Alexander de Grote in Alexandrië

Alexander als stichter van Alexandrië (Louvre, Parijs)

Vorige maand blogde ik over het bezoek dat Alexander de Grote bracht aan de oase van Siwa, waar hij het orakel van Ammon bezocht en ongevraagd vernam dat hij de zoon van Zeus was. Na deze gebeurtenis keerde hij naar de kust terug, naar de plek waar hij een stad wilde stichten.

Alexandrië

De stedenbouwkundige Deinokrates van Rhodos had voorbereidingen getroffen en op 7 april 331 v.Chr. voltrok Alexander het stichtingsritueel van de nieuwe stad, die wel eens wordt getypeerd als zijn meest duurzame erfenis. Voor het moment was Alexandrië echter vooral een instrument om de graanhandel met de Griekse wereld te controleren, en uit verschillende contemporaine teksten blijkt dat de administrateur van Egypte, Kleomenes, de Grieken inderdaad fikse bedragen liet betalen voor het Egyptische graan.noot Aristoteles, Oikonomikos 1352a17ff en 1352b13ff; Demosthenes, Redevoering 56.7-8.

Na de stichting van Alexandrië voer Alexander de Nijl op voor een laatste bezoek aan de Egyptische hoofdstad Memfis, waar versterkingen bleken te zijn aangekomen.

De door Alexander gebouwde muur om Alexandrië

Nieuws uit Griekenland

Er waren ook ambassadeurs, die sensationeel nieuws meebrachten, dat we kennen uit een fragment uit het boek Alexanders daden, geschreven door ’s konings hofpropagandist Kallisthenes. In de tempel van Didyma bij Milete

zou de bron weer zijn gaan vloeien, hoewel Apollo het orakel had verlaten sinds de tempel ten tijde van Xerxes was geplunderd. … Ook zouden gezanten uit Milete veel uitspraken van orakels naar Memfis hebben overbracht, over Alexanders afstamming van Zeus, zijn toekomstige overwinning bij Gaugamela, de dood van Darius en de opstandige bewegingen in Sparta. … Verder zou de profetes van Erythrai een uitspraak hebben gedaan over de hoge geboorte van Alexander.noot Kallisthenes, FGrH 124 fr.14; vert. Simone Mooij.

Hoewel tijdgenoten anders wilden geloven, was dit helemaal zo wonderbaarlijk niet. Er waren ruim drie maanden verstreken sinds Alexander in Memfis voor het eerst was erkend als zoon van Ra, en dat liet genoeg tijd om het nieuws te verspreiden naar Milete en het daar vlakbij gelegen Erythrai. Toen de door de Macedoniërs in het zadel geholpen autoriteiten begrepen dat Alexander niet onwelwillend stond tegenover de adoptie van een extra vader, hadden zij de gewenste voorspellingen “geregeld”.

Vanaf dit moment moeten allerlei verhalen de ronde zijn gaan doen, want op een of andere manier moest toch het dubbele vaderschap worden verklaard. De Grieks-Romeinse auteur Ploutarchos vertelt dus dat Filippos na zijn huwelijk met Olympias in een droom de geboorte van een zoon met de aard van een leeuw was voorspeld, en dat iemand had gezien dat Olympias sliep met een slang, die een manifestatie van de Egyptische god zou zijn. Volgens een ander gerucht was de Macedonische koning naar Siwa gegaan omdat zijn voorouders Herakles en Perseus dit ook hadden gedaan, en had hij ontdekt dat zij zijn halfbroers waren. Wat Alexander ervan dacht is onbekend maar hij sprak de geruchten niet tegen.

Sparta

De gezanten die meldden dat de Griekse orakels Alexander hadden erkend als zoon van Zeus, vertelden tevens dat de Spartaanse koning Agis III, die Kreta had bezet met hulp van de Griekse huurlingen die bij Issos voor Darius hadden gevochten, inmiddels was begonnen met de voorbereiding van een grotere rebellie. Daarvoor had hij Perzisch goud aangenomen. Omdat nog onduidelijk was waar dit op zou uitdraaien, kon Alexander geen tegenmaatregelen nemen, maar hij stuurde wel enorme bedragen naar Macedonië, waar zijn gouverneur ter plekke, Antipatros, huurlingen begon te werven.

