Augustinus over astrologie

Deel van een diptiek van twee astrologische tabletten (Archeologisch museum, Grand)

Van weinig antieke auteurs – misschien wel geen enkele – is het oeuvre zo goed bewaard als dat van de kerkvader Augustinus. Gek genoeg is hij moeilijk te peilen: nu eens denk je dat het een strenge man is geweest die hoge eisen stelde aan de mensheid, dan weer proef je oprechte vriendschap en vergevingsgezindheid. Maar misschien is die tegenstelling wel gewoon menselijk. In elk geval is hij heel intellectueel: hij stelt goede vragen en neemt geen genoegen met gemakkelijke antwoorden. Ook niet met moeilijke antwoorden trouwens. Hij lijkt zijn leven lang zoekend te zijn geweest.

Vandaag citeer ik eens een stukje uit De stad van God, zijn belangrijkste werk. En omdat het een echt klassieke tekst is, heeft menigeen ervan gehoord en heeft niemand het gelezen. Gelukkig is er een tijdje geleden een toegankelijke Nederlandse vertaling verschenen, gemaakt door Chris Dijkhuis. Het sterke ervan is dat deze veel toelichting bevat. Ik ben al een tijdje bezig met het lezen, en dat het niet opschiet, komt doordat er steeds andere boeken tussendoor komen.

In De stad van God haalt Augustinus nogal wat overhoop. Langs de weg maakt hij korte metten met de astrologen van zijn tijd. Hierbij haalt hij als voorbeeld twee tweelingbroers aan die tegelijk ziek werden en tegelijk genazen.

Augustinus over Hippokrates

Eerst citeert Augustinus de verklaring die de Griekse arts Hippokrates van Kos zou hebben gegeven. Wij zouden diens standpunt samenvatten als een overeenkomst in erfelijk materiaal en een overeenkomst in ontwikkeling, identieke nature and nurture dus.

Dit vermoeden is veel aannemelijker en het meest voor de hand liggend. De lichamelijke toestand van de ouders tijdens de paring heeft namelijk zó veel invloed op de kiemcellen van de verwekte kinderen, dat ze na de eerste groeiperiode in het lichaam van hun moeder met een gelijke constitutie geboren werden. Als ze daarna in één huis hetzelfde te eten hadden gekregen – de geneeskunde verklaart dat het klimaat, de woonplaats en de kwaliteit van het water van doorslaggevend belang zijn voor de ontwikkeling van het lichaam in positieve dan wel negatieve zin – en er ook aan gewend waren op dezelfde manier aan hun conditie te werken, dan moesten ze zich lichamelijk wel zó  gelijk ontwikkeld hebben dat ze ook tegelijkertijd gelijke ziekteverschijnselen kregen.noot Augustinus, De stad van God 5.2; vert. Chris Dijkhuis.

Ik weet niet of dit hedendaagse artsen overtuigt, want die zouden vermoedelijk zeggen dat er blijkbaar een virus heerste, waardoor de broers én de mensen in omgeving tegelijk besmet raakten, en waarvan ze ruwweg tegelijk herstelden. Maar Augustinus wist niets van virussen en bacteriën, dus hij slaat weliswaar mis, maar wel in een goede richting.

Augustinus over astrologen

Vervolgens rekent Augustinus af met de astrologen. Volgens de christelijke auteur is het bizar om de stand van de sterren bij de geboorte aan te voeren als verklaring voor gelijktijdige ziektegevallen, aangezien zoveel mensen onder dezelfde hemel zijn geboren. Het is bovendien inconsequent, want als tweelingen een verschillend leven hebben, verklaren astrologen dat door te zeggen dat ze juist niet op hetzelfde moment zijn geboren. Wie zo redeneert, kan eventuele overeenkomsten niet verklaren door te zeggen dat het moment van geboorte wél identiek is.

