De Alexandersarcofaag

De Alexandersarcofaag achter spiegelend glas (Archeologisch Musea, Istanbul)

Osman Hamdi was een van de belangrijkste Ottomaanse archeologen, en het is aan hem te danken dat de koninklijke graven in Sidon in 1887 niet zijn geplunderd maar redelijk professioneel zijn opgegraven. Het gaat om twee complexen; het een was door antieke vandalen geplunderd, in het ander stonden de sarcofagen van een dynastie die in de vijfde en vierde eeuw v.Chr. regeerde over de Fenicische havenstad. De jongste van de stenen grafkisten staat bekend als de Alexandersarcofaag en was het graf van koning Abdalonymos (Abd-Elonim, “dienaar van de hoogste goden”). Deze koning van Sidon zou Alexander volgen tot in India.

Hamdi begreep meteen het belang van de vondst, borg alle sarcofagen en liet ze overbrengen naar het Ottomaanse Museum in Constantinopel, niet ver van het Topkapi-paleis. Daar staat de verzameling grafkisten nog altijd, al heet de instelling inmiddels de Archeologische Musea van Istanbul.

De Alexandersarcofaag is een van de beroemdste voorbeelden van hellenistische beeldhouwkunst. De nabestaanden van Abdalonymos huurden een van de beste ateliers ter wereld in en zorgde ervoor dat de beeldhouwers beschikten over Pentelisch marmer (gevonden bij Athene), dat heel verfijnd werk toestond. Doordat de sarcofaag sinds de voltooiing in een grafkamer heeft gestaan, zijn sporen van de beschildering nog volop aanwezig.

Abdalonymos

Uiteraard stond de overledene afgebeeld. Hier is hij, tijdens een jachtpartij.

Abdalonymos op jacht

Abdalonymos is afgestegen van zijn paard terwijl hij op het punt staat een panter te doden. U moet zich voorstellen dat de wapens die de figuren op de sarcofaag droegen, waren gemaakt van metaal. Ik weet niet waar ze zijn gebleven – misschien hebben de antieke vandalen die de oude grafkamer plunderden ze mee genomen, misschien zijn ze bij het transport naar Constantinopel verloren, misschien liggen ze vergeten in een museumdepot. Let hierboven overigens even op de zo mooi herkenbare verfsporen. Hieronder zijn ze ook goed te zien.

Abdalonymos in gevecht

Nogmaals Abdalonymos. We zien drie gevechten tussen geklede oosterlingen en naakte mannen met Griekse wapens. De Grieken winnen twee gevechten; middenin is Abdalonymos als enige oosterling succesvol. Er is wel geopperd dat hij is gesneuveld in een gevecht tegen een Macedonisch leger, en dat hij hier is afgebeeld terwijl hij zijn laatste gevecht wint. Dit is geen al te vreemde hypothese, want er zijn wel meer graven bekend van ruiters die in een gevecht omkwamen en zegevierend worden afgebeeld – ze gingen onverslagen ten onder.

De lange reliëfs

Aan een van de lange zijden zien we een leeuwenjacht. Voilà.

Het jachtreliëf

Van links naar rechts zien we een oosters geklede en een naakte Macedonische jager, Alexander met een goudkleurige mantel, Abdalonymos, een leeuw, een metgezel van Abdalonymos, de Macedonische officier Krateros en nogmaals een naakte Macedonische en een oosters geklede jager. Krateros redde Alexander het leven tijdens een leeuwenjacht die in 332 plaatsvond bij Sidon. We hebben dus te maken met een afbeelding van een historische gebeurtenis.

De andere lange zijde is de beroemdste. Mijn foto is niet heel gelukkig.

Het oorlogsreliëf

Dus hier is een betere.

Het oorlogsreliëf (© Wikimedia Commons | Yair Haklai)

Van links naar rechts zien we Alexander de Grote op zijn paard Boukefalos, een Perzische soldaat die van zijn paard probeert af te stijgen, een Pers die een Macedonische aanval probeert af te slaan, een ruiter in gevecht met een onder zijn schild schuilende Perzische soldaat, een chaotisch gevecht, en helemaal rechts Perdikkas, de man die Alexander als regent zou opvolgen. Als de jachtpartij hierboven een historische gebeurtenis voorstelt, dan zal ook deze afbeelding wel een werkelijk gevecht voorstellen, en dat kan eigenlijk alleen het gevecht bij Gaugamela zijn, waaraan Abdalonymos heeft deelgenomen.

