Astronomen vinden een “ijzeren balk”’ in de Ringnevel
Astronomen hebben met behulp van de WHT Enhanced Area Velocity Explorer (WEAVE), een krachtig nieuw instrument op de William Herschel
#ijzer #Messier57 #nevel #ringnevel #WilliamHerschelTelescoop
https://www.kuuke.nl/astronomen-vinden-een-ijzeren-balk-in-de-ringnevel/

Vragen rond de jaarwisseling (3)

De ark van Noach (Gevelsteen op de Schreierstoren, Amsterdam)

Een kleine drie weken geleden nodigde ik u uit om de inmiddels traditionele vragen rond de jaarwisseling te stellen. Ik ontving er vrij veel en zal vandaag de vragen beantwoorden over de joodse wereld. Dat waren er opvallend veel.

Het verhaal van de “zondvloed” komt in uiteenlopende versies voor in zowat elke cultuur. Is er ooit een universele ramp gebeurd en wanneer zouden we deze kunnen situeren ?

Voor zover ik weet zijn de meeste verhalen over een grote overstroming en een kleine groep mensen die de beschaving (plus veestapel) redt, te herleiden tot een beperkt aantal originelen. De bekendste stamt uit Mesopotamië, met als varianten het Bijbelverhaal en een versie uit India en Perzië. De “Noach” in deze verhalen verneemt van de godheid waaronder de oerwateren ressorteren over de naderende ramp en bouwt een schip. Een ander origineel is dat van de vroege bewoners van de Amerika’s. Hierin dankt de mensheid haar redding aan een bergtop. Een derde verhaal komt uit China, waar archeologen op zoek zijn naar een historische gebeurtenis.

Zoals de vragensteller al aangeeft, zijn de verhalen bekend uit “zowat” alle culturen. Uit bijvoorbeeld Japan en Egypte, waar toch ook oude beschavingen waren, kennen we zo’n verhaal niet. Afrikaanse verhalen schijnen ook te ontbreken of zijn via de monotheïstische godsdiensten geïnspireerd door Mesopotamië.

Is er een universele ramp geweest? Nee. Voor Mesopotamië is wel gewezen op de door dikke kleipakketten gedocumenteerde watersnoodrampen uit het vroege derde millennium v.Chr. In de stad Ur ligt zo’n kleilaag rond 3100 v.Chr.; dit is een van de beroemdste archeologische vondsten aller tijden. In Uruk en Kish ligt zo’n laag rond 2900 v.Chr.,  in Šuruppak rond 2750 en uit Kish dateert een tweede kleilaag van rond 2500. Dit is zo inconsistent dat je mag aannemen dat de mythe wél verwijst naar traumatische gebeurtenissen maar niet naar één universele traumatische gebeurtenis.

Kanaänitische stele (Israel Museum, Jeruzalem)

Wat weten we over het voor-Bijbelse Israël?

De kwestie is de definitie van Israël. Als is bedoeld: wat gebeurde in het gebied van het latere koninkrijk van David en Salomo, dan valt te wijzen op een aantal stadstaten, die deels bekend zijn uit opgravingen en deels uit bijvoorbeeld de Amarna-brieven. Die steden waren niet heel anders dan die in Syrië. In de Late Bronstijd zijn ze sterk verkleind, waarna we in de Vroege IJzertijd allerlei dorpjes vinden in het hoogland.

Als is bedoeld of er al iets heeft bestaan dat de naam “Israël” droeg, dan is het antwoord dat een inscriptie uit Thebe vermeldt dat de Egyptische koning Merenptah in Kanaän de legers van de steden Ashkelon, Gezer en Yanoam heeft verslagen en dat Israël niet langer bestaat (“zijn zaad is niet langer”). De naam is geschreven met een teken dat duidt op een nomadisch volk, wat wel is opgevat als verwijzing naar de jaren waarin de Hebreeën door de woestijn zwierven.

