Vijf broden, twee vissen

Brood en vis (Catacomben, Rome)

Een van de bekendste verhalen uit het Nieuwe Testament, waarover ik op zondagen nogal eens blog, is dat over de wonderbaarlijke broodvermenigvuldiging. Het zijn overigens twee verhalen over twee gebeurtenissen, beide te vinden bij Marcus: het eerste verhaal speelt zich af in de omgeving van het Meer van Galilea, en het tweede in de Dekapolis.noot Marcus 8.1-10. Daarover een andere keer meer, vandaag het verhaal in Galilea.

Dat begint ermee dat Jezus en enkele volgelingen naar een afgelegen plek varen, waar ze echter geen rust vinden, maar worden opgewacht door een grote menigte. Jezus “voelde medelijden met hen,” schrijft Marcus, “want ze waren als schapen zonder herder” – een echo van Jezus’ missie om de verloren schapen van Israël terug te halen.

Hij onderwees hen langdurig. Toen er al veel tijd was verstreken, kwamen zijn leerlingen naar hem toe en zeiden: “Dit is een afgelegen plaats en het is al laat. Stuur hen weg, dan kunnen ze naar de dorpen en gehuchten in de omtrek gaan om eten voor zichzelf te kopen.”
Maar hij zei: “Geven jullie hun maar te eten!”
Ze vroegen hem: “Moeten wij dan voor tweehonderd denarii brood gaan kopen om hun te eten te geven?”noot Marcus 6.34b-37; NBV21.

Van tweehonderd denarii, zilverstukken, kon iemand een jaar leven. Het bedrag correspondeert met 3200 as, bronstukken, en omdat een brood twee as kostte, hebben we het dus over 1600 broden. Dat past aardig bij het gegeven dat er ongeveer 5000 mensen aanwezig waren.

Toen zei hij: “Hoeveel broden hebben jullie bij je? Ga eens kijken.”
Ze gingen kijken en zeiden: “Vijf, en twee vissen.”
Hij zei tegen hen dat ze de mensen opdracht moesten geven om in groepen in het groene gras te gaan zitten. Ze gingen zitten in groepen van honderd en groepen van vijftig. Hij nam de vijf broden en de twee vissen, keek omhoog naar de hemel, sprak het zegengebed uit, brak de broden en gaf ze aan zijn leerlingen om ze aan de menigte uit te delen; ook de twee vissen verdeelde hij onder allen die er waren. Iedereen at en werd verzadigd. Ze haalden de overgebleven stukken brood op, waar wel twaalf manden mee konden worden gevuld, en ook wat er over was van de vissen. Vijfduizend mensen hadden van de broden gegeten.noot Marcus 6.38-44.

De miraculeuze maaltijd

Het motief van de gastheer die begint eten uit te delen, ook al heeft hij weinig, waarbij de voedselvoorraad miraculeus groot blijkt te zijn, is van alle tijden en culturen, al zal de auteur van het Marcus-evangelie vooral hebben gedacht aan een soortgelijk incident met de profeet Elisa.noot 2 Koningen 4.42-44. Hij zal ook hebben gedacht aan Jezus’ woorden van het Laatste Avondmaal:

Hij nam een brood, sprak het zegengebed uit, brak het brood, deelde het uit.noot Marcus 14.22.

Het brood nemen, het brood zegenen, het brood breken, het brood uitdelen: het is vanzelfsprekend een vrij logische volgorde, maar de herhaling van exact dezelfde werkwoorden suggereert dat er meer aan de hand is. Er is bovendien een parallel bij de broodmaaltijd in de Dekapolis. De hypothese dat deze vier werkwoorden ook een rol speelden in de gebeden van de vroege christelijke gemeenschap, is niet toetsbaar maar ook niet heel erg krankzinnig, al was het maar omdat de scène tevens is afgebeeld in de catacomben.

Open commensaliteit

Daar komt bij dat gemeenschappelijke maaltijden belangrijk waren voor de eerste gelovigen. De sociaalwetenschappelijke term is “open commensaliteit”, dat wil zeggen dat je je maaltijd deelt met alle aanwezigen, zonder aanzien des persoons of zonder verwachting van een tegenprestatie. Het is de concrete utopie van iedere voorkapitalistische plattelandssamenleving. Het heil is superconcreet, hier en nu, zichtbaar, aan tafel, voor alle aanwezigen bereikbaar.

Maar er is meer. Een van de joodse Eindtijdvoorstellingen was die van de maaltijd, voorgezeten door een messias. Dit is gedocumenteerd bij de profeet Jesajanoot Jesaja 25.6. en in verschillende Dode-Zee-rollen, zoals de Gemeenschapsregel.noot 1QSa Gemeenschapsregel ii,18-22. Ik zal in het midden laten wat er feitelijk is gebeurd daar op die afgelegen plek aan het Meer van Galilea, maar men herinnerde zich blijkbaar een grote maaltijd, ooit tijdens de regering van keizer Tiberius, die een voorafschaduwing was van de Eindtijd.

