De Maronitische Wereldkroniek (10) Abd al-Malik

Een achttiende-eeuwse weergave van het Derde Concilie van Constantinopel (680).

[Dit is laatste van tien blogjes met de vertaling van de Maronitische Wereldkroniek. Een inleiding, literatuur en een waarschuwing de vertaling niet al te letterlijk te nemen, vindt u hier.]

992 SE. ≡ 12 Konstantijn IV ≡ okt.680/sept.681

In het jaar 992, het twaalfde jaar van Konstantijn, vond er een onderzoek plaats naar de twee willen en de twee personen van Christus, en er kwam een concilie bijeen in Rome en ook in Constantinopel, waarna zij het geloof in de twee willen en de twee personen voorschreven en bevestigden. Vervolgens vervloekten en verwijderden zij allen die zich hiertegen verzetten, niet alleen degenen die op dat moment nog in leven waren, maar ook degenen die al lang geleden waren gestorven, namelijk paus Honorius van Rome, Sergios, de twee patriarchen Paulus en Petrus van de keizerstad, patriarch Cyrus van Alexandrië, en de zuivere Theodoretos van Paran, die allen waren overgegaan naar onze Heer. En zij vervloekten en verbannen Makarios de Antiocheen met Stefanos, zijn leerling, die zich bij hen hadden aangesloten.

Commentaar
Tijdens het Derde Concilie van Constantinopel werd het zogeheten monotheletisme veroordeeld. Dit was het door keizer Herakleios voorgestelde compromis waarmee hij de monofysieten weer binnen de staatskerk had willen halen en de eenheid van de kerk had willen herstellen. De monniken in het bovengenoemde klooster van Sint-Maron, dat lag in het Kalifaat en dus niet in het Byzantijnse Rijk, hielden vast aan het monotheletisme.

Het is bijzonder dat de samensteller van de Maronitische Wereldkroniek niet vermeldt dat de monotheletisten een eigen patriarch aanstelden, Johannes Maron. (Losse gedachte: is hij de auteur van deze kroniek?) Het is minder bijzonder dat de maronitische chroniqueur niet verbaasd is over de rampspoed waarmee het imperium na dit concilie werd getroffen.

Toen verzamelde keizer Konstantijn, nog voor het einde van het concilie, veel Romeinse troepen en trok op tegen het volk van de Bulgaren. Een groot aantal Romeinse manschappen kwam daar om het leven, en de keizer stond op het punt om samen met zijn leger te sterven door toedoen van dit barbaarse volk. Deze grote rampspoed, toegebracht door een vijand, vond plaats omdat degenen die regeerden het ware geloof hadden bezoedeld.
En nadat de keizer door het vreemde volk was verslagen, keerde hij terug om te vechten tegen zijn eigen familie. Hij verwondde zijn twee broers Tiberios en Herakleios in het gezicht en verdreef hen uit het paleis, en op dezelfde manier verdreef hij zijn moeder en zijn vrouw. Ook doodde hij Leo, patriciër van Sartina (?). Door al die verboden daden veranderde zijn bewind in tirannie.
……
… en hij stierf in zijn [achttiende] regeringsjaar. Toen regeerde Justinianus ……

Commentaar
Konstantijn IV, die na de nederlaag had afgerekend met zijn twee medekeizers/broers, overleed in 685 en werd opgevolgd door zijn zoon Justinianus II. De hieronder geciteerde passage gaat over de moeizame opvolging van Muawiya, de grondlegger van het Kalifaat van Damascus. (Op de blog van arabist Wim Raven leest u er meer over.) Eerst moest Yazid I zijn troon bevechten op imam Huseyn (zie boven), en daarna woedde een burgeroorlog. Na Yazids dood in 683 regeerde zijn zoon Muawiya II een winter lang; na diens troonafstand in 684 regeerde Marwan, maar hij bezweek aan een epidemie; uiteindelijk trad in het voorjaar van 685 zijn zoon Abd al-Malik aan.

994 SE. ≡ okt.682/sept.683

Hij stierf in het jaar 994, toen … in het volk van de Arabieren, en zij vochten elkaar in alle gebieden
……
Toen Marwan anderhalf jaar had geregeerd, overleed hij vóór hij alle Arabieren had onderworpen, en hij liet de regering van de Arabieren over aan zijn zoon Abd al-Malik.

Munt van een van Abd al-Maliks tegenstanders (Residenzschloss, Dresden)

997 SE. ≡ okt.685/sept.686

In het jaar 997, aan het begin van de heerschappij van keizer Justinianus II van de Romeinen en Abd al-Malik, koning van de Arabieren, waren de regen en de oogst slecht.

998 SE. ≡ okt.686/sept.687

In het volgende jaar brak er hongersnood uit en was er voedselschaarste in alle gebieden.
……

4 Justinianus II ≡ okt.688/sept.689

In het vierde jaar van Justinianus trok het leger van de Romeinen de Slavische gebieden binnen en richtte daar grote schade aan en hij deporteerde een grote menigte van hen en bracht hen naar het land waarvandaan hij was aangekomen.

