Nuttig en nutteloos: paradigma
Geocentrisme en heliocentrisme (Mathematisch-Physikalischer Salon, Dresden)
Een mens krijgt in de loop van de dag heel wat informatie over zich uitgestort. Je zou een criterium willen hebben om snel zin en onzin te scheiden, zodat je niet teveel tijd verspilt aan de onzin. Eén zo’n criterium is of een schrijver of spreker het woord “paradigma” gebruikt. Dat woord geeft feitelijk aan dat de informatie die zal volgen, niet de moeite van het luisteren of lezen waard is. Een nuttig woord dus, dat u eindeloos veel tijd bespaart.
Merton en Kuhn
Het had anders kunnen zijn. De term is ooit gemunt door de Amerikaanse socioloog Robert Merton (1910-2003), die ermee bedoelde dat groepen wetenschappers tal van onuitgesproken aannames delen, waarbij valt te denken aan concepten, zaken die als problematisch worden ervaren, de procedures om zulke problemen op te lossen, en onomstreden inzichten die kunnen dienen als basis voor verder onderzoek. De uitdrukking “paradigma” werd later door de wetenschapssocioloog Thomas Kuhn (1922-1996) gebruikt om uit te leggen wat een wetenschappelijke revolutie was. In zijn visie waren er periodes van normale wetenschap, waarin het paradigma à la Merton niet ter discussie stond, en plotselinge omslagen, “wetenschappelijke revoluties”, waarbij het paradigma veranderde.
Het bekendste, door Kuhn gehanteerde voorbeeld is de overgang van het geocentrische wereldbeeld naar het heliocentrische. Maar er zijn natuurlijk allerlei andere voorbeelden. Darwin ruilde het idee dat de diersoorten altijd dezelfde waren, in voor het idee dat ze zich langzaam aanpasten. Of denk aan de wijze waarop een halve eeuw geleden het geschiedbeeld waarin Europa centraal stond (als de samenleving die zich sneller had ontwikkeld dan de andere), werd vervangen door het genre “wereldgeschiedenis”.
Complicaties
Er zijn echter twee problemen. Het eerste is: Kuhn was notoir slordig in zijn taalgebruik. Al in 1975 telde de Britse filosofe Margaret Masterman – ik meen – een stuk of dertig betekenissen van het woord “paradigma” in het oeuvre van Kuhn. Vermoedelijk verklaart deze vaagheid de populariteit van de uitdrukking. Iedereen kan de term gebruiken zoals dat het beste uitkomt. Kuhn nam de kritiek ter harte en zou in latere publicaties onderscheid maken tussen twee soorten paradigma.
Het tweede probleem is dat een paradigma, wat het dan ook precies moge wezen, in elk geval aannames betreft die onuitgesproken blijven. Dat maakt de inhoud van het paradigma (en dus de betekenis van een wetenschappelijke revolutie) lastig te beschrijven. Zo kun je van de overgang naar het heliocentrisme zeggen dat de stilzwijgende aanname dat de aarde het middelpunt van het universum was werd vervangen door het inzicht dat alles draaide om de zon, maar je kunt ook zeggen dat de stilzwijgende aanname die moest wijken, was dat de Bijbel relevant was voor de natuurwetenschap. Aangezien de inhoud van het paradigma onbewust is, kun je er van alles op projecteren.
Dat kun je oplossen door te zeggen dat het gaat om wél bewuste aannames, zoals de Nederlandse oudhistoricus Henk Versnel opperde, maar dan ontneem je de term zowel het enige waar iedereen het over eens is als het belang. Immers, Merton en Kuhn benadrukten dat het wetenschappelijke proces een onbediscussieerd en dus niet-wetenschappelijk aspect bezit.
Nutteloos en daarom nuttig
Wat ik maar zeggen wil: het woord “paradigma” heeft inmiddels geen betekenis meer. Het woord is daarmee nutteloos geworden. We kunnen beter “onuitgesproken aannames” zeggen en dat eventueel concretiseren door te zeggen dat we het hebben over een gedeeld concept, of een door de betrokkenen herkend probleem, of een overeengekomen methode, of een onomstreden inzicht – en we kunnen het daarbij laten.
Zoals het woord nu wordt gebruikt, is het veelal dikdoenerij. De spreker hoopt dat het publiek onder de indruk is, terwijl het woord feitelijk functioneert om het publiek te doen weten dat de spreker moeilijke woorden gebruikt zonder de zinledigheid te begrijpen. De functie van het woord is: aangeven dat wat volgt, grotendeels onzin is. Zoiets heet een disfunctie, en ook die term is in zijn hedendaagse betekenis gedefinieerd door Robert Merton.
[De oudheidkundige wetenschappen zijn in de eerste plaats wetenschappen. Een overzicht van stukjes over het wetenschappelijk aspect, vindt u daar.]
#HenkVersnel #MargaretMasterman #paradigma #RobertMerton #ThomasKuhn #wetenschappelijkeRevolutie