[Later meer. Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]

#broodvermenigvuldiging #Dekapolis #denarius #Eindtijd #Elisa #EvangelieVanMarcus #LaatsteAvondmaal #MeerVanGalilea #messias #NieuweTestament #Oorlogsrol #openCommensaliteit #wonderverhaal

Lukas en de voorouders van Jezus

Zesde-eeuwse muurschildering van Lukas, gevonden in zijn zogenaamde graf in Efese (Kunsthistorisches Museum, Wenen)

Jezus … was, zoals algemeen werd aangenomen, de zoon van Jozef, die de zoon was van Eli, de zoon van Mattat, de zoon van Levi, de zoon van Melchi, de zoon van Jannai, de zoon van Josef, de zoon van Mattatias, de zoon van Amos, de zoon van Naüm, de zoon van Hesli, de zoon van Naggai, de zoon van Maät, de zoon van Mattatias, de zoon van Semeïn, de zoon van Josech, de zoon van Joda, de zoon van Joanan, de zoon van Resa, de zoon van Zerubbabel, de zoon van Sealtiël, de zoon van Neri, de zoon van Melchi, de zoon van Addi, de zoon van Kosam, de zoon van Elmadan, de zoon van Er, de zoon van Jozua, de zoon van Eliëzer, de zoon van Jorim, de zoon van Mattat, de zoon van Levi, de zoon van Simeon, de zoon van Juda, de zoon van Josef, de zoon van Jonan, de zoon van Eljakim, de zoon van Melea, de zoon van Menna, de zoon van Mattatta, de zoon van Natan, de zoon van David, de zoon van Isaï, de zoon van Obed, de zoon van Boaz, de zoon van Selach, de zoon van Nachson, de zoon van Amminadab, de zoon van Admin, de zoon van Arni, de zoon van Chesron, de zoon van Peres, de zoon van Juda, de zoon van Jakob, de zoon van Isaak, de zoon van Abraham, de zoon van Terach, de zoon van Nachor, de zoon van Serug, de zoon van Reü, de zoon van Peleg, de zoon van Eber, de zoon van Selach, de zoon van Kenan, de zoon van Arpachsad, de zoon van Sem, de zoon van Noach, de zoon van Lamech, de zoon van Metuselach, de zoon van Henoch, de zoon van Jered, de zoon van Mahalalel, de zoon van Kenan, de zoon van Enos, de zoon van Set, de zoon van Adam, de zoon van God.  (Lukas 3.23-38)

Geef maar toe: u hebt dit niet allemaal gelezen. Lukas 3.23-38, de geslachtslijst van Jezus van Nazaret, is een van de saaiste delen uit het Nieuwe Testament. Er is echter meer te beleven dan op het eerste gezicht lijkt, en dan bedoel ik niet dat deze opsomming de basis vormt voor de fenomenale middeleeuwse kunstwerken die bekendstaan als Boom van Jesse. Ga er even voor zitten want ik heb twee stukjes en ruim 2000 woorden nodig.

De mantel der liefde

Eerst even dit. Grote delen van het evangelie van Lukas zijn overgeschreven uit dat van Marcus en we kunnen door vergelijking met die bron uitspraken doen over Lukas’ werkwijze. Het blijkt dan dat hij zijn best doet de in Marcus (latent) aanwezige conflicten tussen het farizese jodendom en het vroege christendom te verdoezelen. Dit is opmerkelijk, want toen Lukas aan het einde van de eerste eeuw zijn evangelie en de daarop aansluitende Handelingen van de apostelen schreef, stonden deze twee verwante religieuze groeperingen weinig vriendelijk tegenover elkaar. Lukas streeft er echter consistent naar het conflict te bedekken met de mantel der liefde.

We kunnen dit streven ook waarnemen in de door hem zelf aan het evangelie toegevoegde verhalen, waarin hij Jezus presenteert als een joodse profeet uit oude tijden. Wanneer hij bijvoorbeeld vertelt dat Jezus te Naïn de overleden zoon van een weduwe uit de dood heeft doen opstaan, is dat een verwijzing naar de profeet Elia, die zo’n wonder enkele eeuwen eerder had verricht.

De familie van Jezus

Aan het begin van zijn evangelie doet Lukas meer pogingen. Het verhaal begint in de tempel; in het Lied van Zacharia (het Benedictus) en het Lied van Maria (het Magnificat) worden veertig passages uit de joodse Bijbel geciteerd; Jezus wordt geboren in hetzelfde dorp als koning David; we vernemen van Jezus’ besnijdenis; en als Jezus twaalf is, loopt hij weg van zijn ouders om in de tempel te studeren.

Verder lezen we aan het begin van het Lukasevangelie over de ouders van Johannes de Doper, die afstammen van Aäron en betrokken zijn bij de joodse tempelcultus. Ze zijn familie van Maria, de moeder van Jezus, die dus in moederlijke lijn afstamt van de eerste joodse hogepriester. De hierboven geciteerde geslachtslijst volgt iets later in Lukas’ verhaal, en bewijst dat Jezus afstamt van koning David. Kortom, Lukas presenteert een Jezus die met beide benen staat binnen het jodendom, en zo heeft hij andermaal de harmonie tussen deze religie en het christendom benadrukt.

