Trump’s threats to Nato reveal glaring absence of any strategy on Iran

#Nato must say NO to the #blackmail #bully #dictator #Trump . #Iran #Israel

Iran had few good military options for fighting back, but attacking US bases, US allies and merchant shipping in the Gulf was the most obvious response – to try to impose costs on the west.

https://www.theguardian.com/world/2026/mar/16/donald-trump-nato-threats-glaring-absence-iran-strategy

Trump’s threats to Nato reveal glaring absence of any strategy on Iran

White House seems to have failed to anticipate that Tehran would fight back by trying to impose costs on the west

The Guardian

War leader #Trump fixates on #trivial matters as #DeathToll mounts

Experts query mix-up of priorities as Trump plays golf, posts old pictures, repeats details of Bill Maher feud

Over 2 weeks of #US-Israel #war on #Iran; spiralling out of control

Trump’s behavior is #chaotic

Foreign conflict brings somber reflection but ...

In Trump’s case, it brought behavior that defied norms & raised eyebrows over his state of mind.

https://www.theguardian.com/us-news/2026/mar/15/trump-iran-war-truth-social-pictures

#DementiaDon #sociopath #dictator #Fascism

‘War leader’ Trump fixates on trivial matters as Iran death toll mounts

Experts query ‘mix-up of priorities’ as president plays golf, posts old pictures and repeats details of Bill Maher feud

The Guardian

Na de moord op Julius Caesar (2): de moordenaars

Brutus (Palazzo Massimo, Rome)

In het vorige blogje vertelde ik hoe drie slaven het stoffelijk overschot van Julius Caesar brachten naar zijn huis op het Forum Romanum. Ik vertelde ook dat Marcus Antonius, Caesars mede-consul, zich had verkleed als slaaf en was ondergedoken. De moordenaars waren extatisch. Ze waren de enigen niet. Of beter: ze kregen positieve reacties en verkeerden nog enkele uren in de veronderstelling dat de bevolking achter hen stond.

Ze hadden echter al zoveel fouten gemaakt dat het al onmogelijk was de republiek nog te herstellen. Cicero zou later – en niet zonder reden – oordelen dat de samenzweerders hadden gehandeld met mannenmoed en kinderverstand. noot Cicero, Brieven aan Atticus 14.21. Suetonius legt uit wat verkeerd was gedaan:

Ze hadden het voornemen gehad na de moord Caesars lijk naar de Tiber te slepen, zijn bezittingen te confisqueren en zijn verordeningen nietig te verklaren, maar uit vrees voor de consul Marcus Antonius en [Caesars adjudant] Marcus Lepidus zagen zij daarvan af.noot Suetonius, Caesar 82; vert. Daan den Hengst.

Door Marcus Antonius in leven te laten, hadden de samenzweerders in feite hun ondergang bezegeld. Als consul was Antonius de wettige gezagsdrager. Wie voorwendde op te komen voor de republiek, moest dus naar hem luisteren. Was het niet goedschiks, dan wel door dwang, want Marcus Antonius beschikte over een staatsapparaat waarin alle ambten waren vervuld. Weliswaar door benoeming, maar Caesar had een functionerend staatsapparaat nagelaten waarvan Marcus Antonius kon profiteren. De samenzweerders hadden verdere moorden niet aangedurfd, en zodoende iemand in leven gelaten die levensgevaarlijk kon zijn.

En verder: het stoffelijk overschot was er nog. Dat bood de aanhangers van Julius Caesar de gelegenheid voor een begrafenis – en dus een demonstratie.

Het Capitool

De samenzweerders hadden aanvankelijk niet in de gaten hoe slecht ze er voor stonden.

Brutus en de anderen trokken, nog verhit van de moordpartij, met de ontblote dolken in de hand in optocht van het Senaatsgebouw naar het Capitool. Ze leken niet op vluchtelingen, maar riepen stralend en vol zelfvertrouwen het volk op tot vrijheid en nodigden de aanzienlijkste mannen die hun tegemoet kwamen uit om zich bij hen aan te sluiten.noot Ploutarchos, Caesar 67; vert. Hetty van Rooijen.

Ze waren niet de enigen die naar het Capitool kwamen: ze namen de gladiatoren mee.noot Nikolaos van Damascus, Augustus 92; Velleius Paterculus, Romeinse Geschiedenis 2.58. Brutus daalde nog af naar het Forum om daar een toespraak te houden.

