Ouverture d’une nouvelle ligne reliant les wilayas d’Alger et de Tipasa

https://misryoum.com/us/trending/ouverture-dune-nouvelle-ligne-reliant-les-wilayas-dalger/

ALGER - Le ministère de l’Intérieur, des Collectivités locales et des Transports a annoncé, jeudi dans un communiqué, l’ouverture d’une nouvelle ligne de transport de voyageurs reliant les wilayas d’Alger et de Tipasa, dans le cadre de l’amélioration des conditions...

#Ouverture #dune #nouvelle #ligne #reliant #les #wilayas #dAlger #Tipasa #US_News_Hub #misryoum_com

Ouverture d’une nouvelle ligne reliant les wilayas d’Alger et de Tipasa

ALGER - Le ministère de l’Intérieur, des Collectivités locales et des Transports a annoncé, jeudi dans un communiqué, l’ouverture d’une nouvelle ligne de

US News Hub

Tipasa

Tipasa, Villa aux fresques

Ik heb het voorrecht nogal wat te kunnen reizen. Mijn laatste reis, per trein en bus door Spanje, waas puur vakantie. Maar de meeste reizen maak ik als reisleider en omdat ik ook het programma van zo’n reis maak, kan ik eigenlijk altijd wel iets invoegen dat ik zelf nog nooit heb gezien. Ik denk dat ik bovengemiddeld veel antieke ruïnes en archeologische musea heb bezocht, en ik zou niet goed weten wat ik de allermooiste vind – maar de Algerijnse stad Tipasa scoort hoog, heel hoog.

Het begint natuurlijk bij de locatie: aan de kust. In de hierboven afgebeelde villa moet het heerlijk wonen zijn geweest, met altijd het ruisen van de zee en een achtertuin die ook destijds overging in een bos. Dat was niet overal zo; momenteel zijn er meer bomen dan vroeger, zodat de site iets feeërieks heeft, al is het natuurlijk niet bepaald historisch verantwoord. Ik zei dat Tipasa mooi is, niet dat je er als het ware door een antieke stad wandelde. Daarvoor moet je naar Pompeii.

Afbeelding van een Romeins schip (Archeologisch museum, TIpasa)

De naam Tipasa begint met een /t/, wat in de Berbertalen aangeeft dat het woord vrouwelijk is, en plaatsnamen zijn vrouwelijk. Anders gezegd: Tipasa was er al heel vroeg, want het is dus een Numidische naam. We weten dat de Feniciërs er een handelspost hebben aangelegd, maar daarover is verder weinig bekend. De Romeinse bewoning is het beste bekend.

Romeinse stad

De stad is Romeins geworden ten tijde van keizer Caligula, die in 40 na Chr. de lokale heerser uit de weg ruimde en zo de weg vrij maakte voor de vorming van de provincie Mauretania Caesariensis. Tipasa kreeg vervolgens nieuwe inwoners toen keizer Claudius er Romeinse veteranen vestigde. De stad produceerde garum, een zoute vissaus, en lijkt daardoor vrij rijk te zijn geworden. Wie nu door het bos wandelt, herkent de garumfabriek, het amfitheater, het theater, een fontein, het forum met tempels en overheidsgebouwen, en de luxe villa’s aan de kust.

Mozaïek van de gevangenen (Archeologisch museum, Tipasa)

In een van de overheidsgebouwen is een beroemd mozaïek gevonden waarop enkele krijgsgevangenen staan afgebeeld. Het kan verwijzen naar een historische gebeurtenis, maar ik weet niet welke. Het kan ook betekenen dat de stad profiteerde van de slavenhandel en dat de gevangenen zijn aangeleverd door de nomaden in het achterland.

In de Late Oudheid werd Tipasa versterkt met een stadsmuur. Het amfitheater maakte daar deel van uit en bij de bouw heeft men oude grafstenen gerecycled. Daaronder was het monumentje voor Adiutor de Cananefaat. Ik heb zes jaar geleden staan stuiteren toen ik de grafsteen van onze landgenoot zag staan in het kleine plaatselijke museum.

Martyrium

Late Oudheid

Zoals zoveel Romeinse steden met een internationaal netwerk kende ook Tipasa een christelijke gemeenschap. Er schijnt een inscriptie te zijn uit het jaar 238 waarop christenen zijn vermeld, maar ik weet niet welke dat kan zijn. Er is ook een kerk uit de late vierde eeuw waarin negen bisschoppen liggen begraven die leiding hadden gegeven aan de gemeenschap vóór deze kerk werd gebouwd. Uiteraard kende de stad een bloedgetuige uit de tijd van de vervolging: in dit geval een zekere Salsa van Tipasa. De legende wil dat deze jonge vrouw een heidens beeld zou hebben onthoofd en de kop in zee zou hebben gegooid, waarop ze zou zijn gestenigd. Er is een basiliek aan haar gewijd, opnieuw met uitzicht op zee. Even verderop is een martyrium.