Abdalonymos in actie

Abdalonymos is dan de man die in het midden van dit reliëf op een Perzische soldaat neerslaat. Hier is de koning van Sidon dus afgebeeld met Grieks-Macedonische wapens, terwijl hij op de bovenstaande reliëfs steeds is weergegeven in oosterse kleding. Misschien benadrukt dit ’s mans dubbele identiteit, misschien lezen we er teveel in.

Details

Ik noem nog even een paar details. Er zijn volop verfsporen te zien. Met diverse soorten kunstlicht hebben onderzoekers nog meer details kunnen herkennen. Hier is een reconstructie van een detail van een korte zijde.

Alexandersarcofaag, detail, reconstructie (Liebieghaus, Frankfurt am Main)

Het is redelijk verbluffend wat er te zien is aan de binnenzijde van het schild van de Perzische soldaat: een audiëntiescène van een type dat we goed kennen uit de Perzische kunst. Ik blogde er al eens over.

Achaimenidische audiëntiescène uit Persepolis (Nationaal Museum, Teheran)

Een ander detail: Alexander zelf. Uiteraard was hij in het echt niet zo dom om zonder harnas te gaan vechten, maar op de sarcofaag is de “onoverwinnelijke god”, zoals zijn titel was, dan ook afgebeeld als een meer dan menselijk wezen. Als u goed kijkt, herkent u zijn linkervoet (onder het paard) zonder sandaal of laars: dit was een manier om een goddelijke afkomst te suggereren – zie de Augustus van Primaporta voor een beroemde parallel.

De goddelijke Alexander in actie

Verder draagt Alexander de leeuwenhuid over zijn hoofd die ook zijn voorvader Herakles droeg, en steken daar de ramshoorns onderuit die Alexander zich had aangemeten toen hij, na een bezoek aan de oase van Siwa, de ramsgod Ammon als vader had geadopteerd. (Hoe hij én van Ammon én via Filippos van Herakles kon afstammen, is een van de mysteriën der antieke beschaving.)

Abdalonymos in actie

Tot slot nog eenmaal Abdalonymos zelf. Ik rond ermee af omdat het gewoon enorm knap beeldhouwwerk is.

[Dit was het 531e voorwerp in mijn reeks museumstukken.]

#Abdalonymos #Achaimeniden #AlexanderDeGrote #Alexandersarcofaag #Boukefalos #Gaugamela #Herakles #Krateros #leeuw #leeuwenjacht #OsmanHamdi #panter #Perdikkas #Sidon #ZeusAmmon

Na de slag bij Gaugamela

De vlakte van Gaugamela, gezien vanuit het zuiden

In onze reeks over Alexander de Grote heb ik een tijdje geleden verteld hoe de Macedoniërs in de zomer van 331 v.Chr. oprukten naar het door de Perzische koning Darius III Codomannus uitgekozen slagveld ten oosten van de rivier de Tigris. Al eerder had ik verteld hoe de slag bij Gaugamela verliep, dus ik neem vandaag de draad van het verhaal op ná Alexanders overwinning en de aftocht van zijn tegenstander. (Als u denkt dat Darius is gevlucht, heeft u de de film van Oliver Stone gezien en geen goed geschiedenisboek gelezen.)

Verliescijfers

Net als na de gevechten aan de Granikos en bij Issos, noteerden de officieren op de dag na de slag het aantal mannen dat niet aanwezig was op het appel. Ook maakten ze een schatting van het aantal gedode vijanden. Alexanders biograaf Curtius Rufus schrijft dat er 40.000 Perzen sneuvelden, “althans volgens de berekeningen van de overwinnaars”, terwijl minder dan 300 Macedoniërs zouden zijn gevallen. De Griekse geschiedschrijver Diodoros verdubbelt de cijfers, namelijk 90.000 en 500, terwijl de anders redelijk nuchtere Arrianus schrijft:

Aan de kant van Alexander sneuvelden ongeveer honderd man, van de paarden kwamen er meer dan duizenden om ten gevolge van wonden en het afjakkeren tijdens de achtervolging. … Men zei dat er bij de barbaren 300.000 doden waren, maar er werden er nog veel meer gevangengenomen.noot Arrianus, Anabasis 3.15.6; vert. Simone Mooij.

