Unterhalb vom Aussichtspunkt gibt es diesen spirituellen Ort. Ein heiliges Portal.

#peru #unterwegs #travel #photography #sehenswürdigken #inkas #spirit #pachamama

Das ehemalige Reich der Inkas. Nun für die Touristik aufgearbeitet und demnach gut besucht.

#peru #maska #unterwegs #travel #photography #historisches #architecture #sehenswurdigkeiten #inkas #ruinen

In der Nähe von Maska gibt es archäologische Ausgrabungen der Inka. Wir hatten einen wunderschönen Blick auf den Park.

#peru #unterwegs #travel #photography #sehenswürdigken #maska #mirador #inkas #archeologie

In diesem Gemäuer sind Tiere versteckt. Schlange und Puma. Ich hab allerdings nichts gesehen.😄

#peru #cusco #unterwegs #travel #photography #altstadt #stadtrundgang #sehenswürdigkeiten #historisches #architecture #inkas

🇨🇦 🇫🇷 #Canada and #France team up to build new #NATO aligned MRAP (Mine-resistant ambush protected vehicle) #INKAS #KNDS defence-blog.com/canada-and-f...

Canada and France team up to b...
Canada and France team up to build new NATO-aligned MRAP

A Canadian armored vehicle company has teamed with a French mobility specialist to produce what they describe as the first NATO-aligned MRAP built through Canadian-French defense collaboration, a mine-resistant platform designed for interoperability across allied forces. INKAS, headquartered in Toronto, introduced the M1 MRAP at the end of April, revealing the vehicle as a joint

Defence Blog

Een vaas die fluit

Een fluit in de vorm van twee kruikjes, versierd met een panfluitist; Vicus-cultuur (Musée du Quai Branly, Parijs)

De trouwe lezers van deze blog weten dat ik een groeiende belangstelling heb voor Precolumbiaans Amerika, dus de Nieuwe Wereld vóór Columbus. Natuurlijk is dat eigenlijk dezelfde interesse als mijn belangstelling voor de Oudheid of het Midden-Oosten: een andere wereld die je dwingt na te denken over de wereld waarin je zelf woont. Mijn groeiende belangstelling voor Precolumbiaans Amerika is echter ongestructureerd. Ik lees weleens wat, maar ik ben nooit in Mexico of Peru geweest, en moet het vooral doen met wat ik oppik in volkenkundige musea.

In het Musée du Quai Branly in Parijs zag ik voorwerpen die ik maar zal aanduiden als fluitende vazen. Ze bestaan uit twee kruikjes, waarvan de een open is en de ander gesloten, zij het dat die uitloopt op een fluit. Die is vaak versierd en kan dan bijvoorbeeld de vorm hebben van een mannetje of een vogel of iets anders. De twee vaasjes zijn verbonden door een buisje. Als je nu water giet in het open vaasje, loopt het door het buisje naar het andere kruikje, waar het de lucht wegperst door de fluit. Je kunt die fluitende vazen ook een beetje schudden, dan maken ze (denk ik) korte piepgeluiden.

Fluitende Inka-vaas (Museum der Fünf Kontinente, München)

Oké, een leuke gimmick, en misschien moeten we maar niet te lang nadenken over de functie. Ze zijn opgegraven op begraafplaatsen en in heiligdom, dus ze zullen wel een rol hebben gespeeld in rituelen of andere plechtigheden – al is de Eerste Hoofdwet van de Archeologie vermoedelijk van toepassing.

