Voor-westerse geschiedenis (7) het “image of limited good”

Alles wat kracht kostte, was te herleiden tot spierkracht (Louvre, Parijs)

Toen ik deze reeks “voor-westers” doopte, was dat enerzijds om aan te geven dat het gaat over een wereld die er was vóórdat het idee van West-Europa ontstond en anderzijds omdat ik het heb over iets wat voorafgaat aan de historische gebeurtenissen – noem het de voorwaarden, de factoren of de omstandigheden die het menselijk handelen beperken en beïnvloeden. Er is nog een derde reden om de periode af te bakenen van de algemene geschiedenis van de westerse wereld: het energiebeheer. Simpel geformuleerd was vrijwel alle energie in de voor-westerse wereld te herleiden tot voedsel. En dat is hoogst problematisch.

Onoverkomelijke grenzen

Neem het geval van de boer die meer wil produceren, dus meer land moet bewerken en dus meer zal moeten ploegen. Dat vergt extra energie en die energie zal de boer moeten halen uit zijn voedsel. Hij zou die beperking kunnen oplossen door een rund of dromedaris voor de ploeg te spannen, maar ook dat dier zal eten. Een aanzienlijk deel van wat méér geproduceerd zou kunnen worden, verdwijnt dus in het arbeidsproces.

Een andere oplossing zou kunnen bestaan aan het vergroten van de opbrengst door het land vruchtbaarder te maken – maar daarvoor is extra mest noodzakelijk en om die te produceren is een extra dier nodig, dat de extra oogst weer opeet. De duiventil, zo handig om aan guano te komen, was in de Parthische tijd al bekend in Iran en de oudste nog functionerende tillen zijn te vinden in hetzelfde land. In westelijkere gebieden werd deze toepassing van de duif pas later bekend.

Heel erg veel soelaas bood guano bovendien niet. In de voorindustriële samenleving waren eigenlijk altijd onoverkomelijke grenzen aan de productie. De werkelijke oplossing is overschakelen naar een product dat in verhouding tot de geïnvesteerde arbeid meer voedingsstoffen levert: van vlees schakel je dus over naar graan.

Duiventil uit Isfahan

De grote omslag kwam toen Europa de beschikking kreeg over aardappelen en definitief de grenzen overschreed die aan de productie waren gesteld. Voortaan waren er minder mensen nodig in de landbouw, en die stroomden uiteindelijk naar de werkplaatsen, waar de productie kon worden verhoogd. Koppeling van de machines aan watermolens, windmolens en stoommachines maakte de productie voorgoed onafhankelijk van voedsel. De westerse cultuur onderscheidt zich dus van de voor-westerse cultuur door aardappelen; ik schrijf dit zonder ironie.

Het harde leven

Tot de komst van de aardappel was het leven, zoals elke docent in elk oudheidkundig vak elk jaar elke groep eerstejaars weer voorhoudt, vooral overleven. De basis van het dieet bestond in alle regio’s uit graanproducten, en werd aangevuld door een variatie van groente, vruchten en vruchtensap (waaronder wijn). Daaraan konden de mensen olijven of dadels toevoegen, maar niet veel meer.

Vlees was een zeldzaam voorrecht omdat de weide waar een rund liep, niet gebruikt kon worden om graan te produceren. Varkens hadden minder ruimte nodig, maar deze dieren aten afval, zodat de kans levensgroot was dat je er een lintworm aan overhield; de enorme hoeveelheid amuletten tegen maagkrampen die ooit werd tentoongesteld in het Römisch-Germanisches Museum in Keulen, sprak boekdelen. Trouwens, de toenmalige varkens boden minder vlees dan de huidige. Het zegt iets dat het feestmaal op Bruegels schilderij De Boerenbruiloft bestaat uit pap en brood, niet uit vlees. Dat was echt iets voor de absolute elite en wie daar niet bij behoorde, leefde een hard leven, waarin alles draaide om de agrarische jaarcyclus en alles was ingeperkt door onoverkomelijke grenzen.

Nou ja, bijna onoverkomelijk. Met gewaswisseling en specialisatie viel wel enige productiewinst te bereiken – maar dit was voorbehouden aan degenen die de investeringen konden doen, en dat was eigenlijk alleen de absolute elite. Voor de meeste mensen bleven de grenzen bestaan.