Vanzelfsprekend zijn al deze cijfers Macedonische propaganda. De Perzische verliezen moeten lager zijn geweest omdat de soldaten, anders dan bij Issos, zich in alle richtingen konden verspreiden. De Babylonische Astronomische Dagboeken melden dat de soldaten terugkeerden naar hun steden. Dat de Macedonische verliezen hoger waren, of in elk geval serieus, wordt impliciet toegegeven door Curtius Rufus, die meldt dat Alexanders vriend Hefaistion een speerwond aan zijn arm had opgelopen en dat de officieren Krateros, Koinos en Menidas bijna waren bezweken aan pijlwonden. Als zelfs de hoogste officieren zo zwaar waren toegetakeld, kan het voor de manschappen niet veel beter zijn geweest.

Darius’ aftocht

Intussen was Darius op weg gegaan naar Ekbatana in Medië, het huidige Hamadan, nadat hij met gevaar voor eigen leven zijn manschappen had verzameld bij de Grote Zab, een rivier halverwege Gaugamela en Arbela. Curtius Rufus schrijft:

Toen hij de rivier was overgestoken, overwoog hij de brug te laten afbreken, omdat werd gemeld dat de vijand elk moment kon arriveren. Maar hij zag in dat als de brug was vernietigd, duizenden van zijn mensen die nog niet bij de stroom waren aangekomen een prooi zouden zijn voor de vijand. Men is het erover eens dat hij, toen hij wegging en de brug intact liet, heeft gezegd dat hij liever vrije doortocht gaf aan zijn achtervolgers dan de vluchtenden doortocht te ontnemen.noot Curtius Rufus, Alexander 4.16.8-9; vert. Daan Stoffelsen.[/bg_collapse

Koning van Azië

Darius bracht zijn soldaten in veiligheid in het oosten, maar daardoor lag voor de Macedoniërs de weg open naar Babylon en de Perzische hoofdsteden Sousa en Persepolis. De Griekse auteur Ploutarchos meldt dat Alexander na de slag bij Gaugamela tot “koning van Azië” werd uitgeroepen, en hoewel er aanwijzingen zijn dat dit in feite al bij Issos was gebeurd, moest het na Gaugamela wel vreemd lopen wilde de zoon van Zeus zijn pretenties niet waarmaken.

Antipatros

In de dagen na de slag bij Gaugamela lijkt ook het nieuws te zijn aangekomen dat Antipatros, de officier die door Alexander was achtergelaten om de Griekse stadstaten in de gaten te houden, de Spartaanse koning Agis III had verslagen. De chronologie van de Griekse opstand tegen de Macedoniërs is een netelige kwestie, maar Curtius Rufus meldt dat de revolte was afgelopen vóór de slag bij Gaugamela, en hoewel andere bronnen suggereren dat de oorlog langer duurde, lijkt dat toch niet juist. Ploutarchos vermeldt namelijk een uitspraak die haar pointe verliest als er niet een vergelijking zou zijn gemaakt tussen twee veldslagen: Alexander zou hebben gezegd dat terwijl hij en zijn metgezellen een conflict met epische dimensies uitvochten met Darius, de muizen in Griekenland ook oorlog schenen te hebben gevoerd. Zoiets moet zijn gezegd na een veldslag, en dat kan alleen Gaugamela zijn geweest.

Alexander zal hebben geweten dat hij Antipatros tekort deed, want Agis had in de zomer van 331 v.Chr. snel en veel succes geboekt. Op twee na alle steden op de Peloponnesos hadden zich bij hem aangesloten en Athene had, door de Macedoniërs vlootsteun te weigeren, een neutraliteit in acht genomen die grensde aan samenwerking. Agis had echter veel tijd verloren met de belegering van een van de twee pro-Macedonische steden, Megalopolis, waardoor Antipatros de gelegenheid had gekregen een groot leger te verzamelen. Maar ook al waren de Macedoniërs daardoor numeriek in de meerderheid geweest, het ontzet van Megalopolis was een zwaarbevochten overwinning: met 5300 doden was de veldslag een van de bloedigste uit de Griekse geschiedenis. De Spartaanse falanx, ooit het geduchtste leger van Griekenland, was strijdend ten onder gegaan en ook Agis was een heldendood gestorven. Dat Alexander hem vergeleek met een muis, suggereert hoezeer hij de koning van Sparta had gehaat en gevreesd.