Bestuurlijke maatregelen

Alvorens Alexander naar Azië kon terugkeren om de strijd tegen Darius te hernemen, moest hij het bestuur van Egypte regelen. De nieuwe bestuurders waren, zoals we al zagen, de Pers Doloaspis en de Egyptenaar Petosiris, maar met een staf zó vol Europeanen dat hun feitelijke gezag beperkt was. Het lijkt erop dat toen Petosiris aftrad, Kleomenes grotere bevoegdheden kreeg om te voorkomen dat een niet-Europeaan werkelijk macht zou krijgen.

Desondanks waren de benoemingen van de Pers en de Egyptenaar belangrijk. Dat Alexander Doloaspis een bestuursfunctie toekende, bewijst dat hij al bereid was Perzen in het bestuur op te nemen. Tijdens de tweede helft van zijn regering zou dit op grote schaal gebeuren. Voor het moment was het echter niet meer dan een tactisch signaal aan de Perzische adel: als ze Darius in de steek zouden laten en naar Alexander overliepen, wachtte hun geen slecht lot. Het is overigens de vraag of het signaal overkwam. In elk geval leidde de aanstelling van Doloaspis niet tot massale desertie.

Zo eindigde het bezoek aan Egypte zonder dat de veroveraars veel nieuws hadden ontdekt. Ze moeten in de tempels de mythen hebben gehoord waar ze benieuwd naar waren geweest, maar lieten zich er verder weinig aan gelegen liggen, zelfs als zo’n verhaal raakvlakken had met de Griekse filosofie. Het was voorbehouden aan een van Alexanders officieren, Hekataios van Abdera, om de oude beschaving de komende jaren grondiger te onderzoeken en de nieuwsgierige Europeanen op de hoogte te stellen van de Egyptische godenverhalen.

Maar ook al was de kennismaking met Egypte oppervlakkig geweest, Alexanders bezoek aan het land van de Nijl was van belang. Hij beheerste nu het oostelijk Middellandse-Zeebekken tussen Donau, Sahara en Eufraat, en tot de opkomst van de islam, een millennium later, zou het gebied worden bestuurd door een Griekssprekende overheid. Alexandrië zou nog eeuwen hét culturele centrum zijn.

Samaria

Het leger maakte zich al op voor de terugweg toen Alexander vernam dat de bewoners van Samaria in opstand waren gekomen. Een mars door de Sinaï moest echter worden uitgesteld vanwege een persoonlijk drama aan het Macedonische hof. Parmenions zoon Hektor, een dierbare vriend van Alexander, verdronk in de snelstromende Nijl toen zijn boot kapseisde. Pas nadat hij was begraven op een wijze die in overeenstemming was met de status van zijn vader, werd de opmars hervat.

Tot dit moment kunnen Alexanders acties worden getypeerd als een vorm van voorwaartse verdediging en dus, in wezen, als defensief. Door de Fenicische havensteden te veroveren had hij een Perzische vlootexpeditie naar het Egeïsche-Zeegebied onmogelijk gemaakt, terwijl de annexatie van Samaria en Juda noodzakelijk was geweest om Fenicië te beveiligen. Alexander maakte zich nu op om het Perzische Rijk zélf aan te vallen. Dat was een keerpunt in de oorlog. De Macedoniërs waren vanaf nu in het offensief.

[Een overzicht van alle blogjes over Alexander de Grote is hier.]

#AgisIII #AlexanderDeGrote #Alexandrië #Antipatros #Didyma #Doloaspis #FilipposII #HekataiosVanAbdera #Herakles #Kallisthenes #KleomenesSatraap #Memfis #Milete #Nijl #Perseus #Petosiris #Ploutarchos #Ra #Siwa #Sparta

Alexander de Grote in Egypte (2)

De Nijl

Vorige maand blogde ik over de wijze waarop Alexander de Grote in Egypte was aangekomen en hoe hij zijn best had gedaan zich als vrome Egyptische vorst te presenteren. Dat was in november of december 332 v.Chr. en we weten niet waar Alexander de winter doorbracht. Zijn Romeinse biograaf Curtius Rufus vermeldt terloops dat de Macedonische veroveraar de Nijlvallei verkende, en hoewel geen enkele andere bron dit bevestigt, kan het waar zijn. Er was in elk geval voldoende tijd.

Nijlcruise?