Limited good

De onoverkomelijkheid van de productiegrenzen vormt een belangrijk punt. Waar wij gewend zijn aan economische groei (en dus vooruitgang ofwel de mogelijkheid nieuwe morele keuzes te maken), zag men destijds vooral de onmogelijkheid tot ontwikkeling. Alles wat goed was – voedsel, bezit, vrijheid, eer – was beperkt en als de een meer kreeg, kreeg de ander minder. Het antieke en middeleeuwse leven werd, in moderne termen, voorgesteld als een zero-sum-game. En die interpretatie van de werkelijkheid was niet onjuist.

Deze opvatting, die bekendstaat als het “image of limited good”, werd dan ook universeel gedeeld. Bisschop Ambrosius wierp degenen die meenden iets verdienstelijks te hebben gedaan door aalmoezen te geven, voor de voeten dat ze de armen slechts hadden teruggegeven wat al van hen was, aangezien de aarde aan iedereen was geschonken en de rijken zich van alle bezittingen een onevenredig deel hadden toegeëigend.

Het “image of limited good” verklaart tal van verschijnselen uit de antieke samenleving, zoals de meedogenloze concurrentie tussen politici van de Romeinse Republiek: als de ene senator meer eer en prestige had, ging dat ten koste van de eer en het prestige van de andere senatoren. Maar het voornaamste gevolg was dat de voor-westerse samenleving zich keerde tegen sociale verandering: als die een verbetering zou zijn, zouden sommige mensen daarvan meer vruchten plukken dan andere, en dus keek men vol wantrouwen naar elke verandering. En daarmee is het “image of limited good” zowel het logische gevolg als een oorzaak van de stagnatie van de voor-westerse wereld.

[Een overzicht van de blogjes in deze reeks groeit hier.]

#aardappel #Ambrosius #duif #eer #guano #imageOfLimitedGood #mest #MiddellandseZee #NabijeOosten #PieterBruegel #rund #varken #vlees #voorWesterseGeschiedenis #watermolen #windmolen

Voor-westerse geschiedenis (6) herders

Herders in de Zagros

Wie door het Midden-Oosten reist, stuit vroeg of laat onvermijdelijk op herders die hun kuddes verplaatsen van de zomer- naar de winterweiden en terug. Ze trekken daar wat meer de aandacht dan in Griekenland of Italië, hoewel ook daar nog altijd herders zijn die met geiten en runderen heen en weer trekken. In Spanje zijn de cañadas, de wegen waarlangs herders hun kuddes verweidden, niet meer wat ze zijn geweest, en dat geldt ook voor de drailles uit het zuiden van Frankrijk, maar de aloude levenswijze is niet verdwenen. Ik zag vorige maand ergens bij Murcia nog een verkeersbord dat automobilisten attendeerde op grote kuddes.

Ook in onze eigen contreien benutten boeren nog altijd winter- en zomerweides. Ik herinner me uit mijn Veluwse jeugd dat de koeien met vrachtwagens naar Friesland gingen. De winter- en zomerweiden hoeven overigens niet zo ver uit elkaar te liggen: in Zwitserland bestaat Almwirtschaft, waarbij de kuddes van het dal naar – je raadt het nooit – de alm worden verplaatst. En weer terug natuurlijk. Het moge duidelijk zijn: veeteelt beperkt zich niet tot ’n grasveldje met wat prikkeldraad erom.

De marginale herder

Het verplaatsen van kuddes is iets van alle tijden, maar oudheidkundigen hebben er lange tijd onvoldoende aandacht aan besteed. De jargonterm is transhumance, maar u mag ook gewoon verweiding zeggen. De betrekkelijk geringe belangstelling hangt ermee samen dat de echte herder – in tegenstelling tot de geïdealiseerde herder van de poëzie – vrijwel afwezig is in de antieke literatuur en bovendien archeologisch vrijwel niet is te vinden. De seizoensmigratie tussen de Scheldevallei en Drenthe is bijvoorbeeld bekend uit één terloopse vermelding in een laatantieke bron plus wat eenvoudig, in België opgegraven aardewerk, vervaardigd van Hunzeklei. Maar het documenteert de permanente onderstroom van kuddes, mensen en ideeën die er altijd is geweest.