Astrologen maken een punt van het minieme tijdsverschil bij de geboorte van een tweeling vanwege het pietepeuterig stukje hemel op grond waarvan de notering van het uur plaatsvindt. “Horoscoop” noemen ze dat. Maar dat tijdsverschil is óf niet groot genoeg om het verschil te verklaren in de wilskracht, de daden, het karakter en de levensloop van een tweeling, óf juist te groot om de gelijkheid van een tweeling, van eenvoudige of voorname komaf, aanvaardbaar te maken. Ze verklaren immers een behoorlijk verschil tussen de twee, uitsluitend met het uur van ieders geboorte.

Als de kinderen daarom zó snel achter elkaar geboren worden dat de horoscoop voor beiden hetzelfde is, dan verwacht ik dat ze in alle opzichten aan elkaar gelijk zijn en dat is bij geen tweeling aan te treffen. Maar als de tweede met zoveel vertraging komt dat de horoscoop veranderd is, dan stel ik de vraag of ze verschillende ouders hebben en dat is bij een tweeling niet mogelijk.noot Augustinus, De stad van God 5.2; vert. Chris Dijkhuis, met aanpassingen.

Als u nu mocht denken “wat een moderne geest is hier aan het werk”, dan heeft u gedeeltelijk gelijk. Maar ik moet er wel iets bij zeggen. Augustinus is een tijdje een aanhanger geweest van het manicheïsme, waar men nogal veel waarde hechtte aan hemelverschijnselen. Toen de manichese leer niet overeen bleek te komen met de reële waarnemingen, begon Augustinus aan deze opvattingen te twijfelen. Afrekenen met de astrologie was voor hem niet slechts een pleidooi voor rationaliteit, maar tevens een afrekening met de religieuze concurrentie.

#astrologie #Augustinus #ChrisDijkhuis #DeStadVanGod #HippokratesVanKos #tweelingen

Augustinus schiet op een stroman

Augustinus (Liebieghaus, Frankfurt)

Een tijdje geleden blogde ik over het boek van Floris Overduin, die Trojaanse Redevoering van Dio van Prusa had vertaald. De Grieks-Romeinse redenaar betoogde daarin dat Troje nooit door de Grieken was ingenomen. Dat is een mooi voorbeeld van de speelse wijze waarop men destijds omging met zulke verhalen. Je kon ze tegenspreken, op z’n kop zetten, parodiëren, of allegorisch duiden (zoals Palaifatos deed). Zo werkt literatuur nu eenmaal. De Quichot heeft ook allerlei interpretaties, is geparodieerd, aangepast, bekort, gemoderniseerd.

Ik denk niet dat de kerkvader Augustinus veel heidenen overtuigde toen hij de absurditeit van de aloude mythen en sagen wilde aantonen door de Trojaanse verhalen letterlijk te nemen, Dat deed sowieso niemand. Dat laat onverlet dat Augustinus wel zijn christelijke publiek aan het lachen zal hebben gekregen. In De stad van God 3.2 wijst hij er eerst op dat de Grieken en Trojanen dezelfde goden even gewetenvol vereerden: de goden verhoorden dus wel de gebeden van de ene, maar niet die van de andere partij. Dat is onrechtvaardig.

Trojaans bedrog

Voor het goede begrip: er bestond een verhaal dat de Trojaanse koning Laomedon de goden Apollo en Poseidon (Neptunus) de stadsmuren had laten bouwen.

Waarom is Troje door de Grieken verslagen, ingenomen en verwoest terwijl de Trojanen toch dezelfde goden kenden en vereerden? “Priamos”, zeggen ze [de heidenen] dan, “heeft moeten boeten voor het breken van een heilige belofte door zijn vader Laomedon.”

Is het dus waar dat die Laomedon Apollo en Neptunus als dagloners heeft ingehuurd? Volgens het verhaal heeft hij ze immers een loon beloofd en daarna die plechtige belofte gebroken. Ik kijk er wel van op dat Apollo, die toch een naam als voorspeller heeft, zo’n groot karwei heeft aangenomen zonder te weten dat Laomedon zijn belofte niet na zou komen.