Ik wijs verder op de Apiru. Dit waren mensen die de belastingen niet meer konden betalen, hun land verlieten en zonder veel bestaanszekerheid leefden in afgelegen gebieden. Ze legden zich toe op banditisme en verhuurden zich als soldaten of dagloners. De mensen die woonden in de dorpjes in het hoogland zullen door de laatste bewoners van de leeglopende steden wel als Apiru zijn beschouwd, net als nomaden zoals “Israël” die naar Kanaän trokken. In elk geval waren de mensen uit de bergdorpjes de voorouders van de groepen die zich in de tiende eeuw onder koning David verenigden. Maar veel is onzeker.

Grafsteen van een zwaardsmid (Nationaal Museum, Beiroet)

Iedereen kent de uitdrukking “zwaarden omsmeden tot ploegscharen”, maar de profeet Joël noemt ook ploegscharen die tot zwaarden worden omgesmeed.noot Joël 4.10. Kan het zijn dat ijzer zo schaars was dat het werd gerecycled?

Ja, want ijzer was kostbaar. Op een slagveld werden de gesneuvelden beroofd van hun wapenrustingen en een verslagen aanvoerder kon alleen de naakte lichamen van zijn manschappen terugvragen. Ik meen te weten dat er ook chemisch onderzoek is gedaan waaruit blijkt dat ijzer herhaaldelijk werd omgesmolten: van zwaarden naar ploegscharen en weer terug. We moeten opmerkingen over het omsmeden van zwaarden tot ploegscharen en vice versa dus serieus nemen, hoewel ze natuurlijk tegelijk symbolisch zijn.

In de christelijke uitleg verwijst het meervoud Elohim naar de Drie-eenheid (OLV van Qannoubine)

Was/is Elohim een meervoudsvorm of een uiting van eerbied en machtserkenning?

Elohim, een van de namen van God, is van oorsprong inderdaad een meervoud en betekent zoiets als “de goden”, maar wordt consequent verbonden met werkwoorden in het enkelvoud. Deftig gezegd: morfologisch meervoud, syntactisch enkelvoud. Of mensen destijds het meervoud hebben herkend, is maar de vraag; ons woord “schoen” was ook ooit een meervoud maar niemand herkent dat nog.

Is het meervoud een uiting van eerbied? Ik vroeg het Gert Knepper, die weleens schrijft voor deze blog.

Dichter in de buurt komen als we ook kijken naar andere oude Semitische talen, zoals het Phoenicisch en het Akkadisch. Net als in het Hebreeuws kun je daar een meervoud gebruiken om abstractie uit te drukken. Zo drukt het Hebreeuws het abstracte begrip ‘vaderschap’ uit door het meervoud ‘vaders’. En zowel het Phoenicisch, het Akkadisch als het Hebreeuws kunnen het meervoudige ‘goden’ gebruiken om naar één persoon te verwijzen, waarbij de abstractie die het meervoud uitdrukte (‘goddelijkheid’) waarschijnlijk de functie had om uitnemendheid weer te geven: ‘de god par excellence’. ‘Elohim’ is dus Semitisch idioom, het meervoud heeft in eerste instantie een abstraherende functie (‘god[delijk]heid)’, en die functie dient om aan te geven dat het gaat om een ‘godheid bij uitstek

Kleitablet met een Mesopotamische scheppingsmythe (Louvre, Parijs)

Hoe kwam het scheppingsverhaal in de Bijbel terecht?

De Bijbel bevat diverse verhalen over het ontstaan van de wereld. In Psalm 102 lezen we dat God vóór het ontstaan van de tijd – hoe dit mogelijk is, weet ik niet – de hemel schiep en de fundamenten legde van de aarde. In Job 26 heeft God de aardschijf opgehangen boven het niets.