Had het echter, bij die Ahnengalerie, niet wat minder eentonig gekund? Loop even mee naar het volgende stukje.

[Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]

#BoomVanJesse #Eindtijd #EvangelieVanLukas #geslachtslijst #JezusVanNazaret #Jozef #Lukas #NieuweTestament #zoonVanDavid

Kijk voor deze kinderboekentip op https://lekkerlezen.nu.
Albatros – Yorick Goldewijk
Een verhaal dat je bewuster maakt van je mensenrol op aarde. 
https://lekkerlezen.nu/albatros-yorick-goldewijk/
#Leesboek #12 #15 #dieren #eindtijd #klimaatverandering #oorlog
De tips komen van verschillende kinderboekenmakers.

De sekte van de Dode-Zee-rollen

Een van de Dode-Zee-rollen: 4QTestimonia, met teksten over de messias (Jordan Museum, Amman)

In eerdere stukjes heb ik aangegeven dat er een joodse groep is geweest die we de essenen noemen en dat deze groep misschien wel en misschien niet iets te maken heeft met de Dode-Zee-rollen. Ook heb ik een overzicht van enkele rollen gegeven.

Aan de hand van die teksten kunnen we wél een geschiedenis van de sekte schetsen, al zijn er nog veel onduidelijkheden. We weten echter zeker dat ze is ontstaan door het optreden van een geleerde die wordt aangeduid als de Leraar der Gerechtigheid. We hebben diverse teksten over deze beginfase, maar helaas niet over de verdere ontwikkeling. Om het complex te maken, zijn de teksten vaak cryptisch geformuleerd. We hebben bijvoorbeeld geen idee wie worden bedoeld met de Spotter en de Man van de Leugen, twee tegenstanders van de Leraar der Gerechtigheid. Alleen de identificatie van de Goddeloze Priester met Jonathan de Makkabeeër is plausibel, maar ook niet meer dan dat.

Het ontstaan van de sekte van de Dode-Zee-rollen

Een geschiedenis zou kunnen beginnen met de wortels van de beweging, ergens aan het begin van de tweede eeuw: het moment waarop er volgens het Damascusgeschrift “een rest” was die haar zondigheid inzag. Mogelijk is deze groep te identificeren met degenen voor wie de Tempelrol is geschreven. Twintig jaar later – en dan zouden we ergens rond 168 v.Chr. zijn, toen er inderdaad een crisis in de tempelcultus was – verscheen de Leraar der Gerechtigheid, een priester die claimde de profeten beter dan wie ook te doorgronden. Hij had een conflict met de Spotter, over wie we in het Damascusgeschrift lezen dat hij “over Israël wateren van leugen uitgoot” en de Joden “liet afwijken van de paden der gerechtigheid”, waarna God hen “overleverde aan het wrekende zwaard”. De jaren 160 waren inderdaad bloedig door de onderdrukking van de Makkabeeënopstand.

We weten niet wie de Spotter was, maar lezen wel dat hij aanhangers had. Wellicht waren dat de eerste farizeeën, want Enige werken der Wet, dat geschreven lijkt te zijn door de Leraar de Gerechtigheid, veronderstelt onenigheid met deze groep. Het conflict, dat ging over enkele halachische kwesties en de juiste kalender, lijkt serieus te zijn geweest, zeker als de Spotter identiek is aan de in de commentaren op Psalmen, Micha en Habakuk genoemde “man van de leugen”. Diens biografie lijkt op wat in het Damascusgeschrift wordt gezegd over de tegenstander van de Leraar der Gerechtigheid: hij misleidde velen en had aanhangers.

Het lijkt erop dat deze tegenstander erin is geslaagd de Leraar door een raadscollege veroordeeld te krijgen en dat deze daarop Jeruzalem verliet, zijn tegenstanders toevoegend dat hun addergif en valsheid opspoten tot aan de sterren. Het staat vast dat de balling vervolgens met zijn aanhangers het Verbond vernieuwde in “het land van Damascus”. Of we deze topografische aanduiding letterlijk mogen nemen, weten we weer eens niet, maar niets pleit ertegen dat de Leraar en zijn leerlingen zich vestigden in een nabijgelegen deel van het Seleukidische Rijk.

Verdere geschiedenis

Was de Leraar der Gerechtigheid nog in ballingschap toen hij Enige werken der Wet schreef? Misschien. Richtte hij zich tot de eerste, in 152 aan de macht gekomen, Hasmonese hogepriester, Jonathan de Makkabeeër? Wellicht. Was dat de tegenstander die wordt aangeduid als de Goddeloze Priester? Het lijkt erop.

Deze tegenstander van de Leraar der Gerechtigheid leek aanvankelijk een bondgenoot, zo lezen we in de Pesher Habakuk, en kreeg de macht over Israël. Hij keerde zich echter tegen de Leraar en probeerde hem zelfs te doden op de dag die in de sektarische kalender gold als Grote Verzoendag – misschien zelfs met succes. Wegens deze wandaden en omdat hij de tempel had verontreinigd, leverde God de Goddeloze Priester uit aan zijn vijanden. Wat de Habakukcommentator zegt past bij Jonathan, maar de identificatie blijft hypothetisch.

