Gedachte voor vandaag “Schending van Gods Wet en van het Heilige der heiligen” (Juni 25)
Omdat Israël leed onder corrupte priesters en richters, wilde het volk een koning. Ze wilden net zo geleid worden als de volken rondom hen.
Hoewel het tegen het oorspronkelijke Plan van God ging, koos God op verzoek van het volk toch een koning. Hij hoopte wel dat ze Hem wel als de ware Koning der koningen zouden blijven aanschouwen. Maar we zullen zien dat de vestiging van een monarchie Israëls problemen toch niet oploste. De mannen die God verder koos voor het leiderschap, zoals Eli, Samuël, Saul en David, zouden op hun beurt allemaal een andere invulling geven aan het leiderschap. Toch hing het succes van iedere leider af van zijn liefde voor Jehovah en niet van zijn positie, manier van leiden, wijsheid, leeftijd of kracht.
De lezing van vandaag brengt ons bij de oorlog van de Filistijnen die erin sloegen om de ark buit te maken.
De Israëlieten rukten op tegen de Filistijnen, afstammelingen van Noachs zoon Cham, die zich langs de zuidoostelijke kust van de Middellandse Zee hadden gevestigd, tussen Egypte en Gaza. De Filistijnen maakten oorspronkelijk deel uit van de ‘zeelieden’ die overzee van Griekenland en Kreta naar het Midden-Oosten waren verhuisd. Als grootste vijand van Israël hadden ze nu hun kamp opgeslagen bij Afek.
Toen de Filistijnen zich in slagorde tegenover Israël hadden opgesteld, brandde de strijd los en Israël werd door hen verslagen. Aan het front in het open veld sneuvelden ongeveer vierduizend man. De Israëlieten begrepen niet waarom hun God van de hemelse legers, Jehovah, hen zo’n nederlaag liet lijden en besloten daarom om naar Silo te gaan om de verbondskist van hun God te halen, met als gedachte, dat als Jehovah hun midden zou komen, Hij hen ook zou bevrijden uit de greep van hun vijanden.
“1 Samuël gaf deze woorden door aan het volk Israël. De Israëlieten hadden hun kamp opgeslagen bij Eben-Haëzer en de Filistijnen lagen bij Afek. 2 In de slag die volgde, versloegen de Filistijnen de Israëlieten en doodden zo’n 4000 man.
3 Daarna keerde het Israëlitische leger terug naar het kamp, waar de leiders zich afvroegen waarom Jehovah had toegelaten dat zij werden verslagen. “Laten wij de ark vanuit Silo hierheen brengen,” besloten zij. “Als wij hem meenemen wanneer we oorlog voeren, zal God bij ons zijn en ons zeker bevrijden van onze vijanden.” 4 Dus lieten zij de ark van het Verbond van Jehovah, Die boven de engelen troont, uit Silo halen. Hofni en Pinehas, de zonen van Eli, begeleidden de ark.
5 Toen de Israëlieten de ark zagen aankomen, ontstond er zo’n gejuich dat de aarde dreunde! 6 Daarop vroegen de Filistijnen zich af: “Wat is dat voor een gejuich in het kamp van de Hebreeën?”
Toen hun werd verteld dat het gejuich werd veroorzaakt door de aankomst van de ark, 7 raakten zij in paniek. “God is in hun kamp gekomen!” riepen zij. “Wat moeten we nu? Zoiets hebben wij nog nooit meegemaakt! 8 Wie kan ons bevrijden van deze machtige goden van Israël? Het zijn dezelfde goden die de Egyptenaren met plagen vernietigden voor Israël de woestijn introk. 9 Wees moedig en vecht voor uw leven, Filistijnen, anders worden wij slaven van de Hebreeën, net zoals zij zijn geweest.”” (1 Samuël 4:1-9)
De verbondskist die het Volk van God liet halen bevatte de Tien Geboden die door God aan Mozes werden gegeven. De Ark moest bewaard worden in het Heilige der heiligen, het heiligste of meest apart geplaatste deel van het tabernakel, waar alleen de hogepriester één keer per jaar mocht binnengaen.
Chofni (Hophni) en Pinechas, de twee zonen van Eli, ontheiligden deze ruimte door er tegen de wet in naar binnen te gaan en de verbondskist mee te nemen. De Israëlieten erkenden terecht de grote heiligheid van de ark maar dachten dat de ark zelf – de kist van hout en metaal – hun bron van kracht was.
Zulk een denkwijze, kracht te geven aan een voorwerp, duide voor God op een valse aanbidding. Door zich vast te klampen aan iets wat slechts een vorm van godsdienst was, een symbool van vroegere overwinningen, keerden de Israëliërs zich af van Jehovah.
De Filistijnen gingen tot de aanval over en de Israëlieten werden verslagen en vluchtten naar huis. Het werd een zeer zware nederlaag. Aan Israëlitische zijde sneuvelden dertigduizend man. Alsook werd de verbondskist van God buitgemaakt en de beide zonen van Eli, Chofni en Pinechas, kwamen om, waardoor de profetie in 2:34 vervuld werd.
“10 Toen vochten de Filistijnen opnieuw met de Israëlieten en versloegen hen weer. 30.000 Israëlieten sneuvelden die dag. De overlevenden vluchtten naar hun tenten. 11 Bovendien werd de ark van God buitgemaakt en sneuvelden Hofni en Pinehas.” (1 Samuël 4:10)
“En om te bewijzen dat wat Ik heb gezegd zal gebeuren, zal Ik ervoor zorgen dat uw zonen Hofni en Pinehas op dezelfde dag sterven!” (1 Samuël 2:34)”
Rate this:
#1Samuël234 #1Samuël419 #1Samuël44 #1Samuel4 #Afek #Allerheiligste #ArkVanHetVerbond #FilistijnEn #GodVanDeHemelseLegers #HeiligeDerHeiligen #HeiligsteDerHeiligen #HofniHophniChofniBroerVanPinechasPinehasZoonVanEli #Israëlieten #Israel #KoningDerKoningen #Leiderschap #OorlogVanDeFilistijnen #PinehasPinechasBroerVanHofniHophniChofniZoonVanEli #PlanVanGod #SamuëlRichterProfeet #Silo