Filmverslag onderscheiding Rob Janssen en Jan de Breet

Gedurende de laatste weken van het jaar 2024 her-publiceerden we tekst en beeld van auteurs. In 2025 gaan we daar mee door. Bekijk hieronder de video. Deze video werd eerder, op 27 april 2013 in het BD geplaatst.


(bekijk op youtube)

Kort filmverslag van de uitreiking van de onderscheidingen voor Rob Janssen en Jan de Breet. Zij kregen deze vanwege hun grote betekenis voor het verspreiden en vastleggen van het boeddhistisch gedachtegoed, met name voor hun vertaling van delen van de Pali Canon. Op 26 april reikte burgemeester Els Timmers-van Klink hun de versierelen uit.

Camera: Joop Ha Hoek
Montage: Paul van Buuren

Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

#film #JanDeBreet #joopHoek #onderscheiding #PaliCanon #PaulVanBuuren #RobJanssen #vertaling #youtube
#film #JanDeBreet #joopHoek #onderscheiding #PaliCanon #PaulVanBuuren #RobJanssen #vertaling #youtube

Filmverslag onderscheiding Rob Janssen en Jan de Breet - Boeddhistisch Dagblad

Kort filmverslag van de uitreiking van de onderscheidingen voor Rob Janssen en Jan de Breet. Zij kregen deze vanwege hun grote betekenis voor het verspreiden en vastleggen van het boeddhistisch gedachtegoed, met name voor hun vertaling van delen van de Pali Canon. Op 26 april reikte burgemeester Els Timmers-van Klink hun de versierelen uit.

Boeddhistisch Dagblad

Tilmann Vetter, kamergeleerde van het oude stempel

Gedurende de laatste weken van het jaar 2024 her-publiceerden we tekst en beeld van auteurs. In 2025 gaan we daar mee door. Hieronder een tekst van Rob Janssen en Jan de Breet over het overlijden van indoloog, boeddholoog en tibetoloog Tilmann Ernst Vetter, in het BD geplaatst op 1 februari 2013.

Op 20 december j.l. overleed plotseling de Nederlandse indoloog, boeddholoog en tibetoloog Tilmann Ernst Vetter. Hij werd geboren op 2 maart 1937 in Pforzheim, Duitsland, studeerde in Wenen bij Erich Frauwalner en was van 1974 tot 2000 hoogleraar aan de Universiteit Leiden, bij de vakgroep Talen en Culturen van Zuid- en Centraal-Azië. Eerder was hij werkzaam voor het Institut für Tibetologie und Buddhismuskunde aan de Universiteit van Wenen en voor de Rijksuniversiteit Utrecht.

Vetter was een kamergeleerde van de oude stempel, die weliswaar weinig studenten trok, maar deze wel een intensieve begeleiding gaf. Tijdens zijn colleges werden Sanskriet- Pali- en Tibetaanse teksten vertaald. Daarbij legde hij er de nadruk op dat hij geen talen doceerde, maar dat het hem ging om de inhoud van de teksten. Het was zijn streven om de oorspronkelijke leer van de Boeddha zoveel mogelijk te reconstrueren op grond van de oudste teksten. Daarbij was hij zeer kritisch en nam veel afstand van de oude commentaren en ook van moderne interpretaties.

Hij kwam zo vaak tot verrassende inzichten. Vetter behoorde ongetwijfeld tot de meest vooraanstaande boeddhologen van deze tijd. Ondanks zijn intense belangstelling voor het boeddhisme noemde hij zich geen boeddhist. Hij bleef een academicus die afstand bewaarde tot het onderwerp van zijn onderzoek. Bovendien was hij van mening dat de concrete vormen die het boeddhisme in de loop van de tijden heeft aangenomen, niet veel meer te maken hadden en hebben met de oorspronkelijke leer van de Boeddha.

