Toerist in Valencia (1)

Iberisch beeldje van een ruiter (Prehistorisch Museum, Valencia)

De hogesnelheidslijn die onlangs zo negatief in het nieuws was, bracht ons in twee uur vanuit Madrid naar Valencia. Ik wist weinig meer over die stad dan dat de Cid er had gewoond, dat de Heilige Graal werd bewaard in de kathedraal, dat er een wetenschapsmuseum was en dat er een paar jaar geleden een beruchte moordzaak was. Ik moest opzoeken dat het ooit de hoofdstad was geweest van een Iberisch volk, de Edetaniërs.

De Iberiërs

Wie meer over hen wil weten, moet absoluut naar het Prehistorisch Museum, dat een weergaloos mooie en grote collectie heeft. Die begint met de eerste mensen en loopt dan door vele millennia en langs diverse soorten homo naar de Romeinse tijd. De informatie is actueel – ik zag de Denisova-mens netjes genoemd – en wordt gepresenteerd in twee talen, in het Spaans en in het Valenciaans. Het was een prachtig museum maar het was uitgestorven. We waren letterlijk de enige bezoekers.

De Iberische cultuur wordt er deels thematisch, deels aan de hand van opgravingen gepresenteerd. Er is dus uitleg van de metaalbewerking en van de handel, maar je ziet ook de vondsten van deze of gene site bij elkaar. Ik heb er echt van genoten, want dit is voor mij redelijk onbekend materiaal, dat ik eigenlijk alleen in het Nationaal Archeologisch Museum in Madrid heb gezien. Het museum in Valencia heeft veel meer.

Iberisch aardewerk uit Tosal de San Miquel (Prehistorisch Museum, Valencia)

Heel speciaal vond ik het aardewerk uit Tosal de San Miquel. Het gaat om grote kruiken die zijn beschilderd met jacht- of krijgersscènes. Er staan ook wel muzikanten op en bloemen en planten. Het oogt eenvoudig en straalt een zekere kracht uit. Ik kom er nog eens op terug. Het is echter wat moeilijk te geloven dat de cultuur die deze ietwat primitieve vazen maakte, ook de Dame van Elche voortbracht.

Almoina

De Romeinen herbouwden de Iberische nederzetting en herbouwden de stad nog eens na een stadsbrand. De resten van een badhuis, straten en een pakhuis zijn te zien in het Centro Arqueológico de l’Almoina, waarvan ik voor onze reis had gehoord dat het wat tegenviel. Maar ik moet zeggen: dat was niet zo. Het was zeker de moeite waard, al maakte het museum gebruik van gesproken uitleg. Het is lastig om een bordje met uitleg te lezen als er voortdurend iemand in je oor zit te tetteren – en dan heb ik het er nog niet over gehad dat het weinig gastvrij is voor mensen met hyperacusis.

In Almoina zijn ook de resten te zien van een Visigotische kapel, gewijd aan de heilige Sint-Vincentius, een martelaar die hier ten tijde van Diocletianus om het leven is gebracht. De kapel is gebouwd op een wat onhandige plek op het oude Romeinse forum, wat suggereert dat deze plek een speciale betekenis had. Misschien herinnerde men de plek waar hij was geëxecuteerd of begraven. Er waren graven in de buurt van de kapel en later kwam er een kerk. Een steenworp verderop is de plek die bekendstaat als Vincentius’ gevangenis, maar het is feitelijk een grafkapel voor de bisschoppen van de stad.

Visigotische kapel van Sint-Vincentius (Almoina)

Nog even iets over de Visigotische periode: toen het Rijk van Toledo in 711 door de Arabieren was onderworpen, behoorde Valencia tot de gebieden die in handen bleven van de laatste machthebber, de Theodomir over wie ik eerder schreef. Zijn paleis lag even ten westen van Valencia, bij Pla de Nadal. Enkele vondsten zijn te zien in het Prehistorisch Museum.

De zogenaamde Graal

De kathedraal van Valencia is minder mooi dan die van Toledo, maar trekt duizenden bezoekers omdat hier de kelk is te zien die Jezus zou hebben gebruikt bij het Laatste Avondmaal. Tijdens de kruisiging zou hierin zijn bloed zijn opgevangen. In de Middeleeuwen kende men verhalen over een mystiek voorwerp, de verder niet gedefinieerde Graal. Er lijken Arabische en Keltische modellen te zijn geweest voor de beroemde verhalen over dolende ridders die op zoek zijn naar dit voorwerp.

Deze Graal werd later gelijkgesteld aan de kelk van het Laatste Avondmaal. Ik benadruk dat dit een latere ontwikkeling is en dat er geen reden is om de Graalromans met Valencia in verband te brengen.

