Gelderse brandweer waarschuwt: 'Nederland niet klaar voor grote natuurbrand' - Metawire (Beta)
Nederland is niet klaar voor grote, onbeheersbare natuurbranden, waar ook
dodelijke slachtoffers bij kunnen vallen. Daarvoor waarschuwt de brandweer
Gelderland-Midden bij Omroep Gelderland naar aanleiding van de heidebrand bij
Ede, begin deze maand. Gelderse overheden en hulpdiensten zijn wel bezig met het
brandveiliger maken van de natuur, maar daarvoor is nog een lange weg te gaan.
Vorige week brak bij Ede een grote natuurbrand uit na een oefening van de
landmacht waarbij gebruik werd gemaakt van een oefengranaat. Door de harde wind
en de droge grond breidde het vuur zich snel uit. In totaal werden zo’n 500
brandweermensen uit verschillende regio’s ingezet om het vuur te bestrijden.
Naar schatting is zo’n 130 hectare natuur verwoest, omgerekend zo’n 260
voetbalvelden. Toename hevige natuurbranden Bij deze brand vielen geen gewonden,
maar het risico op een natuurbrand met dodelijke slachtoffers is niet
denkbeeldig. Volgens experts is het niet de vraag of dat een keer gebeurt, maar
wanneer. “We verwachten dat natuurbranden gaan toenemen door klimaatverandering.
Niet alleen in aantal, maar dat ze groter en intenser kunnen worden”, vertelt
brandonderzoeker Brian Verhoeven van het Nederlands Instituut voor Publieke
Veiligheid. Dat is geen ver toekomstscenario, zegt Wim Verboom van Brandweer
Gelderland-Midden. Hij is Landelijk Adviseur Natuurbrand en bij
Gelderland-Midden hoofdofficier van dienst bij brand. “Dat er opeens zo’n brand
komt, in een vorm die we nog niet eerder hebben gezien: dat kan dit jaar
gebeuren”, meent hij. “Maar ook bij kleine natuurbranden kan in Nederland de
impact groot zijn, omdat er veel mensen in en nabij de natuur wonen en
recreëren.” Meer slagkracht Volgens Verboom zitten aan de inzet van de brandweer
grenzen. “Ergens stopt het ook gewoon een keer voor ons. Ook al geef je ons
miljoenen voor meer wagens, meer water, dat heeft geen zin. Je moet juist
preventief bezig zijn”, waarschuwt hij. Het Veiligheidsberaad sluit zich daarbij
aan. Het overkoepelende orgaan van de Nederlandse veiligheidsregio’s pleit voor
meer slagkracht om natuurbranden te bestrijden. “De grens van wat we kunnen
wordt snel bereikt als er meerdere grootschalige natuurbranden tegelijkertijd
plaatsvinden”, zei Jack Mikkers, portefeuillehouder brandweer in het
Veiligheidsberaad, eerder. “Een scenario dat door de huidige droogte in
Nederland steeds realistischer wordt.” Campings en zorginstellingen In de
provincie Gelderland werken allerlei partijen, zoals de provincie, de gemeenten
en de drie veiligheidsregio’s, aan maatregelen om branden beheersbaar te houden.
Zo komen de komende jaren extra waterputten en probeert de provincie, met hulp
van terreineigenaren, het landschap zo in te delen dat een brand beperkt blijft
tot één gebied. “Wegen, spoorlijnen en stroken met hoogspanningskabels kunnen
voorkomen dat branden van het ene gebied overslaan naar het andere”, geeft de
provincie als voorbeeld. Daarbij is extra aandacht voor ruim 1100 risicovolle
objecten en gebieden: campings, vakantieparken, zorginstellingen, belangrijke
infrastructuur, dorpen en wijken. Daarvoor moeten gemeenten en
veiligheidsregio’s honderden plannen op maat maken en dat kost tijd. Honderden
kilometers berm Ook het herinrichten van het landschap is niet zomaar gedaan. De
kaart is wel gemaakt en zo’n 800 kilometer aan bermen is geïnspecteerd op
brandwerendheid. Van de onderzochte bermen voldoet zo’n 275 kilometer
‘gedeeltelijk’ en 50 kilometer nog helemaal niet. “Het is aan de eigenaren van
de grenzen om daarin actie te ondernemen. Denk aan Rijkswaterstaat voor de
rijkswegen, ProRail voor spoorlijnen, Tennet voor hoogspanningsleidingen en de
provincie Gelderland zelf voor de provinciale bermen”, vertelt een woordvoerder
van de provincie. Het is meteen de verklaring waarom deze aanpak om de natuur in
Gelderland brandveiliger te maken nog niet af is, hoewel er al jaren aan wordt
gewerkt: er zijn veel verschillende partijen bij betrokken. Verboom: “Maar de
urgentie is bij iedereen nu wel duidelijk. Het is alleen het tempo: we kunnen
niet alles in één dag.”