Men kan hierbij, ter vergelijking, denken aan de uitspraak van Friedrich Nietzsche: “Der Christ hat alles verneint was jetzt christlich heißt.” Hoezeer hij toch wel persoonlijk geïnspireerd was door de Boeddha, moge blijken uit het motto op zijn rouwbrief: “Unser ganzes Dasein ist flüchtig wie die Wolken im Herbst.”

Het moderne India en boeddhistische landen interesseerden hem weinig. Hij is één keer op een congres in New Delhi geweest en heeft bij die gelegenheid niet de kans gegrepen om iets van het land te zien. Hij keerde zo snel mogelijk terug naar Nederland. In 1990 sloeg hij ook een uitnodiging af om te spreken op een congres in Bangkok.

Vetter schreef vijf wetenschappelijke boeken en talloze artikelen. In The Ideas and Meditative Practices of Early Buddhism (1988) besprak hij de belangrijkste ideeën en meditatieve praktijken van het vroege boeddhisme. Alle daarin gebruikte termen werden uitgelegd op basis van de oude teksten zelf. Hij nam daarbij afstand van de theravada-dogmatiek. Er werden verschillen tussen diverse passages in de oude geschriften blootgelegd en verklaard door middel van een ontwikkeling in het denken van de Boeddha en zijn belangrijkste leerlingen. Vetter toont aan dat jhana-meditatie (een meditatievorm waarbij vier stadia van verzinking doorlopen worden) de meest oorspronkelijke meditatievorm is die de Boeddha onderwees.

In zijn boek over de Khandha Passages besprak Vetter alle passages die over de geledingen van de persoonlijkheid (khandha’s) die de Boeddha onderscheidde handelen, in de afdeling der orderegels (Vinaya-Pitaka) en de vier belangrijkste sutta-afdelingen (nikaya’s) van de Pali-Canon. Het gaat hier om een vorm van boeddhistische psychologie. Het probleem hierbij was om adequate vertalingen te vinden voor de vijf termen die de geledingen aanduiden.

In zijn laatste werk presenteerde hij een woordenboek op de Chinese vertalingen van Indische boeddhistische teksten door An Shigao (werkzaam 147-168 n. C.) en zijn school. Dit boek getuigt van zijn enorme eruditie en beheersing van het Sanskriet, Pali en boeddhistisch Chinees.

Vetter inspireerde de schrijvers van dit in memoriam tot het ter hand nemen van de vertaling van de Pali-Canon in het Nederlands. De eerste vertaling die wij produceerden, die van de Digha-Nikaya, nam hij helemaal door en voorzag hij van talloze waardevolle suggesties voor verbetering. Later raadpleegde hij voor ons bij bepaalde moeilijke passages de beschikbare Chinese vertaling(en) en adviseerde ons op basis daarvan over de juiste Nederlandse vertaling. Wij zullen hem blijven gedenken als onze belangrijkste leermeester op het gebied van oude boeddhistische teksten en onze steunpilaar bij ons vertaalwerk.

Tekst Rob Janssen en Jan de Breet

Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

#AnShigao #boeddholoog #hoogleraar #JanDeBreet #KhandhaPassages #RobJanssen #TilmannErnstVetter #UniversiteitLeiden
#AnShigao #boeddholoog #hoogleraar #JanDeBreet #KhandhaPassages #RobJanssen #TilmannErnstVetter #UniversiteitLeiden

Tilmann Vetter, kamergeleerde van het oude stempel - Boeddhistisch Dagblad

Vetter schreef vijf wetenschappelijke boeken en talloze artikelen. In The Ideas and Meditative Practices of Early Buddhism (1988) besprak hij de belangrijkste ideeën en meditatieve praktijken van het vroege boeddhisme.

Boeddhistisch Dagblad

Inspiratie blijft, ook na een kwart eeuw vertaalwerk

Gedurende de laatste weken van het jaar 2024 her-publiceerden we tekst en beeld van onze auteurs. In de eerste weken van 2025 gaan we daar mee door. Hieronder een tekst uit juli 2012, over het vertaalwerk van Rob Janssen en Jan de Breet.

