Afgelopen zaterdag onthulde bestuurders van de gemeente Oudsbergen in België een nieuw informatiebord over de #celtic fields (ook wel #raatakkers genoemd) in het Nationaal Park Hoge #Kempen. Meer dan 2000 van deze vierkante akkers uit de #ijzertijd van 40 bij 40 meter groot zijn met de LiDAR-technologie ontdekt. Ze hebben recent een beschermde status gekregen.
https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2026/03/21/beschermde-celtic-fields-worden-zichtbaar-in-oudsbergen/
Prehistorische Celtic Fields in Nationaal Park Hoge Kempen ontsloten: "Een van de grootse archeologische landschappen in West-Europa" | VRT NWS Nieuws

Aan de Duinengordel in Oudsbergen werd vandaag een nieuw infobord onthuld over de recent beschermde Celtic Fields. Deze prehistorische akkers in het Nationaal Park Hoge Kempen werden dankzij nieuwe lasertechnieken ontrafeld.

VRT NWS
In natuurgebied #Drentsche Aa bij Oudemolen hebben #archeologen bij graafwerkzaamheden van het Drentse waterbedrijf WMD grafheuvels uit de #bronstijd of #ijzertijd met urnen gevonden en karrensporen. Het 'onbekende grafveld' is vermoedelijk tussen de 2000 en 4000 jaar oud. De archeologen vonden 8 kringgreppels, wat wijst op een zelfde aantal grafheuvels. Een van de #grafheuvels leek recent vergraven, de rest was ongerept.
https://www.rtvdrenthe.nl/nieuws/18276140/waterbedrijf-stuit-op-grafheuvels-van-mogelijk-duizenden-jaren-oud-dit-is-uniek
Waterbedrijf stuit op grafheuvels van mogelijk duizenden jaren oud: 'Dit is uniek'

De grafheuvels dateren vermoedelijk uit de brons- of ijzertijd.

RTV Drenthe
Een bot dat een meisje van 5 afgelopen zomer op het strand bij #Katwijk vond, blijkt een menselijk #dijbeenfragment van ruim 2500 jaar. In eerste instantie onderzocht de politie de vondst, maar na koolstofdatering bleek dat het bot van iemand was die leefde in de vroege #ijzertijd. De politie heeft het dijbeenfragment overgedragen aan het Provinciaal Archeologisch #Depot Zuid-Holland.
https://www.allesoverkatwijk.nl/nieuws/algemeen/105381/bot-dat-vera-5-vond-op-strand-blijkt-2500-jaar-oud
Bot dat Vera (5) vond op strand blijkt 2500 jaar oud

Vera (5) vond in de zee bij strandtent Zilt in Katwijk aan Zee een groot bot, dat na onderzoek een menselijk dijbeenfragment uit de vroege ijzertijd blijkt te zijn.Het bot werd in augustus gevonden en direct door haar vader gemeld en ingeleverd bij de politie. Aanvankelijk werd gedacht aan een dierlijk bot of mogelijk aan resten van een recent vermiste persoon..

Allesoverkatwijk.nl
Bij de sloop van woningen in #Ermelo hebben #archeologen bij #proefsleuvenonderzoek sporen van boerderijen uit de late #ijzertijd en #Romeinse tijd gevonden (200 v.Chr. - 400 n.Chr.). Er volgt nog een #opgraving. Foto: Gert Hofsink
https://ermelovannu.nl/actueel/13758-archeologische-sporen-op-de-suikerbakker

Faits divers (47)

Het Byzantijnse fort van Madauros

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer: de chronologie van Egypte, Charax, restauratietechniek, een superbelangrijk boek, beschadigd erfgoed en – het wordt een gewoonte – de bedreigde geesteswetenschappen.

Kenneth Kitchen

Als u deze blog leest, houdt u van geschiedenisboeken, waarin de resultaten van wetenschappelijk onderzoek worden gepresenteerd. Sommige onderwerpen trekken wat meer de aandacht, andere wat minder, en in die tweede categorie valt zeker het onderzoek naar de antieke chronologie. (Ik heb weleens een boek voorgesteld met de titel “hoe oud is het?” maar geen uitgever durft eraan te beginnen.) Maar een juiste chronologie is verondersteld bij alle andere onderzoek.

