Alexander de Grote in Alexandrië

Alexander als stichter van Alexandrië (Louvre, Parijs)

Vorige maand blogde ik over het bezoek dat Alexander de Grote bracht aan de oase van Siwa, waar hij het orakel van Ammon bezocht en ongevraagd vernam dat hij de zoon van Zeus was. Na deze gebeurtenis keerde hij naar de kust terug, naar de plek waar hij een stad wilde stichten.

Alexandrië

De stedenbouwkundige Deinokrates van Rhodos had voorbereidingen getroffen en op 7 april 331 v.Chr. voltrok Alexander het stichtingsritueel van de nieuwe stad, die wel eens wordt getypeerd als zijn meest duurzame erfenis. Voor het moment was Alexandrië echter vooral een instrument om de graanhandel met de Griekse wereld te controleren, en uit verschillende contemporaine teksten blijkt dat de administrateur van Egypte, Kleomenes, de Grieken inderdaad fikse bedragen liet betalen voor het Egyptische graan.noot Aristoteles, Oikonomikos 1352a17ff en 1352b13ff; Demosthenes, Redevoering 56.7-8.

Na de stichting van Alexandrië voer Alexander de Nijl op voor een laatste bezoek aan de Egyptische hoofdstad Memfis, waar versterkingen bleken te zijn aangekomen.

De door Alexander gebouwde muur om Alexandrië

Nieuws uit Griekenland

Er waren ook ambassadeurs, die sensationeel nieuws meebrachten, dat we kennen uit een fragment uit het boek Alexanders daden, geschreven door ’s konings hofpropagandist Kallisthenes. In de tempel van Didyma bij Milete

zou de bron weer zijn gaan vloeien, hoewel Apollo het orakel had verlaten sinds de tempel ten tijde van Xerxes was geplunderd. … Ook zouden gezanten uit Milete veel uitspraken van orakels naar Memfis hebben overbracht, over Alexanders afstamming van Zeus, zijn toekomstige overwinning bij Gaugamela, de dood van Darius en de opstandige bewegingen in Sparta. … Verder zou de profetes van Erythrai een uitspraak hebben gedaan over de hoge geboorte van Alexander.noot Kallisthenes, FGrH 124 fr.14; vert. Simone Mooij.

Hoewel tijdgenoten anders wilden geloven, was dit helemaal zo wonderbaarlijk niet. Er waren ruim drie maanden verstreken sinds Alexander in Memfis voor het eerst was erkend als zoon van Ra, en dat liet genoeg tijd om het nieuws te verspreiden naar Milete en het daar vlakbij gelegen Erythrai. Toen de door de Macedoniërs in het zadel geholpen autoriteiten begrepen dat Alexander niet onwelwillend stond tegenover de adoptie van een extra vader, hadden zij de gewenste voorspellingen “geregeld”.

Vanaf dit moment moeten allerlei verhalen de ronde zijn gaan doen, want op een of andere manier moest toch het dubbele vaderschap worden verklaard. De Grieks-Romeinse auteur Ploutarchos vertelt dus dat Filippos na zijn huwelijk met Olympias in een droom de geboorte van een zoon met de aard van een leeuw was voorspeld, en dat iemand had gezien dat Olympias sliep met een slang, die een manifestatie van de Egyptische god zou zijn. Volgens een ander gerucht was de Macedonische koning naar Siwa gegaan omdat zijn voorouders Herakles en Perseus dit ook hadden gedaan, en had hij ontdekt dat zij zijn halfbroers waren. Wat Alexander ervan dacht is onbekend maar hij sprak de geruchten niet tegen.

Sparta

De gezanten die meldden dat de Griekse orakels Alexander hadden erkend als zoon van Zeus, vertelden tevens dat de Spartaanse koning Agis III, die Kreta had bezet met hulp van de Griekse huurlingen die bij Issos voor Darius hadden gevochten, inmiddels was begonnen met de voorbereiding van een grotere rebellie. Daarvoor had hij Perzisch goud aangenomen. Omdat nog onduidelijk was waar dit op zou uitdraaien, kon Alexander geen tegenmaatregelen nemen, maar hij stuurde wel enorme bedragen naar Macedonië, waar zijn gouverneur ter plekke, Antipatros, huurlingen begon te werven.