Er werd een bijeenkomst van het volk belegd waarin de moordenaars lang en uitvoerig aan het woord waren, tegen Caesar en vóór de Republiek, en het volk vroegen niet de moed te verliezen of bang te zijn dat hun iets zou overkomen: “Wij hebben Caesar gedood, niet om zelf aan de macht te komen of om er op een of andere manier profijt van te trekken, maar om ervoor te zorgen dat jullie, Romeinen, geregeerd zullen worden zoals jullie verdienen, namelijk als vrije en onafhankelijke burgers.”noot Cassius Dio, Romeinse Geschiedenis 44.21; vert. Gé de Vries.

Het was niet gelogen, maar het sprak de stadsbewoners niet aan – net zo min als vijf jaar eerder, toen de senatoren erop hadden vertrouwd dat de bevolking van Italië wel tegen Caesar en vóór de republiek zou willen vechten. Toen had dat appèl ook geen resultaat gehad. De gewone Romein had immers weinig te verwachten van aristocraten die, als ze niet ronduit corrupt waren, hun eigenbelang altijd lieten prevaleren. Men hield niet speciaal van Julius Caesar, maar men hield zeker niet van degenen die hem hadden vermoord en verantwoordelijk waren voor de onvermijdelijke nieuwe ronde burgeroorlogen. Cassius Dio typeert het:

Caesars moordenaars mochten dan verklaren dat zij, door hem uit de weg te ruimen, ook het Romeinse volk hadden bevrijd, maar in feite was hun complot een misdaad geweest en hadden ze Rome, dat eindelijk een stabiele regering had gekregen, in een diepe crisis gestort.noot Cassius Dio, Romeinse Geschiedenis 44.1; vert. Gé de Vries.

Er zat voor de samenzweerders weinig anders op dan zich terug te trekken op het Capitool. Cassius Dio sneert dat ze het deden “om daar te bidden tot de goden”.noot Cassius Dio, Romeinse Geschiedenis 44.21. De moordenaars hadden de slag om de publieke opinie verloren. En dus trok Marcus Antonius zijn slavenkleding uit en zijn toga weer aan.

Hij haalde de mannen die zich op het Capitool hadden verzameld over om naar beneden te komen en bood als onderpand zijn eigen zoon aan; bovendien vroeg hijzelf Cassius te eten en nodigde Lepidus Brutus uit.noot Ploutarchos, Marcus Antonius 14; vert. Hetty van Rooijen.

Het initiatief lag nu bij Marcus Antonius en hij zou het de volgende weken niet meer afstaan. Vanavond om 19:00 meer.

[Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

#RealTimeCaesar #2069JaarGeleden #CassiusDio #DecimusJuniusBrutus #dictator #GaiusCassiusLonginus #GaiusTrebonius #JuliusCaesar #MarcusJuniusBrutus #Suetonius

De moord op Julius Caesar (7): de dood

Portret van Julius Caesar, gebaseerd op zijn lijkmasker (Archeologisch Museum, Palermo)

Caesars reactie

Julius Caesar sprong op om zich te verdedigen en Casca riep zijn broer. In zijn opwinding sprak hij Grieks.noot Nikolaos van Damascus, Augustus 89.

Caesar greep Casca’s arm en doorstak die met zijn schrijfstift.noot Suetonius, Caesar 82; vert. Daan den Hengst.

Caesar draaide zich om en greep de dolk en hield die vast. Ze slaakten ongeveer gelijktijdig een uitroep; de getroffene riep in het Latijn:  “Vervloekte Casca, wat doe je?” en de dader in het Grieks tegen zijn broer: “Broer, help!”noot Ploutarchos, Caesar 66; vert. Hetty van Rooijen.

Caesar trok nu zijn kleed uit de handen van Cimber, pakte de hand van Casca vast, sprong van zijn zetel af, draaide zich om en smeet Casca met grote kracht weg.noot Appianus, Burgeroorlogen 2.117; vert. John Nagelkerken.

Schok

De senatoren die van niets wisten waren verbijsterd en huiverden bij het zien van die daad. Ze durfden niet te vluchten of hem te hulp te komen, of ook maar een woord te uiten.noot Ploutarchos, Caesar 66; vert. Hetty van Rooijen.