Xavier De Cock, “De Meersstraat in Gent” (1862) (Museum voor Schone Kunsten, Gent)

Herders waren marginaal. Niet alleen omdat ze voor oudheidkundigen slecht zichtbaar zijn, maar ook omdat ze leefden in de marge van de oude wereld. Zelfs als ze hun kudden niet verplaatsten tussen zomer- en winterweiden, leefden ze ver buiten het dorp, op de braakliggende gronden en verder, op de heide of in de bergen. Ze leefden met hun trouwe honden in een deel van de wereld waar beren, leeuwen, zwijnen en andere wilde dieren voorkwamen – dieren die ze overigens succesvol bestreden. Ter illustratie noem  ik verhalen als dat van Herakles en de Nemeïsche Leeuw of dat van de Kalydonische Jacht.

Levend op de marginale gronden buiten de steden en dorpen, waren de herders ook sociaal marginaal. In het antieke wereldbeeld golden de stedelingen en de akkerbouwers als beschaafd en golden de zwervende veetelers als barbaars. Erger dan dat: omdat herders – als ze dorpelingen waren – de nacht niet thuis doorbrachten, konden ze hun echtgenotes en dochters niet beschermen en waren ze eerloos (net als karavaandrijvers en zeelieden). Herders golden zelfs als dieven, omdat ze hun kuddes weleens leidden over andermans land. Vanuit dit perspectief bezien had Kaïn gelijk toen hij Abel de kop insloeg. Ook Kaïns straf is gepast: God veroordeelt hem tot het zwerversbestaan waar elke landbouwer van gruwde.

Seizoensmigratie en nomadisme

De herder mocht dan wel bij zijn kudde leven aan de marge van de gemeenschap, dorpelingen en stedelingen hadden zijn producten nodig: zuivel, wol, vlees, huiden. Omgekeerd kon de herder niet zonder brood, linnen, keramiek, wijn of muntgeld. De met het seizoen migrerende herder en de sedentaire akkerbouwer hadden dus complementaire levenswijzen. Feitelijk is er arbeidsdeling.

Dat geldt overigens niet voor alle migraties. De zojuist beschreven levenswijze is vooral goed gedocumenteerd aan de west-, noord, en oostzijde van de voor-westerse wereld, waar, zoals gezegd, bergen het landschap domineren. Aan de zuidelijke kant, waar het land meer open en, zoals gezegd, door de dominante winden heel erg droog is, bestaat een andere vorm van seizoensmigratie, waarbij geen arbeidsdeling bestaat en de hele samenleving heen en weer beweegt. Dat is nomadisme: mannen, vrouwen, kinderen, dromedarissen en kuddes bewegen dan over veel grotere afstanden. Nomadisme bestond en bestaat verder in Centraal-Eurazië, waar mensen nog steeds leven in yurts.

Deur van een Afghaanse yurt (Antropologisch Museum, Madrid)

De Franse historicus Fernand Braudel, wiens boek La Méditerranée me op weg helpt bij deze reeks, benadrukte dat het nomadisme dat we aantreffen tussen het Egyptische Alexandrië en het Tunesische Sfax, en dus ook in Centraal-Eurazië, een heel andere leefwijze is dan de verweiding uit Europa en Voor-Azië. Evengoed is het een oeroude levenswijze, die belangrijk is omdat niet alleen kuddes en mensen zich verplaatsten, maar ook ideeën. Oudheidkundigen houden inmiddels veel serieuzer dan vroeger rekening met denkbeelden die zijn gedocumenteerd in andere regio’s dan de door hen bestudeerde regio – dat is wat op het spel staat in de DNA-revolutie.

[Een overzicht van de blogjes in deze reeks groeit hier.]

#Almwirtschaft #dromedaris #eer #FernandBraudel #geit #Herakles #herders #KalydonischeJacht #MiddellandseZee #NabijeOosten #nomadisme #rund #schaap #seizoensmigratie #transhumance #verweiding #voorWesterseGeschiedenis

𝗖𝗮𝗻𝗮𝗹 𝗖𝗮𝘁𝘄𝗮𝗹𝗸 𝗯𝗲𝘁𝘂𝗶𝗴𝘁 𝘇𝗼𝗻𝗱𝗮𝗴 𝗲𝗲𝗿 𝗮𝗮𝗻 𝗣𝗮𝘂𝗹 𝘃𝗮𝗻 𝗚𝗼𝗿𝗰𝘂𝗺

De Canal Catwalk eert zondag de eind november overleden acteur Paul van Gorcum. Ontwerpers en modellen zullen tijdens het evenement een groot portret van de acteur tonen en als het goed is een minuut stilte in acht nemen. Van Gorcum was ere-voorzitter en ambassadeur van de Canal Catwalk. De modeshow op de...

https://www.rtl.nl/boulevard/artikel/5545916/canal-catwalk-betuigt-zondag-eer-aan-paul-van-gorcum

#CanalCatwalk #eer #PaulvanGorcum

Piper Fowler-Wright (#RosalindFranklinInst) continues the emerging voices telling us about transferible skills for #RSE
He is suggesting #EER Exploration (identify skill gaps), Exchange (teach and communicate) and Reflection (identify connections).