Commentaar
Justinianus II had een verdrag gesloten met Abd al-Malik, waardoor de keizer troepen naar de Balkan kon verplaatsen. Daarmee herstelde hij de Byzantijnse positie. 30.000 krijgsgevangenen werden overgebracht naar Anatolië. Abd al-Malik had dankzij dit bestand eveneens de beschikking over troepen die hij elders kon inzetten.

Na vele malen tegen zijn eigen volk te hebben gestreden, had Abd al-Malik, leider van de Arabieren, hen allemaal tot zijn onderdanen gemaakt.

De door Abd al-Malik gebouwde Rotskoepel in Jeruzalem

1002 SE. ≡ okt.690/sept.691

Toen alle Arabieren in zijn rijk hem gehoorzaamden, hielden alle burgeroorlogen op en werden ze allemaal verzoend en sloten ze vrede met elkaar in het jaar 1002 volgens de Griekse jaartelling.

1004 SE. ≡ okt.692/sept.693

In het jaar 1004, het achtste jaar van de heerschappij van Justinianus en het negende jaar van de heerschappij van Abd al-Malik, kwam een einde aan het bestand tussen de Romeinen en de Arabieren.

Tot slot

Tot hier loopt de Maronitische Wereldkroniek. Het zal er niet meteen van afspatten, want de kroniekvorm staat garant voor ietwat droge materie, maar ik heb machtig veel plezier gehad aan het schrijven van deze tien blogjes.

#AbdAlMalik #AdrianPirtea #AlexHourani #bronnenuitgave #Bulgaren #DerdeConcilieVanConstantinopel #JohannesMaron #JustinianusII #KalifaatVanDamascus #KonstantijnIV #maronieten #MaronitischeWereldkroniek #monofysieten #monotheletisme #YazidI

De Maronitische Wereldkroniek (6) Catastrofe

Justinus II (Bode-Museum, Berlijn)

[Dit is het zesde van tien blogjes met de vertaling van de Maronitische Wereldkroniek. Dit deel, vrijwel zonder lacunes, beschrijft de implosie van het Byzantijnse gezag in de late zesde eeuw. Een inleiding tot deze kroniek, literatuur en een waarschuwing de vertaling niet al te letterlijk te nemen, vindt u hier.]

877 SE. ≡ okt.565/sept.566

In het jaar 877 regeerde Justinus II, een verwant van de eerste. Toen hij aantrad, betoonde hij zijn zorg voor de toestand van de kerken en schreef hij een orthodoxe geloofsbelijdenis. Die bijdrage stuurde hij naar alle provincies en hij beval dat allen die de kerk niet volgden, uit hun positie zouden worden ontheven.
Aan het begin van zijn regering was gedurende een jaar in het noorden iets te zien dat leek op een vuurkolom.

885 SE. ≡ okt.573/sept.574

In het jaar 885 kwam het conflict met de Perzen – dat met Adarmahan – tot uitbarsting. Hij overmeesterde Apameia, nam alle inwoners gevangen en deporteerde ze naar Perzië, stak de Grote Kerk in brand en verwoestte deze met alle monumenten in die stad. (Later herbouwde en renoveerde Jordanes, de plaatselijke bisschop, de kerk.) Ook andere plaatsen werden ingenomen door deze verwoestende rebel.
Op dezelfde manier richtten de leiders van de Avaren verwoestingen aan onder de Romeinen.

Commentaar
Keizer Justinus II zegde de betalingen aan de Sassaniden op waarmee zijn voorganger Justinianus rust had gekocht. Terwijl de Perzische koning Khusrau I de Onsterfelijke Ziel de grensstad Dara belegerde, stuurde hij zijn generaal Adarmahan naar het westen, waar deze in 573 Apameia innam. De invasie van de Avaren zou nog gevaarlijker blijken.

Volgens de kerkhistoricus Johannes van Efese ontwikkelde Justinus hierop een geestesziekte: hij kon onverwacht in paniek door het paleis rennen, huilde als een beest, beet zijn bedienden, verstopte zich onder zijn bed en probeerde zelfs eens uit het raam te springen.noot Johannes van Efeze, Kerkgeschiedenis 3.2-3. Het rijk werd hierna geregeerd door keizerin Sofia en Justinus’ latere opvolger, Tiberius II.

Tiberius II (Musée des Beaux-Arts, Lyon)

En keizer Justinus werd ziek … en was niet meer te genezen, en hij gaf zijn dochter aan Tiberius en liet hem regeren. Zelf heeft hij dertien jaar geregeerd.

1 Tiberius ≡ okt.579/sept.580

In het eerste jaar van Tiberius begon ook de regering van Hormizd, zoon van Khusrau. Hij zou twaalf jaar regeren.

