Portretten uit Jemen
Jemenitisch portret (Institut du monde arabe, Parijs)Ze zijn te bewonderen in de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in Brussel; in Parijs zijn ze te zien in het Louvre; ze zijn aanwezig in de collectie van het Metropolitan Museum in New York; er zijn er minstens acht in het Museum für Kunst und Gewerbe in Hamburg: de portretten uit Jemen. Het laatste museum was in staat iets specifieker te zijn dan “uit Jemen” en kon zeggen dat ze afkomstig waren uit Saba, een van de Jemenitische koninkrijkjes. Het Parijse Institut du monde arabe toont er vijf en identificeert het bovenstaande exemplaar als “uit de vallei van de Jawf”, ook niet heel specifiek, maar het is de noordgrens van Saba.
Het zijn wonderlijke kunstwerkjes: alleen een gezicht, altijd ongeveer half zo groot als in het echt, meestal gemaakt van albast, nooit helemaal goed van proporties, vaak wat vierkant, alsof de beeldhouwer een geometrisch model volgde. Voor zover ik kan zien, zijn ze gemaakt tussen pakweg 500 v.Chr. en 300 na Chr.
Dat het gaat om grafportretten, blijkt uit het feit dat ze zijn gevonden op grafvelden. Ze zijn echter ook aangetroffen in tempels; archeologen houden het erop dat ze dan de functie hadden van zogeheten oranten, die bidden namens een sponsor die ze heeft laten opstellen. Het kunnen ook afbeeldingen zijn van priesters of priesteressen. Maar goden zijn het zeker niet. Ik zou zo gauw maar één parallel kunnen noemen uit de rest van de antieke wereld: iets uit Petra. Maar daar gaat het zeker wel om een godheid.
Het voorbeeld hierboven illustreert goed het streven naar abstractie. De wenkbrauwen en de neus vormen een T, de mond en de ogen zijn reliëfloos. Je zou denken dat je de doden iets van individualiteit wil meegeven, maar die is juist weggewerkt. Je mag dus de vraag stellen of dit wel een portret is. Alleen de inscriptie, Aws’athat, zegt iets meer, en we nemen maar aan dat het de overledene is. Maar het zou de kunstenaar kunnen zijn of de sponsor.
Kortom, eigenlijk begrijpen we het allemaal niet zo goed. Desondanks tonen deze kunstwerkjes wel hoe volkomen autonoom de beeldhouwers van Jemen zijn geweest.
[Dit was het 472e voorwerp in mijn reeks museumstukken.]



