meditatievormen, vooral in de Verenigde Staten. Je zou je kunnen afvragen of dit geen oneigenlijk gebruik is, of niet meditatie wordt gereduceerd tot een trucje om tot rust te komen.

Boeddhistisch Dagblad

Zorgen over het boeddhisme

Gedurende de laatste weken van het jaar 2024 her-publiceerden we beeld en tekst van auteurs. In 2025 gaan we daar mee door. Hieronder een tekst van Robert Keurntjes, eerder in het BD geplaatst op 30 november 2013. De redactie van het Boeddhistisch Dagblad stuurde enige tijd geleden alweer een mailtje naar enkele medewerkers van de krant met het verzoek te reageren op de stelling: ‘Nieuwlichters en uitleggers, waarom toch zoveel energie steken in de uitleg en interpretatie van de dhamma. Het lijkt erop dat het boeddhisme zo aan de tijd wordt aangepast, dat er slechts een schil overblijft. Een van de schrijvers reageerde daarop met: De dharma is niet modern of oud. Wie denkt de dharma te kunnen veranderen of versoberen, heeft (nog) geen inzicht in de dharma. In deel 1, van wat naar wij hopen een leuke en lezenswaardige serie zal worden, bijt Robert Keurntjes het spits af. Wij nodigen ook andere schrijvers uit hun licht te laten schijnen over het thema ‘Nieuwlichters en uitleggers…’

Alles is voortdurend in verandering. Dat is op zichzelf niet goed of verkeerd maar een neutraal gegeven. Veranderingen worden door ons echter bezien vanuit een bepaald perspectief, vanuit een bepaalde identificatie. Daardoor willen we bepaalde veranderingen wel en andere niet. Een andere benadering om veranderingen te duiden is vanuit het perspectief of de veranderingen heilzaam zijn of niet. Ook al is dat perspectief moeilijk te handhaven zonder vermenging met weer één of andere identificatie.

Ook het boeddhisme is van meet af aan in verandering geweest. Het heeft zich overal waar het kwam aangepast aan de cultuur en de tijdsgeest. Die veranderingen werden en worden ook afgewisseld met conservatieve geluiden. Boeddhisme maakt hier, onvermijdelijk, ook veranderingen door en even onvermijdelijk zijn de kritische geluiden en zorgen ten aanzien van die veranderingen.

De zorgen die ik her en der zie over ontwikkelingen zijn voor een groot gedeelte terug te voeren op vragen of het boeddhisme dan nog wel boeddhisme is (of blijft). Dat zijn zorgen over de identiteit. Soms verpakt in zorgen over de heilzaamheid van het resultaat na de verandering. Zelden zie ik zorgen die alleen over de heilzaamheid van de nieuwe ontwikkeling gaat zonder de zorg wat het doet met boeddhisme op zich.

Zo gaat de discussie over wel of geen reïncarnatie over de vraag of het essentieel is voor het boeddhisme om er in te geloven en niet over de vraag of het heilzaam is om er in te geloven of niet. In een discussie over dat onderwerp las ik dat je niet als boeddhist serieus genomen kan worden wanneer je niet in reïncarnatie gelooft. Waarbij je je af kunt vragen wat het doel is wat je beoogt: je zelf d.m.v. boeddhisme ontwikkelen (of bevrijden) of je zelf boeddhist kunnen noemen. Voor het eerste hoef je dan niet in reïncarnatie te geloven, voor het tweede wel.

Eén van de ontwikkelingen die zorgen oproepen gaat over ‘boeddhisme light’ en de ‘mindfulness hype’. Zo las ik o.a. ergens de stelling dat dat tot zelfbedrog zou kunnen leiden. Als of dat niet kan door traditioneel boeddhisme. ‘Zelfbedrog’ is waar boeddhisme ons van wil bevrijden. Als mindfulness dat niet volledig doet maar ons wel in staat stelt iets makkelijker om te gaan met dat gene wat we in het leven tegen komen, wat is daar dan mis mee? Als mensen iets rustiger worden en iets vaker aan vriendelijkheid denken door een tuinkaboeddha, wat is daar dan mis mee? Je haalt op die manier niet alles uit het boeddhisme wat er in zit, maar je haalt er ook niet iets uit wat er niet in zit. Wat wel kan gebeuren wanneer je je verliest in de vorm van een traditioneel boeddhisme.

