De Arabische verovering van Andalusië (1)
De Straat van GibraltarIk heb al vaker geblogd over de grote Arabische veroveringen: de laatste grote gebeurtenis uit de Oudheid. Het gaat om twee verwante processen, namelijk enerzijds het ontstaan van de Arabische heerschappij (anders gezegd, van het Kalifaat) en anderzijds – en iets langzamer – de verspreiding van een Arabisch monotheïsme. De geleidelijke arabisering van de samenleving is dan nog een derde proces.
Enkele jaartallen: in 641 veroverden de Arabieren Alexandrië op de Byzantijnen, in het volgende jaar bereikten de legers de Cyrenaica, en tussen 647 en 695 namen de Arabische troepen het huidige Tunesië over. Daar, in wat ze Ifriqiya noemden, stichtten ze Kairouan, ver in het binnenland, onbereikbaar voor de Byzantijnse vloot, en gunstig gesitueerd voor het geval er nog met de Berbers zou moeten worden gevochten. De arabisering van de Maghreb nam een aanvang.
Vanaf toen konden de bewoners van het Rijk van Toledo een Arabische aanval verwachten, zeker omdat de meeste Arabische oorlogen begonnen als strooptochten (gazwas), in regio’s waar makkelijk veel te roven viel en Andalusië zo’n beetje het schoolvoorbeeld was van zo’n regio. Volgens de Britse historicus Roger Collins hadden er al strooptochten plaatsgevonden voordat Tariq ibn Ziyad in april 711 met ruim 11.000 Arabieren en Berbers de Middellandse Zee overstak op de plek die nog altijd Jebel Tariq heet, “Tariqs berg” ofwel Gibraltar. De bestuurders van Iberië hadden het dus kunnen zien aankomen, maar werden desondanks overrompeld.
In juli 711 versloegen de Arabieren en Berbers, die niet méér wilden dan plunderen, in de omgeving van het huidige Jerez het leger van koning Roderik (Rodrigo), waarna de joden in Córdoba en Écija Tariq als bevrijder binnenhaalden. Of hun enthousiasme oprecht was of een noodgedwongen aanpassing aan het simpele feit dat er geen Iberisch leger meer was dat de steden kon beschermen, valt niet uit te maken. Wel moet worden aangetekend dat de handelingen van de diverse Synodes van Toledo duidelijk maken dat de christelijke autoriteiten de joden liever zagen gaan dan komen.
Merkend dat annexatie van het Iberische Schiereiland niet onmogelijk was kwam Musa ibn Nusayr, de gouverneur van Ifriqiya, met 18.000 man aan en nog in de herfst konden de twee legers Toledo innemen. De buit was immens. De Arabische geschiedschrijver Ibn Abd al-Hakam weet dat de veroveraars de Tafel van Salomo (d.w.z., de Tafel met de Offerbroden), die de Visigoten in 410 hadden meegenomen uit Rome, naar Damascus stuurden.noot Ibn Abd al-Hakam, De verovering van Egypte, de Maghreb en Andalusië 21. Musa zei dat dit geen verovering meer was maar niets minder dan de Dag des Oordeels.noot Ibn Abd al-Hakam, De verovering van Egypte, de Maghreb en Andalusië 23..
Muurschildering van de zes koningen, Qusair ‘AmraVoor ik afrond, nog even een woord over het plaatje hierboven. Ik maakte de foto in Qusair ‘Amra, een van de “desert castles” in Jordanië. Het stelt vier koningen voor die door de Arabische legers waren verslagen: de Byzantijnse keizer, koning Roderik van Toledo, de Sasanidische koning en de Negus van Ethiopië, en twee niet geïdentificeerde vorsten. Dat Roderik op één lijn stond met deze drie grote heersers, zegt heel veel over het prestige van het Rijk van Toledo.
#Andalusië #Écija #Córdoba #desertCastles #ElAndalus #Gibraltar #IbnAbdAlHakam #MusaIbnNusayr #QusairAmra #RijkVanToledo #Roderik #RogerCollins #Spanje #StraatVanGibraltar #TariqIbnZiyad