Commentaar
Justinus II overleed op 5 oktober 578, dus vijf dagen in het nieuwe jaar 890 volgens de Seleukidische Era. Het eerste regeringsjaar van Tiberius II begon dus op 1 oktober 579, hoewel hij officieel dus al bijna een jaar en officieus zelfs nog langer aan de macht was. Hormizd IV de Turk kwam inderdaad ruwweg tegelijk aan de macht.

Hormizd IV de Turk (Bode-Museum, Berlijn)

894 SE. ≡ 4 Tiberius ≡ okt.582/sept.583

Toen Tiberius vier jaar had geregeerd en zijn dood naderde, gaf hij zijn dochter aan Maurikios, de aanvoerder van zijn leger, en liet hij hem in zijn plaats regeren in het jaar 894.

Maurikios (Metropolitan Museum of Art, New York)

9 Maurikios ≡ okt.591/sept.592

Vanaf het negende regeringsjaar van Maurikios regeerde Khusrau, zoon van Hormizd, achtendertig jaar lang in Perzië.
In deze tijd debatteerden Anastasius, de Palestijnse patriarch van Antiochië, en Eulogius, de patriarch van Alexandrië, met elkaar omwille van de waarheid.

896 SE. ≡ 2 Maurikios ≡ okt.584/sept.585

In het jaar 896, het tweede jaar van Maurikios, was in het klooster van de gezegende Sint-Maron de grote en rechtvaardige Georgios de Oudere overleden. Deze man volgde de kerk en de verwierp de leer van haar tegenstanders.

Commentaar
Ik weet niet wie deze heilige is, maar het is een interessante passage omdat ze het klooster van Sint-Maron noemt. Ten tijde van de grote oorlogen tussen eerst de Byzantijnen en Perzen en daarna Byzantijnen en Arabieren werd dit het voornaamste religieuze centrum in Syrië, dat loyaal bleef aan de monotheletistische opvattingen van keizer Herakleios – ook toen die opvattingen in het Byzantijnse Rijk werden opgegeven. Bovenstaande passage is een van de aanwijzingen dat de chroniqueur een maroniet was.

Het klooster van Sint-Maron bij de bron van de Orontes

De in de volgende passage genoemde hulp die keizer Maurikios bood aan Khusrau II de Overwinnaar dateert uit 592.

Keizer Maurikios sloot een wapenstilstand met Khusrau, koning van de Perzen. Er was grote genegenheid tussen hen, want toen de Perzen tegen zijn vader Hormizd vochten, vluchtte hij en ging naar Maurikios, die hem met grote vreugde ontving en hem het leger van de Romeinen gaf, zodat hij de Perzen in de strijd versloeg en na zijn vader regeerde.
Maurikios sloot ook een wapenstilstand met de Avaren en sloot vrede met allen die hem omringden. Dankzij zijn inspanningen versterkte hij de positie van de Romeinen. Toch kwamen zij in opstand tegen hem en doodden hem in zijn twintigste regeringsjaar. Ze maakten Fokas in zijn plaats tot keizer.

Khusrau II de Overwinnaar (Taq-e Bostan)

Commentaar
De Avaren waren sinds 583/584 steeds verder opgerukt en hadden grote delen van het Balkan-schiereiland in handen. De Slavische volken worden genoemd als Avaarse bondgenoten. Toen een epidemie het leger van de Avaren trof, kon Maurikios hen afkopen (598). De oorlog ging nadien echter verder, met aanzienlijke Byzantijnse successen, zodat het in 602/603 mogelijk was dat Maurikios’ leger zou overwinteren in Slavisch gebied. De manschappen, ongelukkig met een zo afgelegen basis, kwamen in opstand, doodden Maurikios en maakten Fokas keizer.

Mardin

Toen koning Khusrau hoorde dat de Romeinen Maurikios hadden gedood, werd hij woedend en stond hij op om wraak op hen te nemen. Hij leidde zijn leger en bereikte de stad Dara, die tussen de twee rijken lag, begon de strijd en nam Dara in. Ook viel hij Mardin aan en veroverde het. Op dezelfde manier overweldigden de Perzen tijdens de acht jaar dat Fokas regeerde, het gebied binnen de Eufraat. Niet alleen de oostelijke gebieden werden door het zwaard geteisterd, ook de gebieden ten westen van de rivier bleven dus niet gespaard.
Om het triviale conflict tussen de Blauwen en de Groenen vochten de bewoners van de steden tegen elkaar. Zo vernietigden ze zichzelf met zwaarden die scherper waren dan de zwaarden van de vijanden.
Bonosus, de tiran en vijand van het goede, met een hoogmoed die alle anderen overtrof, doodde en vernietigde elke dag vele mensen.
……

Fokas (Staatliche Münzsammlung, München)

Commentaar
Terwijl het Byzantijnse Rijk de staatsgreep van Fokas beleefde, liepen de Perzen Syrië onder de voet, rukten de Avaren opnieuw op, en waren er stedelijke conflicten. De Blauwen en de Groenen waren de aanhangers van de teams in de paardenraces. Na een lacune in de kroniek – de eerste sinds de regering van Justinianus – lezen we over de wijze waarop het Byzantijnse Rijk werd gered. In Afrika bekleedden de twee broers Herakleios en Gregoras bestuursfuncties. Hun zonen Herakleios Jr en Niketas maakten een einde aan de regering van Fokas. Herakleios Jr was de nieuwe keizer.

