Er is over een tijdje nog een coda, maar feitelijk rond ik vandaag met het 175e blogje in de reeks #RealTimeCaesar een vijfjarig project af. Wie was #JuliusCaesar? De hamvraag: wordt geschiedenis gemaakt door sociaalculturele processen of toch "grote mannen"?

https://mainzerbeobachter.com/2026/03/21/wie-was-julius-caesar-3/

Wie was Julius Caesar? (3)

Julius Caesar (Altes Museum, Berlijn)

[De reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” loopt ten einde. Het eerste deel van de slotevaluatie was hier.]

Individu en proces

Ik heb het verhaal van de Tweede Burgeroorlog verteld aan de hand van enkele individuen. Of beter: één “grote man” en een reeks bijfiguren. Voor deze vorm van grotemannengeschiedenis valt iets te zeggen. Je kunt er in elk geval 176 blogjes over schrijven en ik weet dat veel volgers van deze blog de nu ten einde lopende reeks hebben gewaardeerd.

Historici hebben echter lang gediscussieerd over de vraag of geschiedenis wordt gemaakt door individuen, “grote mannen” dus, of door processen en structuren. Uiteraard valt er voor allebei iets te zeggen en dat is ook nu het geval. De processen waarmee de monarchie zou ontstaan, bestonden al vóór Caesar. Niet dat de monarchie onvermijdelijk was, maar de processen liepen, om zo te zeggen, in een zekere richting.

Ceteris paribus zou de partij winnen met de meeste soldaten, en dat zou de partij zijn die het burgerrecht het kwistigst uitdeelde. En degene die won, zou een autocratie stichten: controlerende machten als de Volksvergadering en de Senaat waren dan immers gebroken. De nieuwe autocratie zou zijn gebaseerd op soldaten uit de provincie, en in die zin was de monarchie, met een woord van de Britse oudhistoricus Ronald Syme, de wraak van het imperium.

De Lex Roscia was beslissend. Daarmee kreeg Julius Caesar de meeste soldaten en daardoor behaalde hij de overwinning. Niet dat Caesar heeft geweten dat hij daarmee een beslissing nam over de toekomst van het Mediterrane wereldrijk. Voor hem was de Lex Roscia slechts een middel om een onmiddellijke militaire crisis op te lossen. Maar hij zette de stap.

Wie was Julius Caesar?

Tegelijkertijd: terwijl de processen deze kant op liepen, waren er momenten waarop individuele keuzes verschil maakten. Caesar had om het leven kunnen komen in Alexandrië. Het heeft er bij Munda om gespannen. En hij had ook de aanslag in Rome kunnen overleven. De monarchie zou dan op een andere manier zijn gegroeid.

Wat Caesars eigen rol was? Ik denk dat we die het meeste zien in zijn bestuursmaatregelen. Hij wilde kunnen besturen, was rusteloos in zijn wetgevende activiteit en was bereid tot hervormingen. Een Pompeius zou dat waarschijnlijk ook hebben gedaan – ook hij was een creatief bestuurder.

Vervalste munt uit 46 v.Chr.: bewijs voor de economische problemen (Münzkabinett, Dresden)

Uiteindelijk faalde Caesar. Het is een misverstand dat hij vrede schiep, want op het Iberische Schiereiland en in Syrië waren nog steeds verzetshaarden. De bevolking leed onder enorme fiscale en financiële problemen. Hij deed echter zijn best om een bestuursvorm te vinden die voor iedereen aanvaardbaar was. Daarbij nam de dictator enorme risico’s: hij ontsloeg zijn lijfwacht en weigerde, toen hij wist van de samenzwering, meer te doen dan te zeggen dat hij ervan wist. Zijn permanente dictatuur mocht niet berusten op een systeem van verklikkers en informanten.

Maar hij kon het wantrouwen niet wegnemen en hij werd vermoord. De misdaden waarmee hij zijn regime had gevestigd, waren niet vergeten en de republikeinse sentimenten waren te sterk. Veel van zijn hervormingen bleven staan, maar na de dood van de militaire potentaat resteerden alleen nog nieuwe burgeroorlogen.