De aanhangers van de Leraar der Gerechtigheid behielden enorme eerbied voor hun meester. Ze vereenzelvigden hem met de “lijdende dienstknecht” waarover de profeet Jesaja had geschreven. Deze was weliswaar verguisd, onrechtvaardig veroordeeld en verbannen om een graf te vinden tussen de misdadigers, maar had daardoor wel het lijden van anderen gedragen. Volgens het Damascusgeschrift en de Pesher Micha verwachtten de sektariërs dat de Leraar zou terugkeren om zijn vijanden te berechten. De goddelozen zouden voor immer worden uitgeroeid, de wandaden van de Goddeloze Priester werden dan vergolden en de aanhangers van de Man van de Leugen zouden branden.

Zoekgeraakte eeuwen

Na de dood van de Leraar der Gerechtigheid, over wiens loopbaan we zo weinig weten, wordt het nog moeilijker om een geschiedenis van de sekte te schrijven. In feite is een eeuw of twee gewoon zoek, al moeten zijn volgelingen op een gegeven moment uit ballingschap zijn teruggekeerd naar Judea. Het Damascusgeschrift documenteert een pluriformer wordende groepering. Later werd de ideologie van de sekte vastgelegd in de Pesher Habakuk, de Pesher Psalmen en de Oorlogsrol: ook een eeuw na het ontstaan van de sekte geloofden de leden dat ze leefden in de Eindtijd en snel zouden zien hoe de goddelozen werden bestraft.

We zouden graag meer weten over deze Joodse groepering, maar de bronnen – hoe talrijk ook – zijn domweg ontoereikend. Alleen over het einde van de sekte hebben we weer wat informatie. Toen de Romeinen vanaf 66 na Chr. probeerden de Joodse Opstand te onderdrukken, brachten sommige sektariërs hun boekrollen in veiligheid bij Qumran.

Josephus vermeldt nog dat de essenen door de Romeinen hard zijn aangepakt en dat ze, ook als ze werden gemarteld, geen krimp gaven. Dat kan waarheid of idealisering zijn, maar in elk geval overleefde het essenisme de crisis niet. En ook dat lijkt een overeenkomst met de sekte van de Dode Zee-rollen: geen van de sektariërs keerde naar Qumran terug om de kostbare boekrollen op te halen.

#4QTestimonia #Damascusgeschrift #DodeZeeRollen #Eindtijd #EnigeWerkenDerWet #eschatologie #essenen #farizeeën #FilonVanAlexandrië #GroteVerzoendag #halacha #JonathanDeMakkabeeër #LeraarDerGerechtigheid #LijdendeDienstknecht #Oorlogsrol #PesherHabakuk #Qumran #Tempelrol #verzoeningTheologie_

Messias (3)

Een van de Dode-Zee-rollen: 4QTestimonia, met teksten over de messias (Jordan Museum, Amman)

Ik heb in de twee eerste stukjes (één, twee) verteld hoe het messianisme is ontstaan als een droom over een betere koning, afkomstig uit het huis van David. De eindtijdverwachtingen die in het christendom een rol zijn gaan spelen, ontbraken in het jodendom aanvankelijk, maar zijn wel gedocumenteerd. Misschien is dit een latere ontwikkeling. De combinatie van een koning die én eschatologisch is én de Mensenzoon is die het Laatste Oordeel velt, zo normaal in het christendom, is in het antieke Jodendom volstrekt marginaal. Uit de meer gangbare teksten, zoals Psalm van Salomo 17, valt eigenlijk vooral een compleet seculiere profielschets af te leiden.

Twee messiassen

Er schuilt echter een tegenstrijdigheid in het takenpakket van de ideale vorst uit de zeventiende Psalm van Salomo. Enerzijds is de messias een krijger, maar anderzijds verricht hij taken die rituele reinheid vereisen. Misschien is dit de reden waarom er ook teksten zijn waarin naast de koninklijke messias een tweede messias voorkomt met een minder krijgszuchtig karakter. Het is ook mogelijk dat het idee van een dubbele messias een reactie is geweest op de Hasmonese leiders, die én hogepriester waren én de wereldlijke macht uitoefenden. De dubbele messianologie kan een uiting zijn van correct constitutioneel gedrag: de functies van krijger-koning en hogepriester dienden gescheiden te blijven.

Wat de herkomst van het idee ook zij, het bestond. De samensteller van een bloemlezing van messiaanse schriftpassages, de hierboven afgebelde 4QTestimonia, weet bijvoorbeeld dat de loot van David zal verschijnen met de “onderzoeker van de Wet”. Het Damascusgeschrift, zeg maar de grondwet van de sekte van de Dode-Zee-rollen, spreekt enkele keren de verwachting uit dat in de Eindtijd naast de messias van Israël ook een messias van Aäron zal verschijnen.