Er waren ook in Afrika … de naam van een van de twee was Gregoras … Niketas, en de andere heette Herakleios … keizer Fokas… Zij trokken allebei op om de keizer te vermoorden en spraken af dat de een over zee zou gaan en de ander over land, en dat degene die als eerste de stad zou binnenkomen en de keizer zou doden, zou regeren. Dus ging Herakleios over zee en Niketas over land, en Herakleios was Niketas vóór, ging de stad binnen en doodde Fokas, nadat deze acht jaar had geregeerd, en begon zijn bewind. Hij doodde de goddeloze Bonosus door steniging.
……
Anastasius
……

[Wordt morgen vervolgd]

#AdrianPirtea #AlexHourani #Apameia #Avaren #bronnenuitgave #Dara #Fokas #Herakleios #HormizdIVDeTurk #JohannesVanEfese #Justinianus #JustinusII #KhusrauIDeOnsterfelijkeZiel #KhusrauIIDeOverwinnaar #Mardin #MaronitischeWereldkroniek #Maurikios #monotheletisme #Sassaniden #SeleukidischeEra #SintMaron #TiberiusII

De Maronitische Wereldkroniek (1) Inleiding

Sint-Maron

Dit is het eerste van tien blogjes over de onlangs ontdekte Maronitische Wereldkroniek. Ik zal daarin een becommentarieerde vertaling geven van het interessantste deel. En ik zeg meteen: die vertaling heeft geen enkele pretentie. Daarover straks meer. Maar eerst: wat is de Maronitische Wereldkroniek?

Het belang

Zoals de naam al aangeeft, is het een overzicht van de geschiedenis van de wereld, die volgens de samensteller al ruim zes millennia oud was. Het eerste deel is voor ons niet bijster interessant: het is vooral een overzicht van de bijbelse geschiedenis, dat we uit andere bronnen beter kennen. (Geestig is het synchronisme van de krachtpatsers Simson en Herakles.) Na de tijd van de twee koninkrijken en de Babylonische Ballingschap lezen we over Alexander de Grote en het hellenisme. De auteur schrijft dat keizer Augustus koningin Kleopatra liet vermoorden, iets wat vermoedelijk waar is, maar niet staat in andere bronnen.

Uiteraard is er een verwijzing naar het leven van Christus, en daarop volgt een combinatie van kerkgeschiedenis en informatie over het Romeinse Rijk. Leuk detail: de legende van de vorst die niet zou zijn overleden maar is heengegaan (zoals koning Arthur), zou door christenen zijn toegepast op Philippus Arabs.

Het wordt echter pas echt leuk als we nieuwe informatie krijgen over de vijfde, zesde en zevende eeuw. Dan gaat het over de problemen die een einde maakten aan wat ik maar even de “klassieke cultuur” zal noemen, over de Grote Arabische Veroveringen en over het ontstaan van het Kalifaat van Damascus. Toen, in de zevende eeuw, werden de contouren zichtbaar van een nieuw tijdperk, dat we meestal “Middeleeuwen” noemen. Over het Kalifaat hebben we aanzienlijk meer bronnen, maar de overgangsfase is slecht gedocumenteerd, dus elke bron is winst.

Maronitisch?

Het leuke is: deze rond 700 na Chr. samengestelde wereldkroniek is vrijwel contemporain. Hoewel de laatst genoemde gebeurtenis dateert uit 693 na Chr., lijkt de tekst twintig jaar later samengesteld te zijn, in “het jaar 1024” (in de Seleukidische Era). De tekst schijnt oorspronkelijk te zijn geschreven in Syrisch Aramees en is daarna vertaald in het Arabisch. In die versie kennen we haar; ze is gevonden in het Catharinaklooster in de Sinaïwoestijn.

Het is een christelijke tekst, maar we kunnen specifieker zijn. Er is aandacht voor Sint-Maron, voor het naar deze Syrische heilige vernoemde klooster, en voor de discussie over het monotheletisme, d.w.z. het idee dat Christus twee naturen maar één wil zou hebben gehad. Daarom denken de onderzoekers dat deze wereldkroniek is geschreven door een maronitische christen.

