Museum Dorestad heropend (3)
Museum Dorestad[Derde deel van een blog over het belang van Museum Dorestad in Wijk bij Duurstede. Het eerste was hier.]
Museum Dorestad
De bezoeker zal eerst naar de bovenverdieping klimmen, waar de eerste zaal is gewijd aan de voorgeschiedenis. Naar mijn smaak had daar iets meer aandacht mogen zijn voor de IJzertijd, want de naam “Dorestad” is Keltisch – duron betekent zoiets als versterking. Het museum begint nu met de Romeinse aanwezigheid bij de splitsing van Rijn en Lek.
De tweede zaal is ingericht als schip. De bezoeker kan meevaren en een film zien over een historische gebeurtenis: een mevrouw Katla heeft ooit van haar moeder opdracht gekregen om aalmoezen te gaan verdelen in Dorestad, en we weten dat ze een lange zeereis heeft gemaakt om daar te komen. Het filmpje toont hoe die reis gegaan kan zijn, hoe Dorestad eruit zag, welke handel er plaatsvond (zoals in slaven) en hoe men er ook feest kon vieren. Heel slim heeft het museum ervoor gekozen er een tekenfilm van te maken; met de computer gegenereerde beelden ogen realistischer, maar ze verouderen snel. Het Katla-filmpje kan nog wel even mee.
De derde, grote zaal toont de vondsten. Het pronkstuk is een enorme, met veel zorg gemaakte maquette van de oude stad. Eerlijk is eerlijk: de archeologische vondsten zelf zijn niet van het kaliber dat u verwacht in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden of de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in Brussel. Maar ze zijn interessant genoeg.
Interessant is bijvoorbeeld de documentatie van het internationale handelsnetwerk. Het gevonden aardewerk documenteert contacten van Scandinavië tot Italië en van Ierland tot Polen. Een schelp komt zelfs helemaal van de Indische Oceaan. Er is een vitrine met zwaarden, keurig voorzien van uitleg van de diverse blanke wapens: een achtste-eeuwse langsax, een rijk versierde negende-eeuwse spatha, een kling met pareerstang, een kling met angel.
Een geestige, van twee kanten te bekijken tekening illustreert twee visies op de Vikingen: van de ene kant bezien zie je het cliché van de plunderaar met de runderhoorns op z’n helm, een strijdbijl en een cape; van de andere kant zie je een wetenschappelijke reconstructie met een eenvoudige kap, een hakbijl en een simpele mantel.
De opening
Museum Dorestad is op 12 december heropend, net op tijd voor de kerstvakantie en voor het honderdjarig bestaan. Maar zoals het gaat met nieuwe musea: het is nog nét niet helemaal klaar. Althans niet toen ik het een paar dagen later bezocht. Bij de vitrine met geïmporteerde stukken ontbreekt het bordje met uitleg; een helm die nu nog is te zien in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden, moet nog naar Wijk bij Duurstede worden overgebracht.
Een beetje triest is overigens dat de heropening niet het decorum had dat je bij een weliswaar kleine maar belangrijke culturele instelling verwacht. Eigenlijk had de bekendste historicus van Nederland, Willem-Alexander van Oranje-Nassau, aanwezig moeten zijn. Ik schrijf dit zonder ironie. Als geschoold geschiedkundige was hij in de positie doordachte opmerkingen te maken over presentisme, beleefbaarheid en de relatie tussen vaderlands en Europees verleden. Maar de koning was er niet. Zelfs de burgemeester van Wijk bij Duurstede was afwezig, omdat het college van B&W onlangs is afgetreden. Maar Museum Dorestad is weer open, dat is het voornaamste, en het is een bezoekje waard.
PS
Niet helemaal Dorestad, zelfs niet Frankisch, maar wel Germaans: Olivier van Renswoude heeft het gedicht Beowulf in het Nederlands vertaald. Zijns inziens zou eigenlijk iedereen vertrouwd met het gedicht moeten zijn, dat zich immers afspeelt in de wereld die ook die van Friezen en Franken was. Wie het niet leest, doet zichzelf tekort – en trouwens, de vertaling is gewoon te vinden op het wereldwijde web.
[Ik publiceerde dit stuk afgelopen zaterdag al op VersTwee.]
#Beowulf #Dorestad #Franken #Friezen #MuseumDorestad #OlivierVanRenswoude #presentisme #WijkBijDuurstede #WillemAlexander