Voor weinig perioden is dat zo spannend als de IJzertijd. In Griekenland noemen we het de Dark Ages omdat er weinig informatie is. Archeologen worstelen met het Hallstatt-plateau, waar koolstofdateringen lastig zijn. De geschreven bronnen, die we voor de Bronstijd in overvloed hebben, zijn er ineens niet meer. En dus trekt deze periode de aandacht, en dankzij tal van opgravingen is ze inmiddels zo duister niet langer. De wetenschapper die voor deze tijd de chronologie van Egypte vaststelde, waar dit tijdvak bekendstaat als Derde Tussenperiode, was Kenneth Kitchen. Als u nu leest dat die van ongeveer 1070 tot 712 v.Chr. duurde, is dat Kitchens verdienste.

Hij is vorige week overleden. Zoals chronologisch onderzoek wat ondergesneeuwd is ten opzichte van andere thema’s, zo is ook zijn overlijden niet echt opgevallen, maar een mooie necrologie is hier.

Charax

Nieuwssite NU.nl bakt ze bruin met een artikel dat de antieke stad Charax zou zijn geïdentificeerd. “Archeologen ontdekken verborgen stad in Zuid-Iran: Alexandrië aan de Tigris”, luidt de kop, en een kind weet dat de Tigris niet door Iran stroomt maar door Irak. “De locatie van de stad was altijd onbekend”: onzin, die is altijd bekend bekend geweest. Ik was er in 2021.

Ik heb de NU.nl erover geschreven, maar het stukje was op het moment dat ik dit schrijf (zondagmorgen) niet gecorrigeerd. En het is zo jammer, want er is over Charax best iets interessants te vertellen, zoals over de innovatieve methode waarmee de archeologen de verzilting van de bodem gebruikten om het stratenpatroon te reconstrueren.

Als het heeft geregend, verdampt vocht namelijk niet overal even snel en dat biedt een aanwijzing voor de aanwezigheid van muren. Het leverde bijzondere foto’s op waarop enkele monumentale gebouwen herkenbaar waren aan zoutlijnen. Met georadar werd daarna aanvullende informatie verzameld. Zo konden tussen de woonhuizen tempels en paleizen worden geïdentificeerd. Een verrassende ontdekking was een macellum: een voedselmarkt van een type dat we kennen uit het Middellandse Zeegebied, maar nog niet uit Mesopotamië.

Rome

Nieuwe technieken bieden nieuwe mogelijkheden. Dat geldt niet alleen voor het ontsluiten van data, maar ook voor de conservering van monumenten. Een leuk stukje vertelt hoe de Zuil van Marcus Aurelius, vervuild door vele decennia smog en beschadigd door vele eeuwen weer en wind, nu wordt schoongemaakt. In plaats van de gangbare technieken – zeg maar: met kwastjes – werken de restaurateurs met lasers, en dat schijnt niet alleen sneller maar ook beter te gaan.

Romeinen in de Lage Landen

De ontdekking van een Romeins castellum bij Heteren kon niet werkelijk meer mee, en zo begint elke synthese over n’importe welk onderwerp al verouderd te raken op de dag dat het manuscript wordt afgerond. Maar toch: voor het eerst sinds W.A. van Es’ De Romeinen in Nederland – anders gezegd: voor het eerst in ruim een halve eeuw – is er weer een boek dat een overzicht biedt van de Romeinse aanwezigheid in Noordwest-Europa. Het heet Rome en de Lage Landen en is geschreven door Robert Nouwen, voormalig directeur van het Gallo-Romeins Museum in Tongeren.

Het belang van dit boek is moeilijk te overschatten. Hierin staat alles bij elkaar. Er zijn in de afgelopen halve eeuw tal van boeken verschenen die wat lapwerk deden door het boek van Van Es samen te vatten en te actualiseren. Zelf heb ik zo’n boek geschreven, maar al die auteurs konden niet in de schatkamer achter de academische betaalmuren. Daarom is het verschijnen van Rome en de Lage Landen een gebeurtenis op zich.