[Er is nog één stukje over Julius Caesar, een coda. Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

#RealTimeCaesar #2069JaarGeleden #grotemannengeschiedenis #individuEnProces #JuliusCaesar #LexRoscia #monarchie #RonaldSyme #TweedeBurgeroorlog #volksvergadering

De afgelopen vijf jaar blogde ik "in real time" over de laatste jaren van #JuliusCaesar. Ik rond vandaag af met de vraag wie Caesar eigenlijk was. In het tweede blogje behandel ik het constitutionele probleem van deze putschist.

#RealTimeCaesar

https://mainzerbeobachter.com/2026/03/21/wie-was-julius-caesar-2/

Wie was Julius Caesar? (2)

Gem met portret van Julius Caesar (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

[Tweede deel van de evaluatie aan het einde van mijn reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” Het eerste deel was hier.]

Persoonlijkheidscultus

Ik noemde in het vorige blogje het Forum van Caesar. Dat is te lezen als een monument voor de autocratie, maar dat is niet het hele verhaal. Het was althans niet uniek. Machtige tijdgenoten richtten wel vaker zulke monumenten voor zichzelf op, zoals het theater dat Pompeius bouwde. Dat Julius Caesar de godin Venus adopteerde als stammoeder, was in zijn kringen ook de gewoonste zaak van de wereld. Ruim anderhalve eeuw eerder had Scipio Africanus al beweerd een lijntje te hebben met de goden.

Het is ook opvallend dat het vooral de senatoren zijn geweest die Julius Caesar het ene eerbewijs na het andere toekenden. Ploutarchos constateert dat de eerste daarvan, voorgesteld door Cicero, nog wel een zekere betekenis hadden, maar dat het doorsloeg.noot Ploutarchos, Caesar 57. Vaak denken we dat de Romeinen heel krijgszuchtig waren, zoals de Grieken artistiek zouden zijn geweest, de Perzen wreed, en de Feniciërs eeuwige koopvaarders. Die clichés zijn handig voor een eerste kennismaking, maar als je voor de Romeinen een cliché zoekt dat een karaktertrek benoemt die echt correct is, dan zou ik zeggen dat ze de ergste hielenlikkers uit de wereldgeschiedenis zijn geweest. De dictator heeft een paar eerbewijzen afgeslagen en je bent geneigd te denken dat de stroopsmeerderij zelfs Caesar te gortig werd.

Het koningschap

Wat veel over hem zegt, is zijn consequente weigering zichzelf te presenteren als koning. Hij kon boos worden als erop werd gezinspeeld, al deed hij het ook wel af met een grapje. Suetonius vermeldt dat toen mensen hem eens aanspraken als koning, rex, zijn laconieke antwoord was dat hij Caesar heette en geen Rex, pretenderend dat mensen de bijnaam van zijn overgrootvader hadden gebruikt.noot Suetonius, Caesar 79.

Maar hij was aan het einde van zijn leven natuurlijk alleenheerser en toen Suetonius die anekdote opschreef, was “Caesar” als titel heel wat voornamer dan “rex”. Misschien was dat de reden waarom Suetonius de anekdote noteerde: ze kon gelden als voorteken.

Ook Cicero schoof Caesar in de schoenen dat hij koning wilde zijn: “hij wilde koning zijn en werd het”.noot Cicero, Over de plichten 3.21.83. Ik heb niet de contemporaine kennis van een Cicero, maar vermoed dat deze observatie nou net niet waar is. Hij heeft gezocht naar een constitutionele vorm van alleenheerschappij en dat werd de permanente dictatuur. Hij hechtte aan een zo normaal mogelijke, of een zo normaal mogelijk ogende, vorm van bestuur. En nogmaals: op de dag dat hij stierf waren alle ambten vervuld en functioneerde het staatsapparaat.