De stad is kort voor 430 overgenomen door de Vandalen, die vervolgens oprukten naar het oosten, naar Hippo Regius en Karthago. De Byzantijnen veroverden het gebied een eeuw later, en weer een eeuw later arriveerden de Arabieren. Een normale ontwikkeling, zoals ook de rest van Tipasa’s verleden eigenlijk vrij normaal was. Wat niet normaal is: de combinatie van zee, bos en ruïnes. Zoals gezegd: een feeërieke plek.

PS

In september organiseer ik een reis naar Algerije. Er kunnen nog een stuk of drie mensen mee. De reis is kostbaar maar ik beloof u dat het land elke cent waard is.

#AdiutorDeCananefaat #Caligula #Claudius #garum #MauretaniaCaesariensis #SalsaVanTipasa #Tipasa #Vandalen

Numidië

Timgad, een van de voornaamste Romeinse steden in Numidië

De Numidiërs waren de mensen die woonden in het gebied ten westen van Karthago. Er waren twee regio’s, bewoond door de Massyliërs in het noordoosten van het huidige Algerije en de Masaeisyliërs in het noordwesten. Ik weet er vrijwel niets van. Daarom zit ik, tegen de tijd dat u dit leest, in het vliegtuig naar Tunis, van waaruit ik Karthago wil bezoeken om daarna richting Algiers te reizen. Daar hoop ik ten tijde van de verkiezingen te zijn, dus wie weet wat we gaan beleven.

Om de waarheid te zeggen heeft mijn reis iets van een vlucht. Ik heb twee krankzinnig drukke maanden achter de rug. Ik werk aan een boek. Mijn vorige boek is donderdag gepresenteerd. Mijn huis wordt verbouwd – ze zijn er al anderhalf jaar mee bezig – en de rust die ik zoek, wordt me juist daar waar je denkt jezelf te kunnen zijn, het luidruchtigst ontnomen. Afgelopen woensdag, nadat ik ook onverwacht een nieuwe computer had moeten kopen en installeren, bedacht ik dat ik behoefte had aan vakantie; dat heb ik niet vaak en komt schokkend snel nadat ik verfrist terug was gekomen van mijn schrijfzomer in Gemmenich. Kortom, ik ga op reis om, door iets nieuws te leren, de accu op te laden.

Het land

Het Numidische landschap bestaat, zo begrijp ik, uit een kuststrook met daarin de havens van Caesarea (het moderne Cherchell), Tipasa, Icosium (Algiers) en Hippo Regius (Annaba). Daarachter beginnen de hooglanden van Numidië. Wie vanuit de havensteden het land intrekt, steekt eerst een oostelijke uitloper van de Tell Atlas over, bereikt daarna de golvende, steppeachtige vlakte die nu de “Hautes Plaines” wordt genoemd, en steekt vervolgens de Sahara-Atlas over om te eindigen bij de zandwoestijn, de Grand Erg. In het oosten sluiten de twee uitlopers van de Atlas zich in het berglandschap dat Aurès heet. Net ten oosten van de Tunesische grens werd bij Chimtou het beroemde giallo antico gewonnen dat je in alle delen van de oude wereld wel vindt.

Numidische goden, Chimtou

Ik heb begrepen dat het gebied vrij vruchtbaar is. Dat de Numidiërs voornamelijk zwervende herders zouden zijn geweest, is een misverstand gebaseerd op het feit dat hun naam lijkt op het Griekse woord νομάδες, dat verwijst naar herdersstammen. Die waren er zeker. Ze hadden hutten op wielen die ze mapalia noemden. Maar de meeste mensen waren sedentair, zoals Herodotos al correct vermeldt.

De Numidische kusten werden voor het eerst verkend door de Feniciërs, die hier verschillende kolonies stichtten, zoals Iol en Hippo Regius. Hier handelden ze met de mensen in het binnenland.

Numidisch koningsgraf te Médracen, niet ver van Batna

De vorsten van Numidië

De twee genoemde politieke eenheden, de Massyliërs in het oosten en de Masaeisyliërs richting Marokko, zijn gedocumenteerd vanaf de derde eeuw v.Chr. Beide groepen leverden cavalerie, die bijvoorbeeld tijdens de Tweede Punische Oorlog meevocht in het leger van Hannibal (218-202). De Karthaagse bondgenoot Syfax was in die tijd leider van de Masaeisyliërs; zijn rivaal was de Romeinse bondgenoot Massinissa van de Massyliërs. Deze profiteerde van zijn bondgenootschap met Rome en veroverde na de Tweede Punische oorlog de steden SabrathaOea en Lepcis Magna in het huidige Libië.