Bestuurlijke maatregelen

Alvorens Alexander naar Azië kon terugkeren om de strijd tegen Darius te hernemen, moest hij het bestuur van Egypte regelen. De nieuwe bestuurders waren, zoals we al zagen, de Pers Doloaspis en de Egyptenaar Petosiris, maar met een staf zó vol Europeanen dat hun feitelijke gezag beperkt was. Het lijkt erop dat toen Petosiris aftrad, Kleomenes grotere bevoegdheden kreeg om te voorkomen dat een niet-Europeaan werkelijk macht zou krijgen.

Desondanks waren de benoemingen van de Pers en de Egyptenaar belangrijk. Dat Alexander Doloaspis een bestuursfunctie toekende, bewijst dat hij al bereid was Perzen in het bestuur op te nemen. Tijdens de tweede helft van zijn regering zou dit op grote schaal gebeuren. Voor het moment was het echter niet meer dan een tactisch signaal aan de Perzische adel: als ze Darius in de steek zouden laten en naar Alexander overliepen, wachtte hun geen slecht lot. Het is overigens de vraag of het signaal overkwam. In elk geval leidde de aanstelling van Doloaspis niet tot massale desertie.

Zo eindigde het bezoek aan Egypte zonder dat de veroveraars veel nieuws hadden ontdekt. Ze moeten in de tempels de mythen hebben gehoord waar ze benieuwd naar waren geweest, maar lieten zich er verder weinig aan gelegen liggen, zelfs als zo’n verhaal raakvlakken had met de Griekse filosofie. Het was voorbehouden aan een van Alexanders officieren, Hekataios van Abdera, om de oude beschaving de komende jaren grondiger te onderzoeken en de nieuwsgierige Europeanen op de hoogte te stellen van de Egyptische godenverhalen.

Maar ook al was de kennismaking met Egypte oppervlakkig geweest, Alexanders bezoek aan het land van de Nijl was van belang. Hij beheerste nu het oostelijk Middellandse-Zeebekken tussen Donau, Sahara en Eufraat, en tot de opkomst van de islam, een millennium later, zou het gebied worden bestuurd door een Griekssprekende overheid. Alexandrië zou nog eeuwen hét culturele centrum zijn.

Samaria

Het leger maakte zich al op voor de terugweg toen Alexander vernam dat de bewoners van Samaria in opstand waren gekomen. Een mars door de Sinaï moest echter worden uitgesteld vanwege een persoonlijk drama aan het Macedonische hof. Parmenions zoon Hektor, een dierbare vriend van Alexander, verdronk in de snelstromende Nijl toen zijn boot kapseisde. Pas nadat hij was begraven op een wijze die in overeenstemming was met de status van zijn vader, werd de opmars hervat.

Tot dit moment kunnen Alexanders acties worden getypeerd als een vorm van voorwaartse verdediging en dus, in wezen, als defensief. Door de Fenicische havensteden te veroveren had hij een Perzische vlootexpeditie naar het Egeïsche-Zeegebied onmogelijk gemaakt, terwijl de annexatie van Samaria en Juda noodzakelijk was geweest om Fenicië te beveiligen. Alexander maakte zich nu op om het Perzische Rijk zélf aan te vallen. Dat was een keerpunt in de oorlog. De Macedoniërs waren vanaf nu in het offensief.

[Een overzicht van alle blogjes over Alexander de Grote is hier.]

#AgisIII #AlexanderDeGrote #Alexandrië #Antipatros #Didyma #Doloaspis #FilipposII #HekataiosVanAbdera #Herakles #Kallisthenes #KleomenesSatraap #Memfis #Milete #Nijl #Perseus #Petosiris #Ploutarchos #Ra #Siwa #Sparta

Diodoros van Sicilië

Kleio, de beschermgodin van de historische wetenschappen (Altes Museum, Berlijn).