Kapel met de zogenaamde Graal (Kathedraal, Valencia)

Wat natuurlijk niet wil zeggen dat er niet een hoop speculaties zijn, die wat doen denken aan het geneuzel over de Lijkwade van Turijn.noot Die toont een gekruisigde zoals men in de Middeleeuwen dacht dat een kruisiging in z’n werk ging en geen Romeinse kruisiging. Meer bewijs dat de Lijkwade middeleeuws is, is niet nodig, maar voor wie het nodig heeft: de koolstofdatering in de Middeleeuwen is waterdicht. De in Valencia geboden uitleg maakt gewag van archeologische studies, historische documenten, het gewicht van de Traditie (met hoofdletter), recente ontdekkingen inzake het ontwerp, vergelijkend onderzoek naar soortgelijke bekers en verwijzingen in de oude liturgie, en dit alles maakt het geheel plausibel dat dit de beker is van het Laatste Avondmaal. En trouwens, zo lees ik, er is geen bewijs tegen de authenticiteit.

Dit is vanzelfsprekend slechts laut tönendes Nichts. Er wordt van alles aangenomen, zoals dat Petrus het voorwerp had meegenomen na het Laatste Avondmaal en naar Rome had gebracht. (Dat hij daar is geweest, is geen heel oude traditie.) Vervolgens zouden de pausen de kelk hebben gebruikt. (De aanname is dat er zo vroeg al een successie van bisschoppen was.) Vervolgens belandde de beker in Spanje, werd hij tijdens de Arabische tijd verborgen en toevallig weer gevonden. Het moge duidelijk zijn dat een historicus bij zo’n claim begint te gnuiven van ergernis.

En dat doe ik dus ook. Aan het hoofd van de kerk van Valencia staat een aartsbisschop en zo’n kerel is niet dom. Zo iemand is naar de universiteit geweest, begrijpt wat een wetenschappelijk bewijs is en snapt dat een voorwerp ook een cultische  functie kan hebben als het onecht is. Er is geen noodzaak tot pseudowetenschappelijke claims – sterker nog, je maakt je kwetsbaar voor het verwijt dat je iets te verbergen hebt.

Muurschildering in de San Juan del Hospital

Tot slot

Dat moest ik even kwijt. Ik had in dit narcistische winterfeuilleton ook nog kunnen schrijven over de beeldschone kerk van San Juan del Hospital. En ik had kunnen vertellen dat ook in Valencia het standbeeld van Cervantes een man toont met twee armen, ook al had hij er maar één. Maar ik heb nu wel genoeg geschreven voor vandaag. Als ik er tijd voor heb is er morgen meer over Valencia.

#Edetaniërs #graal #LijkwadeVanTurijn #PlaDeNadal #RijkVanToledo #SintVincentius #Theodomir #TosalDeSanMiquel #Valencia #Visigoten

Theodomir

Zomaar mooi kapiteel uit het Rijk van Toledo (Archeologisch museum, Mérida)

Een tijdje geleden postte ik enkele blogjes over de Arabische verovering van het Iberische Schiereiland in 711 na Chr. Simpel samengevat stak generaal Tariq ibn Ziyad vanuit de Maghreb over naar Andalusië, waar hij Roderik versloeg, de koning van het Rijk van Toledo. Na dit eerste succes arriveerde een tweede Arabische strijdmacht, en vervolgens liepen de twee legers de regio volledig onder de voet. De verovering werd vereenvoudigd door verdragen te sluiten met lokale leiders, zoals een zekere Theodomir. Die erkende de Arabieren als gezaghebbers en kreeg in ruil erkenning als heerser van het zuidoosten van Spanje.

Voor mijn eerdere blogjes was Theodomir niet meer dan een voorbeeld van het soort verdragen dat de Arabieren sloten om hun gezag te vestigen. Er valt echter meer over deze man, die zo mooi de overgang van Late Oudheid naar Middeleeuwen markeert, te vertellen. Maar eerst iets over de context: wat de laatste generatie zou blijken te zijn van het Rijk van Toledo. En voor we dáár aan toekomen, moet ik nog wat verder terug, namelijk naar het midden van de zesde eeuw.

Dux Theodomir

De adel van het Rijk van Toledo, die we weleens aanduiden als de Visigoten, was op dat moment verdeeld en dat bood de Byzantijnen een kans om zuidelijk Spanje te veroveren. Het duurde niet lang tot de Visigoten aan een tegenoffensief begonnen: onder koning Leovigild (r.572-586) wisten ze de Byzantijnse posities te reduceren tot een smalle kuststrook. In de heroverde gebieden richtten ze nieuwe bestuurlijke eenheden in, die we misschien mogen aanduiden als marken ofwel grensgewesten. Aan het hoofd stond een dux. Een zo’n mark was Orospeda en strekte zich uit van het huidige Murcia tot Valencia. Een kleine halve eeuw later werd Cartagena daaraan toegevoegd.