Numidische ruiter (Musée national des antiquités, Algiers)

Massinissa stierf in 148 v.Chr., kort voordat de Romeinen Karthago veroverden en het huidige Tunesië annexeerden. De Massylische koning werd opgevolgd door zijn zonen Micipsa, Gulussa en Mastanabal en later door Jugurtha (r.118-104). De laatste werd verslagen door de Romeinse generaal Marius, waarna delen van zijn koninkrijk werden toegevoegd aan het Romeinse rijk. In 46 v.Chr. voegde Julius Caesar meer Massyliaans gebied toe aan het Romeinse Rijk. De Masaeisylische Numidiërs verloren hun onafhankelijkheid pas later en werden opgenomen in de provincie Mauretanië.

Romeinse provincie

Het Derde Legioen Augusta, aanvankelijk gevestigd in Tebessa (tegenwoordig Theveste), zou de grens verdedigen. Het werd later overgeplaatst naar Lambaesis (bij Batna). Even verderop lag de nieuwe stad Thamugadi (Timgad). Ik hoor dat dit een schitterende plak is om te bezoeken, werelderfgoed zelfs, dus ik kijk ernaar uit.

Hoewel we niet beschikken over antieke Numidische literatuur, kennen we de namen van verschillende goden. In Cirta (het huidige Constantine) is bijvoorbeeld een heiligdom opgegraven van Baal-Hammon, de heer van de Onderwereld. Ik blogde er al over. Onder de Numidische goden waren ook Aulisua, Iocolon en Motmanius, bekend van inscripties maar wel wat schimmig.

Lambaesis, Romeinse legioenbasis

De Romeinse auteur Cassius Dio verwijst naar religieuze bezweringen en betoveringen, waardoor de Numidiërs regen zouden hebben laten vallen. Soortgelijke bezweringen worden genoemd door Herodotos. Dit was de wereld waarin de christelijke auteur Augustinus leefde (354-430). Hij is geboren in Thagaste en eindigde als bisschop van Hippo Regius. Ik ben erg benieuwd wat we de komende twee weken zullen meemaken.

#Algiers #Annaba #Augustinus #Cherchell #Chimtou #ChristianJongeneel #Cirta #Constantine #GaiusMarius #Gulussa #Hannibal #HerodotosVanHalikarnassos #HippoRegius #Icosium #IIIAugusta #IolCaesarea #Jugurtha #JuliusCaesar #Lambaesis #LepcisMagna #Masaeisyliërs #Massinissa #Massyliërs #Mastanabal #MauretaniaCaesariensis #Medracen #Micipsa #Oea #Sabratha #Syfax #Thagaste #Thamugadi #Timgad #Tipasa
Vandaag 10 jaar geleden https://sailing-dulce.nl/home/article-4625 #albertcamus #tipasa #lapeste #geneeskunde #cultureleroute Zondag 11-10-2015 Vannacht droomde ik van Albert Camus. Hij bleek in mijn droom een vrolijke man te zijn die optimaal van het leven genoot, in het milieu van de Parijse existentialisten. Ik was zelf niet Camus of een van zijn gezellen, maar ik zweefde als de ideale onzichtbare waarnemer tussen hen in en kon alles horen. Simone de Beauvoir was behoorlijk verliefd op hem. Sartre vond het..

De Maghreb in de Late Oudheid (2)

Het Byzantijnse fort van Madauros

[Tweede van zeven blogjes over de arabisering van de Maghreb. Het eerste was hier.]

Ik eindigde mijn vorige blogje over de Maghreb in de Late Oudheid met de onderwerping van het Vandaalse koninkrijk door de Byzantijnse generaal Belisarius in het jaar 533. Hij sloot een verdrag met een Berber-koning genaamd Massonas, die lijkt te hebben geheerst vanuit Altava in het noordwesten van het huidige Algerije. De twee partijen werkten in de volgende jaren samen, onder meer tegen andere groepen Berbers. De Byzantijnen bouwden een reeks forten. In Tunesië is te denken aan Sufetula (Sbeitla), Mactaris (Makhtar) en Ammaedara (Haïdra). In Algerije gaat het om Theveste (Tebessa), Madauros (M’daourouch), Lambaesis (Tazoult), Thamugadi (Timgad), Sitifis (Sétif) en Tipasa. Meer naar het westen ontbreken de forten, omdat het gebied in handen was van de bevriende Berbers van Altava.

Demografische neergang

Wie die forten ziet, valt op hoe klein ze zijn. Ze zijn ook grotendeels gebouwd uit gerecycled ouder bouwmateriaal, vaak de enorme stukken natuursteen waarop inscripties hadden gestaan. (De Byzantijnse forten zijn een paradijs voor epigrafen.) Omvang en bouwmateriaal zullen wel samenhangen met de demografische neergang in Late Oudheid. Het meest opvallende aspect daarvan is de pest-epidemie die uitbrak in 541, maar de neergang had al eerder ingezet.