#RSECon25

𝗢𝗹𝗶𝘃𝗶𝗮 𝗥𝗼𝗱𝗿𝗶𝗴𝗼 𝘃𝗼𝗻𝗱 𝗵𝗲𝘁 '𝗲𝗲𝗻 𝗲𝗲𝗿' 𝗼𝗺 𝗺𝗲𝘁 𝗘𝗱 𝗦𝗵𝗲𝗲𝗿𝗮𝗻 𝗼𝗽 𝘁𝗲 𝘁𝗿𝗲𝗱𝗲𝗻

Olivia Rodrigo heeft genoten van haar optreden met Ed Sheeran vrijdagavond op het festival Hyde Park in Londen. In een terugblik op sociale media zaterdag noemt ze het optreden met de beroemde Brit onder meer 'een eer'.

https://www.rtl.nl/boulevard/artikel/5515975/olivia-rodrigo-vond-het-een-eer-om-met-ed-sheeran-op-te-treden

#OliviaRodrigo #EdSheeran #Eer

Olivia Rodrigo vond het 'een eer' om met Ed Sheeran op te treden

Olivia Rodrigo heeft genoten van haar optreden met Ed Sheeran vrijdagavond op het festival Hyde Park in Londen. In een terugblik op sociale media zaterdag noemt ze het optreden met de beroemde Brit onder meer 'een eer'.

RTL Boulevard

Titus Livius (5): kenmerken

Zomaar een Romein, niet per se Titus Livius (Altes Museum, Berlijn)

[Vijfde blogje in een reeks over de Romeinse geschiedschrijver Titus Livius. Het eerste deel was hier.]

Het was ooit een droom geweest van de Romeinse redenaar Cicero dat er nog eens een Romeinse auteur zou opstaan die een geschiedenis van Rome zou schrijven die kon wedijveren met die van beroemde Grieken als Herodotos en Thoukydides. Als Cicero Livius’ Geschiedenis van Rome sinds de stichting van de stad had kunnen lezen, zou hij tevreden zijn geweest. De Romeinse geschiedschrijver mist weliswaar de scherpzinnigheid van een Thoukydides en de humor van een Herodotos, maar zijn beschrijving van het ontstaan en de groei van de Romeinse republiek is een kunstwerk. Voor wie nog nooit iets van Livius heeft gelezen, noem ik drie zaken om op te letten:

  • De invloed van de welsprekendheid
  • De structuur
  • De (politieke) thematiek
  • De invloed van de welsprekendheid

    De Geschiedenis van Rome sinds de stichting van de stad is duidelijk geschreven door iemand die was opgeleid als redenaar. Romeins onderricht bestond vaak uit het spreken over historische onderwerpen: een jongeman moest bijvoorbeeld beargumenteren wat er zou zijn gebeurd als deze of gene historische gebeurtenis niet had plaatsgevonden, moest in een hypothetische situatie argumenten geven voor bepaald beleid, of moest zich inleven in een historische figuur. Livius moet in dit spel een meester zijn geweest, want de door hem ingevoegde toespraken zijn pareltjes.

    Hoewel de aanwezigheid van verzonnen toespraken vreemd op ons voorkomt – het zijn immers geen echte historische feiten – was dit destijds een normale praktijk. Ze boden de auteur de gelegenheid om uit te leggen waarom een persoon handelde zoals hij deed. Livius heeft er echter ook een tweede bedoeling mee: hij gebruikt ze voor psychologische portretten. De twee toespraken van de oude, vermoeide Hannibal en de jonge, bloed ruikende Scipio voor de slag bij Zama vormen geweldige lectuur. Hoewel we niet weten of de zo gegeven portretten correct zijn, zijn ze psychologisch overtuigend en dragen ze bij aan de charme van het geschiedwerk.