Verdere wonden

De andere Casca gehoorzaamde hem en stak zijn zwaard in Caesars zijde. Even eerder had Cassius hem al van opzij in het gezicht gestoken. Decimus Brutus raakte hem in de dij. Cassius Longinus wilde nog eens steken maar miste en trof Marcus Brutus in de hand. Ook Minucius deed een uitval naar Caesar, maar hij raakte Rubrius op de dij. Het leek alsof ze vochten om Caesar.noot Nikolaos van Damascus, Augustus 89.

Caesar deed een poging om op te springen, maar een nieuwe verwonding maakte dit onmogelijk. Hij merkte dat hij van alle kanten met getrokken dolken werd belaagd.noot Suetonius, Caesar 82; vert. Daan den Hengst.

Maar van degenen die zich op de moord hadden voorbereid ontblootte ieder zijn dolk en Caesar, van alle kanten omringd en waarheen hij zich ook wendde doorboord door dolksteken die op zijn gezicht en ogen gericht waren, was nu als een wild dier verstrikt in de handen van allen. Want ze moesten allemaal zijn bloed proeven en aan het offer deelnemen. Daarom bracht ook Brutus hem één steek toe, in de lies. … Veel daders verwondden elkaar bij hun pogingen om al die steken in één lichaam aan te brengen.noot Ploutarchos, Caesar 66; vert. Hetty van Rooijen.

Terwijl hij dat deed, stak een ander hem met zijn dolk diep in zijn zij, die door de draai strakgespannen stond. En Cassius trof hem in het gezicht, Brutus raakte zijn dij en Bucolianus zijn rug, zodat Caesar zich onder woedend gebrul als een wild dier van de een naar de ander keerde, maar na een steek van Brutus [lacune] Bij dat gezwaai in het wilde weg met hun dolken verwondden ze vaak elkaar.noot Appianus, Burgeroorlogen 2.117; vert. John Nagelkerken.

De dood van Julius Caesar

Bedekt met wonden viel Caesar neer aan de voeten van het standbeeld van Pompeius. Er was er niet één die hem niet stak toen hij roerloos lag, als om te tonen dat ieder zijn aandeel in de daad had gehad. Pas toen hij vijfendertig wonden had opgelopen, blies hij zijn laatste adem uit.noot Nikolaos van Damascus, Augustus 90.

Caesar omhulde zijn hoofd met zijn toga en trok gelijk met zijn linkerhand de plooien van zijn toga strak omlaag tot aan zijn voeten, zodat ook het onderste gedeelte van zijn lichaam bedekt zou zijn en hij er behoorlijk bij zou liggen. In deze houding werd hij drieëntwintig maal doorstoken.noot Suetonius, Caesar 82; vert. Daan den Hengst.

Sommigen zeggen dat hij zich tegen de anderen verweerde en zich schreeuwend heen en weer wierp, maar toen hij Brutus met getrokken dolk tegenover zich zag zijn toga over zijn hoofd trok en zich liet vallen (toevallig of omdat de moordenaars hem in die richting duwden) bij het voetstuk van Pompeius’ standbeeld. Dat werd helemaal besmeurd met bloed zodat het leek alsof Pompeius zelf de leiding had bij de wraak op zijn vijand, die nu aan zijn voeten lag, stuiptrekkend van zijn vele steekwonden. Men zegt dat hij er drieëntwintig opliep.noot Ploutarchos, Caesar 66; vert. Hetty van Rooijen.

[lacune] of het eindelijk opgaf, zijn kleed over zijn hoofd trok en beheerst neerviel voor het beeld van Pompeius. Zelfs nu hij gevallen was, bleven ze hem mishandelen tot hij drieëntwintig keer gestoken was.noot Appianus, Burgeroorlogen 2.117; vert. John Nagelkerken.

De laatste woorden van Julius Caesar

Alleen bij de eerste stoot kermde hij zonder een woord, al hebben sommigen overgeleverd dat hij, toen Marcus Brutus zich op hem stortte, in het Grieks tot hem heeft gezegd: “Ook jij, mijn zoon.”noot Suetonius, Caesar 82; vert. Daan den Hengst.

Hij trok zijn toga voor zijn gezicht terwijl hij door vele dolkstoten
dodelijk werd getroffen. Volgens mij is dit de meest betrouwbare versie, maar enkele bronnen vermelden nog dat hij, toen hij hard door Brutus werd geraakt, tegen hem gezegd zou hebben: “Jij ook, jongen.”noot Cassius Dio, Romeinse Geschiedenis 44.19; vert. Gé de Vries.