De Macedonische koning liet een kapel inrichten in een van de tempels van Amun in Thebe, terwijl een inscriptie uit het stroomopwaarts gelegen Edfu melding maakt van de bouwactiviteiten van de “geliefde van Amun en uitverkorene van Ra”. De twee getuigenissen bewijzen niet onomstotelijk dat Alexander zo zuidelijk kwam, maar uitgesloten is een Nijlcruise ook niet, al was het maar omdat de Macedonische koning in Thracië en Illyrië de gewoonte al had ontwikkeld persoonlijk de grenzen van zijn rijk te inspecteren.

Bovendien was een farao aan zijn reputatie verplicht zijn gezicht te laten zien aan de grens met Nubië, om vervolgens te claimen dat hij “de vreemde landen in het zuiden respect voor Horus had bijgebracht en ze had gepacificeerd”. De Perzische veroveraar Kambyses had hetzelfde gedaan. Vaak was zo’n bezoek niet meer dan symbolisch, maar het is opmerkelijk dat juist de Egyptische heersers in de vierde eeuw v.Chr. er serieus werk van maakten en hun aanwezigheid toonden met een uitgebreid bouwprogramma. Alexander kan in hun voetsporen zijn getreden.

Thebe

Naar Siwa

In het voorjaar van 331 v.Chr. was Alexander in elk geval in Memfis, vanwaar hij met een klein leger verder wilde gaan naar het orakel van de god Ammon in de noordoostelijke Sahara. Hoewel het noch in de Oudheid noch in onze tijd aan speculaties heeft ontbroken, is onbekend welke vraag Alexander ertoe bewoog naar de oase van Siwa te trekken om een bezoek te brengen aan dit bonafide maar nogal afgelegen orakel. Zo’n vraag zou kunnen zijn of hij moest ingaan op het al genoemde vredesaanbod van de Perzische koning Darius III, of dat hij werkelijk kon geloven dat hij, zoals de Egyptenaren beweerden, de zoon was van de oppergod.

Misschien was er ook wel geen vraag en was de expeditie naar de oase een militaire oefening ter voorbereiding op de aanval op het land ten oosten van de Eufraat. De Macedoniërs hadden immers geen ervaring met oorlogvoering in de woestijn. Wellicht wilde Alexander, zoals altijd theatraal, de wereld tonen dat Macedoniërs dingen vermochten die de Perzen niet lukten, want Kambyses had volgens Herodotos ooit een leger verloren in de Libische woestijn. Of misschien wilde Alexander wel gewoon genieten van het lege landschap. Het hele bezoek aan Egypte, dat geen urgent militair doel diende, ademt een sfeer van onbezorgd toerisme. En de Macedoniërs zouden vanzelfsprekend niet de laatsten zijn die de bewoners van noordelijk Afrika verbaasden met hun liefde voor de woestijn.

De eenvoudigste weg naar Siwa was die langs de kust, en dus voer het gezelschap de westelijke tak van de Nijl af om aan te komen bij een lagune bij de riviermonding. Arrianus vertelt:

Toen hij die had rondgevaren, ging hij aan land op de plaats waar nu de naar hem genoemde stad Alexandrië ligt. Het kwam hem voor dat die plaats bij uitstek geschikt was om een stad te stichten, en dat die stad heel welvarend zou kunnen worden. noot Arrianus, Anabasis 3.1.5; vert. Simone Mooij.

Het idee om daar een stad te stichten kwam niet uit de lucht vallen. Farao Psamtek I had Egypte in de zevende eeuw opengesteld voor Griekse kooplieden en had Grieken en Kariërs in dienst genomen als huurlingen. Sindsdien waren de contacten alleen maar intensiever geworden. Het economische en politieke zwaartepunt van Egypte was zo naar het noordwesten verschoven. Alexanders voornemen in deze regio een havenstad te stichten was een voortzetting van wat inmiddels traditioneel Egyptisch beleid was.

De kustweg bij El Alamein

Vanaf de plaats waar Alexandrië zou verrijzen trok het legertje naar het westen, waar het stuitte op een gezelschap uit de Griekse steden in de Cyrenaica, die zich aan de Macedoniërs kwamen onderwerpen. Vervolgens trok Alexander de woestijn in.

[Wordt vervolgd. Een overzicht van alle blogjes over Alexander de Grote is hier.]

