De NDS en de provincies gaan verder op de ingezette koers

Sessie over één van de AI-versnellers, Statenzaal Provinciehuis Zuid-Holland

Op 10 februari 2026 trokken 150 professionals uit alle provincies naar het Provinciehuis Zuid-Holland voor het interprovinciale evenement over de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS). Zij bogen zich die dag over de inhoud en planning van de NDS, wat die betekenen voor de provincies en hoe zij zelf kunnen bijdragen.

Provinciesecretaris Marcel van Bijnen verklaarde in de opening dat digitalisering geen corvee meer is voor beginnend bestuurders, zoals in zijn tijd. “Digitalisering is niet puur technisch meer, maar het verhaal van opgaves die verschillen per overheidslaag.” 2 vragen stonden centraal op het evenement: wat betekent de NDS voor provincies? En wat kunnen zij concreet bijdragen?

Onzekere tijden

NDS programmadirecteur Erik-Jan Boon gaf een overzicht van de inhoud, aanpak en sturing van de NDS, en legde uit waarom een digitaliseringsstrategie nu nodig is. “De wereld is veranderd, technologische ontwikkelingen gaan snel en personeel en kennis zijn schaars. Het besef groeit bij overheidsorganisaties dat ze het niet meer alleen kunnen en dat het tijd is voor meer samenwerking. Ook omdat burgers en ondernemers de dienstverlening van de verschillende overheidsdiensten dan ervaren als van 1 overheid.” Kortom, het is een tijd van verandering en dan is er ook nog een nieuwe formatie op komst. “Onzekerheid hoort bij verandering”, zei Boon. “Dat betekent niet dat de NDS stilstaat tot er zekerheid is vanuit het nieuwe kabinet. We hebben een gezamenlijke koers ingezet en zolang we geen koerswijziging krijgen, gaan we door. We hebben momentum en willen dat behouden.”

“Digitalisering is niet puur technisch meer, maar het verhaal van opgaves die verschillen per overheidslaag”Marcel van Bijnen

Ontsnippering

De provincies hebben al vertegenwoordigers in de aanjaagteams van de 6 prioriteiten en interventies van de NDS, maar er is meer nodig om versnippering van geld en mensen terug te dringen. ‘Ontsnippering’ was het sleutelwoord. “Iedereen werkt al aan zaken die onder de NDS vallen”, zei Boon. “In sommige gevallen werken meerdere partijen aan hetzelfde. Als we onze mensen en middelen bij elkaar voegen is er wellicht genoeg om veel verder te komen.” Samen met NDS-coördinator Wilrik Olijve van het IPO daagde hij provincies uit om concreet te benoemen aan welke versnellers en/of interventies zij willen bijdragen en op welke manier.

Wat is er al?

Marten Tilstra, IPO-programmamanager digitalisering, wees deelnemers nog op het Werkplan Digitalisering IPO 2024-2027. Daarin staat wat provincies nu al doen dat ook onder de NDS valt. Hij benadrukte ook een aantal vormen van interbestuurlijke samenwerking wat betreft de informatiepositie fysieke leefomgeving. Zoals de Interbestuurlijke Datastrategie (IBDS) en de werkagenda Zicht op Nederland.

Bijdragen

In verschillende werkvormen gingen mensen aan de slag met al deze informatie. Dat deden ze met groot enthousiasme, verspreid over meerdere zalen in het Provinciehuis. Uit de terugkoppeling en reflectie aan het einde van de dag werd duidelijk dat de wil tot bijdragen er zeker is. Sommige teams wilden het liefst een takenlijstje om uit te kiezen. Andere hadden duidelijk voor ogen wat ze wilden gaan doen. Om die wensen en ambities in een concreet aanbod te gieten bleek best een uitdaging. Het is zeker dat daar verder over wordt nagedacht.

Output

De input van het evenement wordt verwerkt in kaders die de inzet van de provincies beschrijven per NDS-prioriteit voor de komende jaren. Deze kaders vormen vervolgens de basis voor een strategische richting vanuit provincies voor meer interbestuurlijke samenwerking op digitalisering.

Bekijk de aftermovie van deze dag.

Dit is een automatisch geplaatst bericht. Vragen of opmerkingen kun je richten aan @DigitaleOverheid@social.overheid.nl

#interprovinciaal #IPO #NDS #ndsnieuwsbrief12026 #NederlandseDigitaliseringsstrategie #provincie #provincies #samenwerking