Caesars beroemde laatste woorden worden doorgaans vertaald alsof het een vraag zou zijn geweest, waaruit verbazing zou blijken dat ook Brutus aan de aanslag zou hebben deelgenomen. Dat vraagteken staat ook in de vertaling van Daan den Hengst, die ik hier citeer.

Het vraagteken is echter pas uitgevonden in de Middeleeuwen. Het kan dus met geen mogelijkheid in het verslag van Suetonius hebben gestaan. Om die reden lijkt het mij allerminst uitgesloten, ja zelfs voor de hand liggend, dat Caesars laatste woorden, “καὶ σύ τέκνον”, verwijzen naar een standaardformule die we kennen van allerlei antieke grafschriften. De woorden “καὶ σύ” zijn een herinnering dat iedereen eens zal sterven: heden ik, morgen gij, vandaag Gaius Julius Caesar en volgend jaar Marcus Junius Brutus.

De standaardformule καὶ σύ op een mozaïek uit Antiochië

Dat de stervende de dood van Brutus aankondigde hoeft niet historisch waar te zijn; Suetonius en Dio kennen andere overleveringen. Maar het zou goed passen bij Caesars herhaalde aankondiging dat als hij zou sterven, het imperium opnieuw in chaos zou worden gedompeld.

Om 13:00 meer.

[Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

#RealTimeCaesar #2069JaarGeleden #Appianus #CassiusDio #DecimusJuniusBrutus #dictator #GaiusCassiusLonginus #JuliusCaesar #MarcusJuniusBrutus #MarcusVelleiusPaterculus #NikolaosVanDamascus #Ploutarchos #ServiliusCasca #Suetonius #TitusLivius #vraagteken

De moord op Julius Caesar (6): de aanval

Herdenkingsmunt van de moord op Julius Caesar (Kunsthistorisches Museum, Wenen)

Verschillende bronnen documenteren de moord op Julius Caesar. Te beginnen met de correspondentie van de politicus Cicero, die voldoende van het complot wist om te weten dat hij niet méér wilde weten. Hij bleef die dag weg, maar zou er later naar verwijzen in zijn toespraken. Dat levert niet zo heel veel informatie op, maar het is het oudste bewijs dát er iets is gebeurd. Een echt verslag krijgen we pas na een halve eeuw: de beschrijving door Nikolaos van Damascus. Het relaas van Titus Livius is verloren gegaan en Velleius Paterculus maakt vooral duidelijk dat de moordenaars wel iets dankbaarder hadden mogen reageren op Caesars clementie. We moeten tot de vroege tweede eeuw wachten tot we opnieuw een bron hebben: Suetonius. Daarop volgt Ploutarchos, die verschillende keren over de moord heeft geschreven, het meest uitgebreid in zijn biografieën van Caesar en van Brutus. Tot slot is er de beschrijving door Appianus.

Het ergerlijke is dat achter al die bronnen feitelijk slechts twee verslagen schuil gaan: enerzijds Nikolaos van Damascus, anderzijds de gedeelde bron van Suetonius, Ploutarchos en Appianus. De voornaamste verschillen tussen die drie zijn dat Ploutarchos de reactie noemt van de geschokte senatoren – de meeste aanwezigen zaten immers niet in het complot – en dat Suetonius verschillende tradities kent over Caesars laatste woorden. Omdat de overeenkomsten zo groot zijn, is er evident een gemeenschappelijke bron, wellicht Titus Livius. En als je de vier verslagen leest, vraag je je af ze feitelijk niet allemaal teruggaan op één bron.

Tullius Cimber

Degenen die hem wilden doden, gingen rondom hem staan. De eerste die op hem toekwam, was Tillius Cimber, wiens broer door Caesar was verbannen. Hij stapte op hem af alsof hij een smeekbede wilde doen namens zijn broer.noot Nikolaos van Damascus, Augustus 88.

Terwijl hij plaats nam, kwamen de samenzweerders om hem heen staan, zogenaamd om hem te begroeten, en direct trad Tillius Cimber, die de leidersrol op zich had genomen, op hem toe als om iets te vragen.noot Suetonius, Caesar 82; vert. Daan den Hengst.

Toen Caesar binnenkwam, stond de Senaat eerbiedig op, en enkele vrienden van Brutus gingen achter hem staan, rondom zijn zetel. Andere gingen hem tegemoet om het verzoek te steunen van Tillius Cimber, die hem benaderde over zijn verbannen broer, en begeleidden hem zo tot aan zijn zetel. Caesar nam plaats.noot Ploutarchos, Caesar 66; vert. Hetty van Rooijen.