Het bekendst zijn de verhalen uit Genesis. In Genesis 2 schept Jahweh de mens en geeft hem een tuin in Eden. Dit verhaal moet vrij oud zijn, al weet niemand precies hoe oud. Tot slot is er het scheppingsverhaal uit Genesis 1-2.4, waarin Elohim de wereld schept in zes dagen en de sabbat als kroon plaatst op het werk. Hier wordt het voorgelezen:

[youtube https://www.youtube.com/watch?v=njpWalYduU4?feature=oembed&w=640&h=480]

Al deze verhalen bevatten beelden en ideeën die gangbaar waren in de oude wereld. Eigenlijk hebben alle volken wel een verhaal over de twee eerste mensen en over een paradijselijke oertoestand die om een of andere reden ten einde is gekomen. Het feit dat de Bijbelse beelden elkaar tegenspreken, bewijst dat de Joden geen behoefte hadden aan één bindend verhaal.

Er is echter wel iets bijzonders aan de hand in Genesis 1.2-4. Antieke scheppingsverhalen eindigden nogal eens met de schepping van het koningschap. Je zou in het zevendagenverhaal verwachten dat God na de schepping van de mens ook de monarchie zou hebben geschapen – maar daar doorbreekt de auteur de verwachting: zoals gezegd is de sabbat het summum. Meer daarover hier.

Christus (in een Romeinse catacombe, ik weet niet meer welke)

Ik las eens dat Jezus mogelijk ooit in India is geweest. Zou dat waar kunnen zijn?

Nee.

[morgen meer]

#AmarnaBrieven #Apiru #Elohim #Genesis #ijzer #IJzertijd #IsraëlEnJuda #Jahweh #LateBronstijd #Merenptah #Scheppingsverhaal #vragenRondDeJaarwisseling #Zondvloed

De persoonlijke faits divers (39)

Opgraving in Turuñuelo (©IAM-CSIC)

Deze aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, de negenendertigste alweer, bevat vooral nieuws dat eigenlijk totaal onbelangrijk is en vermoedelijk alleen mijzelf boeit (Apeldoorn), inspireert (vissaus), irriteert (Egypte), fascineert (Tartessos) en vleit (doorlezen tot het einde).

***

Apeldoorn

Wie van Barneveld naar Apeldoorn fietst, komt over de Asselse Heide. Daar zijn nog de kuilen te zien waar mensen ooit de klapperstenen vonden waaruit ze ijzeroer wonnen. De Veluwse beekjes en de later aangelegde sprengen zijn eveneens ijzerhoudend.noot Ik hoorde nog vorige week iemand vertellen dat haar broer ergens in de jaren zeventig in het ijzerhoudende water was gevallen en dat diens kleren niet meer schoon te wassen waren. Aan de andere kant van Apeldoorn, in de richting van de IJssel, lagen drassige gebieden, waar moeraserts werd gewonnen. Omdat de plek dus quasi-letterlijk drijft op ijzer, speculeerden de medewerkers van het toenmalige archeologisch museum Moerman een halve eeuw geleden dat het erts via Apeldoorn verhandeld moest zijn geweest met het Romeinse leger, dat gestationeerd was aan de Rijn bij Arnhem. Het was immers slechts een dag lopen van producent naar consument.

Nu konden de museummedewerkers dat wel bedenken, maar destijds ontbrak in Apeldoorn ieder bewoningsspoor uit de Romeinse tijd. Een jaar of wat geleden vond men in het westen van de huidige stad echter bewijs voor een voor Germaanse begrippen vrij grote nederzetting. Als ik me goed herinner, werd dat toen ook meteen met de ertshandel in verband gebracht. Inmiddels is er ook bewijs dat er boeren hebben gewoond in Apeldoorn.

Groot nieuws is dit vanzelfsprekend niet. Het is slechts dataverwerving en dataverwerving is een voorwaarde voor wetenschap en geen wetenschap. Maar als oud-Apeldoorner vind ik dit dus wel leuk.

Vissaus

Nog een trivialiteit, al is het een serieuze: onderzoekers hebben de samenstelling van antieke vissaus (garum) ontdekt, waarbij de crux is dat ze niet alleen graten vonden in de kuipen waarin de vis wekenlang lag te rotten, maar dat ze die graten ook nog geschikt konden maken voor DNA-onderzoek. Met dit onderzoek worden geen grote sociaalwetenschappelijke vragen opgelost of zelfs maar gesteld, maar het is een nieuw soort inzicht, mogelijk door nieuwe methoden. En dat is wetenschappelijke vernieuwing.

