@xs4me2 Alles voor de aandeelhouder. Lever je niets op, dan ben je dor hout.

Nederland geregeerd als een grote onderneming. 👎🏻

https://mastodon.social/@fenixmaster/116306093068456053
https://tenforward.social/@McWabbit/116306328357372179

#Zorgstaat #VVD #Corruptie #Kapitalisme #Ongelijkheid #Solidariteit

McWabbit 🇺🇦🍋🌻🍉 (@[email protected])

@[email protected] Zo prachtig en treffend met hoe ik er zelf over denk, dat ik met behulp van tekstherkenning het stukje kon uit destilleren en als #AltText erbij plak: COLUMN SINAN CAN Verrotting De geur van verrotting ontstaat plotseling. Eerst ruik je niets. Dan wennen we eraan. We noemen het hervorming. Modernisering. Efficiëntie. Maar onder die technocratische taal schuilt iets dat ongemakkelijker is: een samenleving die harder wordt, terwijl ze zichzelf wijsmaakt dat ze realistischer is geworden. De verzorgingsstaat, ooit gebouwd op het idee dat kwetsbaarheid geen individueel falen is maar een collectieve verantwoordelijkheid, kwam al in de jaren 80 onder druk te staan. Vanaf de jaren 90, onder Paars I, werd die koers verder doorgezet en politiek verankerd. Niet met een revolutie, maar met spreadsheets. Zorg moet concurreren. Onderwijs moet renderen. Wonen moet opleveren. Markten werden geliberaliseerd: energie, delen van de zorg, publieke diensten. Solidariteit werd herverpakt als kostenpost. Wat vroeger een recht was, heet nu een product. De markt is niet langer een instrument, maar een moraal geworden. Alles moet meetbaar zijn, schaalbaar, verkoopbaar. Ziekenhuizen fuseren tot zorgconcerns. Woningcorporaties denken in rendement. Universiteiten spreken de taal van targets. Private equity schuift aan waar ooit de publieke zaak centraal stond. Aandeelhouders vergaderen over sectoren die ooit het hart van de samenleving vormden. Het is een stille machtsverschuiving. Van burger naar consument. Van gemeenschap naar concurrentie. En ondertussen verharden we. Niet omdat we slechtere mensen zijn, maar omdat het systeem ons daartoe dwingt. Wie voortdurend moet vechten voor een betaalbare woning, voor zorg, voor bestaanszekerheid, heeft minder ruimte voor empathie. Schaarste kweekt wantrouwen. Onzekerheid maakt klein. De paradox is pijnlijk: terwijl we rijker zijn dan ooit, voelen steeds meer mensen zich overbodig. Niet winstgevend genoeg. Niet flexibel genoeg. Niet productief genoeg. Alsof menselijke waarde samenvalt met marktwaarde. In talkshows spreken we over 'de belastingdruk' en 'de kosten van vergrijzing'. Zelden over de kosten van ontmenselijking. Wanneer die logica het publieke domein over neemt, verschuift ook onze taal. Solidariteit wordt naïef. Zorg wordt duur. Cultuur wordt hobby. Zo normaliseren we het idee dat winst de maat der dingen is. Maar een samenleving is geen balansrekening. Ze is een verhaal dat we elkaar vertellen over wie we willen zijn. Ooit kozen we ervoor om menselijke kwetsbaarheid niet te bestraffen, maar te dragen. Om risico's te delen. Om te geloven dat publieke voorzieningen geen luxe zijn, maar beschaving. Verrotting begint waar die overtuiging afbrokkelt. Niet met grote woorden, maar met kleine concessies. Met het accepteren dat alles te koop is. Zelfs waardigheid. De vraag is niet of de markt efficiënt is. De vraag is: wie worden wij als alles markt wordt? En nog urgenter: durven we opnieuw te kiezen voor iets wat zich niet laat uitdrukken in winst?

Ten Forward