Tillius Cimber, een van hen, kwam voor hem staan en vroeg hem zijn verbannen broer toe te staan terug te keren.noot Appianus, Burgeroorlogen 2.117; vert. John Nagelkerken.

Weigering

Tillius Cimber greep Caesars toga, zogenaamd als smekeling maar feitelijk om te verhinderen dat hij op zou staan en om zijn handen kon gebruiken. Caesar reageerde vol kwaadheid.noot Nikolaos van Damascus, Augustus 88.

Toen Caesar hem terugwees en met een gebaar beduidde dat hij met zijn verzoek moest wachten, greep Cimber zijn toga bij beide schouders vast. Caesar riep uit: “Maar dit is geweld!”noot Suetonius, Caesar 82; vert. Daan den Hengst.

Caesar wees hun verzoeken af, en sloeg bij hun aandringen tegen ieder van hen een barsere toon aan, waarop Tillius met beide handen Caesars toga vastgreep en haar wegtrok van zijn hals. Dat was het sein voor de aanslag.noot Ploutarchos, Caesar 66; vert. Hetty van Rooijen.

Toen Caesar daarop simpelweg antwoordde dat die zaak een andere keer aan de orde moest komen, pakte Cimber hem bij zijn purperen gewaad alsof hij er nog verder op aan wilde dringen en trok het kleed weg, zodat zijn hals bloot lag, terwijl hij uitriep: “Waar wachten jullie nog op, vrienden?”noot Appianus, Burgeroorlogen 2.117; vert. John Nagelkerken.

De eerste steek

De samenzweerders, vastberaden, trokken snel hun dolken en sprongen op Caesar af. Eerst stak Servilius Casca hem in de linkerschouder, vlak boven het sleutelbeen, maar door zijn nervositeit miste hij zijn doel.noot Nikolaos van Damascus, Augustus 88-89.

Op hetzelfde ogenblik bracht een van de gebroeders Casca hem van achteren een wond toe, even onder de keel.noot Suetonius, Caesar 82; vert. Daan den Hengst.

Eerst bracht Casca hem met zijn dolk een steek toe in zijn nek die niet diep of dodelijk was. Hij was natuurlijk te nerveus bij het begin van zo’n waagstuk.noot Ploutarchos, Caesar 66; vert. Hetty van Rooijen.

Casca, die boven Caesars hoofd uittorende, stootte als eerste zijn dolk in diens keel, maar die ketste weg en raakte zijn borst.noot Appianus, Burgeroorlogen 2.117; vert. John Nagelkerken.

Over vijf minuten meer.

[Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

#RealTimeCaesar #2069JaarGeleden #Appianus #DecimusJuniusBrutus #dictator #JuliusCaesar #LuciusTilliusCimber #NikolaosVanDamascus #Ploutarchos #ServiliusCasca #Suetonius #TitusLivius #toga

De moord op Julius Caesar (5): offers

Julius Caesar; portret uit Nijmegen (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

De samenzweerders hadden lang staan wachten, maar eindelijk arriveerde Julius Caesar. In zijn gezelschap was Marcus Antonius, zijn mede-consul. Veel soldaten waren er niet. Caesar had zijn lijfwacht immers ontbonden en Marcus Aemilius Lepidus, de adjudant van de dictator, was net die ochtend met wat troepen de stad uitgegaan om zich te voegen bij het leger dat al op weg was naar het oosten. De samenzweerders moeten opgelucht adem hebben gehaald: de gladiatoren die ze voor de zekerheid achter de hand hielden, zouden niet nodig hoeven zijn. Maar toen gebeurde er iets dat de aanwezigen de schrik om het hart deed slaan. De Grieks-Romeinse geschiedschrijver Appianus vertelt:

Toen Caesar uit de draagstoel stapte, nam Popilius Laenas hem apart om hem over iets dringends te spreken. Wat ze zagen maakte de samenzweerders aan het schrikken, vooral toen het zo lang duurde, en ze maakten elkaar met hoofdknikken duidelijk dat ze zichzelf zouden doden voor ze gegrepen werden. Maar in de loop van het gesprek kregen ze de indruk dat Laenas geen dingen aan Caesar onthulde, maar eerder aandrong op iets wat hij van hem had gevraagd; daarop waren ze opgelucht en vatten weer moed toen ze zagen dat hij na het gesprek vriendelijk afscheid nam van Caesar.noot Appianus, Burgeroorlogen 2.116; vert. John Nagelkerken.