    Boek 9 bevat nog een interessante digressie, waarin Titus Livius een stelling verdedigt zoals Romeinen kenden uit de opleiding tot redenaar: hij betoogt dat als Alexander de Grote niet het Perzische Rijk had aangevallen, maar in plaats daarvan naar het westen was gekomen, hij door de Romeinen zou zijn verslagen.

    De structuur

    Als we het eerste boek negeren, dat alleen legendarisch materiaal bevat waarvan ook Livius zegt er geen snars van te geloven, heeft de Geschiedenis van Rome sinds de stichting van de stad een heel eenvoudige structuur: hij beschrijft de gebeurtenissen jaar voor jaar.

    • eerst noemt hij de magistraten die hun naam aan het jaar gaven;
    • daarop volgen de belangrijkste gebeurtenissen in het buitenland, meestal oorlogen;
    • vervolgens zijn er de gebeurtenissen in Rome. Hierdoor behoudt het werk, hoewel het geldt als wereldgeschiedenis, ook het karakter van een lokale kroniek. Livius’ lezer heeft nooit het gevoel dat de wereld te groot is en het verhaal te complex.
    • tot slot noemt Livius andere vermeldenswaardigheden, zoals voortekens, epidemieën, voedseltekorten en bouwprojecten. Eventueel is er een beschrijving van de verkiezingen, maar daarna begint het volgende jaar.

    Livius heeft deze vorm geërfd van eerdere Romeinse schrijvers, de auteurs van de zogeheten Annales, “jaarboeken”. Daarover meer in het blogje van vanmiddag. Zo nu en dan dwaalt Livius af om verwante onderwerpen te behandelen, zoals de vroege geschiedenis van de Galliërs (Boek 5), de oorsprong van Karthago (Boek 16), de vestiging van de Galaten in Anatolië (Boek 38), de etymologie van Baleares (Boek 60), of de gewoonten van de Germaanse stammen (Boek 104). Meestal zijn deze digressies beknopt en verstoren ze het verhaal nooit.

    Zoals we al zagen, behandelt Titus Livius doorgaans meerdere jaren in één boek. De boeken zelf zijn gegroepeerd in eenheden van vijf, tien of vijftien. Voor zover mij bekend, heeft geen enkele andere antieke geschiedschrijver zo’n structuur gebruikt. Livius is echter geen slaaf van zijn systeem. Hij behandelt de Derde Punische Oorlog in de boeken 48-51, die behoren tot twee pentaden. We weten dat er een editie heeft bestaan van de boeken 109-116, die de Acht boeken over de Burgeroorlog heette, wat suggereert dat ook Livius dat achttal als eenheid zag.

    De (politieke) thematiek

    Zoals gezegd was Titus Livius geen historicus. Hij was, zoals alle antieke geschiedschrijvers, een moralist. Wie hem zijn moralisme aanwrijft, maakt in feite een verwijt aan de hele antieke geschiedschrijving. Zijn analyse is ook heel voorspelbaar: de degeneratie van de Romeinen begon met de val van Karthago in 146 v.Chr. Luxe en decadentie waren daarna normaal geworden; rijke mensen gedroegen zich frivool en gaven een slecht voorbeeld aan armere Romeinen, die daardoor hun plaats niet meer kenden. Ze begonnen zelfs politieke eisen te stellen, wat via de opkomst van de Gracchen alleen kon leiden tot burgeroorlogen, meervoud.

    Rome veroverde de wereld, maar verloor zijn ziel: nauwelijks een origineel thema. In 42 of 41 had Sallustius precies hetzelfde geschreven en Augustus deelde de analyse. Wat Livius in zijn geschriften hekelde, probeerde de keizer te genezen met wetgeving over luxe en huwelijk. Een moreel herstel was nog steeds mogelijk, al overweegt Livius in zijn voorwoord dat Rome te ziek is voor het medicijn.