De Tigris bij Tikrit; Alexanders mannen marcheerden hierlangs naar Babylon

Naar Babylon

De Macedoniërs hadden zowel in Europa als Azië gezegevierd en Alexander gelastte zijn manschappen verder te trekken. Haast was geboden, want de vele onbegraven lijken op het slagveld trokken ziekten aan. Het leger, inmiddels uitgebreid met olifanten, dromedarissen en een tot dan toe onbekende oosterse diersoort genaamd “kameel”, marcheerde naar het zuiden, naar het centrum van de antieke wereld, de befaamde stad Bab-ili, “poort der goden”. Soldaten die uit de Historiën van Herodotos hadden horen voorlezen, wisten dat de muren van Babylon onneembaar hoog en lang waren.

[Een overzicht van alle blogjes over Alexander de Grote is hier.]

#AgisIII #AlexanderDeGrote #Antipatros #Arbela #Arrianus #DariusIIICodomannus #DiodorosVanSicilië #dromedaris #Erbil #Gaugamela #GroteZab #Hefaistion #kameel #Koinos #Krateros #Megalopolis #olifant #Ploutarchos #QuintusCurtiusRufus #Sparta #Tigris

Alexander de Grote op weg naar Gaugamela

Munt van Mazaios (Staatliches Münzkabinett, München)

Ik liet u gisteren achter bij de brug die Hefaistion, de beste vriend van Alexander de Grote, over de Eufraat aan het bouwen was, toen aan de overzijde van de rivier het leger arriveerde van Mazaios. Hij was een Babyloniër in Perzische dienst. Alexanders biograaf Arrianus vertelt:

De Macedoniërs hadden nog geen verbinding gemaakt die doorliep tot aan de andere oever, omdat ze vreesden dat de troepen van Mazaios het bruggenhoofd zouden aanvallen. Maar toen Mazaios hoorde dat Alexander zelf in aantocht was, sloeg hij met zijn hele leger op de vlucht. Zodra hij weg was, werden de bruggen doorgetrokken naar de overkant en ging Alexander er met zijn leger overheen.noot Arrianus, Anabasis 4.9.14-15; vert. Simone Mooij.

Een Macedonische nederlaag

Arrianus’ idee dat Mazaios op de vlucht sloeg toen de Macedonische koning naderde, gaat direct of indirect terug op de woorden waarmee Alexander, Parmenion en de andere commandanten de gebeurtenis aan hun soldaten uitlegden. Het zal hen zeker bemoedigd hebben dat het eerste treffen met de vijand tijdens deze operatie was uitgelopen op zo’n gemakkelijk succes.

De Macedonische generale staf heeft ongetwijfeld beter geweten. Weinig manoeuvres van Perzische commandanten waren namelijk zó succesvol als die van Mazaios. Alexander was van plan geweest langs de rivier op te rukken naar Babylon, waar hij de aanwezigheid vermoedde van Darius’ nieuwe leger. De schepen die als drijvers voor de bruggen waren benut zouden dienen om het zware materieel te vervoeren. Deze route was de kortste en was bovendien bekend uit de Anabasis van Xenofon. Nu bleek echter dat Darius de weg had geblokkeerd. Het was al na de oogsttijd en in het rivierdal lag het graan opgeslagen in versterkte nederzettingen die Mazaios eenvoudig kon verdedigen of vernietigen. Zijn aftocht richting Babylon betekende dat de Macedoniërs nergens voedsel zouden vinden.

