Ik ben eerlijk gezegd een beetje een zetelverdeling-berekening-nerd. Bij elke verkiezing is er wel een situatie waar er wat speciaals aan de hand is. In 2022 kwam D66 Leiden net 6 stemmen tekort voor de laatste restzetel, die ging dus naar een andere partij. En dit jaar hebben we Montfoort…

In de basis is het systeem simpel. Het aantal stemmen wordt gedeeld door het aantal zetels, dit heet de kiesdeler. Partijen krijgen een volle zetel voor het aantal keer dat ze de kiesdeler hebben gehaald. Na de verdeling van de volle zetels blijven er restzetels over. Er zijn twee methodes voor om die toe te kennen. Wanneer er 19 of meer zetels te verdelen zijn (grote gemeenteraad, Tweede Kamer, etc) wordt het systeem van grootste gemiddelden gebruikt. Wanneer er minder dan 19 zetels te verdelen zijn wordt echter het systeem van grootste overschotten gebruikt.

Ik heb hier ooit eens een Python scriptje voor geschreven. Dit scriptje maakt ook zichtbaar hoeveel extra stemmen er nodig zouden zijn geweest om de laatste restzetel naar een andere partij te laten gaan. Dat geeft meestal een ruime marge — behalve dus vier jaar geleden in Leiden.

Dan Montfoort. De gemeenteraad in Montfoort heeft 15 zetels dus moet het systeem van grootste overschotten worden gebruikt. In eerste instantie gebruikten ze echter het systeem van grootste gemiddelden. Hoe kan dit fout gaan? 😱

Bij sommige verkiezingen maken partijen alleen kans op een restzetel als ze een bepaald percentage van de kiesdeler hebben gehaald. Deze eisen verschillen per verkiezing.

Bij de Tweede Kamer verkiezingen moet een partij minimaal de kiesdeler hebben gehaald (ofwel (100% / 150 zetels =) 0,67% van de stemmen) om in aanmerking te komen voor een restzetel. Dit is eigenlijk een soort kiesdrempel. Voor grote gemeenteraden (>= 19 zetels) geldt er geen eis voor het percentage van de kiesdeler. Bij kleine gemeenteraden (zoals Montfoort) moeten partijen 75% van de kiesdeler hebben gehaald.

In Montfoort was de kiesdeler bij de afgelopen verkiezingen exact 480 stemmen. En toen haalde de ChristenUnie 360 stemmen, ofwel precies 75%. In het artikel stelt de CU-kandidaat de vraag of het 75% van alle stemmen is, of 75% van de geldige stemmen (dus zonder blanco en ongeldige stemmen). Het lijkt mij dat het het laatste is — de kiesdeler is gebaseerd op de geldig uitgebrachte stemmen. Een betere vraag is hoe dit exact in de wet staat. Bedoelen ze “meer dan 75%” of “75% of meer”? Mijn Python script gaat uit van het eerste, maar uit het artikel begrijp ik dat het het laatste moet zijn. Ik ga het zeker uitzoeken, maar ik heb vandaag even andere plannen.

Overigens zit de CU in Montfoort nog wel even in spanning. De uitslagen zijn namelijk nog niet definitief.

https://www.rtvutrecht.nl/nieuws/4020483/foutje-bedankt-christenunie-in-montfoort-krijgt-toch-een-zetel-na-herberekening

https://www.rtvutrecht.nl/nieuws/4020282/zetel-christenunie-montfoort-komt-aan-op-1-stem

Foutje, bedankt: ChristenUnie in Montfoort krijgt tóch een zetel na herberekening

Tóch slingers bij de ChristenUnie in Montfoort. Na een achtbaan aan emoties is nu duidelijk dat de partij een zetel heeft behaald. Er bleek een verkeerde rekenformule te zijn gebruikt bij het verdelen van de zetels.

RTV Utrecht

@elin Kan je hier geen boek over schrijven? 🤓

En ik maak maar half een grapje. Een opening met uitleg van het systeem, en dan een aantal interessante cases.