Sinds het jaar 2000 verschijnt er in Nederland een serie vertalingen in het Nederlands van boeken die behoren tot de Pali-Canon, de canon van gewijde geschriften van de Theravadaboeddhisten van Zuidoost Azië, die lang geleden samengesteld werd in India.

Deze vertalingen zijn van de hand van Rob Janssen, Jan de Breet en anderen, en worden gepubliceerd door Asoka, een uitgeverij in Rotterdam, gespecialiseerd in Nederlandstalige boeken over het boeddhisme.

Rob Janssen

Rob Janssen is emeritus professor in de klinische psychologie en persoonlijkheidsleer. Nadat hij in Nederland bekend was geraakt met het boeddhisme, werd hij in 1974 in Bodhgaya, de plaats waar de Boeddha de verlichting verkreeg, boeddhist. Sindsdien volgde hij colleges Pali en Sanskriet, gegeven door prof. Tilmann Vetter aan de Universiteit Leiden.

Van 1982 tot 1998 was hij voorzitter van de Stichting Vrienden van het Boeddhisme (SVB), wat hij nu opnieuw is sinds februari 2007.

Jan de Breet

Jan de Breet is boeddhist sinds 1982. Van 1984 tot 1989 studeerde hij indologie aan de Universiteit Leiden en hij specialiseerde zich in boeddhistische filosofie onder leiding van prof. Vetter en wijlen prof. Erik Zürcher, in de loop waarvan hij Sanskriet en Pali, en enig Tibetaans en boeddhistisch Chinees leerde. Sinds 1988, met een onderbreking, is hij penningmeester van de SVB en sinds november 2009 ook secretaris.

Deze twee mensen observeerden dat er in het Nederlands alleen een paar kleine bloemlezingen uit de Pali-Canon bestonden en een vertaling van de beroemde Dhammapada, alle van de hand van wijlen dr. Tonny Kurpershoek-Scherft.

Daar de Pali-Canon de oudste boeddhistische teksten bevat, de teksten die het dichtst bij de Boeddha staan, meenden zij dat, met het oog op de toenemende belangstelling voor het boeddhisme in Nederland en Vlaanderen, er mogelijk een behoefte bestond aan Nederlandse vertalingen van complete werken uit dit corpus.

Jan de Breet en Rob Jansen

Daarom begonnen zij in 1997 met het vertalen van de Digha-Nikaya (de verzameling van lange leerredes) op basis van voorbereidend werk dat zij al gedaan hadden in de jaren 1989-90. Uiteraard annoteerden zij de tekst ook en schreven een inleiding tot het geheel en tot alle afzonderlijke leerredes. Toen zij deze taak bijna volbracht hadden, vonden zij uitgeverij Asoka bereid het boek te publiceren.

Door bemiddeling van prof. Vetter, die hun vertaling gunstig beoordeelde, slaagden zij erin een subsidie voor de publicatie te verkrijgen van het J. Gonda-Fonds, een fonds gecreëerd bij testament door wijlen prof. Jan Gonda, die lange tijd hoogleraar indologie in Utrecht was, en verbonden met de Koninklijke Nederlandse Academie van Kunsten en Wetenschappen (KNAW).

Aldus verscheen in november 2001 De verzameling van lange leerredes in één dik deel en werd aan het publiek gepresenteerd tijdens een bijeenkomst van de SVB in de Chinese tempel in Amsterdam.

Ondertussen was er in 2000, ook bij Asoka, een vertaling van de Theragatha en Therigatha verschenen onder de titel Verzen van monniken en nonnen. Deze was van de hand van inmiddels wijlen prof. Ria Kloppenborg, hoogleraar boeddhisme aan de Universiteit Utrecht.

Rob Janssen en Jan de Breet gingen door met het vertalen en toelichten van de Pali-Canon. In de loop van de jaren publiceerden zij de volgende boeken (waaronder ook een vertaling van een Sanskriet-werk, dus niet uit de Pali-Canon):

–       Khuddaka-Nikaya. De verzameling van korte teksten, Deel 1: Sutta-Nipata & Dhammapada, Asoka, Rotterdam, 2002 (2e herziene druk 2011).