#alexanderDeGrote #alexandrie #ammon #amun #arrianus #dariusIiiCodomannus #edfu #herodotosVanHalikarnassos #kambyses #memfis #nektaneboIi #nijl #psamtekI #quintusCurtiusRufus #siwa #thebeEgypte

Alexander de Grote in Memfis

De Apis (Liebieghaus, Frankfurt)

In het vorige blogje vertelde ik dat Alexander de Grote zich eind november, begin december 332 v.Chr. vrij eenvoudig meester maakte van Pelousion, de oostelijke tak van de Nijl en Heliopolis. Even verderop lag de oeroude hoofdstad Memfis, die de eenheid symboliseerde van Nijldelta en Nijldal. In het deel van het stadscentrum dat bekendstond als Inebu-hedj, “het witte fort”, loste een Macedonisch garnizoen de laatste Perzische troepen af.

Vermoedelijk bleven zij in Egypte en traden ze in dienst van Alexander. Dat deed in elk geval een zekere Doloaspis, een man met een Iraanse naam die door de geschiedschrijver Arrianus ten onrechte wordt aangeduid als Egyptenaar. Na Alexanders vertrek deelde Doloaspis de hoogste macht met Petosiris, de hogepriester van de god Thoth, en toen zijn collega aftrad, werd Doloaspis satraap van zowel Beneden- als Boven-Egypte.

Het graf van Petosiris

Memfis

In Memfis bezocht de Macedonische koning de tempel van de god Ptah, de Hut-ka-Ptah. Het heiligdom was zo beroemd dat zijn naam, verbasterd tot Aigyptos, al in de tijd van Homeros door de Grieken werd gebruikt als aanduiding van het hele land aan de Nijl. Zij stelden Ptah, die de ambachtslieden beschermde, gelijk aan hun eigen god Hefaistos, maar ter plekke werd hij vooral beschouwd als een schepper-god die nog ouder was dan de Ra-Atum van het rivaliserende Heliopolis. Elders in Egypte bleef de Heliopolitaanse scheppingsmythe echter populairder dan het Memfitische verhaal. Terwijl de Heliopolitaanse Ra traditioneel gold als beschermer van het koningschap en dus van de Egyptische staat, heeft niet één farao zich ooit gepresenteerd als beschermeling van Ptah.

Zo bezien is het wat merkwaardig dat Alexander, toen hij de macht in Egypte had overgenomen, zijn respect betuigde aan de stier Apis, een van de manifestaties van deze god:

In Memfis bracht hij offers aan de goden, met name aan de heilige stier Apis, en organiseerde wedstrijden in atletiek en de muzische kunsten; de beroemdste atleten en kunstenaars waren daarvoor uit Griekenland gekomen.noot Arrianus, Anabasis 3.1.4; vert. Simone Mooij.

Een offer aan Ra of een traditionele koningskroning in Heliopolis zouden handiger zijn geweest om de inheemse bevolking te tonen dat de nieuwe koning hun beschaving met respect bejegende. Het eerbewijs voor de Apis illustreert dat Alexander, zelfs als hij zich aan de Egyptenaren als een der hunnen wilde presenteren, bleef denken vanuit een Grieks kader. Herodotos had (overigens ten onrechte) beschreven hoe de Perzische veroveraar Kambyses in 525 de Apis had verwond, en sindsdien overschatten de Grieken het belang van het heilige dier en de Ptah-cultus enigszins. Ook sportwedstrijden en kunstenaarscompetities waren Griekse, geen Egyptische, gebruiken. Het goedbedoelde feest in Memfis zal zeker enige sympathie bij de Egyptenaren hebben opgeroepen, maar moet ook aanleiding zijn geweest voor verbaasd commentaar.

Zoon van de zon

Toen de Macedonische koning enkele Egyptische koningstitels aannam, doorbrak hij opnieuw de verwachtingen. De farao voerde naast zijn persoonsnaam vier titels en de laatste heersers van het onafhankelijke Egypte hadden deze traditie in ere gehouden. Alexander nam alleen de eerste en vierde titel aan. Hij was nu “de Horus, beschermer van Egypte” en de “geliefde van Amun, uitverkorene van Ra”. De enige vorsten die dezelfde selectie van twee titels hadden gemaakt, waren Kambyses en Darius de Grote, en de vraagt komt op of Alexander zich misschien door een Pers als Doloaspis heeft laten adviseren.