De maronieten woonden, op het moment dat de kroniek werd samengesteld, echter binnen de grenzen van het Kalifaat. De tekst komt dus wél uit het Kalifaat maar is niet islamitisch; en we hebben wél een christelijk perspectief, maar het is niet Byzantijns. De auteur is opmerkelijk positief over Mohammed en lijkt niet te hebben herkend dat de islam een wezenlijk andere godsdienst was dan het christendom. De oorlogen van de Rechtgeleide Kaliefen, waarvan hij de ellendige gevolgen voor de burgers niet ontkent, ziet hij als een straf voor zondige christenen.

Ik heb weinig reden om te twijfelen aan de typering van de bron als maronitisch. Een kanttekening die ik wél wil plaatsen is dat je van zo’n bron zou hebben verwacht dat Johannes Maron zou zijn genoemd, de eerste maronitische patriarch. Hoewel de gebeurtenis die de aanleiding was tot zijn verheffing, het Derde Concilie van Constantinopel in 680/681, wél wordt genoemd, wordt hij zelf niet vermeld. Dat is ronduit opmerkelijk. Ik vraag me af of dit niet is omdat Johannes Maron de auteur is.

Chronologie

Chronologische precisie heeft merkbaar de belangstelling van de samensteller. Een voorbeeld uit de voorgeschiedenis:

Toen Noach zeshonderd jaar oud was, kwam de Vloed over de aarde; het derde [door mij geconsulteerde] handschrift bevestigt dit. In Noachs 344e levensjaar liep het tweede millennium ten einde.

Hij heeft dus diverse bronnen gebruikt en probeert die te combineren. In het voor ons relevante deel dateert hij aan de hand van de regeringsjaren van vorsten, aan de hand van de islamitische jaartelling, aan de hand van een jaartelling sinds de schepping van de wereld en aan de hand van de zojuist genoemde Seleukidische Era: een jaartelling die begint in het jaar dat wij 311 v.Chr. noemen, waarin meestal een nieuwjaarsdag werd aangehouden 1 oktober. Hierop bestonden varianten en in Antiochië, een stad die de belangstelling heeft van onze chroniqueur, heeft men de nieuwjaarsdatum eens aangepast. Je snapt waardoor de kroniek een aardbeving in 458 vermeldt in de verkeerde maand.

Andere vergissingen hebben te maken met het inclusief of exclusief tellen van de regeringsjaren of verschillende manieren om te schrikkelen. Zo kan de samensteller de zonsverduistering van 418 in de verkeerde maand plaatsen. Soms zijn er doubletten: de aardbeving die in 526 Antiochië compleet verwoeste, krijgt niet alleen een verkeerde datum, maar lijkt ook tweemaal te zijn vermeld. Maar al met al snappen we het, en de onregelmatigheden bewijzen dat de auteur een kritische geest was, die geen genoegen nam met één enkele bron.

De vertaling

De Maronitische Wereldkroniek is, zoals gezegd, geschreven in het Syrische Aramees en later vertaald in het Arabisch. Alex Hourani heeft de tekst vorig jaar geheel vertaald in het Engels. En ik heb dat weer vertaald in het Nederlands. Aannemend dat bij elke vertaling 97% van de informatie correct is, zal de in de volgende blogjes geboden vertaling voor ongeveer negen tiende in orde zijn. Misschien ben ik daarmee iets te pessimistisch, want ik heb de indruk dat de tekst, waar controleerbaar, correspondeert met wat al bekend is; dat mogen we wellicht beschouwen als een soort externe controle. Toch noem ik dit even, want u kunt de hierna gegeven vertaling beter niet citeren.

Tot slot: ik heb de stof verdeeld over de negen hierop volgende blogjes, die ik in de loop van vijf of zes dagen online wil plaatsen. Mijns inziens wordt het interessanter naarmate de tekst vordert. Laat u zich niet afschrikken door de twee of drie eerstvolgende stukjes, die inderdaad wat saai zijn. Verderop wordt het spannender, als we aankomen bij de regering van Justinianus.

[Wordt vervolgd]

Literatuur

#AdrianPirtea #AlexHourani #ArabischeVeroveringen #bronnenuitgave #Catharinaklooster #chronologie #DerdeConcilieVanConstantinopel #JohannesMaron #KalifaatVanDamascus #maronieten #MaronitischeWereldkroniek #monotheletisme #SeleukidischeEra #SintMaron

Faits divers (48)

Zomaar een foto van Tipasa

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers. Ik probeer altijd wat eenheid aan te brengen, wat soms lukt en soms niet, maar dit keer zijn de faits divers echt heel divers.

Egypte in Leiden

Eerst wat nieuws uit eigen land, namelijk uit ons eigen Leidse Rijksmuseum van Oudheden: de mooie expositie over het ontdekken van het oude Egypte is tot 3 mei verlengd. “Wegens succes geprolongeerd”, heet zoiets, en de tentoonstelling is inderdaad heel goed bezocht, zonder dat het onprettig druk is. Gaat dat zien dus.