Hé, dat is leuk: er is een Nederlandse vertaling verschenen van de Grieks-Romeinse geschiedschrijver Diodoros van Sicilië. Dit is om twee redenen fijn. Eén, Diodoros is geen auteur die al vaker vertaald is, zoals Homeros of de Griekse tragici. Classicus Gerard Janssen ontsluit een stukje Oudheid dat voor het publiek nog onontsloten was. Twee, het gaat niet om een tekst die alleen specialisten interesseert. Diodoros, die leefde toen Rome rond het midden van de eerste eeuw v.Chr. de Mediterrane wereld verenigde, biedt zijn lezers een alleszins boeiend verhaal over de geschiedenis van de gehele wereld.

De kwaliteit van Diodoros  boek is zo goed als zijn bronnen. Diodoros heeft veel oudere teksten gelezen en naverteld. Hij claimt geen originaliteit en noemde zijn werk dan ook De bibliotheek of, in de weergave van Janssen, Archief van de geschiedenis. Diodoros vat dus oudere bronnen samen en zijn selectie bewijst dat hij niet onverdeeld positief was over de Romeinse heerschappij. Hij zal nooit nalaten te wijzen op de wreedheid, roofzucht en verdorvenheid van de Romeinen. Als Siciliaan kon hij ervan meepraten.

Inhoud

Het Archief van de geschiedenis was, in Diodoros eigen woorden, “een enorme klus”, die bestond uit veertig boeken, waarvan 1-5 en 11-20 volledig bewaard zijn. De eerste vijf boeken gaan over de eerste beschavingen: Egypte, Assyrië, de Griekse heldentijd. Tot de geraadpleegde bronnen behoren Hekataios van Abdera, Ktesias, Megasthenes, Dionysios Skytobrachion (“met de leren arm”), Timaios en de Euhemeros over wie ik al vaker blogde. Dit is materiaal dat verder slecht is overgeleverd en daarom belangrijk is. Zo heeft de Nederlandse oudhistoricus Jan P. Stronk aan de hand van onder andere het door Diodoros overgeleverde materiaal, het halfvergeten oeuvre van Ktesias kunnen afstoffen (meer).

Diodoros boeken 11-15 zijn gebaseerd op Eforos van Kyme en behandelen de geschiedenis van het klassieke Griekenland. En wat is het heerlijk dat we nu eens niet het relaas van een Herodotos, een Thoukydides en een Xenofon te hebben, maar een doorlopend verhaal – het enige doorlopende verhaal! – van een andere auteur. De boeken 16-20 gaan over Filippos van Macedonië (opnieuw uniek materiaal), Alexander de Grote en de Diadochen. Eersteklas materiaal.

Diodoros onderbreekt dat verhaal met wat buiten Griekenland gebeurde. Het is immers wereldgeschiedenis. Helaas heeft hij de problemen van de Romeinse chronologie niet goed begrepen, want hij creëert het ene na het andere verkeerde synchronisme. Tegelijk is zijn magistratenlijst wel de beste die we hebben. Zijn beschrijving van de vroege Romeinse geschiedenis is dus waardevol om naast de standaardtekst, Livius, te leggen.

De tweede helft van het Archief van de geschiedenis vertelde het verhaal van het hellenisme en de opkomst van Rome. Nu werden geografisch verspreidde processen één proces. Er zijn fragmenten bekend uit Byzantijnse uittreksels. Wat ik zag van Diodoros’ verslag van de Eerste Punische Oorlog, was heel fragmentarisch maar niet elimineerbaar.

Beoordeling

De grote Altertumswissenschaftler van weleer, zoals Theodor Mommsen, hebben Diodoros bekritiseerd, die een onkritische uittrekselmaker zou zijn. Nu maakt de Siciliaan inderdaad wel vreemde fouten, maar toch is de kritiek niet helemaal terecht. De Siciliaan deed precies dat wat hij beoogde: een makkelijk toegankelijke wereldgeschiedenis vervaardigen. Een bibliotheek, een archief. En hij weet hoe hij een verhaal moet vertellen. Hij was een geschiedschrijver, geen geschiedvorser, en zeker geen historicus in de normale zin des woords. (De Oudheid heeft sowieso alleen met Appianus iemand voortgebracht die voldoende begreep van causaliteit.)