Voor wie nu zelf vissaus wil maken: sommige producenten gebruikten ansjovis, andere sardine, en daarnaast maakte men gebruik van sprot en okselzeebrasem. Die smurrie stinkt behoorlijk, dus mijn advies is: haal een fles Vietnamese vissaus bij uw toko.

Geen vissaus. wel vis (Archeologisch museum, Sousse)

Egypte

Een claim die veel media haalde: een Brits onderzoeksteam slaagde erin het vrijwel complete DNA van een oude Egyptenaar uit te lezen en deed isotopenonderzoek, zodat ze veel over de overledene te weten konden komen. Inclusief het feit dat die onder zijn voorouders ook Mesopotamiërs had. Alle bombarie kan echter niet verhullen dat er weinig nieuws was. Het enige nieuwe is dat voor het eerst antiek Egyptisch genoom vrijwel compleet is uitgelezen. Men is dus verder dan ooit gelopen langs een al bekende weg, zeg maar een soort afstandsrecord. Zoiets is eigenlijk alleen relevant voor de laboratoriummensen, zoals het behalen van het hoogste punt van een nieuw huis alleen interessant is voor bouwvakkers.

Daniel Soliman van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden geeft in De Volkskrant bovendien als commentaar dat we aan één Egyptenaar niet zo veel hebben. Wat we nodig hebben, is een representatieve steekproef van de gehele bevolking. Wat we zeker niet nodig hebben, is berichtgeving waarin het enige nieuwsfeit bestaat uit een laboratorium-record. Terwijl je van wetenschap blij kunt worden, trokken de onderzoekers nu de aandacht tot geen enkel nieuw inzicht, boden ze antwoord op geen enkele vraag en riepen ze enkel een gevoel op van verveling.

Spanje

In Spanje tonen ze hoe het beter kan. Archeologen herkennen daar in het zuiden een IJzertijdcultuur die ze Tartessos noemen, naar een uit Griekse bronnen bekende halflegendarische stad voorbij de Zuilen van Herakles. Rond 500 v.Chr. verplaatste het Tartessische kerngebied zich van de vallei van de Guadalquivir naar het noorden, naar de Guadiana. Een van de belangrijkste opgravingen daar in het binnenland is Turuñuelo, waar onlangs een zuil is opgegraven van marmer, en dat bleek helemaal van het eiland Marmara afkomstig.

Die pilaar is natuurlijk slechts dataverwerving en het dagdagelijkse proces van normale wetenschap vormt geen nieuws. Je kunt het echter gebruiken om de aandacht te trekken naar iets wezenlijkers, en kijk: de Spaanse media plaatsen de vondst wél in een bredere context, namelijk het groeiende bewijs voor de uitgestrektheid van de antieke handelsnetwerken. Door Griekse kooplieden vervoerde producten bereikten niet alleen de Andalusische kust, maar ook het binnenland.

Ik ga nog een stap verder. Aangezien je dezelfde route in twee richtingen kunt afleggen, benadrukt deze conclusie de noodzaak dat we bij het analyseren van de Griekse cultuur meer dan ooit rekening moeten houden met invloeden uit Iberië.

Vanitas vanitatum

Tot slot: ik ben onlangs geïnterviewd in het wetenschapsprogramma van de Amsterdamse stadsomroep Salto. U kunt het hier beluisteren. Wat ik niet zag aankomen maar superleuk vind, is dat Science Guide, zeg maar de online-krant van de Nederlandse universiteiten, het oppikte. En ik zou een slechte leugenaar zijn als ik ontkende te hebben gebloosd toen ik las dat deze blog een snoepwinkel is voor Oudheidliefhebbers en misschien wel een van de mooiste in ons taalgebied. U leest het verhaal hier en als de betaalmuur te hoog blijkt, leest u het daar.