Maar tegelijkertijd: niemand heeft Caesar ooit gevraagd de Tweede Burgeroorlog te ontketenen. Hij hoefde zijn ego niet te laten prevaleren ten koste van duizenden gesneuvelde soldaten en honderdduizenden burgers met enorme problemen. In de Aeneis hekelt de dichter Vergilius Julius Caesar vanwege het leed dat hij veroorzaakte toen hij over de Alpen trok en de Tweede Burgeroorlog ontketende.noot Vergilius, Aeneis 6.829-830. Dat appelleert aan wat wij intuïtief denken bij een putschist.

[Wordt vervolgd]

[Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

#RealTimeCaesar #2069JaarGeleden #Cicero #dictator #ForumVanCaesar #GnaeusPompeiusMagnus #JuliusCaesar #koningsideologie #Ploutarchos #PubliusVergiliusMaro #ScipioAfricanus #Suetonius #TweedeBurgeroorlog

De afgelopen vijf jaar heb ik "in real time" geblogd over de laatste jaren van #JuliusCaesar. Ik rond vandaag af met een simpele vraag: wie was Caesar eigenlijk?

#RealTimeCaesar

https://mainzerbeobachter.com/2026/03/21/wie-was-julius-caesar-1/

Wie was Julius Caesar? (1)

Wil de echte Julius Caesar opstaan?

Als ik zeg dat het 21 maart 2026 is, en als ik dat schrijf nadat ik de afgelopen dagen een reeks blogjes heb geschreven over Julius Caesar, dan weet u dat er een einde komt aan de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” Het is tijd de balans op te maken.

Wie was Julius Caesar?

Wie was Julius Caesar? Het antwoord is simpel. Hij was een beroemde Romein, een senator, de tegenstander van Farnakes, een tafelgast, de schoonvader van Pompeius, een generaal, een toerist, een popularis, een patiënt, de minnaar van twee koninginnen, een opportunist, de tegenstander van de Senaat, een dictator, het slachtoffer van een moordaanslag, een ruiter, de veroveraar van Gallië, een consul, een kaalkop, een opdrachtgever tot genocide, een verwant van Marius, een bouwheer, een bestuurder, een schrijver, het voorwerp van verering, de vernietiger van de republiek, een oligarch, een sadist, een stadsstichter, een propagandist, een villa-eigenaar, een putschist, de echtgenoot van Calpurnia, de drager van een lauwerkrans, een grootmeester van de Latijnse taal, een hervormer, de veroveraar van Numidië, een hogepriester, een oorlogsmisdadiger, een cynicus, een organisator, een patronus, een vluchteling, een begenadiger van tegenstanders, een alleenheerser, een officier, een ijdeltuit, de vader van Julia en Caesarion, een reiziger, een plunderaar en het onderwerp van velerlei geruchten. Hij was ook de stichter van een autocratie en iemand die, anders dan keizer Augustus, de gelegenheid niet kreeg om de misdaden te laten vergeten waarmee hij zijn regime had gevestigd.

Maar hoe beoordeel je zo iemand? Een thema dat in de reeks steeds terugkwam, is dat Julius Caesar, toen hij de republiek eenmaal had overmeesterd, begreep dat hij haar ook moest besturen. Aanvankelijk was het één grote improvisatie, maar tegen het einde van zijn leven waren alle bestuursposten bemand. Dat het niet meteen na zijn dood kwam tot een burgeroorlog, was omdat het Romeinse bestuurssysteem op dat moment functioneerde.

Vrijwel alle bekende maatregelen waren gericht op stabilisering van wat we, afhankelijk van ons perspectief, moeten aanduiden als “de situatie” of “het regime”. Om te beginnen de Clementia Caesaris. Ook iemand die met een gewelddadige staatsgreep aan de macht is gekomen, heeft behoefte aan capabele medewerkers. Julius Caesar wist zich met zijn tegenstanders te verzoenen. Hij zag af van de beruchte proscripties. Hoewel sommige van de tegenstanders met wie hij zich had verzoend, zich aansloten bij de samenzweringen, waren er ook veel die hem trouw bleven.