Even terzijde

Ik gebruik de Faits Divers meestal voor oudheidkundig nieuws, maar ik wijk daar nu even van af. Ik schreef al eens dat in de oudejaarsnacht de Vondelkerk is afgebrand. Amsterdammers trekken graag een te grote broek aan: de stadswijk De Pijp noemde zich ooit “de rive gauche van Amsterdam”, de flats aan de Omval heetten “Manhattan aan de Amstel” en de Vondelkerk zou “de Notre-Dame van Amsterdam” zijn. Dat is op het absurde af overdreven, maar ik beken: ik ben redelijk aangeslagen, want ik kom er elke dag twee keer langs fietsen.

Bovendien: in de kelder ligt het archief van de Vereniging van Vrienden van de Amsterdamse Gevelstenen. Elke gevelsteen is een klein monumentje, en het feit dat dit archief enorme waterschade heeft geleden, gaat me aan het hart. De Stichting Stadsherstel, die eigenaar is van de kerk en er ook een archief heeft, laat alle materiaal nu ophalen door een bedrijf dat de stukken zal invriezen, waarna wordt bezien of iets valt te restaureren.

Waterschade aan het archief van de VVAG

Petitie

De aanvallen op de geesteswetenschappen gaan vanzelfsprekend ook dit jaar verder. Wat dat betekent voor bona fide archeologen in Israël, wier vak inzet is geworden van een culture war, zou u kunnen lezen in de roman De genesis van het verraad van Martine van den Berg, die ik onlangs in Spanje heb gelezen. De beschreven archeologische problematiek is maar al te reëel. En wat Van den Berg in het nawoord meldt over aanvallen op de wetenschap, is natuurlijk ook voor Nederland onverkort waar.

Om het tot de Oudheid te beperken: uiteraard wordt ook deze maand een instelling bedreigd. De petitie die u nu verwacht is voor klassieke en middeleeuwse studies in Calgary en een overzicht van de rest vindt u hier.

Reclame

Ik organiseer in september een reis naar Algerije, en waarom dat een weliswaar dure maar mooie bestemming is, leest u hier. Meer informatie vindt u daar.

Ook ben ik ingehuurd door Historizon om een reis naar enkele Romeinse locaties in België en Noord-Frankrijk te bezoeken. De regio is voor menigeen een gebied waar je doorheen reist op weg naar een “echt” buitenland, en daardoor is Wallonië voor menigeen onbekend – en dat is dus zwaar onterecht. Meer informatie hier.

#Charax #chronologie #DerdeTussenperiode #FaitsDivers #gevelsteen #HallstattPlateau #Heteren #IJzertijd #KennethKitchen #MartineVanDenBerg #petitie #restauratie #RobertNouwen #Rome #Vondelkerk #ZuilVanMarcusAurelius
#Archeologen hebben bij een #opgraving in het Zuid-Hollandse #Rockanje resten van een #boerderij uit de #ijzertijd blootgelegd. Deze resten zijn uitzonderlijk goed bewaard gebleven in de natte veenbodem. De archeologen troffen #funderingspalen, mestlagen en afvallagen van aardewerk, geslacht vee (bot) en #granen aan die wijzen op een boerderij waarin mens en dier onder één dak leefden. (foto’s: gemeente Voorne aan Zee)
https://www.brielsnieuwsland.nl/nieuws/actueel/220965/unieke-archeologische-vondsten-in-rockanje-resten-van-boerder

Vragen rond de jaarwisseling (3)

De ark van Noach (Gevelsteen op de Schreierstoren, Amsterdam)

Een kleine drie weken geleden nodigde ik u uit om de inmiddels traditionele vragen rond de jaarwisseling te stellen. Ik ontving er vrij veel en zal vandaag de vragen beantwoorden over de joodse wereld. Dat waren er opvallend veel.

Het verhaal van de “zondvloed” komt in uiteenlopende versies voor in zowat elke cultuur. Is er ooit een universele ramp gebeurd en wanneer zouden we deze kunnen situeren ?

Voor zover ik weet zijn de meeste verhalen over een grote overstroming en een kleine groep mensen die de beschaving (plus veestapel) redt, te herleiden tot een beperkt aantal originelen. De bekendste stamt uit Mesopotamië, met als varianten het Bijbelverhaal en een versie uit India en Perzië. De “Noach” in deze verhalen verneemt van de godheid waaronder de oerwateren ressorteren over de naderende ramp en bouwt een schip. Een ander origineel is dat van de vroege bewoners van de Amerika’s. Hierin dankt de mensheid haar redding aan een bergtop. Een derde verhaal komt uit China, waar archeologen op zoek zijn naar een historische gebeurtenis.

