https://ermelovannu.nl/actueel/13757-romeins-lakprofiel-te-zien-in-gloednieuwe-expositie

ERMELO – De Ermelosche Heide is een gebied met een grote archeologische waarde. Tegelijkertijd wordt het de komende jaren steeds vaker gebruikt als oefenterrein voor Defensie. Dit jaar wordt onderzocht hoe er tijdens militaire oefeningen gegraven kan worden, zonder schade aan te richten aan het landschap en het erfgoed.
Vragen rond de jaarwisseling (3)
Een van de onderstaande vragen gaat over de vegetatieloze Atheense AkropolisNet als vorig jaar gebruik ik de laatste blogjes van 2023 om uw vragen te beantwoorden. Gisteren behandelde ik vragen over de oude talen. Vandaag behandel ik acht andere vragen. Hier zijn de eerste vijf.
Was de Akropolis in Athene in de Oudheid ook de boomloze steenvlakte die hij nu schijnt te zijn?
Deze vraag legde ik voor aan Eric Moormann, die onlangs samen met Janric van Rookhuijzen een boek publiceerde over de Akropolis: De Akropolis van Athene. Geschiedenis van een mythisch icoon. Moormann bevestigde het: waarschijnlijk was er ook destijds al weinig vegetatie. Er is de beroemde put uit de Bronstijd om water op de berg te krijgen.
En er is natuurlijk een beroemde anekdote, te vinden bij Herodotos, dat de olijfboom die de godin Athena ooit aan haar stad had geschonken, niet kapot te krijgen was: de dag nadat de stad was geplunderd en de boom verbrand, was er alweer een nieuwe scheut.
Marcus Curtius (Capitolijnse Musea, Rome)Hoe betrouwbaar zijn de eerste tien boeken van Titus Livius?
Het is verstandig onderscheid te maken tussen boek één, dat de Koningstijd behandelt, de boeken twee tot en met vijf, waarin de vijfde eeuw aan de orde komt, en de volgende vijf boeken, die gaan over de periode na 386 v.Chr. Het eerste deel is grotendeels legendarisch, al ogen de regeringsdaden van de drie laatste koningen vrij plausibel. De boeken twee tot en met vijf documenteren een reeks oorlogen en interne conflicten (de “Standenstrijd”) en hoewel ze de vroege republiek vooral presenteren als succesvol, zien we duidelijk dat er problemen zijn. De slagvelden zijn bijvoorbeeld dicht bij huis – inclusief de Gallische aanval op de stad Rome in 387 of 386 v.Chr.
De boeken zes tot en met tien documenteren de slotfase van de Standenstrijd en de strijd om de beheersing van Midden-Italië. Er zijn nog altijd wonderverhalen, zoals het gekke verhaal over Marcus Curtius, en de Eerste Samnitische Oorlog is vermoedelijk geheel verzonnen. Dat gezegd zijnde: het patroon klopt grosso modo. De climax, de slag bij Sentinum in 295 v.Chr, gaat terug op Romes eerste geschiedschrijver, Fabius Pictor, die ooggetuigen kon interviewen. We zijn nu aanbeland in het volle licht van de geschiedenis – en helaas zijn de volgende tien boeken verloren.
Maquette van Rome (Museo nazionale della civiltà romana, Rome)Waarom wordt gedacht dat Rome op het hoogtepunt in de eerste eeuwen van de jaartelling rond de miljoen inwoners had? Had men in die tijd daar zelf ook een idee van?
Ik heb de materie hier behandeld. Men had enige statistieken ter beschikking.
Klappersteen (Hunebeddencentrum, Borger)Kun je iets vertellen over de Romeinse aanwezigheid op de Veluwe?
We weten van ijzerwinning ten westen van Apeldoorn en ijzerverwerking in Apeldoorn. Je kunt op de Asselse Heide nog steeds de putten vinden waar men klapperstenen dolf. Het erts zal naar Nijmegen zijn gebracht. Opgravingen uit de omgeving van Ede tonen wat van soort boerderijen er ook op de Veluwe geweest zullen zijn, maar die zijn niet in groten getale opgegraven. Ze zijn ook lastig te vinden. Ook kennen we Romeinse marskampen. Onlangs zijn nieuwe kampen ontdekt, lees maar.
Jupiter (Kyrene)Zeiden Romeinen echt “bij Jupiter”?
Ja zeker. Pro Iovem was onderdeel van een gangbare eedformule. Vergelijk het met ons “ik zweer je” als bekrachtiging van een bewering (“Ik zweer je dat ze dat zei, ze lachte er niet eens bij”).
Wordt zo meteen afgerond.
#Apeldoorn #Athene #EersteSamnitischeOorlog #ijzer #MarcusCurtius #marskamp #QuintusFabiusPictor #Sentinum #Standenstrijd #TitusLivius #Veluwe #vragen #vragenRondDeJaarwisseling
Van een ontdekking op een computer naar een professionele opgraving in een Veluws bos. Het kan snel gaan in de archeologie. Vorig jaar ontdekte Jens Goeree op digitale kaarten vier mogelijke nieuwe Romeinse marskampen. Deze week wordt er volop gegraven in de Loenermark.