–       Majjhima-Nikaya. De verzameling van middellange leerredes, 3 delen, Asoka, Rotterdam, 2004-2005.

–       Khuddaka-Nikaya. De verzameling van korte teksten, Deel 2: Khuddaka-Patha, Udana, Itivuttaka & Cariyapitaka, Asoka, Rotterdam, 2007. (Het laatste van de werken in dit deel werd vertaald door Anco van der Vorm.)

–       Aldus sprak de Boeddha. Een bloemlezing uit de Pali-Canon, Asoka, Rotterdam, 2007 (2e druk 2011). (Een bloemlezing met voornamelijk al vertaald materiaal en een paar nieuwe leerredes en passages.)

–       Asvaghosa: Buddhacarita. Daden van de Boeddha, Asoka, Rotterdam, 2008. (Een oorspronkelijk in het Sanskriet geschreven biografie van Gautama, de Boeddha, uit de 1e eeuw n. Chr.)

–       Samyutta-Nikaya. De verzameling van thematisch geordende leerredes, Deel 1-3, Asoka, Rotterdam, 2009-2012.

 

Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

#Asoka #JanDeBreet #Nederlands #Pali #PaliCanon #printbatch2 #RobJanssen #Sanskriet #vertaling
#Asoka #JanDeBreet #Nederlands #Pali #PaliCanon #printbatch2 #RobJanssen #Sanskriet #vertaling

Inspiratie blijft, ook na een kwart eeuw vertaalwerk - Boeddhistisch Dagblad

Het blijft een uniek project, het vertalen van de Pali-Canon in het Nederlands. Tot de dood erop volgt, zeggen de vertalers Rob Janssen en Jan de Breet. Rob Janssen en Jan de Breet zijn inmiddels overleden.

Boeddhistisch Dagblad

André Kalden afgetreden als voorzitter Vrienden van het Boeddhisme  

André Kalden treedt na zeven jaar af als voorzitter van de stichting Vrienden van het Boeddhisme. Hij wordt per 1 januari 2025 als voorzitter opgevolgd door Artho Jansen.

V.l.n.r. André Kalden, voorzitter van de Vrienden, Jan de Breet en Rob Janssen. Zomer 2017. Foto Joop Hoek

Zeven jaar geleden vroeg Rob Janssen André Kalden om het voorzitterschap van hem over te nemen, de stichting nieuwe toekomst te geven en het vertaalwerk te helpen afmaken. Die eervolle taak zit er met de publicatie van Anguttara-Nikaya deel vijf deze maand op.

Kalden: ‘Het beheer van de erfenis van Jan en Rob heb ik de afgelopen jaren als een heel mooie, maar ook als een grote verantwoordelijkheid ervaren. Het is ontzettend fijn dat een ervaren boeddhistisch beoefenaar en bestuurder als Artho de trekkersrol op zich wil nemen die de voorzitter binnen onze stichting in praktijk vervult.’

Bron Vrienden van het Boeddhisme

Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

#AndréKalden #ArthoJansen #JanDeBreet #RobJanssen #vriendenVanHetBoeddhisme
#AndréKalden #ArthoJansen #JanDeBreet #RobJanssen #vriendenVanHetBoeddhisme

André Kalden afgetreden als voorzitter Vrienden van het Boeddhisme   - Boeddhistisch Dagblad

Zeven jaar geleden vroeg Rob Janssen André Kalden om het voorzitterschap van hem over te nemen, de stichting nieuwe toekomst te geven en het vertaalwerk te helpen afmaken.