In het verlengde daarvan: Caesar had oog voor talent. We zien in zijn omgeving verschillende jonge mensen met grote verantwoordelijkheden: Octavianus natuurlijk, maar ook Gaius Scribonius Curio en Publius Cornelius Dolabella.

Hervormingen

Caesar initieerde allerlei stabiliserend bedoelde wet- en regelgeving, waarvan de kalenderhervorming het bekendst is. Die verhinderde verdere manipulatie van de aflossingstermijnen op de op het Italische platteland hoog opgelopen schulden. Er waren ook andere nieuwe regels om de schuldenproblematiek te regelen, en verder waren er regels om verraders – uiteraard een rekbaar begrip – te verbannen en om geweldplegers te straffen. Tot de economische maatregelen behoorde bijvoorbeeld de Lex Rhodia de iactu, die bepalingen bevatte voor de compensatie van schippers die tijdens een storm hun koopwaar overboord hadden moeten werpen: een nuttige wet uit hellenistisch Griekenland, die nu gold voor de gehele Romeinse wereld.

Hij reorganiseerde het leger en de provincies in Gallië, Syrië, Anatolië, Africa en het Iberische Schiereiland. Om soldaten land te geven, (her)stichtte hij tal van steden: Arles, Fréjus, Karthago, Korinthe, Lyon, Narbonne, Nîmes, Orange, Sevilla en Vienne. Hieruit valt af te leiden dat hij een breed perspectief had op het Romeinse imperium: overal zouden mensen wonen met het Romeinse burgerrecht, niet alleen in Italië. Het Romeinse Rijk was niet langer Italië met wat wingewesten. Om er ook ’ns een gevleugeld woord tegenaan te gooien: Rome n’est plus dans Rome; elle est toute où je suis.

Dit moet ook de reden zijn waarom Caesar geen moeite had met de Lex Roscia, die de verspreiding van het burgerrecht naar mensen buiten Italië vereenvoudigde. Weliswaar was dit een oorlogsmaatregel, omdat hij zo aan meer soldaten kon komen, maar hij zette de stap in elk geval en daarmee zette hij de toon. Marcus Antonius en Octavianus gingen ermee verder. Er kwam ruimte voor bestuurders uit de provincie; het aantal magistraten werd vergroot; er kwamen daardoor meer oud-magistraten en daarom vergrootte Caesar de Senaat.

Niet dat Caesar Rome vergat. In Rome legde hij een nieuw forum aan en vernieuwde hij het terrein waar de Volksvergadering samenkwam (de Saepta Julia) en het Senaatsgebouw (de Curia Julia). Zijn vertrouwelingen namen andere nieuwbouwprojecten voor hun rekening. Zo herbouwde Lucius Munatius Plancus de tempel van Saturnus op het Forum Romanum. De graanvoorziening van de stad werd eveneens verbeterd.

[Wordt vervolgd]

[Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

#RealTimeCaesar #2069JaarGeleden #clementiaCaesaris #dictator #ForumVanCaesar #hogepriesterschap #JuliusCaesar #LexRhodiaDeIactu #LexRoscia #MarcusAntonius #Octavianus #proscriptie #schuldenproblematiek #volksvergadering

De begrafenis van Julius Caesar (3)

De voorkant van de tempel van Caesar; het afdakje markeert de plek waar het lichaam is verbrand.

[Het laatste van drie blogjes over de begrafenis van Julius Caesar. Het eerste was hier.]

Op de middag na de moord op Julius Caesar was diens stoffelijk overschot in een draagstoel naar zijn huis achter het Forum Romanum gebracht. De menigte had luidruchtig geklaagd en gejammerd. Er waren ook mensen geweest die de daad met instemming hadden begroet, zodat de moordenaars konden denken dat de publieke opinie op hun hand was. Een enkele magistraat sloot zich bij hen aan. Ik vertelde al dat Lucius Cornelius Cinna, zijn ambtskledij had afgelegd omdat hij zijn ambt had gekregen van de dictator.