Dit was het gebied waarover – weer een eeuw later – Theodomir als dux zou regeren. De in Andalusië geschreven Kroniek van 754 weet dat hij eens een vlootoverwinning heeft geboekt op de Byzantijnse zeestrijdkrachten, wat vermoedelijk betekent dat hij op een bepaald moment aan het hoofd heeft gestaan van de vloot van het Rijk van Toledo. Het is jammer dat we niet weten wat dit van operatie kan zijn geweest. Probeerden de Byzantijnen te profiteren van een hernieuwde verdeeldheid in het Rijk van Toledo?

Rebel

Het zou kunnen. In 692 was namelijk een zekere Suniefred in opstand gekomen tegen koning Egica. De rebel wist Toledo te nemen en kreeg daar de steun van Egica’s schoonmoeder en de aartsbisschop. Egica slaagde er echter in om, samen met zijn zoon Wittiza, de opstand te onderdrukken.

DYNASTIEREBELLENKoning EgicaSuniefredKroonprins
WittizaEgica’s
schoonmoederAartsbisschopTheodomir

De Handelingen van de Zestiende Synode van Toledo, die in het volgende jaar samenkwam om de rust te herstellen, noemt Theodomir als een van de rebellen. Hij werd officieel uitgesloten van alle kerkelijke sacramenten en moet al zijn wereldse functies en bezittingen hebben verloren.

Evengoed was Theodomir later in staat om als dux te onderhandelen met de Arabieren, wat betekent dat hij op een of andere manier een comeback moet hebben gemaakt. Dat is heel goed mogelijk, want koning Egica overleed ergens rond 703 en zijn zoon en opvolger Wittiza zal, zoals gebruikelijk, een amnestie hebben afgekondigd.

De Arabieren komen

Koning Wittiza overleed in 710 of 711 en werd opgevolgd door Roderik, die mogelijk verwant was met Theodomir. Het bewijs daarvoor is overigens niet zo heel sterk: Roderiks vader heette Theodefred, en was verwant met de verslagen rebellenleider Suniefred, in wiens kamp Theodomir zich dus had bevonden. Het bewijs voor de familiebanden bestaat dus uit naamovereenkomsten. Dat is niet het allersterkste bewijs, maar het is in deze periode ook niet verwaarloosbaar. In elk geval steunde dux Theodomir de nieuwe koning Roderik toen deze de strijd aanbond tegen de Arabieren.

Theodomirs monogram in Pla de Nadal (Prehistorisch Museum, Valencia)

Roderik sneuvelde en het was onduidelijk wat er daarna gebeurde – afgezien van het verdrag dat Theodomir in 713 sloot met de veroveraars. Daarin zegde hij een schatting toe en werd hij erkend als heerser over de mark waarover hij al heerste. Het is echter mogelijk dat Theodomir in 711, na de dood van Roderik, heeft geprobeerd zelf koning te worden, want hij bouwde een fenomenale villa, Pla de Nadal, die heel wel bedoeld kan zijn geweest als koninklijk paleis. Dat hij de bouwheer is, staat dankzij inscripties vast; dat het een koninklijke residentie was, is iets minder zeker, maar diverse architectonische aspecten kennen we alleen uit Byzantijnse en Toledaanse paleizen. De villa is echter nooit voltooid.

Arabische vazal

Het staat vast dat Theodomir, voordat hij zich onderwierp, heeft gestreden tegen de Arabieren, maar de gevechten verloor. Er is een mooi verhaal dat hij, toen de meeste van zijn mannen waren gesneuveld, de vrouwen in zijn stad een harnas aantrok, zodat de Arabieren dachten dat er nog een sterk garnizoen was, en Theodomir goede voorwaarden gunden. Toen de Arabieren ontdekten dat ze voor de gek waren gehouden, besloten ze zich toch aan de afspraak te houden. Misschien is dit verhaal bedacht om te verklaren waarom Theodomir een gunstig verdrag had weten te krijgen; het gaat in elk geval om een verhaalmotief dat we ook van elders kennen. Maar het kan natuurlijk ook gewoon echt zijn gebeurd.

Het vervolg is duidelijker. Na de onderwerping van het Rijk van Toledo reisden de twee Arabische generaals naar Damascus, waar kalief Walid I hen ontving. Theodomir was in hun gezelschap en verkreeg een bevestiging van zijn gezag. De Kroniek van 754 vermeldt dat hij in 744 overleed. En we mogen ons afvragen wat hij was: een opportunist, iemand die redde wat er te redden viel, of iets van allebei.

#Egica #KroniekVanHetJaar754 #Leovigild #PlaDeNadal #RijkVanToledo #Roderik #TariqIbnZiyad #Theodomir #Valencia #Visigoten #WalidI #Wittiza