Boeddhistisch Dagblad

Jan de Breet – Leven in Tidorp, een persoonlijk verslag

In de begintijd van het boeddhisme in ons land, mei 1983, meldde ik mij bij de boeddhistische leefgemeenschap Tidorp, gelegen in Burgh-Haamstede, op het Zeeuwse eiland Schouwen-Duiveland. Deze commune werd geleid door de architect Bruno Mertens. Hij had in 1965 kennisgemaakt met de leer van de Boeddha en in 1975 Tidorp gesticht. De naam was gebaseerd op de door hem gepostuleerde oersyllabe ‘TI’, die verwees naar de energie van de kosmos en die volgens hem ook in het Chinees was terug te vinden.

Tekst Jan de Breet

Tidorp bestond uit een terrein van ongeveer een hectare direct achter de duinen. In het centrum stond een aantal woonwagens en caravans. In één daarvan was de keuken annex eetkamer gevestigd, in een andere de bibliotheek. In de laatste waren ook twee kamertjes voor bewoners. Eén kamertje stond op dat moment leeg en dat kreeg ik toegewezen.

Bruno Mertens op 90-jarige leeftijd in Nieuw-Zeeland. Hij stichtte er in 1995 een boeddhistisch ambachtelijk centrum als opvolger van Tidorp..

Op het terrein waren verder o.a. een boomgaard, een moestuin, een kippenren met kippenhok, een mestvaalt, een put, een toilet, een meditatietent en een huisje, waar de vrouw van Bruno soms logeerde. Er was geen stromend water en geen elektriciteit, dus gewassen moest er ‘s ochtends worden bij de put en lezen kon men ‘s avonds alleen bij een olielamp. Tidorp was namelijk niet aangesloten op het waterleiding- en elektriciteitsnetwerk, noch op de riolering, omdat dit van de gemeente Westerschouwen niet mocht. Volgens het bestemmingsplan mocht het terrein alleen een agrarische functie hebben. Officieel woonde er dus niemand en dat er mensen onder primitieve omstandigheden in woonwagens huisden, werd door de gemeente door de vingers gezien.

Bruno maakte van de nood een deugd en gebruikte deze omstandigheden om Tidorp aan te prijzen als een oord van het natuurlijke en zuivere leven. In de winter konden de caravans en woonwagens wel verwarmd worden met kacheltjes waarin hout en briketten gestookt konden worden. De keuken beschikte dankzij een watertank op het dak over stromend water. Deze werd regelmatig met behulp van een elektrische, door een generator aangedreven waterpomp bijgevuld vanuit de put.

Enige tijd na mijn aankomst in Tidorp initieerde Bruno een nieuw project, het bouwen van een gemeenschapsgebouw, waar wij o.a. zouden kunnen mediteren en waar het ook in de winter – door middel van verwarming – aangenaam zou zijn. Op het dak zou een tuin moeten komen. De gemeente moest weer misleid worden door het gebouw te presenteren als een oogstschuur. Alle bewoners hebben een tijd lang hard gewerkt aan het gebouw onder de bezielende leiding van Chris, en de muren, het dak (inclusief tuin!) en de kelder zijn er gekomen, maar het gebouw is nooit voltooid. Als ik het me goed herinner, is de bouw gestaakt omdat de gemeente had laten weten dat ze nooit toestemming zouden geven om het te gebruiken als meditatiehal.

Plattegrond Tidorp

Toen ik aankwam, woonden er ongeveer tien mensen in Tidorp. Een van hen was Chris, een Nieuw-Zeelander, die fungeerde als een soort bedrijfsleider. Hij zorgde voor het technische reilen en zeilen en leidde de werkzaamheden als Bruno afwezig was. Hij woonde met zijn Franse vriendin Annie in een van de grotere woonwagens. Een ander opvallend persoon was Ingrid, die tot boeddhistisch non in de theravadatraditie gewijd was en – hoewel de gebruikelijke kleur kleding voor theravada-nonnen oranjegeel is – altijd witte gewaden droeg. Er was ook een meisje dat continu liep te kletsen en waarvan Ingrid zei dat ze niet meer naar haar luisterde. Verder had ik in de bibliotheekwagen een buurmeisje met wie ik veel samenwerkte, met name in de moestuin. Zij had aan anorexia nervosa geleden, maar was daar al grotendeels overheen toen ik haar ontmoette. Wel was ze nog steeds erg mager. De andere mensen ben ik vergeten.