De regels van een spel

Verder hebben onderzoekers vastgesteld welk spel is gespeeld op een Romeins stenen spelbord uit de collectie van het Romeins Museum (v/h Thermenmuseum) in Heerlen. Ze lieten twee door artificiële intelligentie vervaardigde computerspelers AI-agenten tegen elkaar spelen, nu eens met de regels van het ene bekende oude bordspel, dan weer met de regels van een ander oud spel. De slijtage op het stenen speelbord suggereerde een spel dat lijkt op ons Barricade, dat alleen maar de jongste loot is aan een grotere boom van blokkeerspelletjes.

De voornaamste conclusie is dus I.D.O.H.Z.O. blokkeerspelletjes, wat gewoon geinig is en ook niet méér. Het bericht haalde diverse media, die de nadruk legden op het gebruik van artificiële intelligentie; de beste uitleg vond ik hier.

Maronitische Wereldkroniek

Zo’n gereconstrueerd spel verandert ons beeld van het verleden niet, maar dat is anders met de ontdekking van nieuwe (of beter: oude) geschreven bronnen – vooral als die betrekking hebben op belangrijke maar niet goed begrepen gebeurtenissen. Bij de digitalisering van de manuscripten in het Catharinaklooster (in de Sinaïwoestijn) bleek een dertiende-eeuws Arabisch handschrift de weergave te bevatten van een oorspronkelijk in het Aramees gestelde wereldkroniek uit 713. Ze is geschreven door een maronitische christen, en dat maakt het boeiend.

De maronieten waren toen een in Syrië levende groep die het door de Byzantijnse keizer Herakleios (r.610-641) gepropageerde monotheletisme had aanvaard. Dat was in ruwweg de tijd van de grote oorlog tussen de Byzantijnen en Sassaniden (602-628). Na de Arabische Veroveringen leefden de maronieten binnen de grenzen van het Kalifaat van Damascus, waar ze vasthielden aan hun theologische opvattingen, terwijl die in het Byzantijnse Rijk werden afgezworen. De maronieten hadden daardoor een perspectief op de opkomst van de islam dat wél christelijk was maar niet volgens de keizerlijke orthodoxie. Dat maakt de tekst potentieel belangrijk.

Tot slot

Mooi interview met een van de grootste vuursteenkenners van Nederland, Jaap Beuker. Het gaat niet alleen over hem, maar ook over de herkomst van en de handel in het materiaal, en ook over de reden waarom handel in vuursteen noodzakelijk was. Verder: het wonder van zeevaart naar Helgoland.

En uiteraard gaat de sloop van de geesteswetenschappen gewoon verder. We ronden ook deze faits divers er dus maar mee af. Tradities zijn er om in ere te houden: de universiteit van Ottawa dreigde in oktober de opleiding Griekse en Romeinse studies te sluiten, kwam daarvan terug, en voert het besluit nu toch uit. Het deprimerende overzicht van sluitingen en wat dies meer zij is nog steeds hier.

En o ja: ik organiseer een dure maar echt mooie reis naar Algerije.

#ArabischeVeroveringen #artificiëleIntelligentie #Catharinaklooster #FaitsDivers #Heerlen #KalifaatVanDamascus #maronieten #MaronitischeWereldkroniek #monotheletisme #RomeinsMuseumHeerlen #Sassaniden #spel #Thermenmuseum

Uqba ibn Nafi al-Fihri (1)

Moskee van Kairouan

[Derde van zeven blogjes over de arabisering van de Maghreb. Het eerste was hier.]

Ik heb Uqba ibn Nafi al-Fihri (622-683) al eens eerder genoemd: hij is de stichter van de Tunesische stad Kairouan en een voorouder van enkele leiders die een belangrijke rol speelden in de jaren na de Arabische verovering van het Iberische Schiereiland. Uqba is in Nederland niet zo bekend, en een mens hoeft ook niet alles te weten, maar hij is een van de grote namen uit de geschiedenis van de Maghreb.

Eerst even zijn afkomst. Hij was een neef van Amr ibn al-As, een van de gezellen van de profeet Mohammed en de man die in 639-642 leiding had gegeven aan de Arabische verovering van Egypte. Al in 642 was hij doorgestoten naar de Cyrenaica, het noordoosten van het huidige Libië. Amr nam Uqba, die als kind overigens de profeet nog had gekend, met zich mee en wees hem aan als gouverneur van de stad Barka, het huidige El Marj in Libië. Uqba was pas drieëntwintig jaar oud.

De eerste Arabische aanval

Doordat de Arabieren vanuit Egypte westwaarts kwamen, dreigde het Exarchaat van Karthago, zoals de Byzantijnse Maghreb heette, afgesneden te raken van de rest van het imperium. Bovendien was het Exarchaat onvoldoende verdedigd. In 610 was de latere keizer Herakleios met het Afrikaanse leger naar Constantinopel gevaren en we hebben geen informatie dat nadien troepen waren teruggestuurd. Ze waren nodig geweest voor zijn langdurige oorlogen tegen de Perzen en tegen de Arabieren.