Wat er was aan sympathie voor de moordenaars, werd deels de kop ingedrukt door de soldaten van Lepidus en door Caesars veteranen. Toen diezelfde Cinna, gehuld in de ambtskledij die hij eerder had afgelegd, naar de Senaatsvergadering in de tempel van Tellus was gekomen, had hij moeten rennen voor zijn leven. De uitvaartplechtigheid op het Forum Romanum maakte dat de stemming in de stad ronduit vijandig was voor de moordenaars.

Geweld

Direct na de verbranding begaf de volksmenigte zich met fakkels in de hand naar de huizen van Marcus Junius Brutus en Gaius Cassius Longinus. noot Suetonius, Caesar 85; vert. Daan den Hengst.

Aldus Suetonius, die toevoegt dat de vandalen werden weggejaagd voor ze tot geweld hadden kunnen overgaan. Het liep niet altijd goed af. Ploutarchos biedt een nare anekdote.

Een vriend van Caesar met de naam Cinna had, naar men zegt, de nacht ervoor een vreemde droom gehad. Hij droomde dat hij door Caesar te dineren werd gevraagd en dat hij, toen hij de uitnodiging afsloeg, door hem onwillig en tegenstribbelend bij de hand werd meegevoerd. Hij hoorde dat Caesars lichaam op het Forum werd verbrand, stond op en ging erheen om hem de laatste eer te bewijzen, hoewel hij ongerust was over de droom en koorts had. Bij zijn verschijnen zei iemand uit de massa zijn naam aan een ander die ernaar vroeg, en die weer aan een ander, en meteen ging het gerucht door de hele menigte dat die man een van Caesars moordenaars was. Onder de samenzweerders bevond zich immers een man die net als hij Cinna heette. In de veronderstelling dat hij die man was, stormden ze meteen op hem af en scheurden hem ter plaatse in stukken.noot Ploutarchos, Caesar 68; vert. Hetty van Rooijen.

Julius Caesar en de Joden

Het duurde nog lang voor de stad tot rust kwam.

In dit smartelijk vertoon van openbare rouw deelden de talrijke vreemdelingen die hem met hun volksgenoten, een ieder naar zijn gewoonte, bejammerden, in het bijzonder de Joden, die zijn graf zelfs nachten aaneen in groten getale bezochten.noot Suetonius, Caesar 85; vert. Daan den Hengst.

Caesar had veel gedaan voor de Joden en een Joods leger had in Egypte veel voor Caesar gedaan. Er is weleens beweerd dat de Dode Zee-rol die bekendstaat als 4Q246 en die iemand vermeldt die “zoon van god” genoemd zal worden, verwijst naar Julius Caesar. Het is niet heel aannemelijk, maar volledig uitgesloten is het niet.

De vlucht van de moordenaars

In de volgende dagen vertrokken oud-bestuurders naar de provincies die Caesar hun had toegewezen. Caesars maatregelen waren immers bekrachtigd. Decimus Junius Brutus, die enkele dagen eerder nog had gefilosofeerd over vrijwillige ballingschap, reisde af naar de Gallische gewesten. Gaius Trebonius, die een jaar eerder de eerste was geweest om een samenzwering te beginnen, vertrok naar Asia. Misschien reisde hij samen met Lucius Tillius Cimber, die dezelfde kant op moest: naar de aangrenzende provincie Bithynië.

Ook Brutus en Cassius vertrokken.noot Suetonius, Caesar 85. Zij bleven nog even in de omgeving van Rome, in de hoop steun te vinden in de kleine stadjes. Daar kregen ze weliswaar steunbetuigingen maar geen geld. Senatoren als Cicero trokken zich terug op hun landgoederen. Zo was Marcus Antonius, die in Rome bleef, de voornaamste speler in het centrum van de macht. Als het compromis van 17 maart een wapenstilstand was geweest tussen de diverse partijen, dan was die veranderd in een overwinning van de factie van Caesar. Niet alleen Julius Caesar, maar ook de Romeinse republiek is 2069 jaar geleden ten grave gedragen.