Ondertussen wist Gaius Trebonius, die ooit had geprobeerd Marcus Antonius te winnen voor het complot, Caesars mede-consul te onderscheppen. Antonius was een potige man en ervaren vechter, die de samenzweerders liever niet tegenover zich hadden. Bij de ingang van de zuilengalerij wist Trebonius een praatje met hem aan te knopen.noot Appianus, Burgeroorlogen 2.117. Ondertussen wandelde Caesar verder. Als hoogste aanwezige magistraat was het nu zijn taak om, voordat de vergadering begon, een offer te brengen. De Senaat kon immers alleen samenkomen als er goddelijke zegen op rustte. Het mocht niet zo zijn.

Caesar offerde verscheidene dieren, maar ging, toen hij geen gunstige voortekens kon krijgen, het Senaatsgebouw binnen zonder zich van dit godsdienstige bezwaar iets aan te trekken. Lachend noemde hij Spurinna een leugenprofeet, omdat de iden van maart waren aangebroken zonder dat hem iets was overkomen. Maar Spurinna antwoordde: “Aangebroken wel, nog niet voorbij.”noot Suetonius, Caesar 81; vert. Daan den Hengst.

En zo betrad Julius Caesar, met slechte voortekens en zonder lijfwacht of mede-consul, de Senaatszaal. Alle aanwezigen stonden op hem te begroeten.noot Nikolaos van Damascus, Augustus 88; Ploutarchos, Caesar 66.

Over een kwartier meer.

[Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

#RealTimeCaesar #2069JaarGeleden #Appianus #dictator #GaiusTrebonius #JuliusCaesar #MarcusAemiliusLepidus #MarcusAntonius #NikolaosVanDamascus #offer #Ploutarchos #PopiliusLaenas #Spurinna

De moord op Julius Caesar (2): de situatie

De samenzweerders hoopten Caesar bij een verkiezingsbrug als deze te doden (© American Numismatic Society)

Vandaag is het 2069 jaar geleden dat moordenaars afrekenden met Julius Caesar en een nieuwe ronde burgeroorlogen ontketenden. Die vijftiende maart 44 v.Chr. geldt als de dag uit de oude geschiedenis waarover we het beste zijn geïnformeerd. Ik ga u meenemen, van uur tot uur. Maar eerst nog even een zeer korte situatiebepaling.

Het dilemma van Julius Caesar

Om te beginnen: Julius Caesar had in de Tweede Burgeroorlog de officiële legers van de Romeinse republiek verslagen. Er waren nog verzetshaarden in Iberië en Syrië, maar die zouden vroeg of laat doven. Caesars feitelijke probleem was dat zijn macht, gebaseerd op het vernieuwde leger en een netwerk van partijgangers, te groot was om nog te passen in welke vorm van republikeins bestuur ook. Tegelijk wilde hij het imperium wel laten functioneren. Daartoe nam hij hervormingsmaatregelen en stelde hij zich verzoenend op tegenover zijn tegenstanders, waaronder competente bestuurders waren die bereid waren samen te werken met het nieuwe regime.

Er waren geruchten – in onze bronnen ook nadrukkelijk gepresenteerd als geruchten – dat Caesar verlangde naar de koninklijke waardigheid. De aanleiding zou kunnen zijn geweest dat hij koninginnen, Kleopatra van Egypte en Eunoë van Mauretanië, als maîtresses had. Die zouden hem op het idee hebben gebracht. Ik vermoed dat het inderdaad slechts geruchten waren, want Caesars macht was vele malen groter dan die van de koningen van zijn tijd. Hij koos voor de permanente dictatuur, een ambt dat ruwweg constitutioneel was, als de vorm waarin hij zijn alleenheerschappij wilde gieten.

Tegelijk nam hij zich voor om Rome te verlaten voor een oorlog tegen de Daciërs en de Parthen, waarbij hij ook Syrië tot rust wilde brengen. Ter voorbereiding had hij de legioenen marsorders gegeven en magistraten aangewezen voor de komende drie jaar. Veel senatoren zagen deze poging tot stabiel bestuur als een bedreiging. Tot dan toe had het erop geleken dat Caesars uitzonderlijke positie tijdelijk was, net zoals die van Sulla, maar de combinatie van permanente dictatuur en benoemingen voor de voorzienbare toekomst suggereerde dat de republiek nooit meer hersteld zou worden. Caesar moest worden vermoord, er was voor republikeinen geen alternatief, en omdat hij voor langere tijd afwezig zou zijn, moest de aanslag plaatsvinden vóór hij afreisde naar zijn leger.

