Logisch, maar eenzijdig verhaal in de Financial Times. Een aantal bedrijven - waaronder ASML - waarschuwen dat een toenemende drang naar 'technologische soevereiniteit' de winsten zou kunnen schaden en het concurrentievermogen van het continent zou kunnen ondermijnen, nu Brussel zijn inspanningen opvoert om zijn afhankelijkheid van Amerikaanse techgiganten te verminderen.
Ja, de transitie gaat tijd kosten en dient op een intelligente manier te geschieden. Ik voorspel daarbij dat ieder bedrijf transparant zal moeten communiceren over zijn aanpak. Het 'vrouwen en kinderen eerst'-principe lijkt me een goed uitgangspunt, waarbij de kwetsbaarheid van de onderneming voor sancties en de cloud-act leidend moet zijn. Hoe groot is het killswitch-gevaar voor de continuïteit van de onderneming? Welke tech-systemen moeten het eerst worden vervangen? Dat is ontegenzeggelijk informatie waar aandeelhouders en beleggers ook over willen beschikken. Ik denk ook dat toezichthouders die ondernemingen uiteindelijk zullen verplichten deze informatie te delen. Maar daarover geen woord in dit artikel, uitsluitend een marktgedreven kijk op de problematiek die voor deze ondernemingen als voornaamste zien: competitief zijn. De markt zal uiteindelijk - wanneer ze gaat inzien hoe kwetsbaar ondernemingen zijn - gaan disciplineren. Ik denk overigens niet dat ASML snel zal worden getroffen, de onderneming is te belangrijk voor de VS.
De vraag is dus hoe wakker bestuurders van ondernemingen en toezichthouders zijn. De geschiedenis wijst uit dat er eerst grote ongelukken moeten plaatsvinden voordat er iets zal veranderen. Bestuurders/managers dansen mee zolang de muziek draait. Toezichthouders zitten vaak op schoot van het grootbedrijf en staan bepaald niet bekend om hun autonoom denkende leiding. Conclusie: we moeten wachten op het eerste ongeluk.