Peutingerkaart: “wegens watergebrek verlaten en onbewoonbare vlakten”

Ze waren gedwongen een andere route te nemen en dat kon alleen de zogeheten Koninklijke Weg zijn, waarvan Alexander wist dat die ergens in het onbekende oosten lag, door de gebieden achter de rivier de Tigris. En het was ronduit onmogelijk snel door Mesopotamië op te rukken in die richting. Op deze breedte bestaat het gebied tussen de twee grote stromen uit een onbegaanbare woestijn, waar het in de hoogzomer al snel 50 graden is. De Romeinse Peutingerkaart typeert het gebied als “wegens watergebrek verlaten en onbewoonbare vlakten” en het is ook in de moderne tijd een obstakel. De ingenieurs die eeuwen later de Bagdadspoorlijn zouden aanleggen, kozen niet voor niets voor een tracé over de minder droge steppe in het noorden. Dat was ook het gebied waar de Macedoniërs nu doorheen zouden trekken, om de woestijn heen.

Darius’ opmars

Toen Darius vernam dat Alexander zich had laten dwingen tot deze omweg en oprukte naar de Tigris, trok hij vanuit Babylon naar het noorden om slag te leveren in het kerngebied van het voormalige koninkrijk Assyrië. Hij wist dat zijn vijand hier vroeg of laat naar toe zou komen en zocht een ruim strijdperk uit waar zijn numerieke meerderheid, anders dan bij Issos, goed tot haar recht zou komen. Zijn commandocentrum richtte hij in te Arba’il (het huidige Erbil), een hooggelegen versterking die befaamd was om haar heiligdom voor de vruchtbaarheidsgodin Ištar en getuige haar naam “vier-godenstad” nog meer cultusplaatsen bezat

De citadel van Arbela

Het was een uitstekende basis. Hier kwam namelijk de Koninklijke Weg samen met de wegen naar Armenië en de oostelijke satrapieën, zodat het eenvoudig was een groot leger samen te trekken. Het door Darius geselecteerde slagveld lag vijfenzeventig kilometer noordwestelijker bij een heuvel die de vorm had van de bult van een dromedaris en daarom werd aangeduid met de Semitische naam van dat dier, gammalu. De Macedoniërs verbasterden de plaatsnamen tot Arbela en Gaugamela.

Toen de Perzen het terrein hadden geëgaliseerd om het berijdbaar te maken voor strijdwagens en ruiters, was het zaak ervoor te zorgen dat Alexander zich niet naar een andere plaats begaf. Darius liet zijn tegenstander daarom ongestoord oprukken door het zuidoosten van het huidige Turkije. Het gebied deed de Macedoniërs denken aan hun vaderland en ze doopten de waterrijke stad Urhai, gelegen op een hoog boven de vlakte uitstekende rots, om tot Edessa, naar een Macedonische stad die net zo hoog lag en beroemd was om haar waterval. In het nabijgelegen Harran liet Alexander zijn mannen enkele dagen rusten en moet hij, gelovig als hij was, hebben geofferd in de tempel voor de maangod Sin. Via het bosrijke Nisibis bereikten de Macedoniërs op 18 september 331 v.Chr. de Tigris, ergens ter hoogte van de huidige Eski Mosul stuwdam.

Edessa

In de val

De Macedoniërs marcheerden een val in. Darius had het leger van Mazaios, dat zich inmiddels bij hem had gevoegd, vooruit gestuurd om het gebied te brandschatten. Alexanders troepen vonden onvoldoende voedsel om zich genoeg te voeden, maar voldoende om niet terug te keren. Overal staken Mazaios’ Babylonische ruiters de rieten daken van de huizen, de korenschoven, de gewassen en de voorraden in brand. De voorde door de Tigris ontruimden ze na een korte schermutseling: Mazaios liet de Macedoniërs verder in de fuik lopen.

Ze waren nu in Assyrië. Hoewel het machtige koninkrijk met die naam al drie eeuwen daarvoor was onderworpen door de Babyloniërs, wier imperium weer was opgenomen in dat van de Perzen, sprak de naam “Assyrië” nog altijd tot de verbeelding. De val van de eens zo machtige hoofdstad Nineveh had ook in Europa indruk gemaakt.

De Tigris

Uit de Babylonische Astronomische Dagboeken weten we dat op de avond van de Macedonische oversteek paniek uitbrak in het Perzische leger. Het ligt voor de hand de oorzaak daarvan te zoeken in het nieuws dat de vijand de rivier was overgestoken. Maar in feite was er geen reden voor paniek. Alexander had exact gedaan wat de grote koning wilde. Door de doorwaadbare plaatsen in de Eufraat en de Tigris vrijwel onbewaakt te laten, had de Pers bewerkstelligd dat zijn vijand optrok naar het slagveld van zíjn keuze. Darius was de situatie volledig meester en zijn zege leek gegarandeerd.

