Stefanus

Stefanus (Kykkos-klooster)

Een van de opmerkelijke discussies die we tegenkomen in de Handelingen van de Apostelen, is die over de plaats van de niet-Joden in de vroege christelijke kerk. Ook de diverse brieven die in het Nieuwe Testament zijn opgenomen, documenteren deze kwestie. Dat erover gesproken is geweest, bewijst dat Jezus er geen standpunt over heeft ingenomen. Hij kwam om de verloren schapen van Israël te redden, maar hij lijkt niets tegen andere volken gehad te hebben. De anekdote over de Romeinse officier die verzoekt om de genezing van een knecht, lijkt dit te bevestigen: de schets van een vriendelijke verhouding tussen Joden en niet-Joden is in elk geval heel oud, aangezien ze na pakweg 40, toen de relatie op scherp kwam te staan, nauwelijks meer kan zijn verzonnen.

Diakens

Maar er was in de jonge kerk dus discussie. Een jaartal kunnen we er niet op plakken, maar het feit dat zelfs de geïdealiseerde beschrijving in Handelingen, waarin de vroege christenen alles gemeenschappelijk deden, ergernissen vermeldt, is hoogst significant. Dit was geen informatie die de auteur kon onderdrukken.

Toen het aantal leerlingen toenam, ontstond er op een gegeven moment ontevredenheid bij de Griekstaligen, die de Hebreeuwssprekenden verweten dat de weduwen uit hun groep bij de dagelijkse ondersteuning werden achtergesteld.noot Handelingen 6.1; NBV21.

De Twaalf kwamen samen en besloten zeven diakens aan te stellen, die verantwoordelijk zouden zijn voor de gemeenschappelijke maaltijden. De zeven eerste diakens hebben allemaal Griekse namen, zoals Stefanos of – gelatiniseerd – Stefanus, wat zoiets betekent als “gekransd”. Hij maakte furore met “grote wonderen”, wat op zich niets ongebruikelijks was. (De voor de historicus relevante vraag is niet hoe hij welke wonderen verrichtte, maar wat mensen destijds over Stefanus geloofden.)

Dat een leer waarvan de kracht met wonderen werd onderstreept, leidde tot vragen, was evenmin ongebruikelijk. Stefanus’ tijdgenoot Apollonios van Tyana riep ook weerstand op. Handelingen meldt dat sommige joodse gelovigen Stefanus begonnen te belasteren met de aantijging dat Stefanus zich steeds weer had gekeerd tegen de Tempel en de Wet van Mozes. Hoewel de auteur van Handelingen de beschuldiging afdoet als vals, kunnen we overwegen dat er wel degelijk een aanleiding was: immers, het vroege christendom stelde noch de Tempel, noch de Wet van Mozes centraal, maar de messias. In een verhitte discussie willen de nuances nog weleens wegvallen.

Rechtszaak

Om die nuances te herstellen, vraag je iemand wat ’ie bedoelt, en dus werd Stefanus verhoord door het Sanhedrin, het hoogste joodse rechtscollege. De auteur van Handelingen leeft zich drieënvijftig verzen uit in een samenvatting van de joodse religieuze literatuur, waarin Stefanus het belang van de Tempel en de Wet van Mozes erkent en afrondt met een provocatie:

U bent halsstarrig … steeds weer verzet u zich tegen de heilige Geest, zoals uw voorouders ook al deden. Wie van de profeten hebben uw voorouders niet vervolgd? Degenen die de komst van de rechtvaardige aankondigden hebben ze gedood, en zelf hebt u nu de rechtvaardige [Jezus] verraden en vermoord, u die de Wet ontvangen hebt door tussenkomst van de engelen, maar er niet naar hebt geleefd.noot Handelingen 7.51-53; NBV21.

Onnodig te zeggen dat dit niet goed viel bij de diverse raadsleden. Toen Stefanus ook nog aangaf dat hij – blijkbaar in een soort visioen – Jezus in de hemel kon zien, en dat hij als Mensenzoon zat aan Gods rechterhand, werd Stefanus weggevoerd en gestenigd. Het was dan ook niet gering wat Stefanus had gezegd: Jezus was dood; daarvoor waren de leden van het Sanhedrin verantwoordelijk; maar Jezus was in de hemel opgenomen en zou als Mensenzoon het Laatste Oordeel vellen. Anders gezegd, hij was onschuldig geweest en de leden van het Sanhedrin zouden de prijs betalen.

Dat Jezus feitelijk door de Romeinen was geëxecuteerd, blijft onvermeld. Het automatisme waarmee christenen de joden de schuld in de schoenen schoven, dat later tot pogroms zou leiden, lijkt hier impliciet al aanwezig.

Executie

Ze schreeuwden en tierden, hielden hun handen voor hun oren en stormden met zijn allen op hem af. Ze dreven hem de stad uit om hem te stenigen. De getuigen gaven hun mantel in bewaring bij een jongeman die Saulus heette. Terwijl Stefanus gestenigd werd, riep hij uit: “Heer Jezus, ontvang mijn geest.” Hij viel op zijn knieën en riep luidkeels: “Heer, reken hun deze zonde niet aan!” En na deze woorden stierf hij.noot Handelingen 7.57-60; NBV21.