Een Chimu-fluit (Musée du Quai Branly, Parijs)

Maar nou het gekke. Ik heb verschillende foto’s van deze Peruviaanse fluitende vazen, die zijn vervaardigd door mensen die behoorden tot enerzijds de Vicus-cultuur en de Viru-cultuur en anderzijds de Chimú-cultuur, de Chancay-cultuur, de late Sican-cultuur en de cultuur van de Inka’s. De twee eerstgenoemde culturen moet u plaatsen vóór pakweg 300 na Chr., de drie andere culturen na pakweg 1100. Daar zit ruim een half millennium tussen, waarin enorme culturele veranderingen optraden, zoals het ontstaan van de grote stedelijke centra. Maar gek genoeg heb ik geen foto’s van deze muziekinstrumenten uit de tussenliggende Wari- en de Tiwanaku-culturen.

Ik snap er, om een flauwe grap te maken, geen fluit van. Ongetwijfeld betekent dit dat ik onvoldoende begrijp. En dat is helemaal niet erg. Dat is juist de lol ervan.

#chancayCultuur #chimuCultuur #fluit #inkas #muziekinstrument #peru #tiwanakuCultuur #vicusCultuur #wariCultuur

Museo de América

Een van de beeldjes van de (omstreden) “Quimbaya-schat” (Museo de América, Madrid)

Eerst even dit. Zoals u weet wordt er nogal eens een oudheidkundige instelling bedreigd. Dat gebeurt zo elke twee maanden, en nu is Grieks en Latijn aan de universiteit van Ottowa aan de beurt. De onvermijdelijke petitie is hier. Teken alstublieft, het wil een enkele keer weleens helpen.

***

Niet heel ver van het Moncloa, het noordelijke busstation van Madrid, staat het Museo de América, dat, zoals u al vermoedde, is gewijd aan kunst en levenswijze van de bewoners van het oude Amerika. Mocht u denken dat het wel beperkt zal zijn tot Latijns Amerika, waar de mensen tegenwoordig Spaans en Portugees spreken, dan hebt u het mis: ook de Verenigde Staten en Canada komen aan bod. En als u mocht denken dat het gaat om een collectie precolumbiaanse kunst, dan heeft u het gedeeltelijk mis, want naast wonderlijke voorwerpen van de eerste bewoners van de Amerika’s zijn er ook zaken – hoewel een minderheid – die het leven illustreren van mensen met Europese voorouders.

De Nieuwe Tijd, ná de aankomst van de conquistadores, is dus eveneens gedocumenteerd. Een echte eindgrens heb ik niet kunnen ontdekken, al zag ik geen voorwerpen uit de tijd na de industrialisering. Naarmate we dichter bij onze eigen tijd komen, zijn er minder voorwerpen.

Mythologisch wezen met mensenhoofd (Moche-cultuur)

En het is een fijn museum. Het was rustig toen ik er was, zodat ik alles op m’n gemak kon bekijken. Ik geloof dat ik maar twee of drie keer heb moeten wachten totdat er ruimte was bij een vitrine die ik wilde bekijken. Ik had die rust ook wel nodig, want alle uitleg was Spaanstalig, een taal die ik, als ik langzaam lees, wel begrijp, maar die wel veronderstelt dat ik mijn aandacht erbij kan houden. Helaas had het boekhandeltje ook alleen maar Spaanse boeken, zodat ik mijn kennislacune daar niet heb kunnen dichten. Na de goede boekhandels die ik bij mijn eerdere bezoek aan de musea van Dresden had bezocht, vond ik dat wat teleurstellend.

Thematische ordening

Wat ik zowel leuk als niet leuk vond, was de indeling. Die is thematisch, dus rond thema’s als de eerste westerse concepten van de Nieuwe Wereld, leiderschap, oorlog of religie. Noord-, Midden- en Zuid-Amerika stonden dwars door elkaar, dus je keek nu eens naar houtsnijwerk dat de jacht bij de Inuit documenteerde, dan weer naar een kruikje met een afbeelding van een jager, en vervolgens naar de boleadoras waarmee gauchos runderen vingen.