Een ander voorbeeld is de beschrijving van de eschatologische maaltijd, waarin de priesterlijke messias gaat aanzitten op een betere plek dan zijn koninklijke collega. “Zoals de hemel boven de aarde is,” observeerde de auteur van de Testamenten van de twaalf aartsvaders, “zo is Gods priesterschap verheven boven de aardse heerschappij”. Het is denkbaar het idee van de dubbele messias ook in de praktijk is toegepast. In 132 na Chr. kwamen de Joden tegen Rome in opstand onder leiding van de messias Bar Kochba, het “sterrenkind”. Een rabbijnse bron, Klaagzangen Rabbah, vermeldt naast Bar Kochba nog een priester, Eleazar, en we weten dat in diens naam munten zijn geslagen. Het is een aantrekkelijke gedachte dat hij Bar Kochba’s priesterlijke messias was.

De priesterlijke messias

Er zijn enkele teksten waarin de priesterlijke messias alleen optreedt, zonder collega, wat niet zo vreemd is omdat hogepriesters vanouds werden gezalfd en dus als het ware een eigen mandaat hadden. Het Dode-Zee-rolfragment dat bekendstaat als Aäronidische tekst A vertelt hoe de toekomstige hogepriester zijn tijdgenoten zal laten delen in zijn wijsheid en dat hij

verzoening zal doen ten behoeve van de kinderen van zijn generatie en gezonden zal worden naar alle kinderen van zijn volk.

Helaas, zo vervolgt de tekst, het onderricht mag dan zijn zoals God het wil en mag de duisternis dan verdrijven tot aan de einden de aarde, uiteindelijk zullen tegenstanders de priesterlijke messias belasteren, zodat zijn tijdgenoten zullen dwalen en verstrikt raken. In de tekst die bekendstaat als 11Q13 draait het om Melchisedek, de hogepriester die ooit Abraham had gezegend en die zou terugkeren om een einde te maken aan de heerschappij van Belial.

Hoe invloedrijk het idee van een priesterlijke messias was, is moeilijk uit te maken. De Aäronidische tekst was vermoedelijk niet sektarisch en kan in bredere kring bekend zijn geweest, zodat ze een model kan zijn geweest dat de volgelingen van Jezus van Nazaret gebruikten om de dood van hun meester een plaats te geven. Zij kenden zeker de ideeën over Melchisedek, want ze worden aangehaald in de Brief aan de Hebreeën, waarin Jezus geldt als de perfecte hogepriester.

Overigens: deze priesterlijke messias is onmiskenbaar eschatologisch van aard, maar hij is dus niet dezelfde als de Mensenzoon die het Laatste Oordeel zal vellen. De priesterlijke messias is een menselijk figuur.

Profeet zoals Mozes

Er zijn nog meer messianologieën gedocumenteerd, zoals de “profeet zoals Mozes”. Deuteronomium kondigt aan dat God profeten zou doen opstaan als Mozes, die men moest gehoorzamen. Deze regel was niet zonder weerklank gebleven. Hosea en Jesaja hadden al gespeeld met de gedachte van een nieuwe Uittocht en de Joodse historicus Josephus noemt verschillende mannen die zich in de eerste eeuw aandienden als nieuwe Mozes.

  • In 36 kondigde een profeet aan dat hij op de berg Gerizim, waar volgens de samaritanen de tempel diende te staan, vaatwerk zou tonen dat Mozes daar had begraven. Toen de aanhangers van de samaritaanse profeet bewapend bleken te arriveren, stuurde prefect Pontius Pilatus de cavalerie eropaf.
  • In de jaren vijftig nodigde een anonieme profeet zijn volgelingen uit met hem de woestijn in te trekken.
  • Niet veel later kwam een Egyptenaar, ongetwijfeld met aanhang, de andere kant op en rukte op naar Jeruzalem.
  • Theudas modelleerde zijn optreden niet op dat van Mozes, maar op dat van diens opvolger Jozua: hij voorspelde dat de Jordaan in tweeën zou splijten om hem en zijn aanhangers doortocht te verlenen naar het Beloofde Land.

Al deze profeten werden om het leven gebracht, maar dat was niet voldoende om het idee te doen verdwijnen: nog in 448 na Chr. volgden de Joden van Kreta een nieuwe Mozes, die hun beloofde dat hij de zee zou splijten om een weg naar Jeruzalem te openen. Sommigen betaalden voor hun geloof met de verdrinkingsdood.

De profeet als Elia

Een ander figuur lijkt als taak te hebben gehad de koninklijke messias aan te kondigen en wordt wel vergeleken met de profeet Elia. Van deze profeet werd verteld dat hij zijn leerling Elisa tot profeet zalfde en dat hij met zijn gebed God had kunnen overreden een overleden kind te laten herleven. Het eerste maakte associaties mogelijk met de messias en het tweede maakte Elia bij uitstek geschikt om het aanbreken van de Eindtijd aan te kondigen: dan zouden, althans volgens sommige joodse groepen, de doden immers opstaan.