Zoals de vragensteller al aangeeft, zijn de verhalen bekend uit “zowat” alle culturen. Uit bijvoorbeeld Japan en Egypte, waar toch ook oude beschavingen waren, kennen we zo’n verhaal niet. Afrikaanse verhalen schijnen ook te ontbreken of zijn via de monotheïstische godsdiensten geïnspireerd door Mesopotamië.

Is er een universele ramp geweest? Nee. Voor Mesopotamië is wel gewezen op de door dikke kleipakketten gedocumenteerde watersnoodrampen uit het vroege derde millennium v.Chr. In de stad Ur ligt zo’n kleilaag rond 3100 v.Chr.; dit is een van de beroemdste archeologische vondsten aller tijden. In Uruk en Kish ligt zo’n laag rond 2900 v.Chr.,  in Šuruppak rond 2750 en uit Kish dateert een tweede kleilaag van rond 2500. Dit is zo inconsistent dat je mag aannemen dat de mythe wél verwijst naar traumatische gebeurtenissen maar niet naar één universele traumatische gebeurtenis.

Kanaänitische stele (Israel Museum, Jeruzalem)

Wat weten we over het voor-Bijbelse Israël?

De kwestie is de definitie van Israël. Als is bedoeld: wat gebeurde in het gebied van het latere koninkrijk van David en Salomo, dan valt te wijzen op een aantal stadstaten, die deels bekend zijn uit opgravingen en deels uit bijvoorbeeld de Amarna-brieven. Die steden waren niet heel anders dan die in Syrië. In de Late Bronstijd zijn ze sterk verkleind, waarna we in de Vroege IJzertijd allerlei dorpjes vinden in het hoogland.

Als is bedoeld of er al iets heeft bestaan dat de naam “Israël” droeg, dan is het antwoord dat een inscriptie uit Thebe vermeldt dat de Egyptische koning Merenptah in Kanaän de legers van de steden Ashkelon, Gezer en Yanoam heeft verslagen en dat Israël niet langer bestaat (“zijn zaad is niet langer”). De naam is geschreven met een teken dat duidt op een nomadisch volk, wat wel is opgevat als verwijzing naar de jaren waarin de Hebreeën door de woestijn zwierven.

Ik wijs verder op de Apiru. Dit waren mensen die de belastingen niet meer konden betalen, hun land verlieten en zonder veel bestaanszekerheid leefden in afgelegen gebieden. Ze legden zich toe op banditisme en verhuurden zich als soldaten of dagloners. De mensen die woonden in de dorpjes in het hoogland zullen door de laatste bewoners van de leeglopende steden wel als Apiru zijn beschouwd, net als nomaden zoals “Israël” die naar Kanaän trokken. In elk geval waren de mensen uit de bergdorpjes de voorouders van de groepen die zich in de tiende eeuw onder koning David verenigden. Maar veel is onzeker.

Grafsteen van een zwaardsmid (Nationaal Museum, Beiroet)

Iedereen kent de uitdrukking “zwaarden omsmeden tot ploegscharen”, maar de profeet Joël noemt ook ploegscharen die tot zwaarden worden omgesmeed.noot Joël 4.10. Kan het zijn dat ijzer zo schaars was dat het werd gerecycled?

Ja, want ijzer was kostbaar. Op een slagveld werden de gesneuvelden beroofd van hun wapenrustingen en een verslagen aanvoerder kon alleen de naakte lichamen van zijn manschappen terugvragen. Ik meen te weten dat er ook chemisch onderzoek is gedaan waaruit blijkt dat ijzer herhaaldelijk werd omgesmolten: van zwaarden naar ploegscharen en weer terug. We moeten opmerkingen over het omsmeden van zwaarden tot ploegscharen en vice versa dus serieus nemen, hoewel ze natuurlijk tegelijk symbolisch zijn.

In de christelijke uitleg verwijst het meervoud Elohim naar de Drie-eenheid (OLV van Qannoubine)

Was/is Elohim een meervoudsvorm of een uiting van eerbied en machtserkenning?

