Ook Ali (57), die al sinds 1987 vrijwilliger is bij het Libanese Rode Kruis, merkt een verschuiving. Zijn achternaam ziet hij liever niet in de krant. “Ik heb nog nooit zulke agressie gezien tegenover hulpverleners. We maken geen deel uit van het conflict, en toch zijn we een doelwit. Waarom?”

Volgens hem is er iets fundamenteel veranderd. “Er is een morele verschuiving in de manier waarop dit conflict wordt gevoerd. We zijn beschermd door de Conventies van Genève, maar niemand lijkt nog te luisteren. De aanvallen gaan gewoon door. Dit is de nieuwe realiteit. We lopen gevaar.”

In het Camille Chamounstadion, een tijdelijke opvang voor ontheemden uit het zuiden, houdt Ziad al-Rayess zich bezig met de coördinatie. Hij is verantwoordelijk voor rampenbeheer bij het Libanese Rode Kruis. “We hebben alles moeten opbouwen terwijl de mensen al aankwamen.”

Vandaag verblijven er ongeveer 1200 mensen, maar de capaciteit moet omhoog naar 3000, terwijl er tegelijk nog duizenden op straat leven in Beiroet. “We proberen basisvoorzieningen te garanderen: water, hygiëne, medische zorg. Maar alles staat onder druk.”

1/2

https://www.parool.nl/iran/hulpverleners-onder-vuur-in-libanon-we-zijn-geen-partij-en-toch-een-doelwit~b8abe3ab/

#libanon #israel #hulpverleners #crisis

Hulpverleners onder vuur in Libanon: ‘We zijn geen partij, en toch een doelwit’

Terwijl de oorlog in Libanon escaleert, kijken hulpverleners tegen een steeds complexere crisis aan. Ze krijgen beperkte toegang en werken met groeiende veiligheidsrisico’s. En ze worden zelf steeds vaker doelwit.

Het Parool

2/2

Toch is dit nog maar een fractie van de crisis. Volgens Shawky Amine Eddine, humanitair coördinator van het ICRC in Beiroet, worden slechts 136.000 mensen opgevangen in officiële shelters, die intussen voor 98 procent vol zitten.

“De meeste mensen moeten zelf een oplossing vinden. Ze huren iets, trekken in bij familie, of belanden op straat. Als je vandaag langs de kust rijdt, zie je nog steeds tenten langs de boulevard,” zegt hij. “Het zijn altijd burgers die de hoogste prijs betalen. Dit conflict komt bovenop jaren van crisis. De economische situatie was al zeer fragiel en de diensten stonden al onder druk. En mensen moeten niet alleen beschermd worden – ze moeten ook iets hebben om naar terug te keren.”