‘Boeddhisme light’ is overigens geen nieuw fenomeen maar ook al oeroud. De gemiddelde Aziaat weet maar weinig van de inhoud van het boeddhisme en beleeft zijn boeddhist zijn d.m.v. offergaven en gebeden voor een boeddhabeeld of door prostraties en het ronddraaien van gebedsmolens.

Een heel ander zorg betreft de overintellectuele bestudering van boeddhistische teksten. Boeddhologen die de geschiedenis van het boeddhisme proberen te ontrafelen en die inzichtelijk maken dat het boeddhisme van nu (ongeacht de traditie) niet hetzelfde is als het boeddhisme van 2500 jaar geleden. Wellicht voelt het even oncomfortabel wanneer je te horen krijgt dat een bepaalde sutra niet de letterlijke woorden van Boeddha weergeeft maar een compositie is die pas eeuwen later tot stand gekomen is in het kader van een discussie tussen verschillende boeddhistische sektes. Maar is dat een probleem? Wordt je meditatie daardoor opeens minder effectief?

Het is wel lastig dat er mensen zijn die dingen gaan roepen die voortkomen uit een gebrek aan kennis of misinterpretaties, maar daar hebben we geen niet-boeddhisten voor nodig. Wel hebben we daar boeddhisten (en niet-boeddhisten) bij nodig die zich werkelijk willen verdiepen in de grondslagen van het boeddhisme.

Uiteindelijk zou het om de inhoud moeten gaan en wat het kan betekenen voor het individu. Dat vraagt om een kritische houding en intern onderzoek. “Het staat in die en die sutra” is geen geldig argument voor de waarheid van een uitspraak, en dat is het ook nooit geweest. Dat er steeds meer teksten vertaald worden stelt ons ook in de gelegenheid om de overeenkomsten en verschillen tussen b.v. Theravada en Sarvastivada teksten te vergelijken. A History of Mindfulness van Bikkhu Sujato is daar een mooi voorbeeld van. Waardoor we een nog beter begrip kunnen krijgen van wat de eerste boeddhisten met hun teksten bedoelden.

Dergelijke kritische studies sluit mijns inziens goed aan bij de huidige tijdsgeest waarin de geïnstitutionaliseerde religies meer en meer aan terrein verliest. Ons blinde geloof richt zich niet meer op wat de kerk ons vertelt maar op snelle oppervlakkige informatie die zich razendsnel via allerlei nieuwe vormen van media verspreidt. Dat vraagt om meer aandacht voor kritisch denken, redelijke argumentatie en persoonlijke ervaring.

De toenemende aandacht vanuit de wetenschap voor het boeddhisme is vooralsnog vooral beperkt tot religiestudies en de toepassing van boeddhistische methodieken. Daarmee wordt echter wel een opening geboden waarin de grondslagen van het boeddhisme ook aan de orde kunnen komen. Wat daarvan na kritische bestudering overeind blijft is een verrijking en wat de toets der kritiek niet kan doorstaan had wellicht al veel eerder weerlegt moeten worden.

Boeddhisme als religie zal vast wel blijven bestaan maar wat het boeddhisme te bieden heeft zit wellicht minder in de religieuze aspecten dan in de inzichten die het boeddhisme ontwikkeld heeft over de werking van onze geest in relatie tot ons welbevinden.

Iets anders waarvan ik me afvraag in hoeverre het heilzaam is, is de rigiditeit waarmee sommigen het boeddhisme beleven. Vragen of je met het boeddhisme geld mag verdienen en of je als boeddhist vlees mag eten worden daardoor vanuit een verkeerd perspectief gesteld. Boeddhisme is uiteindelijk niet geïnteresseerd in de vraag of iets mag. De vraag is wat een handeling doet met je geest. De vraag of je iets wel of niet zou moeten doen kun je niet beantwoorden op grond van wel of niet mogen, maar of het heilzaam is voor je eigen geest of niet.