Met het aannemen van deze titels verkreeg Alexander ook de bijzondere rang van “zoon van de zon”, waaraan hij grote betekenis hechtte. Volgens de gebruikelijke genealogie stamde het Macedonische koninklijk huis via Herakles af van Zeus, maar er bestond een tweede traditie, die de dynastie in verband bracht met de zonnegod. Herodotos vermeldt dat de Zon de grondlegger van de Macedonische koninklijke familie ooit speciaal had beschermd; in de koninklijke graven van Vergina zijn afbeeldingen gevonden van een zestienpuntige zon; en Alexander schreef Darius eens dat de aarde geen twee zonnen duldde.

De Zon van Vergina (Archeologisch Museum, Thessaloniki)

De oppergod en zonnegod waren dus al belangrijk voor de Macedonische koning voor hij aankwam in Egypte, waar deze twee goden niet alleen identiek bleken te zijn, maar de vorst bovendien gold als zoon van het opperwezen. Alexander zou zich voortaan “zoon van Zeus” kunnen noemen. Misschien aarzelde hij nog even omdat ook hij zich realiseerde dat het aanmatigend kon overkomen, maar korte tijd later zou er iets gebeuren dat alle schroom wegnam. Daarover volgende maand.

[Een overzicht van blogjes over Alexander de Grote is hier.]

#AlexanderDeGrote #Apis #Arrianus #DariusIDeGrote #DariusIIICodomannus #Doloaspis #Hefaistos #Heliopolis #Herakles #HerodotosVanHalikarnassos #KambysesII #koningsideologie #Memfis #Nijl #Petosiris #Ptah #Ra #Thoth #ZonVanVergina

Alexander de Grote in Egypte

Alexander als farao (Liebieghaus, Frankfurt)

In onze reeks over Alexander de Grote waren we gekomen bij de opmars naar Egypte. Het laatste militaire obstakel was Gaza geweest en een korte operatie richting Jeruzalem had de flank beveiligd. In november 332 v.Chr. marcheerden de Macedoniërs de Sinaï in. Ze hadden in de voorgaande weken kunnen wennen aan het woestijnlandschap, maar de tweehonderd kilometer lange mars over het strand langs de schaars begroeide zandduinen zal hen toch hebben verrast.

Het was echter geen overdreven moeilijke tocht. Langs de moderne weg kan op acht plaatsen water worden gevonden en hoewel dat een beetje brak is, moet er ook destijds groenvoer voor de paarden en muildieren hebben gegroeid. Voor het eerst ondervonden de Macedoniërs hoe nuttig dromedarissen waren. Ze aten alleen woestijngras, kruiden en twijgjes, die ze overal in de woestijn konden vinden. Fenicische transportschepen voeren langs de kust en zorgden ervoor dat het de Macedoniërs niet ontbrak aan zoet water en voedsel.

Alexander, Parmenion en de andere stafleden zullen zich in deze tijd hebben laten voorlezen uit Herodotos’ Historiën. Ruim een eeuw daarvoor had de Griekse onderzoeker het land aan de Nijl bezocht en nuttige informatie opgeschreven over de geografie van Egypte, de gewoonten van de bewoners en de Perzische verovering in 525 v.Chr. door koning Kambyses. Die was – althans volgens Herodotos – gek geworden en had de heilige Apis-stier gedood.

Pelousion

Eind november bereikten de soldaten het noordoosten van de Nijldelta bij de zwaar versterkte stad die de Grieken Pelousion noemden, “kleistad”, naar het meest opvallende kenmerk van het landschap voor wie uit de woestijn kwam. Kambyses had moeten vechten om de stad, maar dit keer capituleerde het garnizoen onmiddellijk. De geschiedschrijver Arrianus weet:

Omdat Mazakes, de Pers die door Darius tot satraap van Egypte benoemd was, niet over Perzische troepen beschikte, ontving hij Alexander als vriend in stad en land. Alexander legerde een garnizoen in Pelousion en beval de vloot stroomopwaarts te varen tot de stad Memfis.noot Arrianus, Anabasis 3.1.2-3; vert. Simone Mooij.

Mazakes kon weinig anders. Anderhalf jaar eerder had Darius III het Egyptische garnizoen opgeroepen voor de campagne tegen Alexander. Het contingent had zich doodgevochten bij Issos. Niet veel later was een Macedoniër in Perzische dienst met vierduizend Griekse huurlingen naar Egypte gevaren, zeggend dat hij door de grote koning was aangewezen als satraap. Dat was uitgelopen op een gewapend conflict met Mazakes, die weliswaar had gewonnen, maar wiens toch al kleine Perzische garnizoen nog verder was uitgedund.