Moordplannen

Twee groepen samenzweerders, de ene geleid door Gaius Trebonius en de andere door Gaius Cassius Longinus, hadden samen met Marcus Junius Brutus (het respectabele “gezicht” van de complotteurs) geconcludeerd dat de dictator moest sterven. Caesars biograaf Suetonius weet daar meer van.

Eerst aarzelden de samenzweerders of zij twee groepen zouden vormen, zodat op het Marsveld, wanneer Caesar bij de verkiezingen de kiezers naar de stembus riep, de ene groep hem van de brug af zou kunnen werpen en de andere hem zou opvangen en doden, of dat ze hem zouden aanvallen hetzij op de Via Sacra hetzij bij de ingang van het theater. Maar toen er een Senaatszitting werd uitgeschreven voor 15 maart in de Senaatszaal van Pompeius, gaven zij zonder bedenken aan die gelegenheid en plaats de voorkeur.noot Suetonius, Caesar 80; vert. Daan den Hengst.

De genoemde brug zorgde ervoor dat iemand ongehinderd zijn stem kon uitbrengen; zie de foto hierboven. De plek was symbolisch: door Caesar hier te doden, maakten de samenzweerders duidelijk te strijden voor een eerlijk politiek leven. Het nadeel was dat er veel mensen zouden zijn die met de dictator sympathiseerden. Dat nadeel was er niet in de door Pompeius ingerichte Senaatszaal.

Wordt om 9:30 vervolgd.

[Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

#RealTimeCaesar #2069JaarGeleden #aanleiding #CampusMartius #dictator #Eunoë #GaiusCassiusLonginus #GaiusTrebonius #JuliusCaesar #KleopatraVIIFilopator #MarcusJuniusBrutus #Marsveld #Suetonius

Translation: Unless you run govt favored propaganda you'll lose your license!

This scumbag of an FCC chairman should be kicked out.

https://www.yahoo.com/news/articles/fcc-chair-threatens-networks-licenses-192707312.html

#criminal #administration #dictator #propaganda #FCC #untruth #bully #USPolitics #USPol #government #TraitorMAGA #TraitorGOP

Blog-experiment: #RealTimeCaesar

Julius Caesar (Musée des beaux arts, Lyon)

Morgen wordt Julius Caesar vermoord. Als u deze blog dan volgt, kunt u de gebeurtenissen zowat op het kwartier nauwkeurig volgen. Het is de climax van een reeks blogjes die ik ben begonnen in 2020 en die tot en met Caesars begrafenis door gaat, waarop dan een evaluatie van ’s mans optreden volgt. Met een coda, voorzien voor mei, is de reeks #RealTimeCaesar dan echt afgelopen. Als u vandaag voor het eerst inhaakt, kunt u hier een samenvatting lezen van Caesars loopbaan, vindt u daar een overzicht van alle 176 blogjes en kunt u morgenochtend beginnen te lezen over de concrete situatie waarin moord een optie begon te lijken.

#RealTimeCaesar

Ik heb de lezers van deze reeks ruim vijf jaar lang tot op de dag nauwkeurig – en soms zelfs preciezer – laten volgen hoe Caesar tegen de Senaat oprukte, tegenstanders versloeg in Italië, Catalonië, Griekenland, Egypte, Turkije, Tunesië en Andalusië. Zijn relaties tot andere senatoren, zijn literaire productie en zijn bouwwerkzaamheden kwamen ook aan de orde, net als enkele militaire operaties van zijn bondgenoten en tegenstanders. Mijn mening is dat ook iemand die met succes een staatsgreep uitvoert, de staat moet besturen, en dat dit het dominante thema is in het beleid van de dictator.

De real-time-geschiedenis-blog is een vorm van wetenschapscommunicatie die bij mijn weten nooit eerder is beproefd. De dichtstbijzijnde parallel lijkt mij de mogelijkheid die er ooit is geweest om op Twitter e.d. de twee wereldoorlogen in tweetvorm te volgen. Maar een reeks waarin Twitter e.d. werden gebruikt om door te leiden naar speciaal geschreven blogs waarin niet alleen verslag van gebeurtenissen werd gedaan maar ook werd gewezen op methodische problemen, is bij mijn weten iets nieuws.