Dat geldt mijns inziens ook ten aanzien van ontwikkeling in en rond het boeddhisme. Het gaat er niet om of dat wel of niet mag volgens het boeddhisme maar of het heilzaam is voor het individu of niet. En als mensen een methode uit het boeddhisme halen die ze kunnen gebruiken dan sluit ik me graag bij Bhikku Bhodi aan die in een artikel uit 2010 schreef: “If clinicians find that mindfulness helps patients accept pain and illness, that is wonderful… If peace activists find the meditation on loving-kindness helps them be more peaceful in their advocacy of peace, again, that is splendid. And if a businessman finds his Zen practice makes him more considerate of his clients, again this should merit our approval.… If such practices benefit those who do not accept the full framework of Buddhist teaching, I see no reason to grudge them the right to take what they need. To the contrary, I feel that those who adapt the Dhamma to these new purposes are to be admired for their pioneering courage and insight. As long as they act with prudence and a compassionate intent, let them make use of the Dhamma in any way they can to help others”.

Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

#Boeddhisme #cultuur #mindfulness #reïncarnatieEnWedergeboorte #RobertKeurntjes #tijdgeest

Zorgen over het boeddhisme - Boeddhistisch Dagblad

Boeddhisme als religie zal vast wel blijven bestaan maar wat het boeddhisme te bieden heeft zit wellicht minder in de religieuze aspecten dan in de inzichten die het boeddhisme ontwikkeld heeft over de werking van onze geest in relatie tot ons welbevinden.

Boeddhistisch Dagblad

De werkplaats – Meubelmaker Robert Keurntjes

Gedurende de laatste weken van het jaar 2024 her-publiceerden we tekst en beeld van auteurs. In 2025 gaan we daar mee door. Hieronder een tekst uit augustus 2013 over boeddhist en meubelmaker Robert Keurntjes.

Tsibilo is een eenmansbedrijf van boeddhist en filosoof Robert Keurntjes dat zich bezig houdt met het interieur, met als hoofdactiviteit meubelmaken. ‘Ik werk bij voorkeur met Europees hardhout zoals essen, eiken, beuken en kersenhout dat ik behandel met olie of zeep. Een boom doet er lang over voordat hij groot genoeg is om gekapt te worden, daarom wil ik dat wat ik maak duurzaam is in kwaliteit en schoonheid. Een goed meubelstuk is een investering waar generaties van kunnen genieten.’

Hout is een levend materiaal dat goed te bewerken is wanneer je rekening houdt met het karakter van de soort en de eigenschappen van het individuele stuk hout. Het gaat om kijken, voelen en aandachtig werken.

‘Meestal werk ik in opdracht aan de hand van de wensen en behoeftes van de klant. Het maakt niet uit of het gaat om een kast of een meditatiebankje. We bespreken de vorm en maken een keuze uit de houtsoorten en dan ga ik aan de slag. Ik kom ook graag bij mensen thuis omdat een meubel moet passen in het interieur en de sfeer van een huis. De stijl kan daarbij variëren van klassiek of Art Deco tot tijdloos of modern. Ik maak grote meubels, zoals kasten en tafels, maar ook kleinere dingen als een kistjes of een huisaltaartje, losse meubels en inbouwmeubels. Een inbouwkast in een stijl die past  bij de bouwperiode van een huis, het kan. Naast het maken van nieuwe meubels renoveer en restaureer ik ook oude meubels.

Ik probeer rekening te houden met de impact van wat ik doe op mijn omgeving en anderen. Dat bepaalt de keuze voor het materiaal dat ik gebruik. En ik ga uit van de menselijke maat. Ten aanzien van een interieur betekent dat voorop staat dat er in geleefd wordt en voor mijn bedrijf dat het kleinschalig blijft en unieke producten levert. Niet dat eenzelfde meubel geen twee keer gemaakt mag worden maar dat ieder stuk met dezelfde aandacht gemaakt wordt en niet alleen door een herhaling van handelingen.’

www.tsibilo.nl

Robert Keurntjes verdiept zich sinds 1992 in het boeddhisme. Dankzij Gelek Rimpoche en Tarab Tulku Rinpoche heeft hij het zich eigen kunnen maken en kunnen toepassen in zijn dagelijks leven en in zijn werk. Naast meubelmaker is hij filosoof en werkt aan een promotieonderzoek naar een boeddhistische verklaringsmodel voor de werking van mindfulness en meditatie. Hij is voorzitter van het Tarab Instituut Nederland. Dit is een artikel in de serie De Werkplaats.

Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

#DeWerkplaats #filosoof #houtbewerking #meubelmaker #RobertKeurntjes #Tsibilo
#DeWerkplaats #filosoof #houtbewerking #meubelmaker #RobertKeurntjes #Tsibilo

De werkplaats - Meubelmaker Robert Keurntjes - Boeddhistisch Dagblad

Tsibilo is een eenmansbedrijf van boeddhist en filosoof Robert Keurntjes dat zich bezig houdt met het interieur, met als hoofdactiviteit meubelmaken. Hout is een levend materiaal dat goed te bewerken is wanneer je rekening houdt met het karakter van de soort en de eigenschappen van het individuele stuk hout. Het gaat om kijken, voelen en aandachtig werken.

Boeddhistisch Dagblad

Boeken – de therapeut en de boeddha

De urgentie van het menselijk psychische lijden is aanhoudend actueel. Zowel boeddhisme als psychotherapie richten zich op het verzachten en zelfs opheffen van dat lijden. Beiden zijn levende, zich ontwikkelende praktijken en daardoor zijn hun ontmoeting en uitwisseling zeer interessant en relevant. Wijlen prof. dr. Ria Kloppenborg was in Nederland de pionier die onderzoek verrichtte naar boeddhisme als hulpbron bij psychotherapie. Als eerste schriftelijke neerslag van haar onderzoek verscheen onder haar redactie de bundel Boeddhisme en psychotherapie: theoretische en praktische verkenningen (2005).

Om haar onderzoek te kunnen doen, had Ria Kloppenborg de werkgroep, later Stichting Psychotherapie en Boeddhisme opgericht. De stichting bood een podium voor psychiaters en psychotherapeuten om elkaar te ontmoeten, ervaringen uit te wisselen en kennis op te doen. Daartoe organiseerde de stichting in de loop van de afgelopen ruim vijfentwintig jaar meer dan dertig studiedagen, een driedaagse en een conferentie. Hoewel het onderwerp geenszins uitputtend is geëxploreerd, heeft de stichting in haar huidige vorm en opzet haar pioniersrol vervuld en heft zichzelf daarom op.

Deze tweede bundel, De Therapeut en de Boeddha: een doorgaande dialoog, is de afsluiting van het werk van de stichting, twintig – bewogen – jaren later. Gedurende de jaren zijn de stichting en al haar betrokkenen initiator, pionierende actor en getuige geweest van een unieke kruisbestuiving. De bundel is samengesteld uit artikelen van en gesprekken met bestuursleden en enkele anderen die door de jaren heen bij het raakvlak tussen psychotherapie en boeddhisme betrokken zijn geweest. Hier wordt de balans opgemaakt, teruggekeken en de huidige stand van zaken beschreven. De bundel getuigt van een ongekend vruchtbare interactie waarbij men vijfentwintig jaar geleden de wenkbrauwen optrok, maar die inmiddels breed omarmt wordt.

De Therapeut en de Boeddha
Uitgeverij Van Warven
ISBN 9789493349483
Verschijningsdatum 1 mrt. 2025
Aantal pagina’s 200
Paperback
De tweede bundel van Stichting Psychotherapie en Boeddhisme met bijdragen van Han de Wit, Edel Maex, Michael Tophoff, Paul van der Velde, Robert Keurntjes, Thessa Ploos van Amstel, Paul Soons en Guido Machielsen.

Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

#deTherapeutEnDeBoeddha #EdelMaex #HanDeWit #MichaelTophoff #PaulSoonsEnGuidoMachielsen #PaulVanDerVelde #RobertKeurntjes #ThessaPloosVanAmstel
#deTherapeutEnDeBoeddha #EdelMaex #HanDeWit #MichaelTophoff #PaulSoonsEnGuidoMachielsen #PaulVanDerVelde #RobertKeurntjes #ThessaPloosVanAmstel

Boeken – de therapeut en de boeddha - Boeddhistisch Dagblad

Deze tweede bundel, De Therapeut en de Boeddha: een doorgaande dialoog, is de afsluiting van het werk van de stichting Psychotherapie en Boeddhisme, twintig – bewogen – jaren later. Gedurende de jaren zijn de stichting en al haar betrokkenen initiator, pionierende actor en getuige geweest van een unieke kruisbestuiving.

Boeddhistisch Dagblad