Ik herinner me nog wel een paar mensen die later kwamen dan ik en ook eerder weggingen. Zo was er een Australiër met een zwarte baard, hij heette geloof ik Harry, die een zwerftocht over de wereld maakte en her en der werkte of verbleef in spirituele centra. Hij had o.a. gewerkt als kachelplaatser in Londen. Ook een Fin die het in Tidorp bij een paar graden boven nul vreselijk koud had, terwijl het in Finland ‘s winters wel -30 °C kan worden. Een jongeman die, toen hij vuilnisman was, iedere dag twintig of dertig rauwe eieren at, en in Tidorp iedere middag een foto van zijn volgeladen kom met eten nam. Een schizofreen die tijdens de meditatie zwaar ging hallucineren en een hoop kabaal maakte. En Joske, een verstandig Vlaams meisje dat vrij lang is gebleven, misschien wel langer dan ik.

Dagprogramma

Het dagprogramma, het hele jaar hetzelfde, zag er ongeveer als volgt uit:

6.00 uur Opstaan en wassen bij de put
6.30 uur Loopmeditatie in de meditatietent
7.30 uur Zitmeditatie
8.30 uur Werkverdeling
8.45 uur Ontbijt
9.30 uur Werken
14.30/15.00 uur Warme maaltijd
15.00/15.30 uur Werken

Zonsondergang Loopmeditatie gedurende een half uur.
Daarna Zitmeditatie gedurende een uur.

Vervolgens kon iedereen doen wat hij wilde. Je kon bijvoorbeeld brood met beleg gaan eten in de keuken, gaan lezen of iemand bezoeken op zijn of haar kamer.

Enige maanden na mijn aankomst werd de tijd dat je op moest staan vervroegd naar 5.30 uur. Het was nu de bedoeling dat je vóór het mediteren nog een half uur ging hardlopen op de wegen buiten het terrein.

Mediteren en zwemmen

Logo Tidorp

De oproep tot opstaan, mediteren en eten vond plaats met een gong. Bij het wassen bij de put was het de bedoeling dat je twee emmers koud water over je heen goot, zomer en winter. Het zwemmen in zee was niet verplicht. Bruno had er begrip voor als je de kou van de zee ‘s winters niet kon verdragen.

De meditatie werd geleid door Bruno Mertens, als hij aanwezig was. Als hij niet aanwezig was door Ingrid. Als Bruno aanwezig was, viel hij meestal tijdens de zitmeditatie in slaap.

Het verzorgen van het ontbijt en het warme middagmaal vond bij toerbeurt plaats. Degene die het ontbijt moest verzorgen, moest ook de gong voor het opstaan slaan. Die moest dus nog iets eerder opstaan dan de anderen. Het ontbijt bestond uit in water gekookte graanvlokken van de een of de andere graansoort. Het warme middagmaal bestond uit gekookte hele granen van Nederlandse bodem – zoals tarwe, rogge of haver –, gekookte peulvruchten – zoals bruine bonen of kapucijners – en groente uit de eigen moestuin. Er werd in Tidorp geen vlees of vis gegeten en ook geen zuivel. Er werden wel eieren geproduceerd voor de verkoop, maar niet door de bewoners zelf geconsumeerd. Koffie, zwarte thee en chocolade (waar ook cafeïne in zit) waren in Tidorp niet aanwezig.

De voorraden graanvlokken, hele granen en gedroogde peulvruchten bevonden zich onder de keukenvloer, in een ruimte onder de grond.

