De Bourgondiërs in Limburg
Karel de Stoute (Rogier van der Weyde)Het is een slecht voorteken als in een museumgarderobe alle lockers vol zitten. Dan zijn er te veel bezoekers. Ook ziet het er slecht uit als je met je kaartje ongevraagd het apparaat voor de audiotour in handen gedrukt krijgt. Audiotours betekenen immers dat je eindeloos zult kijken naar dezelfde ruggen, die in hetzelfde tempo door de zaal bewegen. Je verwachtingen worden nog lager als je je herinnert dat eerdere museumbezoekers je voorhielden dat de audiotour te lange uitleg geeft.
Ik zag dus een beetje op tegen het bezoek aan de expositie over de “Bourgondiërs in Limburg” in het Limburgs Museum in Venlo. Dat kwam ook door het thema, dat me te veel geïnspireerd leek door het populaire boek van de Belgische auteur Bart Van Loo. Ik houd er niet van als musea hun oren laten hangen naar een door anderen bepaalde actualiteit. Het suggereert weinig vertrouwen in het eigen aanbod en de eigen missie.
Bourgondiërs en hun erfenis
Gelukkig viel dat allemaal reuze mee, en niet slechts omdat het prima mogelijk bleek van de expositie te genieten zonder audiotour. Het museum toont het verhaal van hertog Filips de Goede (r.1419-1467), hertog Karel de Stoute (r.1467-1477) en hertogin Maria de Rijke (r.1477-1482), met een uitloop naar de zestiende eeuw. Maria trouwde met Maximiliaan van Habsburg, waarmee een groot deel van de Bourgondische gewesten in Habsburgse handen kwamen – ze heet niet voor niets “de Rijke”, want ze bracht een interessante bruidsschat met zich mee.
Het Groot PrivilegeOm na de gewelddadige dood van haar vader Karel zelf erkend te worden, garandeerde ze in het Groot Privilege de gewestelijke rechten, waaronder de bepaling dat de gewesten op eigen initiatief mochten samenkomen. Maximiliaan en zijn opvolgers zouden deze rechten steeds meer negeren, wat de gewesten er in 1572 niet van weerhield om toch op eigen initiatief te vergaderen en een eigen landheer aan te wijzen: Willem van Oranje. Het Groot Privilege is de juridische basis van de Opstand en ik vond het leuk die zo belangrijke tekst eens te zien.
De samenstellers zijn eerlijk: meteen aan het begin maken ze met een enorme landkaart duidelijk dat Limburg in de vijftiende eeuw niet bestond. De Nederlandse en Belgische provincies met die naam corresponderen met het land van de Midden-Maas, en dat was destijds nog een lappendeken van grote en kleine gewesten. Tegelijk tonen de samenstellers dat er in precies deze periode een eigen Limburgse kunststijl ontstond, die ze aanwijzen bij de beeldsnijder Jan van Steffeswert en de kunstenaars van de ateliers die bekendstaan als de Meester van Elsloo.
Jan van Steffenswert, Sint-RemigiusZelfpresentatie
Ook maken de samenstellers meteen duidelijk dat de associaties die wij hebben met Bourgondië, zoals welvaart en gastronomie, weinig zeggen over het toenmalige leven. Weliswaar nam in West-Europa de welvaart na de Zwarte Dood grosso modo toe, voor rijk én arm, maar onze associaties hebben vooral betrekking op het hof van de Bourgondische hertogen. De daar geëtaleerde luxe diende een politiek doel: tonen dat men niet slechts een leenheer was van de koning van Frankrijk, maar eigenlijk de koningstitel waard was van het aloude Middenrijk.
Deze zelfpresentatie had een opvallend atavistisch tintje. Wie een Orde van het Gulden Vlies bedenkt, kijkt terug naar de Griekse Oudheid; wie zich aandient als Kruisvaarder, loopt ook ruim anderhalve eeuw achter de feiten aan. Tegelijk namen de hertogen maatregelen die modern aandoen, zoals het streven naar eenheid in de verzamelde gewesten, onder andere door middel van centrale instellingen. Het door de hertogen gevoerde wapen was samengesteld uit oudere heraldische tekens, zodat duidelijk werd dat de aloude gewesten voortaan een eenheid vormden.
David van Bourgondië, bisschop van UtrechtCodex Justinianus
Er is in Venlo van alles te zien: opvallend veel schilderijen, zoals van Hans Memling en Rogier van der Weyden, wandtapijten, een krans van een orderidder van het Gulden Vlies, een reliekhouder en religieuze sculptuur, een haakbus en andere wapens, pelgrimstekens, glas-in-lood. Op de muren zijn citaten uit de toenmalige teksten te lezen; ik was verrast Mariken van Nieumeghen te herkennen, en natuurlijk hoort zij er wel bij.
Iedere bezoeker zal een eigen favoriet voorwerp hebben. Voor mij was dat een uit ca. 1335 stammend afschrift van de Codex Justinianus, een belangrijke Laat-Romeinse verzameling wetten. Het manuscript lag opengeslagen bij het begin van Boek 11, dat handelt over de Collatio lustralis, een soort omzetbelasting. Samen met twee even oude wetboeken (de Institutiones en de Digestae) vormde de Codex in de Late Middeleeuwen de grondslag van een pan-Europees rechtsstelsel.
Codex JustinianusToen ik ernaar keek en probeerde het handschrift te lezen, realiseerde ik me dat de Bourgondische belastingheffing, de economie en het muntstelsel vrij weinig aandacht hadden gekregen op deze expositie. En dat terwijl de Bourgondische Muntunie een van de eerste pogingen is geweest om tot een eenheidsmunt te komen – en nog redelijk succesvol ook.
Wat ik maar wil zeggen: de “Bourgondiërs in Limburg” is meer een kunsthistorische dan een historische tentoonstelling. Dat is de keuze die de conservatoren maakten, en dat kun je jammer vinden of juist toejuichen, maar het museum haalt de doelen die het zich heeft gesteld. Er zijn weinig verrassingen, maar de expositie “Bourgondiërs in Limburg” is de moeite van een bezoek zeker waard. Ze is er nog tot en met 1 februari in het Limburgs Museum, op een boogscheut van het spoorwegstation van Venlo.
Wandtapijt met ValkenjachtPS
Elders in het museum is een leuke expositie Betoverend Brons, gebaseerd op het kinderboek Brons van de zeer door mij bewonderde auteur Linda Dielemans.
#BartVanLoo #Bourgondiërs #CodexJustinianus #FilipsDeGoede #HansMemling #JanVanSteffeswert #KarelDeStoute #Limburg #LimburgsMuseum #MariaDeRijke #MaximiliaanIVanOostenrijk #MeesterVanElsloo #RogierVanDerWeyden