    Bij het reveil speelde Livius in elk geval zijn rol. Mannen moesten weer moedig zijn en hun verantwoordelijkheid nemen in het openbare leven; de even belangrijke plicht van de Romeinse vrouw was in kuisheid de huishouding te doen. Livius toont vaak hoe moed en vroomheid werden beloond en hoe onjuist gedrag werd bestraft. In boek 22 vertelt hij bijvoorbeeld hoe Gaius Flaminius in 217 het consulaat accepteerde zonder de nodige rituelen en onmiddellijk een militaire campagne tegen Hannibal lanceerde. Livius zegt dat veel senatoren dit schandalig vonden en beschouwden het als “geen oorlog tegen de vijand, maar een oorlog tegen de goden”. Het siert Livius, die meestal meeleeft met slachtoffers, dat hij, wanneer Flaminius sneuvelt bij het Trasimeense Meer, niet terugkeert op dat verwijt. Door het vóór de nederlaag te noemen, is de boodschap voldoende duidelijk, en hij vindt het niet nodig de doden een trap na te geven.

    Hoewel Livius Augustus’ zorgen deelde, was hij niet diens propagandist. Zijn eerste zorg was de waarheid. Eén voorbeeld kan volstaan. De Romeinen hadden de gewoonte dat een commandant die een buitenlandse generaal doodde in een tweegevecht, diens wapens mocht presenteren aan Jupiter. Deze spolia opima golden als zeer prestigieus. In 29 v.Chr. eiste een Romeinse aanvoerder het eerbewijs op, maar Augustus vond dit te veel eer voor een gewone bevelhebber, en bedacht een nieuwe regel, waarin stond dat alleen consuls in aanmerking kwamen. Helaas was een van degenen die het eerbewijs had ontvangen, een zekere Cossus, geen consul geweest, maar Augustus pretendeerde dat dit wel zo was geweest. Wanneer Livius in zijn geschiedwerk de overwinning van deze Cossus beschrijft,noot Livius 4.20. stelt hij onomwonden dat de oorlogsheld een tribuun was geweest, en hij noteert in iets dat eruitziet als voetnoot dat Augustus het niet eens was met de integrale historische traditie. Hij zegt nergens expliciet dat Augustus een leugenaar was, maar de boodschap was duidelijk.

    [wordt om 13:00 vervolgd]

    #annalistiek #antiekeGeschiedschrijving #digressie #eer #klassiekeGeschiedschrijving #TitusLivius

    𝗡𝗼𝗿𝗮 𝗚𝗵𝗮𝗿𝗶𝗯 𝘀𝗹𝘂𝗶𝘁 𝗞3-𝗵𝗼𝗼𝗳𝗱𝘀𝘁𝘂𝗸 𝗮𝗳: '𝗪𝗮𝘁 𝗲𝗲𝗻 𝗲𝗲𝗿 𝗼𝗺 𝗱𝗶𝘁 𝘁𝗲 𝗯𝗲𝗹𝗲𝘃𝗲𝗻'

    Na maandenlang als tijdelijke vervanger op het podium te schitteren in de wereld van K3, heeft Nora Gharib (31) haar laatste show gespeeld. Op Instagram blikt ze terug.

    https://www.rtl.nl/boulevard/entertainment/artikel/5510082/nora-blikt-terug-op-k3-avontuur

    #NoraGharib #K3 #Eer

    Nora Gharib sluit K3-hoofdstuk af: 'Wat een eer om dit te beleven'

    Na maandenlang als tijdelijke vervanger op het podium te schitteren in de wereld van K3, heeft Nora Gharib (31) haar laatste show gespeeld. Op Instagram blikt ze terug.

    RTL Boulevard

    EuroScope : L'UE structure son avenir scientifique avec le nouvel agenda EER

    🔹 Un marché intérieur de la connaissance renforcé
    🔹 Recherche verte, numérique et plus accessible
    🔹 Pas de volet sur la propriété intellectuelle

    👉 https://whatsapp.com/channel/0029VaE5Wl8Dp2Q7vJyg0G30

    #RechercheEurope #Innovation #EER #ScienceOuverte #UnionEuropéenne #EuroScope

    EuroScope : la chaîne sur l’Europe | WhatsApp Channel

    EuroScope : la chaîne sur l’Europe WhatsApp Channel. 🌐 *Bienvenue dans "EuroScope 🇪🇺"!* 🚀 Passionné par l'avenir de l'Europe? Rejoignez notre fil pour une veille captivante! 🌍🔍 🤝 Échangez sur les développements politiques, les enjeux sociaux, et découvrez les initiatives européennes qui façonnent notre continent. 🔔 *Prêts à explorer l'actualité passionnante de l'Europe?*🚀🌐📰 https://www.youtube.com/@protomandator https://www.tiktok.com/@protomandator. 162 followers

    WhatsApp.com