Niet dat Diodoros, schoongewassen van slecht gerichte kritiek, ineens de ideale geschiedschrijver is. Hij heeft een bovengemiddeld hoog professioneel zelfbeeld. Zo meent hij dat de geschiedschrijver, doordat hij eerdere ervaringen doorgeeft en mensen over deugden en rechtvaardigheid instrueert, een weldoener is voor de samenleving. Diodoros, die een vermogend man met een aanzienlijke bibliotheek moet zijn geweest, was zo bezien een gewone antieke aristocraat die zijn verantwoordelijkheid nam voor de gemeenschap. De jargonterm is évergetisme.

De vertaling

Ik ben geen classicus en wil over de kwaliteit van de vertaling niet méér zeggen dan dat ’ie vlot wegleest. Verder ben ik blij dat er beeldmateriaal is en wat annotatie. Dat verheldert een hoop. U denkt dat zulks logisch is, maar helaas is dat bij klassieke teksten niet altijd het geval. Ooit hadden we een Baskerville-reeks van te chique uitgegeven boeken zonder beeldmateriaal, waarvan je je afvroeg wat je er eigenlijk aan had. U leest een boek immers om geïnformeerd te worden, niet als lifestyle-attribuut. De door Janssen gemaakte vertaling is tenminste gericht op informeren.

Er is dus veel goeds te zeggen over het Archief van de geschiedenis. Inmiddels zijn twee boeken verschenen, samen de boeken 1 tot en met 5 plus de fragmenten van de boeken 6 tot en met 10. Die doen vooruitzien naar de klassieke geschiedenis.

Het grote publiek

Het is echter jammer dat Janssen op de door hem geserveerde taart spuugt door de twee verschenen delen af te ronden met appendices waarin hij uitlegt dat de Ilias en de Odyssee zich afspelen op de Atlantische Oceaan. Dit is klinkklare kwakgeschiedenis. Omdat ik dat al eens inhoudelijk heb uitgelegd, laat ik dat nu rusten.

Maar dus afgezien van de inhoudelijke onjuistheid: hoe maak je een boek voor het grote publiek, zoals een vertaling, als je weet dat je een sterk van de consensus afwijkende mening hebt? Als geschoold classicus weet Janssen hoe laag de drempel voor de peer review inmiddels ligt. Hij weet dus ook dat als een theorie nooit wetenschappelijk is gepubliceerd, ze echt heel omstreden moet zijn. En hij weet dat hij, door haar desondanks te verdedigen, een minderheidspositie inneemt. Wat te doen? Zijn oordeel verzwijgen is vanzelfsprekend niet integer. Het publiek verdient eerlijkheid. Maar het omgekeerde, wél spreken en het publiek een oordeel opdringen waarvan je weet dat het omstreden is, brengt het risico van misleiding met zich mee. In dit dilemma kiest Janssen voor het risico, maar dat is helemaal niet nodig.

De koninklijke weg in dit soort situaties is dat je je afwijkende mening benoemt, verwijst naar verdere literatuur, en verder de mainstream volgt. Een voorbeeld is het beroemde The Black Pharaohs van Robert Morkot, die een aanhanger is van een alternatieve IJzertijdchronologie (die overigens wél door de peer review is gekomen), maar in zijn boek de gangbare dateringen gebruikt. De ins en outs van een wetenschappelijk dispuut zijn bij eerstelijnsvoorlichting, zoals bij vertalingen, immers niet aan de orde. Voor methodische problemen hebben we de tweede lijn.

Dat gezegd hebbende: het is fijn dat we Diodoros erbij hebben in onze eigen mooie taal. Scheur de laatste bladzijden eruit, maak er papieren vliegtuigen van, en geniet van de rest.

#AlexanderDeGrote #antiekeGeschiedschrijving #évergetisme #chronologie #Diadochen #DiodorosVanSicilië #DionysiosSkytobrachion #EforosVanKyme #Euhemeros #FilipposII #GerardJanssen #HekataiosVanAbdera #HerodotosVanHalikarnassos #JanPStronk #Ktesias #kwakgeschiedenis #Megasthenes #RobertMorkot #TheodorMommsen #Thoukydides #TimaiosVanTauromenion #VarroniaanseChronologie #Xenofon