Ik weet niet zoveel van stenigingen, maar mij is verzekerd dat de veroordeelde eerst immobiel wordt gemaakt, bijvoorbeeld door de benen te breken of  iemand half in een kuil te begraven. Dat het buiten de stad moest gebeuren, sprak vanzelf, aangezien de rituele reinheid van de Tempel en Jeruzalem anders zou worden gecompromitteerd. Stefanus’ laatste woorden herinneren aan de woorden die de evangelist Lukas de stervende Jezus in de mond legt.noot Lukas 23.34 en 23.46.

Handelingen vervolgt met de opmerking dat Saulus, die we later zullen leren kennen als de apostel Paulus, de executie goedkeurde, en dat de christelijke gemeenschap in Jeruzalem aan vervolging werd blootgesteld. “Vrome mannen begroeven Stefanus,” lezen we, “en hieven een luide dodenklacht over hem aan.”noot Handelingen 8.2; NBV21. Daarmee eindigt het verhaal over Stefanus – en méér weten we ook niet over. Hij was de eerste christelijke martelaar, de protomartyr.

[Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]

#ApolloniosVanTyana #diaken #HandelingenVanDeApostelen #martelaarschap #NieuweTestament #Paulus #Stefanus #steniging #Tora #WetVanMozes

Nikolaos

Portret van een Romein, tweede kwart eerste eeuw (Archeologische collectie, Mérida)

Ik heb in mijn zondagse reeks over het Nieuwe Testament wel vaker geblogd over de Twaalf, de door Jezus aangewezen leiders van het te herstellen Israël. Na de dood van Judas Iskariot zijn de Elf nog een keer op sterkte gebracht, zo lezen we in de Handelingen van de apostelen, maar vervolgens verdwijnen ze, althans als groep, uit de geschiedenis. Het initiatief komt bij een andere groep, die we doorgaans aanduiden als de diakens, al gebruikt de Bijbel die aanduiding niet. De aanleiding:

Toen het aantal leerlingen toenam, ontstond er op een gegeven moment ontevredenheid bij de Griekstaligen, die de Hebreeuwssprekendennoot “Hebreeuws” is hier de Nederlandse weergave van het Griekse woord voor de taal die wij “Aramees” noemen. verweten dat de weduwen uit hun groep bij de dagelijkse ondersteuning werden achtergesteld.noot Handelingen 6.1; NBV21.

Nikolaos

De Twaalf besluiten hierop zeven mannen aan te wijzen die zich bezighouden met de praktische zaken. Hoewel het woord dus niet valt, ontstaat hier feitelijk het diaconaat van de latere christelijke kerken: het beheer van de gemeenschappelijke middelen, zoals voor armenzorg. Een van de zeven diakens heet Nikolaos.

Ze kozen Stefanus, een diepgelovig man, die vervuld was van de heilige Geest, en verder ook Filippus, Prochorus, Nikanor, Timon, Parmenas en Nikolaos, een proseliet uit Antiochië.noot Handelingen 6.5; NBV21; een proseliet is een bekeerling.

Marcus Vankan attendeert er in zijn mooie boek over Sint-Nikolaas op dat deze diaken, verantwoordelijk voor uitdelingen, weleens van invloed kan zijn geweest op het idee dat Sinterklaas geschenken uitdeelt. Een legende als die over de drie meisjes die een bruidsschat toegeworpen krijgen, past inderdaad heel mooi bij wat een diaken zoal deed/doet.

Nikolaïeten

Terug naar de Nikolaos uit de Handelingen. Of beter: verder naar de Openbaring van Johannes, die begint met enkele korte brieven aan christelijke gemeenten in Klein-Azië. De christenen in Pergamon krijgen een verwijt te horen:

Sommigen houden op dezelfde manier vast aan de leer van de nikolaïeten.noot Openbaring 2.15; NBV21.

Uit de context valt af te leiden dat dit van doen heeft met het eten van offervlees. Sommige christenen redeneerden dat dit verboden was, omdat joden vanouds weigerden andermans offervlees te eten; andere christenen redeneerden dat als het vlees was geofferd aan valse goden, je het veilig kon opeten. Die goden bestonden immers toch niet, dus wat zou het? De Nikolaïeten stelden zich blijkbaar op dit standpunt, dat de auteurs van het Nieuwe Testament beschouwden als onorthodox.

Latere christelijke auteurs, zoals Eirenaios van Lyon (ca. 140-202), meenden dat deze ketterij was begonnen met de Nikolaos die we kennen uit Handelingen. Het is niet ondenkbaar dat Eirenaios, die afkomstig was uit Klein-Azië, iets heeft vernomen dat verder nergens is opgeschreven. Het is ook denkbaar dat het idee is gebaseerd op niets meer dan een naamsovereenkomst, zoals de Grieken ook zeker meenden te weten dat de Meden afstamden van Medeia en de Romeinen wisten dat Remus Reims had gesticht. Behoudens de vondst van nikolaïsche teksten zullen we het antwoord nooit weten.

[Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]

#diaken #EirenaiosVanLyon #HandelingenVanDeApostelen #MarcusVankan #NieuweTestament #nikolaïeten #NikolaosDiaken #offervlees #OpenbaringVanJohannes #SintNikolaas #Sinterklaas