Eigenlijk wisten we het al, maar wetenschappelijk kan het nu voor de volle honderd procent van de daken worden geschreeuwd: het Tweede Romeinse Marskamp bij Ermelo is... écht een Romeins Marskamp! ,,We hebben iets gevonden waardoor ik het nu zeker weet.’’
LIDAR en de gevolgen
Een vergeten doolhof bij Arcen (foto RAAP)Een week of twee geleden blogde ik over de vernieuwing die de oudheidkunde in de twintigste eeuw heeft ondergaan dankzij lucht- en satellietfotografie. Daarbij werden soil marks en crop marks geregistreerd, die de aanwezigheid van gebouwen kunnen documenteren. Met radar werden oude rivierbeddingen opgespoord. Dit is allemaal tweedimensioneel. Onze eenentwintigste eeuw voegde er de derde dimensie aan toe: laserscans.
LIDaR
In feite gaat het om iets dat lijkt op een radar: een apparaat zendt een signaal uit en registreert de echo. Het tijdverloop tussen signaal en echo geeft de afstand aan. Alleen gaat het dit keer niet om een radiosignaal maar om een laserpuls. Die pulsen worden bij duizenden en duizenden gezet, waardoor heel gedetailleerde metingen mogelijk zijn en obstakels te omzeilen zijn. Als bijvoorbeeld een vliegtuig – het kan ook een satelliet zijn – pulsen uitzendt boven een bos, zullen negen van de tien pulsen terugkaatsen van het bladerdak maar zal de tiende puls de bodem raken. Zo ontstaat een dubbel signaal en zijn niet alleen de boomkruinen te registreren maar valt ook het bodemreliëf in kaart te brengen. De methode staat bekend als LIDaR ofwel Laser Imaging Detection and Ranging.
Het bekendste voorbeeld uit de archeologie is Caracol, een stad van de Maya’s in het huidige Belize. Normaal veldwerk zoals ik zelf nog eens heb mogen leren zou vele maanden, misschien wel jaren hebben gekost, maar in 2010 ging het allemaal bliksemsnel. Dichter bij huis ontdekte de Duitse archeoloog Steve Bödecker met LIDaR allerlei Romeinse marskampen en oefenkampen (bij Bonn, bij Xanten). Uit Nederland is er deze leuke ontdekking.
U kunt het hoogtebestand voor Nederland hier en voor Vlaanderen daar bekijken. Het is namelijk voor een deel openbare informatie, waarvan de kwaliteit alleen maar zal verbeteren. Als alles goed gaat, begint de Duitse TerraSAR-X NG in 2025 met waarnemingen die de aarde vastleggen met een resolutie van 25 centimeter. Dat heet microreliëf.
Elk voordeel heeft een nadeel
Dit is allemaal geweldig mooi. U kunt zich voorstellen hoe oudheidkundigen de LIDaR-metingen gebruiken voor drie-dimensionele reconstructies. Eén probleem heb ik hierboven al aangestipt: het is openbare informatie. Een vandaal zou met een paar muisklikken kunnen ontdekken waar verhandelbare oudheden in de grond zitten. Een mogelijke oplossing is dat de fijnste resolutie niet openbaar wordt gemaakt. Daarom schreef ik dat het “voor een deel openbare informatie” is, maar dat is onbevredigend. Het is principieel onjuist als wetenschappers informatie achterhouden. Bovendien is de onuitgesproken aanname dat archeologen alleen maar keurig zijn.
Het kan trouwens nog leuk worden als het microreliëf echt een beetje goed in kaart is gebracht. Inclusief de oneffenheid in uw achtertuin die u wilde egaliseren. Ik kan me voorstellen dat een louche ondernemer, die alle bouwplannen in het land controleert op verstoringen van het microreliëf, zich bij u aandient met de vraag hoeveel u wil betalen opdat hij geen melding maakt van verstoring van het bodemarchief. “U hebt een mooie tuin,” zal zo iemand zeggen, “het zou jammer zijn als er archeologen kwamen kijken.”
Bescherming
Wat ons brengt bij het tweede probleem: wat is een vindplaats eigenlijk? De bescherming van het bodemarchief veronderstelt afbakening, maar die is er niet langer nu archeologen hele landschappen kunnen bestuderen. Hoe meer informatie hoe beter, natuurlijk, maar het betekent ook dat een steeds groter gebied te typeren valt als wetenschappelijke informatie. Nu weet elke archeoloog dat je niet álles kunt bewaren, maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Ik verwijs nog eens naar de drogreden die mijn goede vriend Richard hier aan de kaak stelt.
Kortom, LIDaR dwingt ons geheel anders naar het bodemarchief te kijken. Het laatste woord is er nog niet over gezegd. Ook omdat er nog een vierde dimensie is, tijd, waarover we het ook nog eens moeten hebben.
[In de reeks “Methode op Maandag” (MoM) probeer ik uit te leggen waarom de oudheidkundige wetenschappen wetenschappen zijn. De stukjes verschijnen niet elke maandag en ook niet uitsluitend op maandag, maar de reeks heet nou eenmaal zo.]
Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. In het voorjaar organiseer ik een reis naar Bulgarije en een andere reis langs Keltische locaties.
Deel dit:#3dScans #ActueelHoogtebestand #bodemarchief #Caracol #cropMarks #LIDAR #marskamp #MayaS #scans #vandalisme