Een fragment uit de Dode Zee-rollen, 4Q521, vermeldt dat een Elia-achtig personage de gevangenen zal bevrijden, blinden zal doen zien, gebogenen zal oprichten, gewonden zal genezen, “de doden zal doen herleven en de ootmoedigen de blijde boodschap zal brengen”. Het is denkbaar dat Jezus van Nazaret zijn optreden naar Elia modelleerde en dat zijn leerlingen deze rol toekenden aan Johannes de Doper.

[Wordt vervolgd.]

#4QTestimonia #DodeZeeRollen #Eindtijd #eschatologie #messianisme #messias #NieuweTestament #Theudas #verzoeningTheologie_

Het Gehenna

Het Laatste Oordeel (Catacombe van Domitilla, Rome)

Die foto van de Duivelsbrug van afgelopen vrijdag, die maakte ik vorige week, toen ik in Breda moest zijn om een lezing te verzorgen over joodse eindtijdverwachtingen. Dat bleek een nogal complex thema, want in de Eindtijd velt de Mensenzoon het Laatste Oordeel. En dan herleven de doden, want het kan niet zo zijn dat martelaren hun beloning niet krijgen en slechte mensen onbestraft blijven. Daniël:

Velen van hen die slapen in de aarde, in het stof, zullen ontwaken, sommigen om eeuwig te leven, anderen om voor eeuwig te worden veracht en verafschuwd.noot Daniël 12.2; NBV21.

Gehenna

Anders gezegd: beloningen en straffen. En zo moest ik me in mijn Bredase lezing ook bezighouden met de hel, die in het Nieuwe Testament wordt aangeduid als Gehenna. De evangelist Marcus weet meer:

Als je hand je ten val brengt, hak hem dan af: je kunt beter verminkt het leven [d.w.z., het Paradijs] binnengaan dan in het bezit van twee handen naar de Gehenna gaan, naar het onblusbare vuur. Als je voet je ten val brengt, hak hem dan af: je kunt beter kreupel het leven binnengaan dan in het bezit van twee voeten in de Gehenna geworpen worden. En als je oog je ten val brengt, ruk het dan uit: je kunt beter met één oog het koninkrijk van God binnengaan dan in het bezit van twee ogen in de Gehenna geworpen worden, waar de wormen blijven knagen en het vuur niet dooft.noot Marcus 9.43-47; NBV21.

Dat het Gehenna een plaats is waar je na je dood pas terechtkomt, blijkt uit een passage bij Lukas, waarin Jezus zijn vrienden voorhoudt

niet bang [te zijn] voor degenen die wel je lichaam kunnen doden, maar daarna niets meer tegen je kunnen uitrichten. Ik zal jullie zeggen voor wie je bang moet zijn. Wees bang voor Hem die de macht heeft om iemand niet alleen te doden maar daarna ook in de Gehenna te werpen.noot Lukas 12.4-5; NBV21.

Ook Matteüs noemt het Gehenna enkele keren, net als de auteur van de Brief van Jakobus, maar ze voegen weinig toe aan wat we uit Marcus en Lukas leren: na zijn dood wachten de zondaar knagende wormen en een onblusbaar vuur dat niet dooft.

Hinnomdal

En dat is nog niet zo’n gek beeld, want Gehenna is de Griekse weergave van het Hebreeuwse ge-hinnom, “Hinnomdal”, waar je dagelijks vuur en wormen kon zien. Het was namelijk de vuilnisbelt bezuiden Jeruzalem, waar afval werd verbrand. Ook de lichamen van gestenigde misdadigers werden er gedumpt als prooi voor honden, vogels en wormen.

Maar er is meer. Vanaf de vierde eeuw v.Chr. associeerden de Joodse auteurs het Hinnomdal met de plek waar koning Achaz (r.736-725) zijn zoon had geofferd aan de god Baäl.

Achaz deed niet wat goed is in de ogen van de Heer … en ging zelfs zo ver dat hij godenbeelden maakte voor de Baäls. Ook ontstak hij offers in het Hinnomdal en verbrandde hij zijn zonen als offer.noot 2 Kronieken 28.2-3; NBV21.

Dit citaat uit 2 Kronieken is een bewerking van een passage uit 2 Koningen, dat het dal van Hinnom niet vermeldt. Het is echter vrij plausibel dat de door de chroniqueur toegevoegde locatie correct is, in het licht van een passage uit Jeremia. (Een tofet is de begraafplaats voor geofferde kinderen – meer hier.)

De dag zal komen dat er niet meer gesproken wordt over Tofet of het Hinnomdal, maar over het Moorddal. Men zal de doden in Tofet begraven tot er geen plaats meer is.noot Jeremia 7.32; NBV21.

Kortom, de beelden die de auteurs van het Nieuwe Testament gebruiken voor het Gehenna, zijn ontleend aan de vuren en het ongedierte dat iedereen kende van Jeruzalems vuilnisbelt, en verwijzen ook naar de meest afschuwelijke offers die we ons kunnen voorstellen.

[Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]

PS: Prebunking

Voor ik u achterlaat, nog even dit. Binnenkort is het Pasen, dus u krijgt de komende tijd de nodige flauwekul over u uitgestort. Dat is een oudheidkundige traditie die bekendstaat als de paashoax. In de aanloop naar Pasen verlangen journalisten die niets echt willen uitzoeken namelijk naar makkelijke kopij over het christendom, zodat oudheidkundigen die niet echt iets hebben te melden, hun persberichten de deur uitdoen, zodat academische bestuurders die de wetenschap niet echt begrijpen, tevreden zijn met de publiciteit, die uw inzicht dus niet echt wil verhelderen. Overzicht van paashoaxes: hier.

Ook op komst: op 21 april 753 v.Chr. is Rome gesticht, toch? Nee. Daar.

#Achaz #Baäl #Eindtijd #EvangelieVanLukas #EvangelieVanMarcus #Gehenna #hel #Jeruzalem #NieuweTestament #paashoax #tofet

De Duivelsbrug van Ginneken - Mainzer Beobachter

Duivelsbruggen zijn bekend uit heel Europa. In Nederland kennen we er niet zo veel, maar de Duivelsbrug van Ginneken is een uitzondering.

Mainzer Beobachter

Was het Woord “een” god?

Het probleem met de Eindtijd is dat geen mens die al heeft meegemaakt. Het is daarom wat lastig te voorspellen wat ons staat te wachten. Er zijn echter logische redeneringen mogelijk en in de Oudheid heeft het daaraan niet ontbroken. De basis daarvan was de aanname dat God almachtig en volmaakt was. Aristoteles wees er al op dat God dan ook onveranderlijk moest zijn, want als hij zou zijn veranderd, was hij óf voor óf na die gebeurtenis minder volmaakt. Uit de aldus bewezen onveranderlijkheid volgde dat de hoogste, almachtige en volmaakste god nooit de schepper kon zijn, want ook de scheppingsdaad is een verandering.

Gods vizier

Je kon vervolgens redeneren dat er dus geen Schepping was geweest en dat er ook geen Eindtijd zou zijn. Even logisch was een andere gedachte: dat er naast de allerhoogste God een ander bovennatuurlijk wezen moest zijn dat verantwoordelijk was voor de Schepping en dat in de Eindtijd een rol zou spelen. De joodse literatuur heeft nogal wat van die middelaarfiguren, die niet per se zijn geïnspireerd door Aristoteles. Elke antieke vorst had voor het dagelijks bestuur een rechterhand: een chiliarch, een vizier of een praetoriaanse prefect. Het was alleen maar logisch dat ook God iemand had die de wereld namens hem bestuurde. De profeet Daniël is er expliciet over: bij het Laatste Oordeel worden er tronen, meervoud, neergezet voor God en de Mensenzoon, en het is die laatste die het oordeel uitspreekt.noot Daniël 7.9-14.

De joodse middelaarfiguren zijn vergeten geraakt – ik zal zo uitleggen waarom – maar er is heel wat over gespeculeerd. In de Oorlogsrol treden de aartsengel Michaël en een “Lichtvorst” op. In de henochitische literatuur is er sprake van een Uitverkorene die het Laatste Oordeel velt en die al bestond vóór de Schepping. We lezen ook weleens over een Melchisedek, wat misschien het personage uit Genesis is,noot Genesis 14.18. en bovendien “koning van rechtvaardigheid” betekent. Op soortgelijke wijze was bij de filosoof Filon van Alexandrië Gods Woord de middelaar tussen de transcendente God en de Schepping, noch ongeschapen, noch geschapen.noot Filon van Alexandrië, Wie is de erfgenaam van de goddelijke zaken? 206. Dit is het beeld dat we ook kennen uit het Nieuwe Testament.

Jezus, het Woord en de Kleine Jahweh

Ik noem nog de henochitische tekst die bekendstaat als Sefer Hechalot (“Het boek van de hemelse paleizen”). Hierin is er naast God een wereldbesturende engel Metatron, “troongenoot”, die in koninklijke gewaden wordt gestoken en de verheven naam Jahweh krijgt. Om hem te onderscheiden van de echte Jahweh, heet hij ook wel de Kleine Jahweh. Uit de joodse literatuur van de Late Oudheid blijkt dat de toenmalige geleerden zich ongemakkelijk voelden bij wat ze de “twee machten” noemden: er kon immers maar één God zijn. Dit ongemak betekent dat het beeld van een Kleine Jahweh die namens de ene, ware, hoogste God de wereld bestuurt, heel erg oud moet zijn.

Ik stelde Michaël, de Lichtvorst, de Mensenzoon, Melchisedek, de Uitverkorene, Metratron, het Woord van God en de Kleine Jahweh aan u voor omdat hun bestaan een voorbeeld is geweest voor de wijze waarop de volgelingen van Jezus hun messias interpreteerden. Paulus’ Brief aan de Filippenzen presenteert Jezus als iemand die weliswaar de gestalte van God had, maar slaaf werd en stierf, en daarna werd verheven en de naam kreeg die boven alle namen was verheven – Jahweh dus.noot Filippenzen 2.6-9. (Nog interessanter: Paulus citeert hier een hymne, die dus pre-Paulinisch is en stamt van de allereerste christenen.)