#apeldoorn #dnaOnderzoek #faitsDivers #garum #ijzer #isotopenonderzoek #spanje #tartessos #turunuelo #vanitasVanitatum

Vragen rond de jaarwisseling (3)

Een van de onderstaande vragen gaat over de vegetatieloze Atheense Akropolis

Net als vorig jaar gebruik ik de laatste blogjes van 2023 om uw vragen te beantwoorden. Gisteren behandelde ik vragen over de oude talen. Vandaag behandel ik acht andere vragen. Hier zijn de eerste vijf.

Was de Akropolis in Athene in de Oudheid ook de boomloze steenvlakte die hij nu schijnt te zijn?

Deze vraag legde ik voor aan Eric Moormann, die onlangs samen met Janric van Rookhuijzen een boek publiceerde over de Akropolis: De Akropolis van Athene. Geschiedenis van een mythisch icoon. Moormann bevestigde het: waarschijnlijk was er ook destijds al weinig vegetatie. Er is de beroemde put uit de Bronstijd om water op de berg te krijgen.

En er is natuurlijk een beroemde anekdote, te vinden bij Herodotos, dat de olijfboom die de godin Athena ooit aan haar stad had geschonken, niet kapot te krijgen was: de dag nadat de stad was geplunderd en de boom verbrand, was er alweer een nieuwe scheut.

Marcus Curtius (Capitolijnse Musea, Rome)

Hoe betrouwbaar zijn de eerste tien boeken van Titus Livius?

Het is verstandig onderscheid te maken tussen boek één, dat de Koningstijd behandelt, de boeken twee tot en met vijf, waarin de vijfde eeuw aan de orde komt, en de volgende vijf boeken, die gaan over de periode na 386 v.Chr. Het eerste deel is grotendeels legendarisch, al ogen de regeringsdaden van de drie laatste koningen vrij plausibel. De boeken twee tot en met vijf documenteren een reeks oorlogen en interne conflicten (de “Standenstrijd”) en hoewel ze de vroege republiek vooral presenteren als succesvol, zien we duidelijk dat er problemen zijn. De slagvelden zijn bijvoorbeeld dicht bij huis – inclusief de Gallische aanval op de stad Rome in 387 of 386 v.Chr.

De boeken zes tot en met tien documenteren de slotfase van de Standenstrijd en de strijd om de beheersing van Midden-Italië. Er zijn nog altijd wonderverhalen, zoals het gekke verhaal over Marcus Curtius, en de Eerste Samnitische Oorlog is vermoedelijk geheel verzonnen. Dat gezegd zijnde: het patroon klopt grosso modo. De climax, de slag bij Sentinum in 295 v.Chr, gaat terug op Romes eerste geschiedschrijver, Fabius Pictor, die ooggetuigen kon interviewen. We zijn nu aanbeland in het volle licht van de geschiedenis – en helaas zijn de volgende tien boeken verloren.

Maquette van Rome (Museo nazionale della civiltà romana, Rome)

Waarom wordt gedacht dat Rome op het hoogtepunt in de eerste eeuwen van de jaartelling rond de miljoen inwoners had? Had men in die tijd daar zelf ook een idee van?

Ik heb de materie hier behandeld. Men had enige statistieken ter beschikking.

Klappersteen (Hunebeddencentrum, Borger)

Kun je iets vertellen over de Romeinse aanwezigheid op de Veluwe?

We weten van ijzerwinning ten westen van Apeldoorn en ijzerverwerking in Apeldoorn. Je kunt op de Asselse Heide nog steeds de putten vinden waar men klapperstenen dolf. Het erts zal naar Nijmegen zijn gebracht. Opgravingen uit de omgeving van Ede tonen wat van soort boerderijen er ook op de Veluwe geweest zullen zijn, maar die zijn niet in groten getale opgegraven. Ze zijn ook lastig te vinden. Ook kennen we Romeinse marskampen. Onlangs zijn nieuwe kampen ontdekt, lees maar.