Mazakes kon bovendien niet rekenen op de steun van de Egyptische bevolking, die zich de regering van de laatste farao Nektanebo II (Nakhthoreb) herinnerde en nog maar vier jaar eerder de opstand had gesteund van een zekere Chababash. En dus gaf Mazakes Pelousion zonder slag of stoot over aan de Macedoniërs.

Langs de Nijl

Na de inspanningen bij Tyrus en Gaza was de verovering van Egypte een even eenvoudig als spectaculair succes. Al in de zevende eeuw had farao Psamtek I Griekse huurlingen in dienst genomen en maatregelen getroffen om de handel te bevorderen. Grieken die het land bezochten keerden vol bewondering terug, zoals Herodotos, die opmerkte dat in geen land ter wereld zoveel bezienswaardigheden waren en men nergens zulke onbeschrijflijk mooie gebouwen aantrof. Hij en zijn landgenoten bewonderden vooral de ouderdom van de Egyptische beschaving en haar kennis van de wereld van het goddelijke.

Zelf beschouwden de Grieken zich als kinderen – jong van geest maar zonder oude tradities, zonder wijsheid en zonder betrouwbare kennis. Waarschijnlijk mede daarom zou Alexander een bezoek brengen aan het orakel van Ammon, dat een solide reputatie bezat van onfeilbaarheid. Gegeven de interesse die de Grieken en Macedoniërs al hadden voor het oudste land ter wereld, was de bezetting ervan een prachtige publiciteitsstunt.

Langs de oostelijke tak van de Nijl trokken de Macedonische vloot en het leger in de richting van het huidige Caïro, waar destijds de Egyptische steden Mennefer en Iunu lagen, door de Grieken aangeduid als Memfis en Heliopolis, “Zonnestad”. Geen van onze bronnen maakt veel woorden vuil aan de opmars, hoewel de Macedoniërs onderweg de vesting Boubastis passeerden, de stad van de godin Bastet, strategisch gelegen op de plaats waar het kanaal van de Nijl naar de Rode Zee begon. Herodotos meende dat de tempel een van de meest bezienswaardige plaatsen in Egypte was en het staat vast dat de laatste farao’s er een eer in stelden deze plaats verder te verfraaien. Het zwijgen van onze auteurs suggereert dat Alexander geen belang stelde in de mooie stad.

Heliopolis

Twee dagen later bereikten de Macedoniërs Heliopolis, een van de heiligste steden in het land van de Nijl, gewijd aan verschillende manifestaties van de zonnegod Ra. Volgens de mythe was deze ooit als Ra-Atum opgerezen uit de voorwereldlijke chaos en had hij daarop het eiland vervaardigd waarop de zonnetempel zou staan. Vervolgens had hij het licht geschapen door de vorm aan te nemen van een vuur dat brandde in een heilige boom, die eveneens werd aangewezen in Heliopolis. Later was de zonnegod in de gedaante van een schitterende vogel, de bennu, neergestreken op een monoliet die ook al te zien was in Heliopolis. Daar masturbeerde hij en bracht zo Shu voort, de god van de door de zon bestraalde lucht, om vervolgens uit zijn braaksel Tefnut te scheppen, de godin van de dauw. De twee kinderen verwekten op hun beurt Nut en Geb (“Moeder Hemel” en “Vader Aarde”) die vervolgens Osiris, Isis, Seth en Nefthys voortbrachten. De god Horus, ten slotte, gold als kind van Isis en Osiris. Het was allemaal gebeurd in Heliopolis.

De Grieken kenden deze verhalen en begrepen het belang van de tempel. Herodotos vermeldde de offers en beschreef de monoliet waarop de bennu was neergestreken. Al eerder had deze vogel, aangeduid als de feniks, zijn intrede gedaan in de Griekse mythologie. Alexander negeerde het allemaal en lijkt alleen in Heliopolis geïnteresseerd te zijn geweest omdat hij daar de Nijl kon oversteken.

[Wordt morgen vervolgd. Een overzicht van alle blogjes over Alexander de Grote is hier.]

#AlexanderDeGrote #Ammon #Apis #Arrianus #bennu #Boubastis #Chababash #DariusIIICodomannus #dromedaris #feniks #Heliopolis #HerodotosVanHalikarnassos #KambysesII #Mazakes #Memfis #NektaneboII #Nijl #Pelousion #PsamtekI #Ra