Het Woord in Johannes 1.1

Omdat Jezus dus te interpreteren was als de Kleine Jahweh, is het mogelijk de beroemde proloog van het Evangelie van Johannes anders te lezen dan we gewend zijn. De NBV21-vertaling, waar ik alleen maar lof voor heb, maakt ervan:

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God.noot Johannes 1.1.

maar omdat het Grieks geen onbepaald lidwoord heeft, kan het ook

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was een God.

zijn. Het Woord, Jezus Christus dus, wordt dan geïdentificeerd als de middelaar tussen God en de Schepping. Die vertaling is niet gangbaar en roept zelfs weerstand op. Het oogt immers nogal willekeurig als in één en dezelfde korte zin hetzelfde woord de ene keer “God” en de andere keer “een God” zou betekenen. Van de andere kant: juist dat spel maakt de tekst poëtisch en indrukwekkend. En taalkundig is het mogelijk. Alexander Smarius, die hier weleens een blogje schrijft, heeft een filmpje gemaakt waarin hij het uitlegt.

[youtube https://www.youtube.com/watch?v=f_UOnub_t2c?feature=oembed&w=640&h=360]

Mocht u het in wat meer detail willen nalezen, dan kunt u terecht bij het artikel dat Smarius over de materie publiceerde: “Another God in the Gospel of John? A Linguistic Analysis of John 1:1 and 1:18”, in Horizons in Biblical Theology 44 (2022).

Tot slot

Nog een laatste punt. Hoewel de joodse literatuur veel middelaarsfiguren kent en hoewel die middelaarsfiguren opduiken in allerlei stromingen van het jodendom, zullen de meeste antieke joden hun wenkbrauwen er toch bij hebben opgetrokken. Tegelijk: het denkbeeld behoorde bij het grote conglomeraat van joodse ideeën, en dat het in moderne ogen geen zuiver monotheïsme is, wil alleen maar zeggen dat wij andere definities hebben van wat monotheïsme zou moeten zijn.

Die nieuwe definities zijn ontstaan vanaf de Late Oudheid. De rabbijnen wezen de “twee machten” af, ongeveer vanaf het moment dat duidelijk was dat er een monotheïstische stroming bestond die meende dat de vacature van middelaar was vervuld door Jezus. Anders gezegd, het rabbijnse jodendom beschouwde het idee van een tweede god als te christelijk om nog acceptabel te zijn. Metratron werd nooit helemaal vergeten, de andere middelaars wel.

Aan de andere zijde van het monotheïstische spectrum voegden de christenen een derde persoon toe aan de twee-eenheid: de Heilige Geest. Daarna hadden ook zij geen belangstelling meer voor Michaël, de Lichtvorst, Melchisedek, de Uitverkorene en wat dies meer zij. Pas in de twintigste eeuw werd de rijkdom van de Dode Zee-rollen en de Henochitische literatuur herontdekt.

#3Henoch #AlexanderSmarius #BriefAanDeFilippenzen #Eindtijd #EvangelieVanJohannes #FilonVanAlexandrië #KleineJahweh #LaatsteOordeel #materie #Metatron #NieuweTestament #Oorlogsrol #Paulus #SeferHechalot #tweegodendom #Woord

The universe in verse, 2024 feat. Nick Cave

Ooteoote-serie Poetry in motion, 461: Maria Popova, But we had music
https://bit.ly/PIM461-popova
#heelal #oneindigheid #cultuur #eindtijd #animatie #poëzie #NickCave

Poetry in motion 461: Maria Popova, But we had music

  Animatie: Daniel Bruson. Voordracht: Nick Cave. Tekst van het gedicht (Engels) Over Maria Popova (Engels) Elke week hier een poëzie-animatie gekozen door Judy Elfferich.

Ooteoote

De ongastvrije botheid van de Nederlandse horeca:

dat je vrijwel overal moet reserveren, en steeds vaker alvast wat vooruit moet betalen, is tot daar aan toe. Maar dat je meteen alvast ingepeperd wordt dat je wel op tijd moet opkrassen, bederft de voorpret. #Eindtijd

Zitten we in de #eindtijd, in een #corona epidemie of roeit de elite ons uit?
Wie moeten we geloven in deze onzekere tijden. De christenen die de eindtijd voorspellen en het teken van het beest zien? De wakkere mensen (door FBI aangeduid als complotdenkers) die roepen dat de elite door de verspreiding van het virus de nieuwe wereld orde weer di
https://www.dlmplus.nl/2020/03/29/zitten-we-in-de-eindtijd-in-een-corona-epidemie-of-roeit-de-elite-ons-uit/
#cabal #corona #eindtijd #elite #NWO
Zitten we in de #eindtijd, in een #corona epidemie of roeit de elite ons uit? - De Lange Mars plus

Wie moeten we geloven in deze onzekere tijden. De christenen die de eindtijd voorspellen en het teken van het beest zien? De wakkere mensen (door FBI aangeduid als complotdenkers) die roepen dat de elite door [...]

De Lange Mars plus