Jupiter (Kyrene)

Zeiden Romeinen echt “bij Jupiter”?

Ja zeker. Pro Iovem was onderdeel van een gangbare eedformule. Vergelijk het met ons “ik zweer je” als bekrachtiging van een bewering (“Ik zweer je dat ze dat zei, ze lachte er niet eens bij”).

Wordt zo meteen afgerond.

#Apeldoorn #Athene #EersteSamnitischeOorlog #ijzer #MarcusCurtius #marskamp #QuintusFabiusPictor #Sentinum #Standenstrijd #TitusLivius #Veluwe #vragen #vragenRondDeJaarwisseling

Mijn HB was wat aan de lage kant. Gesprekje over waarom "HB" staat voor "ijzer", terwijl "hemoglobine" bedoeld wordt, de basisvloeistof van #bloed. In de scheikunde is ijzer "Fe", maar in de medische wereld werkt dat dus net wat anders.

En omdat mijn ijzer wat aan de lage kant bleek, eet ik vanavond in Breda met @Erik van Zijst en nog iemand lekker een #biefstuk 😋



#Sanquin #bloeddonor #HB #ijzer
Vegan Journaal #62: Horeca kan 76 miljoen dieren uitsparen (plus 133 miljoen garnalen) - Studio Plantaardig

Gast: Lobke Faassen! Verder: ProVeg onderzoek, ultimatum Wiersma, kippenwelzijn, 1.300 veehouders moeten krimpen & sjoemelsoja Campina.

Studio Plantaardig

Luisteraar Ivo (vegetariër en bezig richting een geheel plantaardig eetpatroon), stelde een vraag over de vleesbehoefte (ijzer?) tijdens menstruatie van zijn vriendin. Lobke Faasen (plantaardig diëtist) kwam met een “vreselijk genuanceerd” antwoord, zoals Pablo dit zo mooi omschreef. ;) Dank je Lobke!

#Garnalen #Ijzer #Plantaardig #Dieet #Soja #Kippen #Campina #Menstruatie

Lobke Faasen beantwoordt vraag over ijzer. Ze vertelt ons hoe je dat dan doet, voldoende én optimaal ijzer binnen halen via plantaardige voeding.

Verder hebben we het met Pablo Moleman over een onderzoek van @proveg.nl “Van Dier naar Plant”, een ultimatum voor minister Wiersma, kippenwelzijn, sjoemelsoja van Campina en veel meer!

🎧 Luister Vegan Journaal afl. 62 nu via je favoriete podcast app of https://StudioPlantaardig.nl

#Garnalen #Ijzer #Plantaardig #Dieet #Soja #Kippen #Campina #Menstruatie

Home - Studio Plantaardig

De EIWIT-TRANSITIE verbeter de wereld met vork en mes LAATSTE AFLEVERING april 25, 2025 51:29 Download de “Handleiding voor gesprekken […]

Studio Plantaardig

Carbonaatmineralen duiden op koolstofcyclus op de jonge Mars

Curiosity heeft bewijs gevonden voor een koolstofcyclus op Mars. Daarmee komen wetenschappers dichter bij een antwoord op de vraag of er ooit leven mogelijk was op de planeet.

Curiosity ziet zijn sporen op 30 april 2023 in de verte

https://www.kuuke.nl/carbonaatmineralen-duiden-op-koolstofcyclus-op-de-jonge-mars/

#atmosfeer #carbonaat #GaleKrater #ijzer #koolstofcyclus #koolstofdioxide #mars #sideriet #zonnestelsel

Carbonaatmineralen duiden op koolstofcyclus op de jonge Mars – Kuuke's Sterrenbeelden

Curiosity heeft bewijs gevonden voor een koolstofcyclus op Mars. Daarmee komen wetenschappers dichter bij een antwoord op de vraag of er ooit leven mogelijk was op de planeet. Curiosity ziet zijn sporen op 30 april 2023 in de verte verdwijnen op een plek met de bijnaam Ubajara; op deze plek deed de rover de ontdekking…