Het zou nog even duren totdat de situatie veranderde – en dat ligt buiten het bestek van deze reeks, die immers gaat over de vraag wat Julius Caesar 2069 jaar geleden deed. Niettemin: ik heb nog vier blogjes voor u klaarstaan. Morgen een evaluatie: wie was Julius Caesar?

[Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

#RealTimeCaesar #2069JaarGeleden #4Q246 #Cicero #DecimusJuniusBrutus #GaiusCassiusLonginus #GaiusTrebonius #JuliusCaesar #LuciusCorneliusCinnaPraetor44 #LuciusTilliusCimber #MarcusAntonius #MarcusJuniusBrutus #Ploutarchos #Suetonius

2069 jaar geleden verbrandde een hysterische menigte het lichaam van de vermoorde dictator #JuliusCaesar. De moordenaars wisten niet hoe snel ze Rome moesten verlaten.

#RealTimeCaesar

https://mainzerbeobachter.com/2026/03/20/de-begrafenis-van-julius-caesar-3/

2069 jaar geleden werd het lijk van de vermoorde dictator #JuliusCaesar op een chaotische wijze gecremeerd. De menigte was hysterisch. Tussen de regels door lezen we over een later door andere feiten ingehaalde poging Caesar te vergoddelijken.

#RealTimeCaesar

https://mainzerbeobachter.com/2026/03/20/de-begrafenis-van-julius-caesar-2/

De begrafenis van Julius Caesar (2)

De ambtswoning van de hogepriester met daarvoor de tempel van Caesar; het afdakje markeert de plek waar het lichaam was opgebaard.

[Het tweede van drie blogjes over de begrafenis van Julius Caesar. Het eerste was hier.]

De menigte die vandaag 2069 jaar geleden op het Forum Romanum was al behoorlijk opgewonden toen Marcus Antonius begon te spreken: “als consul over een consul, als vriend over een vriend, als verwant over een verwant”, zoals Appianus het typeert.noot Appianus, Burgeroorlogen 2.143.

De korte toespraak

Onze oudste bron is Ploutarchos, die anderhalve eeuw na de uitvaart in vier verschillende biografieën op die gebeurtenis inging.

Aan het eind van zijn rede zwaaide hij hoog met de bebloede, door zwaarden doorstoken kleren van de dode en noemde degenen die deze daad gepleegd hadden vervloekte moordenaars.noot Ploutarchos, Marcus Antonius 14; vert. Hetty van Rooijen.

De op één na oudste bron, Suetonius, vertelt dit over de redevoering van Marcus Antonius:

Bij wijze van lijkrede liet Marcus Antonius een heraut het besluit voorlezen waarbij de Senaat aan Caesar tegelijkertijd alle menselijke en goddelijke eerbewijzen had toegekend, en eveneens de eedformule waarmee allen zich garant hadden gesteld voor het leven van Caesar alleen. Slechts een enkel woord voegde Antonius hieraan toe.noot Suetonius, Caesar 84; vert. Daan den Hengst.

Een toespraak van “een enkel woord” duurde in de Romeinse wereld al gauw een waterklok lang, wat (geloof ik) iets van twaalf minuten is.

Fictieve lijkredes

Tot zover de twee oudste bronnen. Latere geschiedschrijvers, Appianus en Cassius Dio, hebben op dit punt toespraken ingelast. Normaal gesproken zijn zulke redevoeringen de momenten waarop antieke auteurs hun creativiteit de vrije loop laten. De toespraken zijn dus weliswaar verzonnen, maar helpen de lezer begrijpen wat de personages destijds dachten (of gedacht zouden kunnen hebben), of zijn een manier om commentaar te leveren op de gebeurtenissen. Maar toch. De door Appianus geciteerde rede van Marcus Antoniusnoot Appianus, De Burgeroorlogen 2.144-146. wijkt stilistisch af van de andere redevoeringen in zijn geschiedwerk, en daarom nemen classici wel aan dat het een bewerking is van de werkelijk gehouden toespraak. Die observatie verdient heel serieus te worden genomen.