Wat ik leerde

Het experiment is niet helemaal geslaagd. Ik had stille hoop dat blogjes over Caesar, zijnde een redelijk populair onderwerp, zouden leiden tot meer reacties en vragen. Dat is niet echt gebeurd. Dezelfde mensen die altijd op deze blog reageren, bleven reageren, maar ik heb maar weinig anderen overtuigd dat oude geschiedenis een interessant discussiethema is. Ik heb wel geconstateerd dat de Mainzer Beobachter op “Caesardagen” wat meer lezers had; niet superveel, maar wel merkbaar. Ik was blij met de lezeres die me schreef dat de reeks haar had getoond dat Romeinse geschiedenis minder platgeslagen was dan ze de laatste jaren was gaan denken. Omgekeerd was er de reactie van iemand die vertelde dat dit de blogjes waren die hij oversloeg. Dat is overigens alleen maar logisch: afgezien van de eerste lezer (ook wel bekend als auteur) is er rond deze blog niemand die álles leest.

Als het doel “meer Romeinen met meer informatie en meer verdieping voor meer mensen” was, is dat doel dus slechts gedeeltelijk behaald. Desondanks heb ik plezier gehad en trek ik een conclusie: dit soort grote projecten, die zich uitstrekken over een paar jaar, zijn gewoon mogelijk. De digitalisering van de bronnen is een belangrijke voorwaarde, waaraan inmiddels is voldaan. Historici kunnen gewoon een wetenschapsblog maken over (de kenbaarheid van) de gebeurtenissen in pakweg de Patriottentijd, gedurende de Risorgimento of tijdens het Apolloproject.

Dat was de conclusie waar ook niet-oudheidkundigen hun voordeel van kunnen doen. Ik heb nog wat meer specialistische conclusies.

Wat ik leerde over Caesar

Eén: ik heb geleerd hoe ontzettend belangrijk chronologie is. Sommige gebeurtenissen worden echt begrijpelijker als je de moeite neemt de Romeinse republikeinse kalender om te rekenen naar onze jaartelling. Er zijn twee omrekeningssystemen: dat van Paul Ernst Groebe leek me betrouwbaarder vóór Caesars verblijf in Alexandrië, en dat van Urbain Le Verrier (ja, die) leek me het beste voor de gebeurtenissen daarna. Het lijkt me een mooi scriptieonderwerp voor een student: welk van de twee systemen is, met de kennis van nu, het betere?

Twee: ik leerde ook hoe vreselijk belangrijk de slag bij Munda is geweest. De gevechten waren grootschaliger en bloediger dan die bij Farsalos, waarvan je steeds leest dat dat het beslissend gevecht is geweest. Ik heb een theorie: die inschatting, fout als ze is, is ingegeven doordat (a) Caesars tegenstander bij Farsalos, Pompeius, beter bekend is dan zijn tegenstanders bij Munda, en (b) doordat de slag bij Farsalos prominent figureert in het onvoltooide gedicht van de Romeinse auteur Marcus Annaeus Lucanus. Maar hoe zou ons geschiedbeeld eruit hebben gezien als dat verder was gegaan tot Munda? Dit is volgens mij geen eens losse speculatie, want Lucanus is afkomstig uit de streek van Munda. Opnieuw: een mooi onderwerp voor een scriptie.

Drie: onze bronnen vermelden vaak dat er geruchten waren dat Caesar koning wilde worden. Dat klinkt op het eerste gezicht aannemelijk, omdat later Augustus werkelijk de monarchie stichtte. Ik denk echter dat het simpelweg niet waar is. Caesar was te groot voor dat: hij was geen Ambiorix, geen Vercingetorix, geen Ptolemaios, geen Farnakes, geen Juba, geen Bogud. De Senaat van Rome liet bezoekende koningen antichambreren vóór ze werden toegelaten tot de Senaatszaal. Caesar loste zijn constitutionele probleem niet op door het koningschap maar door de eeuwige dictatuur. En toen duidelijk werd dat hij een oplossing had gevonden, werden de messen geslepen.

Vanavond om 19:00 meer.

[Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

#RealTimeCaesar #2069JaarGeleden #bloggen #chronologie #dictator #GnaeusPompeiusMagnus #JuliusCaesar #koningschap #MainzerBeobachter #MarcusAnnaeusLucanus #monarchie #slagBijMunda #UrbainLeVerrier #wetenschapsblog