Elohim, een van de namen van God, is van oorsprong inderdaad een meervoud en betekent zoiets als “de goden”, maar wordt consequent verbonden met werkwoorden in het enkelvoud. Deftig gezegd: morfologisch meervoud, syntactisch enkelvoud. Of mensen destijds het meervoud hebben herkend, is maar de vraag; ons woord “schoen” was ook ooit een meervoud maar niemand herkent dat nog.

Is het meervoud een uiting van eerbied? Ik vroeg het Gert Knepper, die weleens schrijft voor deze blog.

Dichter in de buurt komen als we ook kijken naar andere oude Semitische talen, zoals het Phoenicisch en het Akkadisch. Net als in het Hebreeuws kun je daar een meervoud gebruiken om abstractie uit te drukken. Zo drukt het Hebreeuws het abstracte begrip ‘vaderschap’ uit door het meervoud ‘vaders’. En zowel het Phoenicisch, het Akkadisch als het Hebreeuws kunnen het meervoudige ‘goden’ gebruiken om naar één persoon te verwijzen, waarbij de abstractie die het meervoud uitdrukte (‘goddelijkheid’) waarschijnlijk de functie had om uitnemendheid weer te geven: ‘de god par excellence’. ‘Elohim’ is dus Semitisch idioom, het meervoud heeft in eerste instantie een abstraherende functie (‘god[delijk]heid)’, en die functie dient om aan te geven dat het gaat om een ‘godheid bij uitstek

Kleitablet met een Mesopotamische scheppingsmythe (Louvre, Parijs)

Hoe kwam het scheppingsverhaal in de Bijbel terecht?

De Bijbel bevat diverse verhalen over het ontstaan van de wereld. In Psalm 102 lezen we dat God vóór het ontstaan van de tijd – hoe dit mogelijk is, weet ik niet – de hemel schiep en de fundamenten legde van de aarde. In Job 26 heeft God de aardschijf opgehangen boven het niets.

Het bekendst zijn de verhalen uit Genesis. In Genesis 2 schept Jahweh de mens en geeft hem een tuin in Eden. Dit verhaal moet vrij oud zijn, al weet niemand precies hoe oud. Tot slot is er het scheppingsverhaal uit Genesis 1-2.4, waarin Elohim de wereld schept in zes dagen en de sabbat als kroon plaatst op het werk. Hier wordt het voorgelezen:

[youtube https://www.youtube.com/watch?v=njpWalYduU4?feature=oembed&w=640&h=480]

Al deze verhalen bevatten beelden en ideeën die gangbaar waren in de oude wereld. Eigenlijk hebben alle volken wel een verhaal over de twee eerste mensen en over een paradijselijke oertoestand die om een of andere reden ten einde is gekomen. Het feit dat de Bijbelse beelden elkaar tegenspreken, bewijst dat de Joden geen behoefte hadden aan één bindend verhaal.

Er is echter wel iets bijzonders aan de hand in Genesis 1.2-4. Antieke scheppingsverhalen eindigden nogal eens met de schepping van het koningschap. Je zou in het zevendagenverhaal verwachten dat God na de schepping van de mens ook de monarchie zou hebben geschapen – maar daar doorbreekt de auteur de verwachting: zoals gezegd is de sabbat het summum. Meer daarover hier.

Christus (in een Romeinse catacombe, ik weet niet meer welke)

Ik las eens dat Jezus mogelijk ooit in India is geweest. Zou dat waar kunnen zijn?

Nee.

[morgen meer]

#AmarnaBrieven #Apiru #Elohim #Genesis #ijzer #IJzertijd #IsraëlEnJuda #Jahweh #LateBronstijd #Merenptah #Scheppingsverhaal #vragenRondDeJaarwisseling #Zondvloed
Archeologen van de Universiteit van Tübingen en de Ludwig Maximilian Universiteit van München (LMU) hebben een goed bewaard gebleven #pottenbakkerij ontdekt van ongeveer 3000 jaar oud in het #Dinka-nederzettingscomplex in Zuid-#Koerdistan (Başur). De #opgraving geeft onder meer veel nieuwe inzicht in de organisatie van de #keramiekproductie in de #ijzertijd.
https://koerdischnieuws.nl/artikel/3000-jaar-oude-pottenbakkerij-ontdekt-in-zuid-koerdistan