Over de slag bij Gaugamela heb ik al geblogd. U leest hier hoe slechte voortekens werkten als self-fulfilling prophecy en leidden tot de Perzische nederlaag. Volgende maand vervolg ik deze reeks met Alexanders opmars vanuit Assyrië naar Babylon.

[Een overzicht van alle blogjes over Alexander de Grote is hier.]

#AlexanderDeGrote #Arbela #Arrianus #Bagdadspoorlijn #DariusIIICodomannus #dromedaris #Edessa #Erbil #Eufraat #Gaugamela #Harran #KoninklijkeWeg #Mazaios #Nineveh #Nisibis #Parmenion #Peutingerkaart #Tigris
Can't believe how long it's taking me to do the Persian set-up for Gaugamela, but got a good amount done this weekend. Still a ways to go but getting there.
#Wargaming #HexAndCounter #Wargames #Arete #AlexanderTheGreat #Gaugamela #Arbela
I found #FloodOfFire and and the pages about battles. It was the #BattleOfAssaye that concerned one of a main characters, an Indian mercenary, Kesri Singh. Another character, a disgraced rajah, Neel Rattan Halder, watches a British/Chinese battle in Hong Kong and muses about how unfair it is that battles determine so much. Along with the #BattleOfKerbala he mentions #Panipat and #Plassey.
#AmitavGhosh
#Battles #Assaye #Kerbala #Gaugamela
https://www.nytimes.com/2015/08/30/books/review/amitav-ghoshs-flood-of-fire.html
https://www.worldliteraturetoday.org/2015/november/flood-fire-amitov-ghosh
Amitav Ghosh’s ‘Flood of Fire’

The main characters in the final volume of Amitav Ghosh’s trilogy all have something to hide.

Gaugamela: waar Alexander Darius versloeg

Alexander te paard (beeldje uit Begram)

Na zijn nederlaag tegen Alexander de Grote in de slag bij Issos begon de Perzische koning Darius III Codomannus een nieuw leger op te bouwen, terwijl Alexander de havensteden van Fenicië innam om zijn vijanden de mogelijkheid van een vlootaanval te ontnemen. Het beleg van Tyrus is beroemd.

Na een vakantie in het niet langer verdedigde Egypte, waar Alexander probeerde de inheemse bevolking gunstig te stemmen door deel te nemen aan de inheemse cultus, keerden de Macedoniërs terug naar Syrië. Het plan was nu om, zoals de Griekse huurlingenleider Xenofon zeventig jaar eerder, langs de Eufraat naar Babylonië te trekken. Het Perzische cavalerieleger dat de oversteekplaats bewaakte, trok zich al snel terug. Dat leek een succesje, maar Alexander begreep dat een opmars langs de rivier nu onmogelijk was. De vijandelijke ruiters die voor hen uit trokken zouden immers al het voedsel vernietigen. Er restte niets anders dan een omweg langs de Tigris, dwars door het centrum van wat ooit het Assyrische Rijk was geweest. Darius had alle gelegenheid om achter de Tigris het terrein in gereedheid te brengen en zijn leger verder te trainen.

Gaugamela, de dromedarissenbult

In september 331 maakten de legers contact, vlakbij het huidige Mosul, bij een heuvel die Gaugamela heette, Dromedarissenbult. Veel mannen in het Perzische leger zouden er hun vuurproef doorstaan.

Er zijn verschillende bronnen voor deze veldslag. De bekendste is de Anabasis van Arrianus, geschreven door een Romeinse officier en bestuurder die met veel kennis van zaken schrijft over het krijgsbedrijf. Hij leefde weliswaar vierenhalve eeuw na de gebeurtenissen, maar benutte zakelijke bronnen, zoals de memoires van Alexanders officier Ptolemaios, die als ruiter deelnam aan de slag bij Gaugamela. Arrianus vermeldt dat Darius’ troepen gedemoraliseerd waren. Hij verklaart dat met de bewering dat de soldaten de nacht te velde hadden doorgebracht. Hij voegt toe dat deze demoralisatie de zaak van de grote koning meer schade toebracht dan iets anders. Die opmerking doet vreemd aan want de Macedoniërs deden die nacht evenmin een oog toe. Slapeloosheid kan de balans tussen de legers dus niet hebben verstoord.