De exarch in Karthago, een zekere Gregorios, voorzag moeilijkheden en wist dat hij moest samenwerken met de Berbers. Hij verplaatste zijn residentie naar Sufetula, het huidige Sbeitla in het binnenland. Door op zoek te gaan naar eigen troepen, was hij feitelijk in opstand, en we lezen dat hij als motief opgaf dat keizer Konstans II, als aanhanger van het zogeheten monotheletisme, niet voldoende zuiver was in de christelijke leer. Dat riekt naar een voorwendsel.

Byzantijnse versterkingen in Sbeitla

De aanval kwam in 647, toen kalief Othman (r.644-656) een leger van Arabieren en Laguatan-Berbers naar het westen stuurde. Uqba stond aan het hoofd van een van de regimenten. Het kwam bij Sbeitla tot een gevecht, waarbij Gregorios sneuvelde en zijn dochter, die mee vocht, krijgsgevangen werd genomen. De Arabieren zetten haar op transport naar het oosten, maar onderweg pleegde ze zelfmoord door zich van haar dromedaris af te werpen. De resten van het Byzantijnse leger trokken zich terug naar Karthago en feitelijk mochten de Byzantijnen van geluk spreken dat de Arabieren zich ook terugtrokken. Ze waren gekomen om te plunderen en dat was goed gelukt.

De tweede Arabische aanval

In 670 promoveerde Muawiya, de eerste Umayyadische kalief, Uqba tot gouverneur van alle gebieden ten westen van Egypte. Hij had goede relaties met de Laguatan-Berbers, hij had in de tussentijd de oase van Germa geannexeerd, hij had op een of andere manier vriendelijke contacten met de steden Lepcis, Oea (Tripoli) en Sabratha in westelijk Libië, en hij kende de regio als geen ander. Zo moet hij hebben geweten dat de Byzantijnen de exarch in Karthago niet te hulp konden komen, omdat ze hun legers nodig hadden in Anatolië. Ook kon keizer Konstantinos IV niet aan anderen vragen namens hem te vechten, want de bevolking van Italië herinnerde zich enkele recente plunderingen en de bevolking van Sicilië steunde een opstandige generaal. De bronnen over die laatste opstand zijn onduidelijk, maar een daarvan, het Liber Pontificalis, vermeldt dat troepen uit Karthago de Byzantijnen op Sicilië te hulp schoten. Als dit waar is, was het huidige Tunesië onverdedigd toen Uqba naar het westen kwam.

Culturele pluriformiteit: joodse synagoge-inscriptie uit Djerba (Bardomuseum, Tunis)

Zonder problemen trok hij langs Lepcis, Oea en Sabratha in het noordwesten van Libië, zonder problemen passeerde hij Djerba en Gabès, en zonder problemen trok hij het huidige Tunesië binnen. Gevechten worden niet vermeld; het lijkt alsof iedereen zich zonder meer onderwierp, tribuut betaalde en afwachtte tot Uqba’s leger weer was vertrokken. Die verwachting was niet onredelijk, want Uqba bevond zich 1700 kilometer ten westen van zijn thuisbasis Barka.

Kairouan

Desondanks stichtte hij, zoals gezegd, de stad Kairouan. Zijn beslissing is overgeleverd door de dertiende-eeuwse geograaf Yaqut al-Hamawi:

Zo gauw je ze een zwaard voorhoudt, bekeren de bewoners van dit land zich tot de islam, zo gauw je vertrekt, wenden ze zich af van Gods religie en keren ze terug naar het ongeloof. Het verdient geen aanbeveling moslims te midden van hen te vestigen. Het lijkt me beter een stad te stichten die tot het einde der tijden een steun zal zijn voor de islam.

Verder zou Uqba erop hebben gewezen dat deze plek, ruim vijftig kilometer landinwaarts, ver genoeg van de zee lag om onbedreigd te zijn door de Byzantijnse vloot. We kunnen toevoegen dat Kairouan, net als Sbeitla, in het binnenland lag, zodat contact met de Berbers eenvoudig was. Het vanuit Kairouan bestuurde gebied staat bekend als Ifriqiya, wat natuurlijk de verbastering is van Africa.

De grote moskee van Kairouan

Een charmant detail is dat Uqba niet precies wist hoe hij de moskee moest oriënteren en dus maar besloot de gebedsnis te richten op de plek waar hij in de ochtend voor het eerst “Allah is groot” zou horen roepen. Dat heeft niet echt geholpen want de moskee staat zeker 45° uit de richting. Het blijft overigens een van de mooiste moskeeën die ik heb bezocht, samen met die van Damghan, Córdoba en Edirne.