Een vissende Inka

Ik had eerlijk gezegd gehoopt op een kunsthistorische indeling, omdat ik eens wil leren aan welke kenmerken wetenschappers herkennen dat een beeldje of een stuk aardewerk is gemaakt in pakweg de klassieke of postklassieke periode van de Maya-cultuur. (Kunsthistorische indelingen lijken in menswetenschappelijke musea sowieso een beetje in onbruik aan het raken; ik mis bijvoorbeeld de aloude vitrines met uitleg van Romeinse munten of Grieks aardewerk een beetje.)

In plaats daarvan waren in Madrid zalen gewijd aan maatschappijtypen: jagers en verzamelaars, stamsamenlevingen en de complexe staten, zoals die van de Maya’s, de Azteken en de Inka’s. Dit vind ik (hoewel ik dit keer dus eigenlijk op iets anders hoopte) persoonlijk een heel fijne manier om het verleden te tonen. Het helpt om de samenleving te begrijpen, het graaft dieper en biedt meer inzicht dan het herkennen van de kunsthistorische stijlen. Het herkennen daarvan is een eerste stap, die ik almaar niet echt zetten kan, maar het doel is toch kennis van de cultuur van de oude samenlevingen.

Een Maya-beker

Nog drie dingen die me opvielen. Eén, ik miste enkele culturen, zoals de Tolteken (de voorgangers van de Azteken). Van de Olmeken, met wie het in Mexico allemaal begon, zag ik alleen een mooi jade hoofdje; ik had iets meer verwacht. Andere culturen, zoals Moche, waren oververtegenwoordigd. Ongetwijfeld is de verzamelgeschiedenis de verklaring, maar daar heb ik niet voldoende van kunnen ontdekken. Twee, overal lagen de voorwerpen achter ontspiegeld glas, behalve de Codex Madrid. Die liet zich dus niet fotograferen, en een boek met een reproductie was niet te koop. Gemiste kans. Drie, sommige dateringen waren toch wel grappig, zoals die voor de laatste fase van de Inka-cultuur tussen 1400 en het bizar precieze 1533. Maar goed, ik ken ook musea waar de Nederlandse IJzertijd in 19 v.Chr. ophoudt, dus ik lach er niet al te hard om.

Wat ik hoop dat u onthoudt: dit is een mooi museum, erg de moeite waard. Sommige voorwerpen zijn mooi, zoals het textiel, maar alles wat wordt getoond is interessant. Ik was er ruim drie uur en heb me geen seconde verveeld. Alles is bereikbaar met een lift, er is een ringleiding voor mensen met een gehoorbeperking, en er zijn geen gekke fratsen met opgedrongen geluid, dus mensen die wat minder goed ter been zijn, mensen met een auditieve beperking en mensen met hyperacusis, kunnen rustig naar het Museo de América.

#Azteken #hyperacusis #InkaS #Inuit #LatijnsAmerika #Madrid #MayaS #MocheCultuur #MuseoDeAmérica #Olmeken #Spanje #Tolteken
Die letzte Bastion der #Inkas in #Peru, Choquequirao, ist sogar größer als #MachuPicchu. Doch wer dorthin will, muss leiden. Sandra Weiss ist zur geheimnisvollen Inkastadt gewandert und berichtet in ihrer Reportage von einem Abenteuer in den #Anden: https://www.riffreporter.de/de/international/choquequirao-peru-inka-ruinen-wanderung-machu-picchu-alternative
Choquequirao: Wanderabenteuer zur verborgenen Schwester von Machu Picchu

Die Inkastadt Choquequirao thront in 3.000 Metern Höhe über dem Apurímac Canyon. Der anspruchsvolle Weg dorthin ist eine echte Herausforderung - und genau das macht den besonderen Reiz dieser versteckten Ruinenstadt aus.