De verdeling van het werk werd door Bruno en Chris gedaan. Je kon o.a. werk in de moestuin krijgen (zaaien, wieden, oogsten), in de boomgaard (snoeien, oogsten), in de kippenren (schoonmaken, voeren, eieren rapen) of in de houtschuur. Ook kon het zijn dat je met Bruno, met een kar getrokken door een stokoude tractor, paardenmest moest gaan halen uit de naburige manege. Of je moest compost van de mestvaalt op het land brengen of het toilet legen op de mestvaalt. Soms waren er kippen ontsnapt uit de kippenren. Die gingen we dan met het hele stel vangen, door ze in te sluiten. Als we ze te pakken hadden, werden ze gekortwiekt.

Iedere maandag vertrok Bruno, samen met de Tidorp-bewoner die daarvoor aan de beurt was, in een besteleend naar Amsterdam om daar onze groente, fruit, kruiden, eieren en kiemen te verkopen, aan groentewinkels en aan de biologische supermarkt. Ook ging hij dan granen etc. kopen voor de bewoners van Tidorp. Het brood kreeg hij gratis van de biologische bakkerij Manna. Dit was namelijk brood dat over de datum was, wat je soms wel kon proeven.

De zondagavond eraan voorafgaand gingen we met alle bewoners oogsten wat er geoogst kon worden, wat ook inhield dat de topjes van de welig op het terrein tierende brandnetels werden geplukt (met name in de zomer). De keer dat ik mee was met Bruno, zijn we ook naar een vriend geweest die op een woonboot woonde, en naar zijn boerderij in Bodegraven gegaan, waar ik zijn vrouw ontmoette. Dinsdag of woensdag waren we weer terug in Tidorp. Bruno bleef soms nog langer weg.

Op 29 oktober 1983 hebben alle bewoners van Tidorp inclusief Bruno meegedaan aan de grootste demonstratie uit de Nederlandse geschiedenis, in Den Haag tegen het plaatsen van kruisraketten op de Vliegbasis Woensdrecht. Aan deze demonstratie deden ongeveer 550.000 mensen mee waaronder mijn ouders, die ik er ontmoette. Op ons spandoek hadden wij geschreven: ZOEK DE VREDE IN JEZELF! Een dubbelzinnige boodschap dus.

Afscheid

Meditatiehal

In maart 1984 ben ik vanuit Tidorp naar een dorp bij Überlingen aan het Bodenmeer in Duitsland gereisd om daar een ‘Klausur’ voor kandidaten voor het ordelidmaatschap van de Arya Maitreya Mandala (AMM) bij te wonen. Na afloop besloot ik niet terug te keren naar Tidorp en ben ik tijdelijk ingetrokken bij mijn zus in Arnhem. Daarna ben ik nog vijfmaal teruggekeerd naar Tidorp.

Twee keer om er een paar dagen als vanouds mee te doen met het werk en de meditatie. De tweede maal daarvan (waarschijnlijk in het voorjaar van 1992) stelde ik vast dat de discipline er sterk achteruit was gegaan. Niet iedereen deed mee met de meditatie en als het tijdens het werk ging regenen, ging men naar binnen om kruidenthee te drinken, terwijl wij indertijd gewoon een regenpak aantrokken en doorwerkten.

Een keer heb ik er met Rob Janssen een beleefdheidsbezoek afgelegd. Bruno was toen, geloof ik, niet aanwezig en Chris was al met Annie vertrokken naar Frankrijk. We hebben gesproken met de ‘bedrijfsleider’ van dat moment.

Een keer daarna was er een bijeenkomst van de Boeddhistische Unie Nederland (BUN), een zogenaamde kennismakingsbijeenkomst (KMB), die indertijd (sinds 1989) ieder half jaar in een boeddhistisch centrum in Nederland gehouden werd. Bij die gelegenheid bleek dat Bruno de meditatietent had omgetoverd in een koepelgebouw door er beton overheen te storten. Ook had hij een kleine sauna laten aanleggen.