Gaugamela

Veldslag

Na de slapeloze nacht raakten de legers slaags. Het was 1 oktober 331 v.Chr., dus vandaag 2350 jaar geleden. Als we Arrianus mogen geloven, galoppeerde Alexander met zijn cavalerie naar rechts, wat Darius dwong zijn cavalerie naar links te doen bewegen om een omsingeling te voorkomen. Tegelijk zette de Pers de Macedonische falanx onder druk met zijn eigen infanterie.

Alexander voerde nog een tijd lang zijn troep in colonne naar rechts, maar toen hij zag dat er een gat was ontstaan in de voorste linie van de Perzen doordat ruiters gezonden waren om hun kameraden te helpen die Alexanders rechtervleugel wilden omsingelen, maakte hij een zwenking naar die opening toe. Hij vormde een wig met de ruiters van de Garde en het daar opgestelde deel van de falanx en ging onder luid geschreeuw in draf recht op Darius af.

Even was er een handgemeen, maar toen de ruiters van Alexander en Alexander zelf zich met kracht op de Perzen stortten, hen wegdrongen en hen in het gezicht staken met hun speren, toen de Macedonische falanx, dicht opeengepakt (een ruig woud van pieken) zich daadwerkelijk op hen had geworpen, toen voor Darius alle verschrikkingen tegelijk opdoemden, maakte hij (hij was al een hele tijd doodsbang) als eerste rechtsomkeert en sloeg hij op de vlucht. Ook de Perzische ruiters die probeerden Alexanders rechtervleugel te omsingelen, raakten in paniek. Aan die kant was nu de vlucht van de Perzen niet meer te stuiten. De Macedoniërs achtervolgden hen en slachtten ze af op de vlucht. (Arrianus, Anabasis 3.16.2-4; vertaling Simone Mooij.)

Anders gezegd, Darius was een lafaard. De aanblik van de dappere Alexander was voldoende om hem de moed te doen verliezen. Uiteraard is dit propaganda van de doorzichtigste soort. Het is aannemelijk dat Ptolemaios, die in de buurt van Alexander moet hebben gereden, een manier zag ook zichzelf een mooie rol toe te dichten.

Stofwolk

Het probleem is dat Ptolemaios nooit kan hebben gezien wanneer Darius het slagveld verliet. Gaugamela is namelijk een zandvlakte. De stofwolk die de duizenden paarden opwierpen maakte het onmogelijk verder dan twintig meter te kijken. Geen van de aanwezigen had, toen de legers eenmaal contact had gemaakt, nog overzicht. Iedereen vocht om te overleven en kon alleen maar hopen dat zijn zijde het meest succesvol was.

De onjuistheid van Arrianus’ beschrijving blijkt uit het ooggetuigenverslag van een Griekse huurling in Darius’ leger die enkele jaren later werd geïnterviewd door de historicus Kleitarchos, wiens verslag is overgeleverd door Diodoros van Sicilië. De huurling vertelde dat de vlucht begon bij de bataljons op de vleugels van de Perzische troepenmacht. Daarna zouden de soldaten die ontdekten dat hun flank niet langer was beschermd, zijn weggelopen, en zo zou het leger vanaf de vleugels uiteen zijn gevallen, tot ook de koning ontdekte dat hij geen bescherming meer had. Toen zou ook Darius zich van het slagveld bij Gaugamela hebben teruggetrokken.

Wie heeft gelijk? Arrianus of Kleitarchos? Morgen meer.

Het ziet er niet best uit voor Libanon. Als u meer wil weten over dat geteisterde land, lees dan mijn boek. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

Zelfde tijdvak


De lol van geschiedenis (2)

juli 6, 2012
Het hellenisme in Mesopotamië

februari 16, 2023
Nederlandse Kelten

oktober 30, 2016 Deel dit: #AlexanderDeGrote #antiekeGeschiedschrijving #Arrianus #DariusIIICodomannus #DiodorosVanSicilië #Gaugamela #Kleitarchos