Eén van de gevolgen is de afname van de vraag naar producten uit de Maghreb, zoals olijfolie en wijn en graan. Dat had ter plekke weer economische en sociale gevolgen. De sedentaire boeren rond de steden hadden redenen om over te schakelen op veeteelt en dus nomadisme.

Garmul

De samenwerking tussen de Byzantijnen en Berbers was niet voor eeuwig. Er is wel beweerd dat het Byzantijnse Rijk steeds Griekstaliger werd, waardoor de Berbers (die naast hun eigen taal vooral Latijn spraken) afstand begonnen te voelen, maar ik weet niet zeker of dit waar is.  Feit is dat we lezen over conflicten, zoals dat met een zekere Garmul. De door de Spaanse chroniqueur Johannes van Biclaro gegeven informatie is beknopt:

Generaal Gennadius verpletterde in Africa de Mauri, en overwon in de strijd de levensgevaarlijke koning Garmul, die al een leger van drie eerdere Romeinse aanvoerders (duces) had verslagen, en doodde die koning met het zwaard.noot Johannes van Biclaro, Kroniek, jaar 578.

Die eerdere generaals waren verslagen in 570 en 571, Gennadius’ repressie dateert van 578 en leidde tot de onderwerping van de Mauri, maar er zijn geen aanwijzingen voor hernieuwde Byzantijnse fortenbouw. Vermoedelijk werd het koninkrijk Altava opnieuw een bondgenoot, en wel op voor Constantinopel gunstige voorwaarden.

Het Exarchaat van Karthago

Gennadius bleef in de Maghreb achter als exarch, wat zoiets betekent als “bestuurder van een buitengewest”. Vanuit Karthago regeerde hij over de Byzantijnse bezittingen en controleerde hij de Berber-bondgenoten. Dat waren er meer dan alleen het koninkrijkje rond Altava. In mijn vorige blogje noemde ik een dux en imperator Masties die in de Vandaalse tijd in het noordoosten van Algerije regeerde over Romeinen en Mauri, en misschien heeft zijn staatje op een of andere wijze overleefd. Ook elders is het bestaan van post-Romeinse heersers gedocumenteerd, maar vaak gaat het om de vermelding van één leider met een Berber-naam die dan door de Byzantijnse legers wordt verslagen. Feit is: we hebben weinig informatie.

Zoals ik het zie, verbleven er rond het Byzantijnse Exarchaat diverse groepen Berbers, die op verschillende manieren een nomadisch leven leidden, en die op variërende manieren waren verbonden met (en zich zo nu en dan keerden tegen) de exarch in Karthago. Zo was het al eeuwen, en de voornaamste verschillen waren dat de Latijnsprekende Romeinse overheid inmiddels een Griekssprekende Byzantijnse overheid was, dat de steden door de demografische neergang kleiner waren geworden en dat het handelsvolume was afgenomen. Evengoed functioneerde de samenleving nog altijd en waren er nieuwbouwprojecten, zoals het gebouw in Sfax waarover ik een paar jaar geleden blogde.

Migraties

Ik voeg nog toe dat de Berbergroepen, zoals alle nomadische groepen, fluïde waren. De naam Laguatan, die we rond 400 na Chr. aantreffen in het oosten van het huidige Libië, duikt anderhalve eeuw later veel westelijker op. Er lijkt onder de nomaden een soort beweging te zijn geweest vanuit Tunesië naar de vruchtbare Hautes Plaines van Algerije, vanuit westelijk Libië naar de vrijgekomen gebieden in Tunesië en vanuit oostelijk Libië naar de vrijgekomen gebieden in westelijk Libië.

Anders gezegd: de Arabieren volgden gebaande wegen toen ze naar de Maghreb kwamen. Daarover gaat het volgende blogje.

#Altava #Ammaedara #Belisarius #Berbers #epidemie #ExarchaatVanKarthago #Garmul #Gennadius #JohannesVanBiclaro #JustiniaanseEpidemie #Laguatan #Lambaesis #Mactaris #Madauros #Massonas #Masties #Mauri #nomadisme #Pest #Sétif #Sbeitla #Sfax #Tébessa #Thamugadi #Timgad #Tipasa #Vandalen

Gunasekaran, P. (2025). Systems Librarian Perspective on Interlibrary Loan System Migration from #ILLiad to #Tipasa. Journal of #Library Resource Sharing, 1–14.
https://doi.org/10.1080/26915979.2025.2454551

#interlibraryloan #ILL #resourcesharing #libraries

#Tipasa tauchte zum ersten Mal im Protokoll der 81. Sitzung des 20. Deutschen Bundestages am 25.01.2023 auf. Das Protokoll findet sich unter https://dserver.bundestag.de/btp/20/20081.pdf