Trouwens, het had ook Neptunus, zijn oom, broer van Jupiter en koning van de zee, niet misstaan te weten wat er ging gebeuren. Want Homerus – men zegt dat die dichter voor de stichting van Rome geleefd heeft – Homerus laat Neptunus een geweldige toekomst voorspellen voor de nakomelingen van Aeneas en van Aeneas stammen de stichters van Rome af.

Dat Romulus en Remus afstamden van Aeneas, is natuurlijk nergens bij Homerus te lezen. Het was echter een bekende mythe, die Augustinus bekend kan veronderstellen.

Heidens zelfbedrog

Volgens de dichter heeft hij Aeneas ook met een wolk meegenomen om hem niet door Achilles te laten doden, hoewel, zoals hij bij Vergilius bekent, “de eigenhandig gemaakte meinedige muren van Troje met de grond gelijk wilde maken”. Goden van dat kaliber dan, Neptunus en Apollo, zich er niet van bewust dat Laomedon hun loon zou weigeren, bouwden muren voor de Trojanen, voor niets, zelfs niet voor een bedankje!

Wat is ernstiger, in dat soort goden te geloven of bij dat soort goden vals te zweren? Laat hun vereerders dát maar eens uitzoeken. Homerus zelf immers nam dit ook niet voetstoots aan: hij laat Neptunus wel tegen, maar Apollo vóór de Trojanen vechten terwijl ze volgens het verhaal allebei door het verbreken van die heilige belofte geschoffeerd waren.

Laten ze [de heidenen] zich dan maar eens schamen zulke goden te vereren als ze die verhalen serieus nemen, zo niet, dan moeten ze de gebroken beloftes van Troje niet als reden aanvoeren.

Zoals ik al aangaf, schiet Augustinus een stroman omver. Hij schuift de heidenen een geloof in deze verhalen in de schoenen dat ze niet werkelijk hadden. Het is een polemische standaardtechniek: zoek een extreem standpunt, maak het belachelijk, en verdoezel dat het niet representatief is.

Augustinus in vertaling

Ik haalde dit citaat uit de vorig jaar verschenen Nederlandse vertaling van De civitate Dei, gemaakt door Chris Dijkhuis, die ik al eerder noemde. De civitate Dei (De stad van God) is een van de belangrijkste teksten uit de Oudheid, waarin Augustinus uitlegt dat er naast de Romeinse wereld van zijn gelovigen, waarin het draait om macht en eigenliefde, een meer deugdzame stad van God is, die uiteindelijk duurzamer is. Ik denk eerlijk gezegd dat als Augustinus het boek half zo lang had gemaakt, hij overtuigender was geweest. Hij is boos om zijns inziens onterechte kritiek, hij dramt en hij schiet stromannen omver.

Ik zou niemand de lectuur hebben aangeraden, tot ik de vertaling van Dijkhuis onder ogen kreeg. Niet alleen leest die prettig weg, hij biedt ook redelijk wat uitleg en heeft de tekst gestructureerd in de vorm van een leesrooster. Wie op 1 januari begint te lezen, heeft na twee jaar het werk uit, en begrijpt het dankzij de commentaren ook goed. Daarbij heeft Dijkhuis wel een selectie aangebracht, maar de gekozen vorm werkt. De collectie fragmenten doet, eh, wat denken aan een dagelijks blogstukje.

Aanbevolen. U leert Augustinus kennen als een mens: met scherpe observaties, betrokken bij andere mensen, betrokken bij de samenleving, kleingeestig en soms flauw. Kortom, Augustinus was een mens. Geen heilige. Dat wordt iemand immers doorgaans pas na zijn dood.

#Augustinus #ChrisDijkhuis #DeStadVanGod #DionChrysostomos #Laomedon #Palaifatos #polemiek #Priamos #Troje