De laatste keer dat ik er was, was om afscheid te nemen. Dat was in 1994. Bruno had besloten om Tidorp op te heffen en het terrein te verkopen, omdat de zaak niet goed meer liep, door drugsoverlast en het bezoek van onaangename mensen. Hij had alle oud-bewoners van wie hij het adres had, uitgenodigd voor een afscheidsbijeenkomst. Tidorp zag er toen nog hetzelfde uit als tijdens de KMB. Het schijnt dat hij het verkocht heeft aan overjarige hippies die iedereen van het terrein afjagen, maar het terrein en de opstal vrijwel ongewijzigd hebben gelaten.

Dit verhaal is oorspronkelijk geschreven op verzoek van Rinus Laban als document voor het Nederlands Boeddhistisch Archief (NBA). De illustraties komen uit het archief van het Nederlands Architectuur Instituut (NAI). Rinus Laban heeft een aantal NAI-archiefstukken gefotografeerd en in een map samengebracht.

Bruno Mertens (Renkum, 1914) was architect, schilder en beeldhouwer. Hij woonde met zijn vrouw, de schilderes Susan Burki, in Zwitserland, Spanje, Frankrijk, Zweden en Noorwegen, voordat zij zich in 1960 vestigden in een eeuwenoude boerderij in Bodegraven. In 1965 maakte hij door een lezing van de echtgenote van de toenmalige Thaise ambassadeur in ons land kennis met het boeddhisme. Zij leerde hem vipassana-meditatie. Later verbleef hij een jaar als monnik in het Vivek Asom Meditation Center in Chonburi (Thailand), waar Phra Achaan Thawee zijn meditatieleraar was. Toen in 1969 in Amsterdam het eerste Nederlandse meditatiecentrum, De Kosmos, werd geopend, ging Bruno Mertens er als eerste vipassana-leraar van Nederland vipassana-onderricht geven. Van 1975 tot 1994 leidde hij de meditatie-, leef- en werkgemeenschap Tidorp in Haamstede (Schouwen-Duiveland). Bruno was een man die op iedereen die hem ontmoette een bijzondere indruk maakte. Vipassanameditatie zag hij vooral als een training in voortdurende aandacht. In Tidorp drukte hij de mensen altijd op het hart om steeds ‘erbij te zijn’. Hij had daarom een sterke afkeer van drank en drugs, waartoe hij ook wierook rekende. Na de opheffing van de gemeenschap in 1994 vertrok hij met zijn vrouw naar Nieuw-Zeeland, waar hij nabij het dorp Kerikeri op het Noordereiland opnieuw een meditatief-ambachtelijk centrum stichtte. Op 20 april 2010 overleed hij. Hij is 95 jaar geworden. Voor zijn dood had hij zijn huis en de omringende grond al geschonken aan de Pannarama Buddhist Centre Charitable Trust. Zijn atelier/werkplaats werd daarna ingericht als meditatiehal. Bruno Mertens, de indiaan uit Bergen op Zoom. Dit artikel verscheen eerder, op 20 september 2013, in het magazine van de stichting Vrienden van het Boeddhisme. En werd eerder in het BD geplaatst. Jan de Breet overleed op 24 november 2021.

 

Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

#biologischeBakkerijManna #BrunoMertens #Haamstede #JanDeBreet #NBA #PannaramaBuddhistCentreCharitableTrust #RinusLaban #Tidorp #VivekAsomMeditationCenter #woonwagens #Zeeland
#biologischeBakkerijManna #BrunoMertens #Haamstede #JanDeBreet #NBA #PannaramaBuddhistCentreCharitableTrust #RinusLaban #Tidorp #VivekAsomMeditationCenter #woonwagens #Zeeland

Jan de Breet - Leven in Tidorp, een persoonlijk verslag - Boeddhistisch Dagblad

In de begintijd van het boeddhisme in ons land, mei 1983, meldde Jan de Breet zich aan bij de boeddhistische leefgemeenschap Tidorp, gelegen in Burgh-Haamstede, op het Zeeuwse eiland Schouwen-Duiveland. Deze commune werd geleid door de architect Bruno Mertens.

Boeddhistisch Dagblad