[Wordt vervolgd]

#Algerije #Altava #AmrIbnAlAs #ArabischeVeroveringen #Barka #Berbers #Cyrenaïca #Djerba #Gabès #Germa #GregoriosExarch_ #Herakleios #Ifriqiya #Kairouan #KalifaatVanDamascus #KonstansII #KonstantijnIV #Laguatan #LepcisMagna #LiberPontificalis #monotheletisme #MuawiyaI #Oea #Othman #Sabratha #TripoliLibië_ #Tunesië #Umayyaden #UqbaIbnNafiAlFihri #YaqutAlHamawi

Het Rijk van Toledo (1)

Decoratie uit Mérida

Als we zouden afgaan op de bronnen, was de opvolgerstaat van het Rijk van Toulouse, het Rijk van Toledo, verdeeld over de vraag welk christendom het ware was: het ariaanse of dat van de keizer, zoals vastgelegd tijdens het Concilie van Chalkedon. Ik heb al verteld dat dit meer zegt over de aard van onze bronnen dan over wat er werkelijk speelde.

Voor zover de kwestie betekenis heeft, is het omdat vroegere onderzoekers meenden dat de Hispano-Romeinse bevolking het keizerlijke christendom volgde, terwijl de Visigoten ariaans zouden zijn geweest. Als dit waar was, zou het inderdaad een belangrijk thema zijn, maar er zijn voldoende uitzonderingen bekend om te concluderen dat de religieuze en etnische grenzen niet parallel liepen. Waarbij ik in dan nog maar in het midden laat wat met “etnisch” bedoeld kan zijn, want lang niet alle mensen die op last van de Visigotische koningen naar Iberië trokken, hadden Germaanse voorouders. Waarbij we óók in het midden moeten laten wat Germanen dan eigenlijk zijn.

De grenzen van het Rijk van Toledo

De grenzen van het Rijk van Toledo lagen min of meer vast. In het noorden vormden de Pyreneeën de grens met het rijk van de Franken, waarbij Narbonne een Visigotische exclave was in de Languedoc. In het noordwesten, in Galicië, regeerde een dynastie die we doorgaans Suebisch noemen. De rest van Iberië werd bestuurd vanuit Toledo, met één uitzondering: rond het midden van de zesde eeuw wisten de Byzantijnen, profiterend van een Visigotische opvolgingsconflict, de havensteden aan de zuidkust te veroveren.

Het Byzantijnse gezag zou echter gestaag afbrokkelen; het laatste Byzantijnse leger is kort voor 700 geattesteerd. Maar zolang het er was, had het Rijk van Toledo een eenvoudig contact met Italië, de Maghreb en Constantinopel. We lezen ook over pelgrims naar Jeruzalem, over Spaanse bisschoppen bij kerkelijke vergaderingen, over kooplieden, over internationale huwelijken en over ballingen: allemaal personenverkeer dat documenteert dat het Rijk van Toledo volop was geïntegreerd in de Mediterrane wereld.

Leovigild

In 568 herstelde koning Leovigild het centrale gezag én het internationaal aanzien. Via zijn nichten Brunhilde en Galswintha, getrouwd met de Frankische vorsten Sigebert I en Chilperik I, was hij verzekerd van rust in het noorden. Hij richtte zich tegen zijn tegenstanders op het Iberische Schiereiland: hij begon met de annexatie van de Byzantijnse havensteden in Andalusië en wist in 585 de Sueben te onderwerpen.

Leovigild (Staatliche Münzsammlung, München)

Meer dan eerdere vorsten presenteerde hij zich als soeverein heerser, onder meer door het gebruik van keizerlijke regalia. Toch was het Rijk van Toledo geen klein Romeins Rijk. Het bestuur was vereenvoudigd en voor een deel zelfs uitbesteed: de gemeentelijke administratie kwam steeds meer in handen van de geestelijkheid.

We lezen ook weer ’ns over de ariaanse kwestie. Om de eenheid van het Rijk van Toledo te versterken trachtte Leovigild zijn onderdanen te overtuigen van een gematigd arianisme. Soortgelijke compromissen hingen in de Late Oudheid ook elders in de lucht: er is hier al eens geblogd over het monotheletisme dat in het Byzantijnse Rijk werd voorgesteld als voor iedereen aanvaardbaar compromis. Dat strandde op weerstand van de aanhangers van het Credo van Chalkedon, en zoiets gebeurde ook in het Rijk van Toledo. De Chalkedoniërs uit het rijk van de Vandalen in Africa hadden zich met succes verzet tegen hun overheid, en dat maakte dat ook de Chalkedoniërs in Iberië geen duimbreed toegaven.

[wordt vervolgd]

#arianisme #BreviariumAlaricianum #Brunhilde #ChilperikI #ConcilieVanChalkedon #Galswintha #hospitalitas #Languedoc #Latijn #Leovigild #monotheletisme #Narbonne #RijkVanToledo #SigebertI #Sueben #Visigoten