(Ik noem dit in de hoop dat reisleiders die op het Forum Romanum staan, desnoods die een of twee reisleiders dit dit toevallig lezen, eindelijk eens ophouden met dat geestdodende citeren van de redevoering die Shakespeare in zijn Julius Cæsar laat uitspreken door Mark Antony. We beschikken over een tekst die, zo ze niet authentiek is, dan toch in elk geval stamt uit de Oudheid.)

Escalatie

Kort als Marcus Antonius’ toespraak was, de spreker slaagde in zijn opzet: de situatie liep volkomen uit de hand. Suetonius opnieuw:

Magistraten en oud-magistraten droegen het praalbed het Forum op tot voor het spreekgestoelte. Sommigen wilden het verbranden in het heilige van de tempel van Jupiter Capitolinus, anderen in het Senaatsgebouw van Pompeius.

Plotseling staken echter twee personen, omgord met een zwaard en met twee speren in de hand, het praalbed aan met brandende waskaarsen. Onmiddellijk brachten de omstanders droog hout, de stoelen van de rechters, banken en al wat zij als geschenk bij zich hadden, bijeen. Daarna legden de fluitspelers en de toneelspelers de gewaden af die zij bij zijn triomftochten hadden gedragen en voor deze gelegenheid weer hadden aangetrokken, verscheurden die en wierpen ze in de vlammen. Hetzelfde deden de soldaten van de veteranenlegioenen met de wapens waarmee ze zich hadden getooid om de begrafenis luister bij te zetten. Veel vrouwen wierpen de sieraden die ze droegen in het vuur en de amuletten en de toga’s van hun kinderen.noot Suetonius, Caesar 84; vert. Daan den Hengst.

De vergoddelijkte Julius Caesar

Je leest er haast overheen, maar: wie waren die twee personen die, omgord met een zwaard en met twee speren in de hand, het praalbed met brandende waskaarsen aanstaken?

Ik heb daarover een theorie. Het waren Castor en Pollux. De voordrachtskunstenaars en Marcus Antonius hadden met de rug naar de ambtswoning van de hogepriester gestaan, waar Caesar en Calpurnia hadden gewoond; de sprekers hadden gestaan ter hoogte van de tempel van de Tweelingen. Toen Marcus Antonius daar alle menselijke en goddelijke eerbewijzen had opgesomd, was de situatie uit de hand gelopen, was brand ontstaan en was Caesars lichaam ter plekke gecremeerd. De plek zou later worden opgenomen in de façade van de tempel van Julius Caesar en is nog steeds herkenbaar.

Ik denk dat de aanhangers van Julius Caesar al heel snel hebben aangestuurd op ’s mans vergoddelijking. De brand op het Forum Romanum was per ongeluk ontstaan, maar door te verzinnen dat de goddelijke Tweelingen, met hun ambigue mens-goddelijke karakter, met kostbare waskaarsen waren komen aanzetten en de brand hadden aangestoken, hadden degenen die een vergoddelijking wilden, een verhaal dat de bijgelovige tijdgenoten geloofwaardig in de oren klonk. Niet veel later zou een komeet aan de hemel verschijnen en werd het verhaal nog geloofwaardiger.

Maar ik loop op mijn stof vooruit. Ik laat u even achter op het Forum Romanum, waar een krankzinnig geworden menigte Julius Caesar heeft verbrand. De woede zocht nog een uitweg.

[Wordt om 12:00 vervolgd]

[Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

#RealTimeCaesar #2069JaarGeleden #Appianus #CassiusDio #CastorEnPollux #GaiusCassiusLonginus #JuliusCaesar #MarcusAntonius #MarcusJuniusBrutus #Ploutarchos #Suetonius #WilliamShakespeare