RiffReporter

De mummie van Rascar Capac

De mummie van Rascar Capac

Ik heb al een paar keer verteld dat de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in het Jubelpark te Brussel menig striptekenaar hebben geïnspireerd. Er is een boekje over dat helaas – en dit is écht jammer – niet langer via uw boekhandel leverbaar is, maar in het museum zelf nog te koop ligt: Museum in strip. Museumstukken als figuranten in een stripverhaal (1996). Alleen al dat boek is een reden om naar Brussel af te reizen, maar het museum zelf is ook heerlijk.

Hergé, de tekenaar van Kuifje, vond hier niet alleen inspiratie voor Het Gebroken Oor (ik schreef daar al eens over), maar ook voor de Inka-koning Rascar Capac uit De zeven kristallen bollen. Diens mummie is door een wetenschappelijke expeditie vanuit Peru naar Europa gebracht, verdwijnt na de inslag van een bolbliksem die u hierboven ziet afgebeeld, en komt dan ’s nachts tot leven – misschien echt, misschien als droom, misschien allebei. In elk geval griezelig.

Het museumstuk dat Hergé inspireerde is geen echte mummie, vervaardigd door mummie-specialisten, maar een natuurlijk uitgedroogd menselijk lichaam. Het gaat om een boer die zo’n zeshonderd jaar geleden leefde in het noorden van Chili, aan de kust. Behalve boer was hij vermoedelijk jager, want zijn tijd- en streekgenoten vulden hun agrarische dieet aan met stukken zeeleeuwenvlees. Hij was klein van stuk, iets meer dan anderhalve meter lang, en liep mank. Na zijn overlijden zetten zijn nabestaanden hem bij in de duinen, samen met wat grafgiften. In 1841 is het stoffelijk overschot overgebracht naar België.

De zogenaamde mummie van Rascar Capac (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

De man leefde in het rijk van de Inka’s, die de gewoonte hadden hun koningen echt te mummificeren. Eens per jaar, zo las ik in het museum, haalden de Inka’s de mummies van hun vorsten uit een binnenhof waar ze stonden opgesteld. Men plaatste ze dan in draagstoelen en nam ze mee op een processie door de hoofdstad Cuzco, terwijl de mensen eromheen dansten en zongen.

Hergé gaf zijn personage de koningsnaam Capac mee en presenteerde hem als Inka-koning. De boerenmummie uit het Brusselse museum was dat vanzelfsprekend niet, maar het is, bij zo’n stripverhaal, natuurlijk een kniesoor die daarop let. Toch was het voor Hergé niet zo dat alle feiten ondergeschikt waren aan een spannende, onderhoudende plot. In de oorspronkelijke versie, gepubliceerd in een krant, had de kroon van Rascar Capac boven diens voorhoofd een vogel met gespreide vleugels …

De originele Rascar Capac

… maar in de latere uitgaven verving Hergé die door een beter gedocumenteerde precolumbiaanse kroon. Zie het stripje hieronder. Waar het geen afbreuk deed aan de plot, paste Hergé zijn tekeningen voortdurend aan de laatste inzichten aan.

De herlevende Rascar Capac, tweede staat (Musée Hergé, Louvain-la-Neuve)

En aanpassen aan nieuwe inzichten, dat doet het museum ook. Waar de boerenmummie vroeger ietwat sinister in het halfdonker stond opgesteld, staat ze nu in een aparte vitrine, afgewend van de rest van een verder lichte zaal, met een bordje dat hierachter menselijke resten zijn te zien. Hedendaagse musea zijn nogal terughoudend bij het tonen van wat, welbeschouwd, het stoffelijk overschot is van iemand die er niet om heeft gevraagd een museumstuk te worden.

(De ironie dat mijn blogje wél menselijke resten toont, is me niet ontgaan.)

#Brussel #Chili #DeZevenKristallenBollen #InkaS #KoninklijkeMuseaVoorKunstEnGeschiedenis #Kuifje #mummie #RascarCapac

Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis - Mainzer Beobachter

In de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in Brussel waan je je weer even kind, blij omdat er zoveel nieuws is om te ontdekken.

Mainzer Beobachter